De Spaanse autoriteiten hebben aan de O.I.E. meegedeeld dat op 12 juni 2009 een uitbraak van laag pathogene aviaire influenza is vastgesteld bij een koppel van 3625 eenden op een boerderij in Los Arcos (regio Navarra). Los Arcos ligt 25 km ten noordoosten van Logrono. Het koppel vertoonde geen uitval maar is na het vaststellen van de besmetting geruimd. De stal en het bedrijf zijn gereinigd en ontsmet. In de directe omgeving van het bedrijf is een beperkingsgebied ingesteld. Het virus is met een PCR geïsoleerd en getypeerd als een virus van het type H5. Een PCR-test voor N1 bleek negatief. Sequencing heeft bevestigd dat het om een laag pathogeen virus gaat.
Italië De Europese Commissie heeft meegedeeld dat na de eerdere uitbraken van LPAI in Italië (zie mailberichten 09/32 en 09/37) opnieuw drie bedrijven besmet zijn gebleken met laag pathogene aviaire influenza van het type H7. In de regio Piëmonte zijn een legbedrijf met 12.000 leghennen in Villanova Mondovi (provincie Cuneo) en een pluimveebedrijf met 1642 eenden, vleeskuikens, parelhoenders, ganzen, leghennen en gevangen wilde vogels in Rondissone (provincie Torino) besmet verklaard. In de regio Emilia Romagna is in Cesenatico (provincie Forli-Cesena) een handelsbedrijf met 2442 dieren van verschillend pluimage (kippen, ganzen, duiven) besmet verklaard. Alle pluimvee op de drie besmette bedrijven zijn geruimd. De bedrijven zijn gereinigd en ontsmet en rondom de bedrijven zijn beperkingsgebieden met een straal van 1 km ingesteld. Eén en ander geheel in overeenstemming met hoofdstuk V van richtlijn 2005/94.
Bovendien heeft de Italiaanse overheid besloten tot de volgende aanvullende maatregelen: a. het vervoer van vleeskalkoenen, reproductiepluimvee en leghennen uit de provincie Cuneo naar andere provincies in Italië of naar het buitenland is tijdelijk verboden;
b. de pluimveebedrijven met vleeskalkoenen, reproductiedieren en/of leghennen in de provincie Cuneo zullen serologisch en virologisch worden onderzocht. Maximaal 5 dagen voordat pluimvee van deze bedrijven naar elders in de provincie Cuneo wordt verplaatst, moet het te verplaatsen pluimvee worden onderzocht en moet de veterinaire autoriteit van het bestemmingsadres worden geïnformeerd;
c. Vervoer van slachtpluimvee uit de provincie Cuneo naar slachterijen buiten de provincie Cuneo is toegestaan mits specifieke hygiënemaatregelen in acht worden genomen zoals reiniging en desinfectie van het transportmiddel voor en na het transport, het vervoer over hoofdwegen wordt uitgevoerd en de slachterij van te voren wordt geïnformeerd;
d. Vervoer van pluimvee uit de andere provincies van de regio Piëmonte (Alessandria, Asti, Biella, Novara, Torino, Verbano en Vercelli) mag pas worden verplaatst na een serologisch en virologisch onderzoek dat maximaal 5 dagen voor de verplaatsing moet worden uitgevoerd en als de lokale veterinaire autoriteiten van het bestemmingsadres van te voren worden geïnformeerd.
e. Alle bedrijven van pluimveehandelaren in de regio Emilia Romagna zullen serologisch en virologisch worden onderzocht. Zolang deze onderzoeken nog niet zijn afgerond is afvoer van pluimvee van deze bedrijven verboden.
f. pluimveetentoonstellingen en pluimveemarkten in de regio Emilia Romagna zijn verboden.
Ook in de pluimveevleesverwerkende industrie dreigen stakingen uit te breken omdat er geen akkoord bereikt is over een nieuwe CAO.
FNV bondgenoten heeft stakingen aangekondigd voor aanstaande donderdag bij een aantal grote slachterijen.
De bedrijven waar het om gaat zijn de Flandrex slachterij in Asten, Pingo in Mierlo, Pingo in Goor, Vlees du Bois in Veldhoven en Cargill in Denekamp.
De werkgeversorganisatie Nepluvi heeft wel een CAO overeenkomst bereikt met het CNV. Volgens Nepluvi voorzitter Jan Odink behelst het akkoord een loonsverhoging van 1 procent per 1 juli, en een half procent per 1 januari. Verder zit er een eindejaarsuitkering van een half procent in het akkoord. De CAO loopt van 1 mei tot 30 april volgend jaar. Hoewel de CAO nog niet sectorbreed is aanvaard wordt de loonsverhoging per 1 juli al wel uitbetaald. "Dat doen we uit respect voor het CNV en om onze goede wil te tonen", aldus Odink.
Structurele looneis De FNV blijft vasthouden aan een structurele looneis van 3,5 procent per 1 mei 2009. "We zijn wel bereid die eis te matigen als we goede afspraken kunnen maken over de werkgelegenheid", aldus onderhandelaar Jos Hendriks. Hendriks: "Ondanks de crisis gaat het gewoon heel goed met de pluimveeslachterijen. Er worden goede prijzen gemaakt en de afzet is nog nooit zo hoog geweest als nu", aldus Hendriks.
Een andere eis van de FNV is dat het karakter van de CAO verandert. Het is nu een standaard CAO en dat zou volgens Hendriks een minimum CAO moeten worden. bij de een standaard CAO zijn afwijkingen door bedrijven naar boven of naar beneden in principe niet toegestaan. Bij een minumu CAO zijn bedrijven vrij om zelf meer te doen. Odink meldt dat de Nepluvi wil vasthouden aan een standaard CAO. We willen dat de werknemers zo uniform mogelijk worden behandeld. Wel worden in het voorliggende CAO voorstel bestaande rechten gegarandeerd.
De leghennenstapel in Duitsland levert volgens een prognose van de bedrijfstak de komende twee jaar fors in. De stijgende eierprijzen lijken daarmee blijvend.
De voorspelling komt van de pluimveehouderijorganisatie in Nedersaksen, het Niedersächsische Geflügelwirtschaft Landesverband (NWG). Nedersaksen is de deelstaat met de grootste leghennensector van Duitsland.
Bestuurstopman Wilhelm Hoffrogge voorziet een reductie van het aantal leghennen met 30 procent. De eierprijzen kunnen tegelijkertijd met eenzelfde percentage stijgen, voorspelt hij. Oorzaak is het per 1 januari van dit jaar in de Bondsrepubliek van kracht geworden verbod op legbatterijen. Alternatieve huisvesting vergt meer ruimte per leghen, waardoor de nieuwe legcapaciteit vaak kleiner uitpakt.
Alternatieve huisvesting Een aanzienlijk aantal leghennenhouders beëindigt daarbij de productie helemaal en begint niet aan overschakeling op alternatieve huisvesting. Dit temeer daar in Duitsland ook de als alternatief bedachte groepshuisvesting in kooien, de zogenoemde Kleingruppenhaltung, door de leidende grootgrutters (mede onder druk van dierenbeschermingsorganisaties) niet wordt geaccepteerd. Het landbouwministerie in Berlijn betreurt deze gang van zaken.
Om de bedrijfstak van dienst te zijn, is eind mei aan de pakkerijen de eis gesteld dat op de emballage van eieren uit het houderijsysteem Kleingruppenkäfigen (kooien voor kleine groepen) duidelijk moet staan uit wat voor een productiesysteem deze komen. Pogingen om op Europees niveau een apart stempelcijfer te introduceren (4) zijn tot dusver op niets uitgelopen.
Voor de Duitse leghennenhouders die nu nog met een batterijsysteem werken geldt tot 1 januari volgend jaar nog dispensatie, mits ze vergunning voor de bouw van een alternatief systeem hebben aangevraagd. Het voormalige marktbureau ZMP voorspelde al eerder dat door bouwactiviteiten het eieraanbod zou dalen.
De eiproductenindustrie mag eierschalen binnenkort onder nadere voorwaarden weer afzetten als meststof. Dat is sinds 2006 verboden, behalve voor bedrijven met een ontheffing. Het ministerie van landbouw werkt aan een verandering van de bijlage Aa van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet, waardoor dit verbod verdwijnt. Wat de nadere voorwaarden zijn voor het toestaan van eierschalen als meststof, is nog niet bekend.
Vleeskuikenhouders in de Duitse deelstaat Nedersaksen kregen in het boekljaar 2007/2008 met 86 cent per kilo ruim 11 procent ofwel 9 cent per kilo meer voor hun slachtrijpe dieren dan in het boekjaar 2006/2007. Zij hielden echter niet meer geld over aan het houden van vleeskuikens. De voerprijs steeg namelijk nog harder (+23 procent naar € 30,90 per 100 kilo). Nedersaksen is de belangrijkste Duitse deelstaat voor de productie van pluimveevlees. Die deelstaat telt de helft van het totale aantal Duitse vleeskuikenplaatsen. Dat maakt het Duitse statistische bureau in Oldenburg bekend.
De stemming op de markt van eieren is voor de tijd van het jaar zeker niet slecht te noemen. Door het mooie weer liggen de bestellingen weliswaar op een lager niveau, maar doordat er geen grote voorraden boven de markt hangen, is de handel niet ontevreden over de gang van zaken.
Doordat vraag en aanbod steeds beter in evenwicht zijn, stabiliseren de prijzen. Alles wijst erop dat de bodem in het prijsniveau nu wel bereikt is. Alleen voor de kleine eieren wordt deze week nog wat minder betaald.
De vraag vanuit de industrie is vrij goed voor de tijd van het jaar. De prijzen in dit marktsegment liggen hoger dan de laatste jaren gebruikelijk was voor het zomerseizoen. Het is goed mogelijk dat de industrie nu voorraden aanlegt in de veronderstelling dat de prijzen na de zomer zullen stijgen.
De markt van kuikenvlees blijft behoorlijk positief van toon. De vraag en bestellingen naar verse kuikendelen liggen op een hoog niveau en voor het merendeel is men ook best tevreden over de prijzen. Het mooie weertype is een belangrijke oorzaak van de huidige binnenlandse vraag, maar daarnaast loopt “kip” sowieso goed weg.
Bij de laatste meting van het marktonderzoekbureau GfK betreffende de huishoudelijke aankopen van pluimveevlees bleek dat kip opnieuw een record in het verbruiksniveau behaalde. Kip is normaliter al een aantrekkelijk geprijsd stukje vlees en nu daar bij een aantal retailers zoals AH nog eens wat acties mee gehouden worden, wordt het voor de consument extra aantrekkelijk om kip in huis te halen.
De afzet van diepgevroren pluimveevlees loopt ook redelijk goed door. De interesse naar kuikenbouten vanuit de Baltische staten en Roemenië leek wat te stagneren, maar op dit moment neemt de vraag weer wat toe en liggen de prijzen nog steeds tussen de € 1,25 - € 1,30/kg. De afzet van vers kuikenfilet blijft een dissonant, niet voor wat de volumeafzet betreft, maar wel qua prijzen, want deze liggen toch nog steeds op een laag niveau.
Doordat de vraag naar vers en diepvries pluimveevlees op een hoog peil ligt, wordt er nauwelijks pluimveevlees voor latere levering ingevroren. Het aanbod is goed in balans met de huidige vraag en slachterijen verwachten voor de komende periode dat dit in verband met de naderende vakantieperiode mogelijk wat gaat afnemen.
De meest recente PVE opzetcijfers van vleeskuikens bevestigen dit min of meer, want de opzet van vleeskuikens lag in mei jl. zo’n 3% onder de opzet van april. Deze dieren zullen vanaf juli op de markt komen en het lijkt er dus op, dat de markt van kuikenvlees een mogelijk wat afnemende vraag richting vakantieperiode, goed zal weten op te vangen.
De “vrije” kuikenprijzen zijn deze week ongewijzigd gebleven en liggen voor zware en lichte kuikens gemiddeld op € 0,90/kg. De basiscontractprijs voor levering volgende week werd met een halve eurocent naar boven bijgesteld en ligt op € 0,745/kg inclusief BTW.
Mevrouw Mainura S. Murzamadiyeva vertelde de Nederlandse pluimvee-industrie tijdens het DPC Marktcafé over de agrarische potentie en plannen van Kazachstan, het land waarvan zij de ambassadeur in Nederland is.
DPC (Dutch Poultry Centre ) en de Kamer van Koophandel Oost-Nederland organiseren van 1 tot en met 7 november een handelsmissie naar Kazachstan voor bedrijven uit of gericht op de pluimveesector. De ambassadeur van Kazachstan vertelde onder meer over de sterk groeiende economie van haar land, mede veroorzaakt door de enorme opbrengsten uit de gas- en olievelden, en dat de Kazachstaanse president heeft aangekondigd de pluimveeproductie in het land te willen verdubbelen. Dat moet goed kunnen, want de productie (en consumptie) zijn nu nog laag, maar nemen wel toe. Zo is de productie van pluimveevlees in Kazachstan van 2002 tot 2008 gestegen van 36.800 naar 55.700 ton, alles kuikenvlees. In diezelfde periode steeg de import van pluimveevlees van 48.200 naar 132.600 ton. De consumptie lag in 2005 op ongeveer 4,5 kg pluimveevlees per hoofd van de bevolking (Kazachstan, 66 keer zo groot als Nederland, telt 15,5 miljoen inwoners). De productie van eieren ligt met 150.000 ton (in 2007) ongeveer op een kwart van de Nederlandse productie. De consumptie is ongeveer 140 eieren per hoofd. Volgens dr. ir. Piet Simons, ambassadeur van DPC, liggen er gezien de lage productie en consumptie van pluimveevlees en eieren in Kazachstan volop mogelijkheden om de pluimvee-industrie verder te ontwikkelen. De ambassadeur van Kazachstan vertelde onder meer over de sterk groeiende economie van haar land, mede veroorzaakt door de enorme opbrengsten uit de gas- en olievelden, en dat de Kazachstaanse president heeft aangekondigd de pluimveeproductie in het land te willen verdubbelen. Dat moet goed kunnen, want de productie (en consumptie) zijn nu nog laag, maar wel stijgend. Zo is de productie van pluimveevlees in Kazachstan van 2002 tot 2008 gestegen van 36.800 naar 55.700 ton, alles kuikenvlees. In diezelfde periode steeg de import van pluimveevlees van 48.200 naar 132.600 ton. De consumptie lag in 2005 op ongeveer 4,5 kg pluimveevlees per hoofd van de bevolking (Kazachstan, 66 keer zo groot als Nederland, telt 15,5 miljoen inwoners). De productie van eieren ligt met 150.000 ton (in 2007) ongeveer op een kwart van de Nederlandse productie. De consumptie is ongeveer 140 eieren per hoofd. Volgens dr.ir. Piet Simons, ambassadeur van DPC, liggen er gezien de lage productie en consumptie van pluimveevlees en eieren in Kazachstan volop mogelijkheden om de pluimvee-industrie verder te ontwikkelen.
Netwerken en matchmaking Het doel van de handelsmissie die DPC en KvK Oost-Nederland organiseren, is kennismaken met de pluimveesector in Kazachstan, een bezoek aan de beurs Agroworld, netwerken en matchmaking. Voor dat laatste stelt de organisatie van de handelmissie voor elke deelnemer een persoonlijk programma samen waarin contacten kunnen worden gelegd met potentiële handelspartners, agenten, distributeurs of importeurs in Kazachstan. Zowel leden als niet-leden van DPC kunnen deelnemen aan de handelsmissie. De kosten bedragen €1.995 voor leden en €2.495 voor niet-leden.
Minister Verburg van LNV blijft bij haar keuze voor het huisvestingsconcept en de -locaties van de nieuw te vormen Voedsel en Waren Autoriteit (VWA). Voor medewerkers met lange reistijden worden aanvullende maatregelen getroffen. Dat schrijft Verburg in een brief aan de Tweede Kamer.
Voor het slagen van de fusie van de Algemene Inspectiedienst (AID), de Plantenzioektenkundige Dienst ( PD) en VWA tot de nieuwe VWA acht Verburg het van cruciaal belang dat alle 'hoofdkantoorfuncties' worden gehuisvest in één, centraal in het land gelegen, kantoor. Daarbij is de keuze gemaakt voor de stad Utrecht.
Huisvestingsconcept van de OR-AID Het alternatieve huisvestingsconcept van de OR-AID, een kleiner hoofdkantoor (ca. 200 fte) in het bestaande AID kantoor in De Meern en de huisvesting van de overige 'hoofdkantoorfuncties' (ca. 400 fte) verspreid over meerdere regio’s, ondersteunt een aantal belangrijke fusiedoelstellingen niet.
Alleen door huisvesting in één hoofdkantoor kan een stevige verbinding tussen de verschillende divisies worden gerealiseerd, kunnen bestaande cultuurverschillen worden overbrugd en kan uniformiteit in werkwijze worden bespoedigd. Bovendien wordt de gewenste kostenreductie niet gerealiseerd en brengt het het alternatieve huisvestingsconcept van de OR-AID op de langere termijn meer kosten met zich mee, aldus Verburg.
Effecten taakstelling op regionale werkgelegenheid De minister van Binnenlandse Zaken (BZK) heeft een analyse uitgevoerd naar de regionale werkgelegenheidseffecten van de taakstelling sector Rijk en ZBO’s. In deze analyse zijn ook de personele verschuivingen van een aantal lopende en voorgenomen reorganisaties bij het Rijk in de analyse betrokken, waaronder de voorgenomen fusie van AID, PD en VWA tot de nieuwe VWA.
Op basis van deze analyse concludeert de minister van BZK dat er geen sprake is van oneigenlijke afwenteling van de taakstelling op organisaties ver van de Randstad. Evenmin is er sprake van een onevenredige vermindering van arbeidsplaatsen van rijksambtenaren in de provincie met een ruime arbeidsmarkt
De analyse van de minister van BZK over de effecten van de taakstelling bij het Rijk op de regionale werkgelegenheid geven Verburg geen aanknopingspunten om haar besluit over de huisvestingslocaties van de nieuwe VWA te herzien. Dit geldt zowel voor de keuze voor de locatie van het hoofdkantoor als de keuze voor de locaties van de regionale servicekantoren en de steunpunten. Wel hanteert de minister daarbij het overeengekomen flexibel werkconcept.
De provincie Groningen gaat een onderzoek instellen naar de juridische houdbaarheid van begrenzing van intensieve veehouderij in de provincie.
Dat is besloten tijdens een extra vergadering over het Provinciaal Ontwikkelingsplan (POP).
In het ontwerp POP was opgenomen dat Groningen nieuwe intensieve veehouderijen wil weren uit de provincie en dat gezinsbedrijven met een kleine neventak pluimveehouderij op slot worden gezet. Zij kunnen deze neventak niet meer uitbreiden, terwijl agrarische bedrijven waarbij de pluimveehouderij de hoofdtak vormt deze mogelijkheid wel zouden behouden.
Tegen dat onderdeel van het POP is veel bezwaar gemaakt. Een groep pluimveehouders bood vorige week nog handtekeningen aan tegen het plan. Tijdens de Statenvergadering bleek dat veel partijen ook niet voor het weren van alle intensieve veehouderijen en het op slot zetten van de pluimveehouderij als neventak zijn, maar tot een eensluidende oplossingen kwamen de partijen niet. Op initiatief van het CDA wordt nu een onderzoek ingesteld, waarbij vooral aandacht is voor de juridische houdbaar en de duurzaamheid van de bedrijven.
We kunnen spreken van een positieve stemming op de kuikenmarkt.
Dat heeft zijn neerslag op de prijzen. De vrije kuikenprijzen zijn deze week met 3 cent gestegen naar een prijs van gemiddeld €0,90/kg. De basiscontractprijs (BCP) ging een halve cent omhoog naar 74 cent.
De slachters en de handelaren blijven met een goed gevoel praten over de huidige kuikenmarkt. Met een uitstekende maand mei, de beste sinds jaren, kan er tevreden teruggekeken worden.
De kuikenmarkt verwacht de stabiele lijn van de afgelopen week door te trekken en dat heeft met name te maken met de goed lopende retail in Nederland. Er wordt zelfs over een licht positieve ontwikkeling gesproken.
De verwachte oploop van ingevroren producten is meegevallen. Met name door de vele filetacties van supermarkten zijn de vriezers nog leeg gebleven. Deze goed lopende verkoop van kuikenfilet zegt echter nog niets over de winst.
Ook de markt van de afzonderlijke kuikendelen blijft stabiel. Zowel de vraag als de prijs blijft op hetzelfde peil. De vraag naar drumsticks zal naar verwachting wel iets oplopen nu de barbecuedagen weer in opkomst zijn. In de huidige situatie zal dit een gunstige tendens geven vanwege de gunstige prijzen ten opzichte van het duurdere vlees.
De situatie op de markt van eieren blijft wat tegenvallen. De vraag van de diverse retailers naar eieren zou volgens enkele pakstations niet al te groot zijn en dat heeft als gevolg dat de prijzen weer wat verder dalen. Op dit moment beweegt de prijs zich op, of net iets onder het peil van eind juni afgelopen jaar en dat zou kunnen betekenen dat de bodem in de prijzen nu zo langzaam aan bereikt moet zijn.
Dit zou mede geconcludeerd kunnen worden uit het huidige aanbod, want dat zou volgens enkele pakstations zeker niet al te ruim zijn. Bij een wat aantrekkende vraag zou de prijs dan mogelijk ook weer wat op kunnen lopen. Het afgelopen jaar kwam er aan de voortdurende daling van de prijs in de loop van de maand juli een einde en mogelijk dat dit scenario ook voor dit jaar zal gelden.
De vraag van de eiproducten industrie is op dit moment nog zeker niet van dien aard, dat dit de markt wat helpt de weg naar boven te vinden.
Al met al, blijft het beeld een beetje teleurstellen.
De verrijkte kooi moet niet al in 2017 worden verboden, maar pas in 2021. Het CDA bereidt een motie voor om dit te bewerkstelligen.
De Kamer heeft eerder een motie van de PvdD aangenomen om de uitfaseringstermijn voor verrijkte kooien te verkorten, van 2021 naar 2017. Minister Gerda Verburg heeft gezegd de motie uit te voeren, zij het niet van harte.
Het CDA, en in elk geval ook de VVD, vinden deze overgangstermijn te kort. "Als het al 2017 wordt, dan vinden we dat de overheid ook de portemonnee moet trekken en de ondernemers moet compenseren", aldus CDA-Kamerlid Joop Atsma.
Of zo’n motie op een meerderheid kan rekenen lijkt onwaarschijnlijk. Een partij als de ChristenUnie zou dan van standpunt moeten veranderen. Minister Verburg wacht af wat de Kamer besluit.
De schade van het geplande verbod op de verrijkte kooi valt veel lager uit dan de pluimveesector heeft berekend. Dat antwoordt minister Gerda Verburg (LNV) op Kamervragen.
Het CDA vroeg de minister om een reactie op de berekening in een notitie van productschap PPE. Daarin wordt de schade becijferd op bijna 60 miljoen euro, onder te verdelen in 15,5 miljoen euro directe schade en 43,8 miljoen euro inkomstenderving.
Verburg kwam eerder, op grond van berekeningen van landbouweconomisch instituut LEI, tot 3,5 miljoen euro vermogensschade. Volgens de minister heeft het opvoeren van schade door inkomstenderving weinig kans van slagen. Discussies over overgangsbepalingen zijn tot nu toe altijd alleen gevoerd op basis van vermogensschade, stelt ze.
Dat de berekening van die vermogensschade door de sector veel hoger uitkomt, heeft twee oorzaken, aldus Verburg. Allereerst voert de sector de restwaarde van de stallen op, à 6 miljoen euro. Volgens de minister is dat niet reëel, omdat de stallen kunnen worden gebruikt voor andere pluimveehouderijsystemen.
Restwaarde kooien Ten tweede komt de sector uit op een restwaarde van de kooien van 9 miljoen euro. Volgens Verburg gaat de sector hierbij uit van de restwaarde in 2012 in plaats van 2017, waardoor deze hoger uitvalt. De sector rekent met 2012, omdat het geen zin meer zou hebben om kooien te verrijken, als in 2017 de overgangstermijn afloopt. Vijf jaar is te kort om de investering daarin af te schrijven.
De beslissing om kooien te verrijken, of om direct te investeren in koloniehuisvesting (Kleingruppenhaltung) of alternatieve systemen, is aan de pluimveehouder zelf en ligt per bedrijf anders, stelt Verburg.
De minister zei eerder niet gelukkig te zijn met het besluit van de Kamer (per motie) om de overgangstermijn te vervroegen van 2021 naar 2017. De pluimveesector probeert de Kamer nog op andere gedachten te brengen. Verburg deelt de zorg van de Kamer over het Europees kooiverbod in 2012. Ze gaat ervan uit dat Brussel dit verbod handhaaft.
De pluimveemestverbrandingscentrale BMC Moerdijk verbrandt binnenkort 8.750 ton mest per week.
Dat verwacht het bestuur van de Coöperatie DEP op basis van de resultaten in de afgelopen weken. In de eerste drie maanden van het jaar draaide de centrale erg slecht. In die periode werd 96.438 ton mest geleverd, waarvan ruim 40 procent werd afgekeurd.
In april trad een verbetering op en werd slechts nog 14 procent afgekeurd, waardoor er 29.082 overbleef. Dat is de helft van de goedgekeurde hoeveelheid in januari, februari en maart. Bovendien nam de verbrandingswaarde toe, waardoor er per ton meer energie geproduceerd kon worden.
Het percentage mest van niet leden steeg van 13 naar 21 procent.
De situatie op de markt van kuikenvlees blijft voor het merendeel redelijk positief van toon. Slachters en handelaren melden een goede vraag naar vers kuikenvlees en dat geldt met name voor de binnenlandse vraag en eveneens voor de afzet naar Duitsland.
De afzet van kuikenfilet loopt ook goed door en trekt zelfs wat aan, doordat de koers van het Britse pond t.o.v. de Euro, althans voor exporteurs, iets verbeterd is. De prijs zou dan nu wel heel licht oplopen, maar deze ligt nog steeds op een vrij laag niveau. Dat blijft helaas een probleem van structurele aard.
De vraag naar de delen met been blijft op peil en dat geldt eveneens voor de prijzen. De afzet van bevroren kuikenbouten wisselt wel wat. Deze concentreert zich vooral op landen zoals Roemenië, Bulgarije en de Baltische staten en daar zou eigenlijk wel wat meer spreiding van landen mogen zijn.
Zoals bekend, is met name Roemenië bij de afzet van bevroren kuikenbouten van belang en naar dit land is de export van deze delen wat wisselend. Brazilië is daar in de markt en ook zou men zo af en toe wat problemen hebben om de noodzakelijke euro’s op tafel te leggen. Overigens weet de boutenprijs zich nog steeds op het peil van de afgelopen weken te handhaven.
Op dit moment zou er nog niet al teveel product worden ingevroren, maar nu alle vrije dagen weer achter ons liggen en er geen slachtdagen uitvallen, zou het aanbod wel eens weer wat kunnen gaan oplopen. Op dit moment is er echter nog niets aan de hand, omdat de afzet gewoon goed op peil blijft.
Er zijn nog steeds wat acties bij enkele supermarkten en ook het weer is van dien aard, dat er nu volop gebarbecued wordt. Dat zal op korte termijn zeker niet veranderen, dus wat dat betreft zal de vraag nog wel op peil blijven.
De huidige goede afzet van kuikenvlees is er de oorzaak van dat ook de kuikenmesters kunnen profiteren van deze positieve ontwikkelingen. De “vrije” kuikenprijzen zijn deze week met 2 cent naar boven bijgesteld en liggen voor zware en lichte kuikens gemiddeld op € 0,87/kg. De basiscontractprijs voor levering volgende week werd met een halve eurocent naar boven bijgesteld en ligt op € 0,735/kg inclusief btw.
Over de markt van eieren valt op dit moment niet zo bijzonder veel te melden. De markt is wat dat betreft al enige tijd in rustig vaarwater terechtgekomen. Overigens is dat niet ongewoon voor de tijd van het jaar.
Enkele pakstations meldden dat de vraag naar eieren vanuit Duitsland aan het begin van de week kortstondig wel wat toenam, omdat onze oosterburen deze week wat extra vrije dagen hebben. In het verdere verloop van de week viel de vraag juist daardoor weer wat tegen, zodat men er per saldo niet veel mee opgeschoten is.
De prijzen van de eieren lijken deze week weer wat verder te dalen en dat geldt voor vrijwel alle soorten en klassen. Het aanbod van kooieieren zal de komende periode wel eens wat verder kunnen gaan oplopen, vooral doordat Lidl Duitsland deze maand gaat omschakelen naar scharreleieren. Mogelijk dat er daardoor weer wat meer kooieieren boven de markt blijven hangen.
Overigens neemt het aantal aanwezige kooihennen in Nederland steeds verder af, want gemiddeld over geheel 2008 lag het aandeel kooihennen binnen het totaal aantal aanwezige hennen, op bijna 45% en in kwartaal 1 van dit jaar was dit alweer verder gedaald tot 43,5%.
Terug naar het marktbeeld van deze week, kan geconcludeerd worden, dat de vraag naar eieren volgens het normaal seizoenpatroon verloopt en dat de prijzen licht neerwaarts neigen.
Pluimveehouder Van Deurzen vraagt nieuwe milieuvergunning aan in Groesbeek
De Brabantse pluimveehouder Van Deurzen hoopt met een aangepaste milieuvergunning een doorstart te maken met zijn vorig jaar in Groesbeek gesloten pluimveebedrijf. De Raad van State vernietigde begin vorig jaar de milieuvergunning van het bedrijf. Van Deurzen moest vervolgens zijn stallen met een capaciteit voor 300.000 kippen leegmaken. De ondernemer heeft nu een nieuwe milieuvergunning aangevraagd die uitgaat van een maximaal aantal van 232.000 kippen. Met een ander geavanceerd ventilatiesysteem claimt de pluimveehouder nu ruimschoots aan de milieu-eisen op het gebied van stank, fijn stof en geluid te kunnen voldoen.
Volgens burgemeester en wethouders van Groesbeek past de nieuwe aanvraag binnen de bestaande regelgeving. De Werkgroep Milieubeheer Groesbeek heeft twijfels bij de plannen. De groep vreest geluidsoverlast van de ventilatoren en vindt dat de pluimveehouder aan moet tonen dat het nabijgelegen natuurgebied De Bruuk geen milieuschade lijdt.
Het budget voor pluimveegezondheidsonderzoek moet voor het komende jaar verdubbelen tot pakweg 1 miljoen euro.
De Nederlandse Vakbond Pluimveehouders (NVP) brengt morgen in de bestuursvergadering van het Productschap Pluimvee en Eieren (PPE) een voorstel van die strekking in.
De vakbond wil het geld hiervoor binnen de begroting vinden en wil hiervoor ideeën en voorstellen aanleveren voor de begrotingsbehandeling voor 2010 die binnenkort van start gaat.
Volgens NVP-voorzitter Gert Jan Oplaat is het budget voor pluimveegezondheidsonderzoek al enkele jaren te laag. "Juist nu de sector het convenant antibiotica-gebruik heeft ondertekend, is het belangrijk dat er alles wordt gedaan om duidelijkheid te krijgen over een aantal problemen." Doordat er te veel onduidelijkheid is over oorzaken en behandelingsmethoden blijft het antibioticagebruik te hoog, vindt Oplaat.
Voorzitter Jan Wolleswinkel van de NOP ziet wel iets in het idee van de NVP. "Voorwaarde is wel dat het geld wordt gevonden binnen de begroting."
JUNI 2009 - De vorige maand gingen de prijzen van pluimveevoeders nog iets omlaag. Hoogstwaarschijnlijk blijft dit de laatste prijsdaling van het jaar.
De huidige ontwikkelingen op de grondstoffenmarkt zijn van dien aard dat we eerder aan prijsstijgingen zullen moeten denken de komende maanden. De prijsverhoging van de pluimveevoeders kan, afhankelijk van de verdere marktontwikkelingen, oplopen tot €2,00 per 100 kg.
Vergunningen voldoen voor 94 procent aan IPPC-richtlijn
Circa 94 procent van de (milieu-) vergunningen voldeed in april jongstleden aan de IPPC-richtlijn.
Volgens opgaven van het bevoegd gezag (provincies, gemeenten) voldoen 291 vergunningen nog niet.
Dat schrijft minister Jacqueline Cramer (Vrom) in een brief aan de Tweede Kamer. Volgens Cramer bewijst dit dat toezichtsacties van de rijksinspecties een positief effect hebben; in oktober 2007, toen de IPPC-richtlijn van kracht werd, was circa 80 procent van de vergunningen in overeenstemming met de richtlijn.
IPPC staat voor Integrated Pollution Prevention and Control. De EU-richtlijn beoogt de uitstoot van vervuilende stoffen naar water, lucht en bodem door de industrie en grotere intensieve veehouderijen te beperken. De richtlijn geldt thans voor veehouderijen met minimaal 750 zeugen, 2.000 vleesvarkens of 40.000 kippen.
Compromisvoorstel De EU-Milieuraad spreekt eind deze maand over voorstellen van de Europese Commissie om de richtlijn aan te scherpen, onder meer door ook kleinere pluimveehouderijen en middelgrote stookinstallaties onder de richtlijn te brengen. Inmiddels zou er een compromisvoorstel van EU-voorzitter Tsjechië liggen, dat deze uitbreidingen grotendeels ongedaan maakt, aldus Cramer.
De Commissie heeft een aantal lidstaten, waaronder Nederland, eerder in gebreke gesteld wegens het niet naleven van de IPPC-richtlijn. Die procedure loopt nog en kan uiteindelijk leiden tot financiële sancties, waarschuwt de minister.
In de vorige week gehouden vergadering van het SCoFCAH heeft de Italiaanse vertegenwoordiging een uitvoerige presentatie gegeven over 6 uitbraken van laag pathogene aviaire influenza die sinds 20 april 2009 in Italie zijn vastgesteld. Het betreft vier gevallen van het virustype H5N7 en twee uitbraken van H7N3. Over twee van deze uitbraken heb ik u op 15 mei j.l. al geïnformeerd. Voor de geïnteresseerden onder u wordt in bijgevoegde notitie nader ingegaan op de verschillende uitbraken.
Enkele jaren geleden heeft Noord Italië te maken gehad met een ernstige uitbraak van LPAI onder vleeskalkoenen. Vanaf dat moment is gestart met een vaccinatieprogramma in een gebied ten zuiden van de snelweg A4 (Milaan - Venetië) dat grote delen van de provincies Brescia, Mantova, Verona en Padova omvat. Onderdeel van dat programma zijn een monitoring van alle kalkoenbedrijven, een verbod op de verplaatsing van kalkoenen, leghennen en reproductiepluimvee tenzij de te verplaatsen koppels van te voren op AI zijn onderzocht, verlaging van de pluimveedichtheid in enkele gebieden met een hoog risico (tijdelijk verbod op het plaatsen van pluimvee op een bedrijf) en het aanhouden van een verhoogde hygienestatus. Deze maatregelen zijn door de recente uitbraken opnieuw geactualiseerd.
Met vriendelijke groeten, Henk Hulsbergen
Uitbraken van laag pathogene aviaire influenza in Italië april/mei 2009
Tijdens de vergadering van SCoFCAH op 3 juni 2009 in Brussel heeft de Italiaanse vertegenwoordiging een presentatie gegeven over de recente uitbraken van LPAI in Italië. Aan die presentatie is het onderstaande ontleend.
Scandolara Ripa d’Oglio Op 15 april 2009 zijn kalkoenen die afkomstig waren van een bedrijf in Scandolara Ripa d’Oglio (provincie Cremona), conform het nationale monitoringsprogramma, onderzocht in het slachthuis. Op 20 april 2009 heeft het nationaal referentie laboratorium bevestigd dat de bloedmonsters positief waren voor H5 (16 van de 20 monsters positief), PCR-onderzoek op tracheaswabs gaf een negatief resultaat. Bij epidemiologisch onderzoek bleek dat het koppel van 23 tot 29 maart 2009 te kampen had gehad met ademhalingsproblemen en met een toename van de uitval. Bij sectie van de kalkoenen werden aantasting van de longen (pulmonary lesions) en een vergrote milt vastgesteld. Op 27 april 2009 is de reiniging en desinfectie van het bedrijf voltooid.
Om het bedrijf is een beschermingsgebied met een straal van 1 km ingesteld waarbinnen het vervoer van pluimvee was beperkt. Bovendien is een verzamelverbod voor pluimvee en gevogelte ingesteld.
Pescarolo ed Uniti In het kader van de monitoring van de pluimveebedrijven die na de uitbraak van LPAI in Scandolara is uitgevoerd, is op 21 april 2009 een vleeskalkoenbedrijf in Pescarolo ed Uniti (provincie Cremona) onderzocht. Het bedrijf in Pescarolo ligt ongeveer 4 km van het bedrijf in Scandolara. Op 29 april 2009 is bevestigd dat 14 van de 30 bloedmonsters positief waren voor virustype H5. PCR-onderzoek van tracheaswabs had een negatief resultaat. Bij epidemiologisch onderzoek is vastgesteld dat het koppel van 6 tot 12 april ademhalingsproblemen had gehad. Alle 15.828 vleeskalkoenen (uitsluitend hanen) op het bedrijf zijn van 14 tot 16 mei 2009 geslacht en op 16 mei is begonnen met de reiniging en ontsmetting van het bedrijf.
Nogarole Rocca Vanwege bovenstaande twee uitbraken in de regio Lombardia heeft de aangrenzende regio Veneto besloten een extra monitoring uit te voeren van alle kalkoen- en leghennenbedrijven in de regio (provincies Belluno, Padua, Rovigo, Treviso, Venezia, Verona en Vicenza). Bij die monitoring is op 11 mei 2009 de AI-besmetting (H5N7) van twee kalkoenbedrijven in Nogarole Rocca aan het licht gekomen.
Bij het ene bedrijf (14.636 vleeskalkoenen van 20 weken oud) waren 9 van de 10 bloedmonsters positief. PCR-onderzoek van trachea- en cloacaswabs was negatief. Uit epidemiologisch onderzoek kwam naar voren de het koppel op een leeftijd van 16 weken last had gehad van ademhalingsproblemen.
Bij het andere bedrijf ( 13.903 vleeskalkoenen van 19 weken oud) gaf op 11 mei 2009 PCR-onderzoek van tracheaswabs een positief resultaat en was de serologie negatief. Klinische verschijnselen werden niet waargenomen en ook in het recente verleden waren geen klinische verschijnselen waargenomen terwijl er recent ook geen antibiotica was toegediend. Uit de tracheaswabs en uit een poolmonster van trachea- en longmateriaal is virus van het type H5N7 geïsoleerd en gekarakteriseerd (PQRETR*GLF).
Op 13 mei 2009 zijn alle kalkoenen van beide bedrijven geruimd en op 15 mei 2009 is de eerste reiniging en ontsmetting voltooid.
Omdat de pluimveehouder van één van de bedrijven 30 km verderop nog een kalkoenbedrijf heeft, is dat bedrijf als contactbedrijf aangemerkt. Op 19 mei 2009 zijn alle 5.500 kalkoenen van het bedrijf geruimd.
Perugia Van een kalkoenbedrijf in Perugia (regio Umbrië) met 37.570 hennen en 40.320 hanen zijn de hennen medio april geslacht. De hanen zijn op 8 mei 2009 op het bedrijf serologisch onderzocht met een negatief resultaat, waarna de dieren vanaf 16 mei in verschillende transporten zijn afgevoerd naar een slachthuis. Bij een monitoring op 18 en 21 mei 2009 op het slachthuis bleek het koppel positief voor H7N3. Het virus is gekarakteriseerd als PEPPKGRGLFGAIA. De nog niet naar de slachterij afgevoerde kalkoenen (19.328 stuks) zijn op 29 mei 2009 geruimd.
Om het bedrijf is een beperkingsgebied ingesteld met een straal van 1 km. In het gebied ligt één ander commercieel pluimveebedrijf. Onderzoek van dit bedrijf had een negatief resultaat.
Villanova Mondovi In het kader van een regionaal monitoringsprogramma is een laag pathogeen AI virus van het type H7 vastgesteld op het bedrijf van een pluimveehandelaar in Villanova Mondovi (provincie Cuneo, regio Piëmonte). Op het bedrijf waren 315 eenden, 6.938 vleeskuikens, 560 parelhoenders, 380 ganzen, 700 leghennen en 130 kalkoenen aanwezig. Op 29 mei 2009 is bij een PCR-onderzoek van tracheaswabs van eenden, AI-virus van het type H7 vastgesteld. Het virus is gekarakteriseerd als PPKGRGLFGAIA. Serologisch onderzoek van de vleesku8ikens en de parelhoenders was eveneens positief. De virusisolatie was tijdens de presentatie in Brussel nog niet afgerond. Op 3 juni 2009 zijn alle dieren op het bedrijf geruimd.
Conclusie: Italië voert een uitgebreid monitoringsprogramma uit om eventuele uitbraken van AI vroegtijdig op te sporen en neemt bij een uitbraak alle maatregelen die door de Eu zijn voorgeschreven. Verschillende besmette koppels kalkoenen blijken voorafgaand aan de vastgestelde besmetting te maken hebben gehad met ademhalingsproblemen.
Het ministerie van LNV heeft ons zojuist meegedeeld dat op een negende adres in Nederland een besmetting met paramyxovirus (NCD) is vastgesteld bij duiven. Het betreffende de duiven bij een duivenhouder in Wierden (bij Almelo) waar van de 76 jonge duiven er inmiddels 56 zijn gestorven. De VWA heeft de resterende duiven gevaccineerd en de duiven moeten gedurende 60 dagen opgehokt blijven. Na 30 en 60 dagen zullen de duiven opnieuw worden onderzocht en als na 60 dagen blijkt dat de dieren niet meer besmet zijn met het virus, zal het ophokgebod worden opgeheven. LNV vraagt de Nederlandse Postduivenhouders Organisatie de duivenhouders te waarschuwen voor het virus en aan te dringen op vaccinatie.
Dit negende geval is het eerste geval in Overijssel, waar eerdere uitbraken in Gelderland, Zuid Holland, Zeeland en Noord Brabant werden vastgesteld. Daaruit blijkt dat het virus over een groot deel van het land is vesrpreid. Tot dusver is het virus niet vastgesteld bij bedrijfsmatig gehouden pluimvee. Om dat zo te houden worden alle pluimveehouders opgeroepen hun pluimvee goed te vaccineren tegen NCD.
Het percentage pluimveevoermonsters dat positief test op salmonella is in 2008 licht gedaald. Ook bij voedermiddelen wordt minder vaak salmonella geconstateerd.
Dat blijkt uit monitoring van het Productschap Diervoeder (PDV).
Uit de monitoring blijkt dat er geen diervoeders of voedermiddelen, de grondstoffen voor voeders, zijn die salmonellakritisch zijn. De grens ligt op een besmettingspercentage van 3 procent en sinds drie jaar bevinden alle voedermiddelen zich daar onder. Voor mengvoer gold dat al langer. In 2008 werd bij 0,2 procent van de aangeleverde pluimveevoeders salmonella geconstateerd. Pluimveevoer scoort hiermee beter dan rundvee- en varkensvoer met besmettingspercentages van relatief 0,5 en 0,3 procent. Het was voor het eerst in enkele jaren dat deze percentages stegen. Overigens scoren niet alle pluimveevoeders even goed. Bij topfok- en vleeskalkoenenvoer werd een sterke stijging geconstateerd. Het PDV wijst er echter op dat dit ook komt door een laag aantal aangeleverde monsters. Positieve uitslagen hebben daardoor een relatief grote invloed. Volgens het productschap voldoen mengvoerproducenten steeds beter aan de verplichting om gevonden salmonellastammen te typeren. Hieruit blijkt dat het percentage besmettingen met voor de mens gevaarlijke serotypen in pluimveevoer van 20 procent in 2007 is gedaald tot 13,3 procent. In voedermiddelen daalde het aandeel van gevaarlijke serotypen van 17 naar 6 procent. Naar aanleiding van de monitoring adviseert het PDV de huidige regels te handhaven. Extra aandacht moet gaan naar de salmonella-incidentie in Argentijns sojaschroot, dat maar net onder de kritische grens kwam, en naar varkens- en rundveevoer.
Het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen (in België) heeft vandaag gepubliceerd dat een nieuwe paramyxovirosebesmetting bij duiven is vastgesteld. De NCD -besmetting is vastgesteld in een duiventil in Halle (Vlaams Brabant), ongeveer 10 km ten zuidwesten van Brussel. De FAVV heeft een beschermingsgebied met een straal van 500 meter ingesteld. Binnen het gebied mogen geen vogels en pluimvee worden verzameld en is vaccinatie tegen NCD verplicht.
De markt van kuikenvlees oogt net als vorige week positief. De vraag naar de meeste kuikendelen is goed.
Anderzijds kenmerkt de kuikenmarkt zich nog altijd door een zeer ruim aanbod.
De slachterijen slachten op volle kracht vanwege de zeer goede vraag naar kuikenvlees. Wel zorgt het zeer ruime aanbod ervoor dat de prijzen nog niet omhoogschieten, maar slechts wat verder oplopen.
De vrije prijzen voor zowel lichte als zware kuikens zijn deze week met €0,02/kg naar boven bijgesteld en liggen nu op 0,84 cent tot 0,86 cent per kilogram.
De basiscontractprijs voor levering volgende week blijft staan op 0,73 cent per kilogram.
De vraag naar kuikenvlees moet op peil blijven om het prijsniveau te kunnen handhaven.
De verwachting voor het prijsniveau voor de komende week: stabiel tot hoger.
Er komt een verbod op het gebruik van elektrische waterbaden. Eind volgend jaar moeten pluimveeslachterijen bedwelmingsmethoden gebruiken die diervriendelijker zijn, vindt minister van landbouw Gerda Verburg.
Vandaag gaf zij de Animal Sciences Group (ASG) de opdracht alternatieven te onderzoeken. Deze studie moet in december zijn afgerond, waarna slachthuizen nog een jaar de tijd krijgen om de nieuwe technieken in te voeren. In een debat in de Tweede Kamer hierover woensdagavond toonden zowel Verburg als het parlement zich onaangenaam verrast door de uitkomsten van een eerder onderzoek van de ASG naar de waterbadmethode. Volgens de onderzoekers is het zeer aannemelijk dat een aanzienlijk deel van de dieren onvoldoende wordt bedwelmd. Dit komt doordat de combinatie van de gebruikte frequentie en stroomsterkte vaak niet optimaal is.
Volgens PvdA’er Harm Evert Waalkens is dat schokkend. "Ik ben echt ontdaan", zei hij. "Dat dit zo heeft kunnen gebeuren." Andere fracties kwamen tot een soortgelijke conclusie. Marianne Thieme (PvdD) wil niet pas in 2010 maar per direct een verbod op deze bedwelmingsmethode.
Eerder gaf Verburg al aan de regels voor waterbaden te zullen aanscherpen. Per 1 september gelden er strengere eisen voor de te gebruiken frequentie en stroomsterkte bij verschillende diersoorten. Verder heeft zij in een brief aan Eurocommissaris Androulla Vassiliou gepleit voor een Europees verbod.
In het debat is ook gesproken over de CO2-verdoving van varkens, een methode die volgens Tofik Dibi (Groenlinks) middeleeuws is. Een meerderheid van de Kamer is echter niet voor een verbod. Wel vindt Waalkens dat er cameratoezicht in de slachthuizen moet komen. Verburg voelt daar niets voor; volgens haar biedt dat geen meerwaarde.
Over een jaar vervangen Nederlandse pluimveeslachterijen het elektrisch waterbad door meer diervriendelijke bedwelmingsmethoden.
Dat heeft minister Verburg (LNV) woensdagavond aangekondigd in een debat in de Tweede Kamer.
Minister en Kamerleden waren geschokt door een rapport van de Animal Science Group waarin staat dat het veel gebruikte elektrisch waterbad geen goede bedwelmingsmethode is. De elektrische spanning is vaak zo laag afgesteld dat dieren niet goed bewusteloos zijn voor ze worden geslacht. De minister laat daar de komende de tijd het toezicht verscherpen. Daarnaast heeft ze met de pluimveeorganisatie Nepluvi afgesproken dat de aangesloten slachterijen versneld betere bedwelmingsmethoden invoeren. Verburg laat daarvoor onderzoek verrichten.
Over de eveneens bekritiseerde bedwelming van varkens met koolzuurgas waren minister en een Kamermeerderheid minder kritisch. Weliswaar ondergaan de varkens een korte periode van heftige stress voor ze bewusteloos worden. Elektrische bedwelming geeft langduriger stress omdat dieren daarvoor gesepareerd en gefixeerd moeten worden.
De minister bestreed de aantijging van GroenLinks en PvdD dat ze de CO2-verdoving alleen handhaaft omdat die methode goedkoper is voor de slachterijen en beter is voor de vleeskwaliteit. De PvdA wil met een motie afdwingen dat bedwelmingsinstallaties met camera’s geïnspecteerd kunnen worden. Die hebben volgens de minister geen meerwaarde.
Stichting Dier en Recht stelt een ultimatum aan de pluimveeslachterijen en de Voedsel- en Warenautoriteit.
Voor 1 september moeten de slachterijen en de VWA met een plan komen waardoor de 450 miljoen vleeskuikens die worden geslacht op een humanere wijze aan hun eind komen.
Komt dat plan er niet, dan wil de stichting aangifte doen tegen de slachterijen die elektrisch bedwelmen. Dat zou neerkomen op 90 procent van de slachterijen.
De stichting ageert met name tegen de manier waarop de vleeskuikens worden bedwelmd. Bij de waterbadmethode die meestal wordt gebruikt, worden de dieren te vaak niet of onvoldoende bedwelmd, blijkt uit onderzoek.
Stichting Dier & Recht dreigt met aangifte tegen pluimveeslachterijen
De Stichting Dier & Recht bekritiseert al enkele jaren de manier waarop kippen bedwelmd en geslacht worden. Recent onderzoek van de Animal Sciences Group toont het gelijk van de stichting; de manier waarop kippen worden bedwelmd voorafgaand aan de slacht is ontoereikend en in strijd met de wet. Dier & Recht stelt nu een ultimatum aan de pluimveeslachterijen en aan de Voedsel en Waren Autoriteit (VWA. Zij moeten voor 1 september met een plan komen waardoor het pluimvee op een humane en legale wijze wordt geslacht. Komt dit plan er niet, dan zal de organisatie aangifte doen tegen alle slachterijen die elektrisch bedwelmen.
In 2006 organiseerde Dier & Recht verschillende hoorzittingen voor Tweede Kamerleden over de bedwelmingsmethoden in pluimveeslachterijen. Hierbij wordt gebruikgemaakt van een elektrisch waterbad. De levende kippen worden met de poten aan haken gehangen en met de kop door een waterbad gesleept dat onder stroom staat. Veel kippen worden niet verdoofd, maar slechts geïmmobiliseerd, stelde Dier & Recht.
Naar aanleiding van de hoorzittingen heeft minister Verburg de Animal Sciences Group opdracht gegeven om onderzoek te doen naar het elektrisch bedwelmen. Daaruit blijkt onder andere dat slachterijen nauwelijks zicht hebben op de stroomsterkte van de waterbaden waarmee het pluimvee wordt verdoofd. Zo zijn er slachthuizen waar gebruik wordt gemaakt van een stroomsterkte van 20 mA per kip, terwijl het wettelijke minimum 100 mA is. Daarnaast wordt geen rekening gehouden met de verdovingsduur, de golfvorm, de frequentie van de stroom en de elektrische weerstand van de dieren. Dit zijn echter belangrijke variabelen, stelt de Animal Sciences Group.
De Amerikaanse pluimveeverwerker Pilgrim’s Pride heeft 319 miljoen euro (450 miljoen dollar) schuld afbetaald.
Dat meldt de internetsite worldpoultry.net.
De afbetaling van 450 miljoen dollar had te maken met de financiële constructie 'debtor in possession' (DIP). In Amerika is een bedrijf een DIP (debiteur in het bezit van de bedrijfsactiva) wanneer een reorganisatie van het bedrijf haalbaar wordt geacht.
Pilgrim’s Pride heeft het afgelopen kwartaal beter gedraaid dan een jaar eerder. Het bedrijf maakte echter nog altijd een verlies van 43 miljoen euro, vergeleken met 82 miljoen in 2008.