| Eieren duurder door koud weer |
Door het koude weer trekt de vraag naar eieren flink aan. Consumenten eten meer scharreleieren, waardoor supermarkten ook meer bestellen. In Duitsland verschuift de verkoop van eieren door de lage temperaturen van weekmarkten naar supermarkten. Het aanbod van eieren is nog groot, maar zal in Oost-Europa afnemen door de vrieskou. Oost-Europese leghennenhouders hebben hun stallen niet zo goed geïsoleerd, De NOP-prijs voor bruine scharreleieren van 62 tot 63 gram stijgt deze week met € 0,25 naar € 6,97 per 100 stuks. De eierverwerkende industrie koopt ook meer kooi-eieren. De prijs daarvan stijgt met € 0,28 naar € 6,70 per 100 stuks.
|
| Week 5: eierprijzen trekken aan |
 |
Het beeld op de markt van eieren lijkt deze week toch redelijk positief te ogen. De vraag van de retailers naar eieren is zeker niet slecht en de prijzen trekken weer wat verder aan. Dit geldt voor vrijwel alle soorten en gewichten. Mogelijk dat het huidige koude weer een gunstig invloed op de consumptie heeft.
Het is in ieder geval wel zeker dat er in een land als Duitsland een verschuiving van het aankooppatroon zichtbaar is. Bij onze oosterburen worden normaliter nogal veel eieren op de traditionele weekmarkten gekocht. Met het huidige koude weertype, laten Duitse consumenten deze markten toch wat vaker links liggen en kopen de eieren wat sneller bij de retailers. Dat heeft een gunstige invloed op de vraag van de supermarkten naar eieren.
Naast de vraag van de retailers wordt ook de eiproducten industrie wat actiever. Men plaatst wat meer bestellingen en alhoewel de prijzen ook hier wat oplopen, lijkt dat toch wat meer beperkt dan bij de prijzen richting retail.
Het aanbod van eieren is op zich nog redelijk ruim van omvang, maar het kan bijna niet anders, dan dat het aanbod vanuit Oost Europese landen, zoals bijvoorbeeld Polen, met dit weertype toch wat gaat afnemen. De pluimveehokken zijn in Oost Europese landen toch wat minder goed geïsoleerd dan in bijvoorbeeld Nederland en dit moet gevolgen hebben voor de productie en dus het totale Europese aanbod.
Al met al, een redelijk vriendelijk marktbeeld.
|
 |
| Acties bevorderen afzet pluimveevlees |
Reclame-acties bij supermarkten, zoals deze week onder andere bij C1000, houden de afzet van pluimveevlees overeind. Er is ecvhter alleen vraag naar vlees van lichte kuikens (tot 2.400 gram levend gewicht). De producten van zwaardere dieren gaan moeizamer van de hand. Het aanbod van vleeskuikens is goed. De vrije prijzen van de dieren blijven volgende week zodoende onveranderd op 88 tot 90 cent per kilo. De basiscontractprijs zal hoogstwaarschijnlijk ook niet veranderen.
|
| Productie pluimvee groeit |
De wereldpluimveevleesproductie neemt in 2012 met ruim 2 procent toe tot 84,9 miljoen ton. Dat meldt het Productschap Pluimvee en Eieren op basis van gegevens van het internationale marktonderzoeksbureau Gira.
In 2011 groeide de productie met 3 procent tot 83 miljoen ton.
In 2011 waren de grootste groeiers Brazilië (plus 5 procent tot 12,9 miljoen ton), China (plus 5 procent tot 13,2 miljoen ton) en Rusland (plus 10 procent tot 3,3 miljoen ton. Rusland is de laatste jaren hard gegroeid. In 2005 produceerde het land slechts 1,4 miljoen ton. |
| PPE AI/NCD-bericht 2012/1 infectieuze coryza in Voorthuizen |
 |
Vrijdag 27 januari 2012 heeft het Productschap Pluimvee en Eieren van de Gezondheidsdienst voor Dieren bericht ontvangen dat op een biologisch legpluimveebedrijf in Voorthuizen een besmetting met infectieuze coryza is vastgesteld. Het besmette bedrijf houdt 12.000 leghennen en 6.300 opfok leghennen. Omdat het een biologisch bedrijf betreft heeft de voorzitter van het PPE niet de bevoegdheid om de betreffende pluimveehouder te verplichten het besmette pluimvee binnen te houden. Wel is dringend verzocht om ter voorkoming van besmetting van buurtbedrijven de hennen tenminste vier weken binnen te houden. In een straal van 1000 meter rondom het besmette bedrijf liggen zes andere pluimveebedrijven. Het betreft twee bedrijven met scharrelhennen, ëén bedrijf met koloniehuisvesting en twee vleeskuikenbedrijven. Omdat geen van deze bedrijven pluimvee buiten houdt is afgezien van het instellen van een verplichting om buiten lopend pluimvee af te schermen van wilde vogels. Wel zijn de betrokken pluimveehouders over de besmetting geïnformeerd waarbij is aangeraden op extra te letten op de bedrijfshygiëne. Met vriendelijke groeten, Henk Hulsbergen
|
 |
| PPE: Consumentenbond ongenuanceerd over pluimveesector |
 |
Het Productschap Pluimvee en Eieren (PPE) is niet gelukkig met een publicatie van de Consumentenbond waarin geneld wordt dat op vrijwel alle kipfilet ESBL-bacteriën aangetroffen worden. Het PPE mist de nuancering dat er diverse bronnen voor ESBL-besmettingen bij de mens zijn, zoals humaan gebruik van antibiotica, ziekenhuisbezoek, besmetting in het buitenland en overdracht door voedsel(bereiding). Zowel vlees als groenten kunnen bacteriën met ESBL bevatten, aldus het PPE. Bovendien blijkt pas bij het helemaal doorlezen van de publicatie dat kip is bij een goede behandeling in de keuken veilig is.
De sector doet er alles aan de voedselveiligheid- en kwaliteit van kippenvlees te waarborgen. De consument speelt zelf ook een belangrijke rol. Daar zou naar de mening van het PPE de Consumentenbond ook meer aandacht aan hebben kunnen geven. De pluimveesector communiceert dit altijd aan de consument, ook via de verpakking van het product. Door de hygiëneregels in de keuken in acht te nemen en het vlees door en door te verhitten en goed gaar te laten worden, is het consumeren van kip veilig.
Dierenwelzijn Het PPE stelt dat dat de Consumentenbond een te grote nadruk op dierenwelzijn legt. De Nederlandse pluimveesector produceert een grote variatie aan kipproducten en levert al op grote schaal scharrel- en biologisch kippenvlees dat tegemoet komt aan de wens van de consument, als die meer om dierenwelzijn geeft. Zo heeft de consument zelf de mogelijkheid invloed uit te oefenen op het niveau van dierenwelzijn, aldus het PPE, dat het verder opmerkelijk vindt dat kip met een ster van de Dierenbescherming in het artikel slechts het predikaat redelijk krijgt. De score die de Consumentenbond in het artikel geeft aan het aspect dierenwelzijn is redelijk eenzijdig. Alleen biologische kip scoort goed, concludeert het PPE.
|
 |
| Wakker Dier start campagne tegen intensieve vleeskuikenproductie |
 |
Dit weekend is bij 40 supermarkten, fastfoodketens en producenten van A-merken een brief van Wakker Dier op de mat gevallen waarin wordt opgeroepen om een einde te maken aan de verkoop van vlees afkomstig uit de intensieve vleeskuikensector. Hiermee gaat een langlopende nieuwe campagne van Wakker Dier van start. De campagne is gericht op een beter leven voor de 400 miljoen kuikens die jaarlijks worden geslacht in Nederland. Wakker Dier wil dat bedrijven overstappen naar vlees van kuikens met minimaal één Beter Leven Ster van de Dierenbescherming.
De productie van de vleeskuikens met één Beter Leven Ster kost een paar dubbeltjes meer, maar het antibiotica gebruik is bijna nul, net als het aantal voetzweren bij de kuikens. Voor producenten van baby- en diervoeding of pizzabakkers is de omschakeling naar vlees van dit type kuikens een centenkwestie, stelt Wakker Dier. De organisatie verwacht daarom dat veel producenten gehoor zullen geven aan de oproep.
Van alle soorten vee die voor vlees worden gehouden, scoort de gangbare vleeskuikensector, het slechtst op dierenwelzijn, stelt Wakker Dier. De European Food Safety Authority (EFSA) dringt aan op het houden van kuikens die minder snel groeien. Deze kuikens kennen minder welzijnsproblemen en er is minder antibiotica nodig. Een kipfilet van langzamer groeiende kippen kost circa 4,8 cent meer.
In de gangbare vleeskuikenhouderij groeien kuikens in zes weken tijd van 50 gram naar een gewicht van bijna 2,5 kilo. Dit is vier keer sneller dan in 1950. Door deze zeer snelle groei, voornamelijk bereikt via fokkerij, lijden de dieren aan pijnlijke aandoeningen en ziektes en wordt hun welzijn aangetast. De groei van de poten, het skelet en organen als hart en longen blijft achter bij de groei van de borstspier. Welzijnsproblemen en extra sterfte zijn het gevolg. Vleeskuikens mogen volgens de Europese normen worden gehouden met een bezetting van circa 20 dieren per vierkante meter in dichte stallen. De houderij kent problemen met voetzweren, hakblaren en borstpukkels.
|
|