Nieuws
productschap PVE
Marktberichten
Veterinair
Culinair
Hier met die veer!
Kalkoenhistorie
Contact & Route
Adverteren?
 

Inloggen
Login aanvraag *
Wachtwoord
 vergeten

* Alleen voor
  Coolen BV klanten
 

Maart 2004
Oktober 2003
April 2003
Maart 2003
Februari 2003
Januari 2003
December 2002
November 2002
Oktober 2002
September 2002
Mei 2002
Maart 2002
Januari 2002
December 2001
November 2001
Oktober 2001
 

   Veterinairarchief van Maart 2003

 Verschijnselen van Aviaire Influenza in 2003
Zondag, 9 maart 2003 door Henk Coolen
Op 28 februari 2003 is door de GD een verdenking van klassieke vogelpest gemeld aan de RVV. De verdenking is op 2 maart bevestigd door het CIDC in Lelystad (met PCR-techniek). De veroorzaker is een hoog pathogene H7N7 variant.

De virusinfectie vindt plaats via alle slijmvliezen na direct of indirect contact. Het virus wordt massaal met de ontlasting uitgescheiden en ook via de luchtwegen en het oogvocht. Het virus blijft in de mest lang infectieus (30 tot 150 dagen). De incubatietijd bedraagt enkele uren tot 4 dagen op koppelniveau.


Symptomen

Diagnose

Preventie

Wettelijke maatregelen

Karakter van het vogelpestvirus


Symptomen van vogelpest
In het algemeen kan gesteld worden dat een AI-infectie de volgende symptomen geeft:

sufheid

blauwverkleuring van kam en lellen (cyanose)

zwelling en roodheid van de ogen (conjunctivitis)

gezwollen kop

ademhalingsproblemen

diarree

acute sterfte

In sommige gevallen treden nerveuze verschijnselen op. De verschijnselen zijn afhankelijk van de verstreken tijdsduur na de infectie, de infectiedruk, het type dier dat geïnfecteerd is en de huisvestingsvorm.

Symptomen bij verdachte koppels in 2003
Algemeen kan gesteld worden dat het klinische beeld zeer aspecifiek is en dat met name de verhoogde uitval het voornaamste kenmerk is.
Het lijkt erop dat vooral zware vleesrassen (vermeerdering slacht en kalkoenen) eerder en ernstiger ademhalingsproblemen vertonen dan de lichtere legrassen.
Bij een huisvestingsvorm waarin dieren intensief contact met elkaar hebben, lijkt de infectie zich zeer snel, binnen enkele uren, te verspreiden (met name volièrestallen en in iets mindere mate scharrelstallen). Bij huisvestingsvormen waarbij beperkt direct contact mogelijk is (kooihuisvestingsvormen) kan de verspreiding 'langzaam' verlopen en duurt het enige dagen voordat dieren in de hele stal verschijnselen vertonen. In beginsel kunnen de ziekteverschijnselen zich beperken tot een aantal kooien.

Symptomen bij leghennen
Bij leggende kippen zijn de voornaamste kenmerken een plotseling verminderde voeropname, productiedaling (10-20% de eerste dag, bleekschalige eieren en veel windeieren) en algemeen ziek zijn van de dieren. De sterfte en het ziektepercentage zullen explosief toenemen in de uren na de eerste verschijnselen. Over het algemeen zijn er weinig of geen ademhalingsproblemen, geen oedeemvorming aan kammen en lellen, of bloedingen. In een later stadium van de infectie worden doodzieke dieren met cyanose en diarree (witgeel en slijmerig, soms groen) gevonden.

Symptomen bij kalkoenen en vermeerderingsdieren
Bij kalkoenen en vermeerderingsdieren staan de ademhalingsproblemen op de voorgrond met een sterk verminderde voeropname. Al snel veel zieke dieren met ademhalingsproblemen: proesten, schudden met de kop en ernstige ademnood door verstopping van de luchtpijp met slijm en/of bloed. Er zijn slechts een enkele dieren met conjunctivitis, onderhuids vocht en blauwverkleuring aan de kop. Bij klinische inspectie valt de verminderde activiteit van alle dieren sterk op. De uitval neemt plotseling zeer sterk toe. Diarree (witgeel tot groene mest) wordt in het begin niet waargenomen, in een later stadium mogelijk wel.

Symptomen bij opfok en vleeskuikens
Bij jonge dieren in opfok is in geval van besmetting hoge uitval zonder typische klinische symptomen te verwachten. Mogelijk zullen vleeskuikens ook ademhalingsproblemen hebben.

Diagnose van vogelpest
Als klinische symptomen vallen vooral het acute karakter van de ziekte en de sterfte zonder specifieke symptomen op.

Sectie
In eerste instantie wordt slechts een locale fibrineuze peritonitis ter plaatse van de eierstokken vastgesteld. Daarnaast geringe lever- en miltzwelling, soms gepaard gaande met enkele kleine bloedingen. In dit stadium zijn er bij leghennen geen andere macroscopische afwijkingen zichtbaar. In een later stadium van de infectie kan een beperkt aantal bloedingen gevonden worden in de trachea, op het vetweefsel rondom de coronaire vaten en het mesenterium. In een enkel geval kunnen grotere bloedingen worden gevonden, met name in de kliermaag.
Bij zware vermeerderingsdieren en zwaardere kalkoenen is reeds in een vroeg stadium een haemorraghische tracheïtis aanwezig. Behoudens een beginnende fibrineuze peritonitis, lever- en miltzwelling zullen er mogelijk geen andere afwijkingen gevonden worden. Dieren sterven al voordat andere macroscopische afwijkingen zich ontwikkelen, respectievelijk zichtbaar worden.

Laboratorium
Viruskweek in eieren uit trachea, long, lever, milt en darm.

Serologie
Na infectie worden de dieren in 7 tot 21 dagen positief in de AGP voor AI-virus als groep. Met betrekking tot deze uitbraak is het nog niet duidelijk hoelang het duurt voordat aantoonbare afweerstoffen zijn gevormd. Voor het vaststellen van antilichamen tegen de verschillende subtypen is de HAR-test beschikbaar.
Bij gebruik van 8 HA-eenheden (zoals bij de GD) is een _log titer * 3 positief; (bij gebruik van 4 HA-eenheden is een _log titer * 4 positief voor het betreffende subtype).

Differentiaaldiagnose: NCD, ILT, Pasteurella multocida, Salmonella gallinarum, E.coli.

Preventie tegen vogelpest
Een goede hygiëne is de belangrijkste preventiemaatregel tegen Vogelpest:


Voer geen dieren aan van verdachte of onbekende herkomst

Houd alle buiten lopende kippen en andere hoenderachtigen binnen, want het virus kan overgedragen worden door contact met watervogels.

Voorkom contact met besmette mestdeeltjes. De ziekte kan gemakkelijk worden verspreid door alles wat met mest is besmeurd (vogels, zoogdieren, water, schoeisel, kleren, gereedschap, vrachtauto's, kratten, eieren etc). Ook personen kunnen het virus via besmet materiaal en kleding binnen brengen.

Bestrijd vliegen en ongedierte. Deze kunnen ook smetstof binnendragen.

Vaccinatie
Elders beschikbare entstoffen zijn in Nederland (EU) niet toegelaten.

Wettelijke maatregelen
AI is in de EU een ziekte van de A-lijst en wordt bestreden volgens de Gezondheids- en Welzijnswet voor Dieren. De diagnose wordt alleen gesteld door CIDC-Lelystad, waar ook de IVPI wordt bepaald.
Bij het vermoeden dat er sprake is van AI moet dit worden gemeld aan de RVV (centraal meldnummer: 045-5354232).

Karakter van het vogelpestvirus
AI wordt veroorzaakt door een Influenzavirus type A, behorend tot de Orthomyxovirussen in de RNA-familie. Van de drie influenzavirustypen A, B en C, is alleen het type A van belang voor vogels; verder komt het type A tevens voor bij onder meer de mens, paard en varken. De virustypen B en C komen alleen voor bij de mens.
De influenza A-virussen worden onderverdeeld in subtypen op basis van twee oppervlakteantigenen, het haemagglutinine (H) en neuraminidase (N). In totaal zijn bij verschillende vogelsoorten l5 verschillende haemagglutininetypen (H1 t/m H15) en 9 verschillende neuraminidasetypen (N1 t/m N9) onderkend. Nagenoeg alle HN-combinaties blijken voor te komen. Infecties met influenzavirussen van verschillende HN-subtypen kunnen tegelijkertijd bij hetzelfde dier of in dezelfde groep dieren voorkomen. Bij de mens komen bijna alleen virussen voor met H1, H2, of H3 en bij varkens H1 of H3 in combinatie met N1 of N2. Bij paarden zijn virussen gevonden met H3 of H7 in combinatie met N7 en N8.
Er is sprake van AI bij pluimvee (vogelpest) wanneer een virus van subtype H5 of H7 of een ander AI-type A een intraveneuze pathogeniteitsindex (IVPI) heeft van meer dan 1,2. Als belangrijkste reservoir worden watervogels genoemd. Veranderingen in pathogeniteit ontstaan door mutaties gevolgd door selectie. Niet-pathogene stammen van watervogels kunnen binnen 5 passages getransformeerd worden in voor pluimvee virulente stammen.






 NCD in de VS
Woensdag, 5 maart 2003 door Henk Coolen
Vlak voor het weekeinde treft u onderstaand nog enkele gegevens aan over de NCD-situatie in de Verenigde Staten.

Woensdagavond 26 februari waren 17 legpluimveebedrijven besmet verklaard. Vier ervan liggen in Riverside County (één van de vier is besmet verklaard omdat het een contactbedrijf was), vijf liggen in San Diego County en acht in San Bernardino County.
Het aantal hobbymatige pluimveeadressen dat besmet is verklaard stijgt nog dagelijks en bedraagt thans 2148. Dat zijn 111 adressen meer dan afgelopen dinsdag.

Vrijwel alle nieuwe gevallen zijn adressen in Californië. De laatste veertien dagen is in Nevada één nieuwe besmetting bij een hobbybedrijf gevonden. In Arizona lijkt de uitbraak onder controle.

Het aantal geruimde dieren bedroeg afgelopen woensdag 2.488.260 stuks.

De pogingen om via de media het publiek te informeren over de gevaren van NCD voor de pluimveesector gaan onverminderd door. De Amerikaanse
Plantenziektekundige en Veterinaire Dienst meldt daar uitvoerig over.

In de de Sacramento Bee (krant) stond een artikel over NCD en de rol van Californië in de pluimvee-industrie. Darauit blijkt dat Californië de vijfde staat binnen de VS is als het gaat om eiproductie. Er worden jaarlijks 6 miljard eieren geproduceerd en de helft daarvan wordt geproduceerd in de San Diego en Riverside counties. De omzet van de pluimveeindustrie in Californië bedraagt $ 3,2 miljard per jaar.

In de Modesto Bee (eveneens een krant) was te lezen dat het 17e besmette legbedrijf 55.000 hennen had. Voorts wordt in de krant gemeld dat een speciaal politieteam de strijd heeft aangebonden met de illegale hanengevechten. Inmiddels zouden 1000 vechthanen en gevechtsuitrusting in beslag zijn genomen.

Henk Hulsbergen

 

Kalkoenvoeders leveranciers
 



Dierenartsen
 praktijken

Broederijen
Equipement
Mest
Overheid &
 regelgeving

Kalkoenslachterijen
Toeleveranciers
Handig
Diversen
Kellybronze.nl
Coolenbv.nl
Crosskart.nl