In het noordelijke deel van Nigeria is opnieuw vogelpest van het type H5N1 geconstateerd. Meer dan tweehonderd vogels in het getroffen dorp zijn geruimd om verdere verspreiding van het virus te beperken. In Nigeria viel eerder dit jaar het eerste menselijke slachtoffer van vogelpest in Afrika. Bij een eerdere uitbraak werden dit jaar 97 bedrijven getroffen waarbij in totaal 300.000 vogels werden geruimd. Ook in Ghana werd eerder deze week een nieuwe uitbraak van H5N1 geconstateerd. Vorige week nog stelde de internationale organisatie voor diergezondheid OIE dat de wereldwijde uitbraak van het vogelpestvirus H5N1 tot een einde was gekomen. De uitspraak was gebaseerd op het aantal gevallen van dode vogels in de eerste helft van 2007. De OIE concludeerde tevens de dat meerderheid van de 59 getroffen landen de uitbraken succesvol heeft bedwongen.
In het weekeinde werd ook in India een pluimveebedrijf gesloten nadat honderden kippen dood waren. Het is nog niet vastgesteld of de kippen zijn omgekomen als gevolg van vogelpest of als gevolg van pseudo-vogelpest NCD. Autoriteiten verwachten dat het om een geval van NCD gaat.
Menselijke antistoffen tegen de H5N1-variant van vogelpest, bieden muizen bescherming tegen het dodelijke virus. Wetenschappers hebben dat aangetoond in een onderzoek waarvan de resultaten deze week zijn gepubliceerd in het medische blad PLoS Medicine. De muizen die de stoffen kregen toegediend en daarna expres besmet werden met H5N1, werden niet ziek. De onderzoekers gebruikten antistoffen van Vietnamezen die een besmetting met het virus hadden overleefd. Muizen die al ziek waren van H5N1 en de stof kregen toegediend, leefden veel langer dan de dieren die geen medicijnen kregen. Het verschil tussen een vaccin en antistoffen is dat een vaccin weliswaar langere tijd bescherming biedt tegen een ziekte, maar pas na enkele weken of zelfs maanden gaat werken. Antistoffen werken direct, maar bieden waarschijnlijk slechts enkele maanden bescherming.
Het milde vogelgriepvirus H7N2 heeft tenminste twee mensen en mogelijk tenminste negen anderen geïnfecteerd. Dat stelt de Welshe gezondheidsdienst. Uit onderzoek is gebleken dat 36 mensen in contact zijn geweest met pluimvee op de boerderij waar het virus afgelopen week is vastgesteld. Elf van de 36 hebben griepachtige verschijnselen ontwikkeld, veel oogontsteking (conjunctivitis). Die reactie werd bij de laatste grote vogelpestuitbraak in Nederland ook bij veel mensen vastgesteld.
De Welshe autoriteiten blijven erbij dat het risico voor de volksgezondheid klein is. Enerzijds is dat omdat het H7N2-type van aviaire influenza als mild te boek staat. Het Aziatische H5N1-virus is veel besmettelijker en dodelijker voor mens en dier.
Het ministerie van LNV heeft ons bericht dat op 24 mei 2007 zowel in Wales als in Italië een uitbraak van laag pathogenen aviaire influenza is vastgesteld. Het ministerie heeft daarbij het volgende laten weten:
Walen (VK): In het Noord-Wales betreft het een uitbraak op een hele kleine pluimveehouderij. CVO Wales Christianne Glossop heeft laten weten dat het hier een geval van H7N2 betreft en wel in de laag-pathogene variant. Het betrof een boerderij, waar minder dan 50 kippen werden gehouden en waar 15 kippen zijn gestorven aan de ziekte. De overblijvende 30 kippen zijn geruimd. Voorts zijn de gebruikelijke beperkende maatregelen getroffen (1 kilometer beperkende zone om het bedrijf). Omliggende pluimveehouders is niet gevraagd hun dieren "op te hokken". De oorzaak van de besmetting is nog niet bekend: nagegaan wordt waar de besmette kippen van het ras Rhode Island Red vandaan zijn gekomen. Twee volwassenen die leefden op het bedrijf vertoonden griepverschijnselen en zijn onder behandeling in het volksgezondheidscircuit. Anderen die op het bedrijf zijn geweest is Tamiflu verstrekt
Italie: In Italie betreft het een uitbraak van laag pathogene AI (H7N3) in een niet-commercieel bedrijf in Venice (Noord Italie) welke is ontdekt vanuit de reguliere monitoring. Italie heeft de maatregelen die voortvloeien uit de EU-Richtlijn en hun bestrijdingsplan doorgevoerd. In lijn hiermee is het getroffen bedrijf ingesloten en zal het morgen worden geruimd.
Beide landen hebben inmiddels de maatregelen die voorvloeien uit EU-Richtlijn 2005/94/EC doorgevoerd;
Omdat er sprake is van uitbraken van LPAI is geen verplichte dubbele reiniging en ontsmetting van terugkerende vrachtauto's uit het Verenigd Koninkrijk en Italië verplicht gesteld maar aan de sector wordt wel geadviseerd om in voorkomende gevallen bij internationale kontakten en/of transporten met genoemde landen de grootst mogelijke hygiene in acht te nemen.
De Welshe autoriteiten onderzoek een tweede pluimveebedrijf op avaire influenza H7N2. Mogelijk is dit bedrijf op het eiland Llyn via een markt in het Engelse Chelford in contact geweest met de donderdag besmet verklaarde pluimveehouderij in Denhighshire. Afhankelijk van uitkomst van de test wordt bepaald of een nieuwe ruiming noodzakelijk is. Het laagpathogene H7N2-virus heeft ook enkele bezoekers en medewerkers van het bedrijf in Denhighshire besmet.
Sinds begin januari liggen Volwaard-kuikens in de winkelschappen. Piet en Petra Verberne uit het Brabantse Sint-Oedenrode horen tot de zes vleeskuikenhouders die de traag groeiende Volwaard-kuikens produceren. Nu al twee ronden naar volle tevredenheid. „Ik hoop dat het aanslaat bij de consument en dat we er na de proef- periode mee verder gaan"
Pluimveeservicebedrijven kampen met oneerlijke concurrentie als gevolg van zwartwerk en inzet van illegale buitenlanders. IKB alleen lijkt daar niet tegen opgewassen. Voor een strengere aanpak van malafide vangploegen wordt de IKB-PSB-regeling uitgebreid met NEN 4400. Henk den Ouden, voormalig voorzitter van de NVPSB, zegt blij te zijn met NEN 4400, mits het ook wordt uitgevoerd zoals aangekondigd. Het komt volgens hem vooral aan op een goede controle.
Geen haast
Minister Verburg van LNV wil geen overhaast besluit nemen over het al dan niet verbieden van de verrijkte kooi. De minister schrijft dit in antwoord op vragen van Marianne Thieme van de PvdD. Zij wacht met het besluit over een eventueel verbod op de uitkomst van onderzoek waartoe haar voorganger Veerman opdracht heeft gegeven. Dit onderzoek moet in beeld brengen wat de kosten zijn van een verbod op de verrijkte kooi en wat de gevolgen zijn voor de legpluimveehouderij, de markt voor scharreleieren en de eiproductenindustrie in Nederland die overwegend kooi-eieren vraagt.
Vrijwel alle wilde grondeleenden (taling, wilde eend, smient) worden in hun leven minimaal één keer besmet met vogelpest. Dat blijkt uit een achtjarig onderzoek van het Erasmus Medisch Centrum. In het onderzoek zijn bijna 37.000 wilde vogels onderzocht op de aanwezigheid van vogelpest. Bij andere watervogels blijkt de besmetting veel kleiner te zijn. Het percentage vogels dat besmet is met vogelpest varieert door het jaar heen. In het najaar kan het oplopen tot 7 procent van de vogels. In Zweden zijn meer vogels besmet. Daar is in de piekperiode tot 20 procent van de vogels besmet. Dergelijke cijfers zijn ook bij vergelijkbaar onderzoek in Canada geconstateerd.
Bij de vogels werden zeer diverse vogelpestvirussen aangetroffen. Van alle besmettingen bleek 7,5 procent van de dieren een H5-variant en 11 procent een H7-variant te hebben.
”Het gaat hier wel om een laagpathogene variant. We hebben bij geen enkel wild dier in Nederland een hoogpathogeen virus gevonden”, vertelt onderzoeker Ron Fouchier. De laagpathogene virussen kunnen, wanneer ze worden overgedragen aan pluimvee veranderen in hoogpathogene virussen.
Volgens de onderzoeker zijn er in Nederland geen extra maatregelen nodig nu bekend is dat er zoveel wilde zoetwatereenden besmet zijn met vogelpest.
”Met de huidige intensiteit van de monitoring van de pluimveesector door het CIDC is het risico dat er een nieuwe uitbraak komt beperkt. Het enige dat gedaan zou kunnen worden is het ophokken van pluimvee in de periodes waarin de wilde vogels het meest besmet zijn.”
Plukon heeft gisteren voor de rechter in Zwolle betoogddat het geen schuld heeft aan de overbeladingen van pluimveewagens. Volgens Plukon doet het bedrijf er alles aan om dierwelzijn te bevorderen en kan het niet altijd voorkomen dat er teveel kippen op een vrachtwagen geladen worden. Pluimveehouders en vangploegen spelen ook een rol. De planningsafdeling van de levende aanvoer (De Kuikenaer) zegt pas op de weegbrug het gewicht van de lading te kunnen zien en het onterecht te vinden beboet te worden voor de 0,2 procent van de transporten die overbeladen zijn. De boetes die het voor drie keer heeft gekregen variëren van 1000 tot 3000 euro per keer.
De zaak kwam gisteren voor de rechter, maar is opnieuw verdaagd. De officier van justitie moet eerst bepalen of slachterij Vleesch Du Bois of logistiek planner De Kuikenaer verantwoordelijk is. Dan komt er een nieuwe zitting.
Planbureaus aan de slag met plannen 'Stop fout vlees'
Het plan van Milieudefensie om de intensieve veehouderij dier- en milieuvriendelijker te maken wordt de komende tijd doorgerekend door het Centraal Planbureau en het Milieu- en Natuurplanbureau. Met de uitkomst van deze onderzoeken begint dan na de zomer de inhoudelijke discussie over het burgerinitiatief 'Stop fout vlees'. Initiatiefnemer Wouter van Eck (Milieudefensie) lichtte het burgerinitiatief vandaag voor het eerst toe in de Tweede Kamer. Met name het CDA wilde duidelijkheid over de halvering van de veestapel in Nederland, aangezien daardoor ook het aantal bedrijven vermindert.
Van Eck stelde dat het geen doel is om veel minder varkens en kippen te gaan houden. Volgens hem leidt de andere manier van werken in de veehouderij, waarbij geen soja wordt geïmporteerd voor veevoer en meer wordt gelet op milieu en dierenwelzijn, echter wel tot een halvering van de veestapel.
Nieuwe normen voor bedrijfsbegrotingen pluimveehouderij
In het overleg prijsindicaties pluimveehouderij van 24 april zijn aan de hand van gezamenlijke prognoses van verschillende partijen uitgangspunten en indicaties opgesteld voor bedrijfsbegrotingen en advisering in de pluimveesector voor de lange termijn. De normen zijn richtinggevend. Afhankelijk van de individuele situatie kunnen ze worden aangepast. Bedragen die worden gebruikt zijn netto prijzen, dus inclusief BTW, kortingen en toeslagen. De mestafzetkosten zijn niet bij de saldo’s inbegrepen. De voerprijzen zijn ten opzichte van de indicatie van vorig jaar met € 0,50 per 100 kilo verlaagd, omdat het verschil tussen LEI-prijs en in praktijk betaalde voerprijs de laatste paar jaar is toegenomen. De opbrengstprijs voor scharreleieren en vrije uitloopeieren is verlaagd. Vanwege een lager uitkomstpercentage van broedeieren, is de prijs met 0,2 cent per ei verlaagd. Het aantal broedeieren is wel toegenomen.
Witte leghennen Voor witte leghennen is een opbrengstprijs van € 0,72 per kilogram eieren het uitgangspunt. De voerprijs per 100 kilo wordt ingeschat op € 18,80. De norm voor het saldo per ronde bedraagt € 3,11 per opgehokte hen en het saldo per gemiddeld aanwezige hen per jaar komt uit op € 3,05.
Scharrelhennen Bij scharrelhennen wordt de opbrengstprijs ingeschat op 5,35 cent per ei. De voerprijs per 100 kilo bedraagt ook € 18,80. De norm voor het saldo per ronde komt uit op € 3,53 per opgehokte hen en het saldo per gemiddeld aanwezige hen per jaar is berekend op € 3,51.
Hennen met uitloop De eierprijs van hennen met uitloop is geschat op 6,15 cent. De norm voor de voerprijs is ook hier € 18,80 per 100 kilogram. De norm voor het saldo per ronde is becijferd op € 5,15 per opgehokte hen en het saldo per gemiddeld aanwezige hen per jaar komt uit op € 5,26.
Vleeskuikenouderdieren Voor bedrijven met vleeskuikenouderdieren wordt een prijs van 16,05 per broedei voorzien. De voerprijs wordt geschat op € 19,30 per 100 kilo. Het saldo per ronde komt naar schatting uit op € 4,92 per opgehokte hen en het saldo per gemiddeld aanwezige hen per jaar komt uit op € 5,86.
vleeskuikenbedrijven Voor vleeskuikenbedrijven wordt in bedrijfsbegrotingen voor de lange termijn een opbrengstprijs van € 0,695 per kilo vlees gehanteerd. Ten aanzien van de voerprijs wordt gerekend met een prijs van € 22,80 per 100 kilo. Het saldo per 100 opgezette kuikens wordt ingeschat op € 15,48. Per 1000 kilo aflevergewicht wordt gerekend met een saldo van € 74,50.
Mestafzet De begrotingsnorm voor mestafzet naar derden middels lange transportafstanden is op € 20,00 per ton gesteld inclusief de kosten voor mestbewerking, tussenopslag, rechten, bemonstering etc. De verwachting is dat mestverbranding over enkele jaren toch van de grond komt. De voorgestelde prijs is, zeker gelet op huidige afzet-prijzen, aan de lage kant ingeschat. Op korte termijn liggen de prijzen snel € 10 per ton hoger. Hiermee moet bij liquiditeitsproblemen rekening gehouden worden.
Mestdistributeurs en pluimveehouders reageren positief op het besluit van het ministerie van landbouw om de export van pluimveemest voortaan zonder de Europese Verordening voor Overbrenging Afvalstoffen (EVOA) te laten plaatsvinden. ”Het is heel fijn dat we een systeem kwijt raken dat voor veel administratieve rompslomp zorgt en dat bovendien vrij kostbaar is”, aldus Hans Verkerk van Cumela. Hoewel het ministerie heeft aangekondigd dat er wel een systeem moet komen waarbij de mest volledig te traceren is, verwacht Cumela niet dat dit extra werk veroorzaakt voor de mestexporteurs. ”Het nieuwe systeem wordt opgehangen aan de veterinaire vergunning die al verplicht was voor de export van pluimveemest.”
Harry Ketels van de Nederlandse vakbond Pluimveehouders (NVP) reageert ook positief. ”Landbouwminister Gerda Verburg leek nogal wantrouwen te hebben tegen het borgingssysteem in de mestexportsector. We hebben ons erg zorgen gemaakt toen ons ter oren kwam dat er een delegatie naar Duitsland is geweest om daar te praten over het behoud van de verordening.”
Ketels hoopt dat er nu de regels iets eenvoudiger worden meer mest geëxporteerd kan worden. ”Het huidige prijsniveau van 40 euro per ton voor de afzet van pluimveemest is veel te hoog. Dat komt mede door de beperkte afzet.” Ter vergelijking: voor de invoering van de nieuwe mestwet lag het prijsniveau op 20 euro per ton.
'Leden agrarische coöperaties moeten actievere rol spelen'
Net als de aandeelhouders bij beursgenoteerde bedrijven moeten de leden van agrarische coöperaties een actievere rol spelen. Het presteren van coöperaties moet kritisch worden bekeken. Het rendement van boerenbedrijven en coöperaties moet niet als aparte verantwoordelijkheid worden gezien. Dat zegt Albert Jan Maat, de nieuwe voorzitter van LTO Nederland, in een gesprek met het Financieele Dagblad. Maat stelt dat het evenwicht binnen de productieketens zoek is. Boeren behalen nu het laagste rendement. Dat moet veranderen. Boeren en tuinders moeten een een groter deel van de koek krijgen en dus ook eisen, aldus Maat. Als dat niet gebeurt is een verwijdering tussen boeren en de leiding van coöperaties onontkoombaar.
Maat wijst op het rapport 'Ketenrendementen in de Nederlandse agribusiness'. Daarin hebben onderzoekers van het LEI in opdracht van de Rabobank becijferd dat de melkveehouders over de periode 2001-2005 een rendement op het eigen vermogen van gemiddeld 0,5% behaalden, terwijl het rendement in de verwerking en de groothandel in de zuivelsector 19,1% was en de supermarkten op 22% zaten.
Vier werkgroepen uit de kuikenvleessector hebben in overleg met onderzoekers van het LEI en ASG Veehouderij de kostprijsberekeningen voor de vier schakels van de pluimveevleeskolom geactualiseerd. Het gaat hierbij om de kostprijsberekeningen voor 19-weekse vleeskuikenouderdieren, broedeieren, eendagskuikens en vleeskuikens. Kostprijsberekeningen geven inzicht in de opbouw van de productiekosten in de schakels van de pluimveevleeskolom.
Op dit moment is de aanpak van chronische darm- ontsteking vooral gebaseerd op het onder controle houden van het probleem door de weerbaarheid en het herstel van de leghennen te bevorderen zonder dat we de oorzaak kennen. Schothorst Feed Research en GD onderzoeken hoe de afweer van de hennen ondersteund ofwel gestuurd kan worden door gebruik van bepaalde voedingscomponenten of additieven.
De organisaties International Food Policy Research Institute (IFPRI) en International Livestock Research Institute (ILRI) zijn met steun van de Britse regering een project gestart om arme boeren te helpen wanneer zij in aanraking komen met aviaire influenza (vogelpest). De organisaties onderzoeken in ontwikkelingslanden verschillende overlevingsstrategiën - zoals financiële compensatie - waardoor arme boeren hun inkomen kunnen behouden en waardoor aan de andere kant de ziekte onder controle gehouden kan worden. De Britse regering stak 3.9 miljoen pond in het project. Onderzoek door de Voedsel- en landbouworganisatie FAO van de Verenigde Naties, diergeneeskundigen en de Universiteit van Californië maken ook deel uit van het project.
Het ministerie van landbouw heeft voorlopig geen extra dierrechten beschikbaar voor veehouders, die al hun mest laten verbranden of verwerken. Dat schrijft minister Gerda Verburg in een brief aan de Kamer. De extra ruimte voor pluimveehouders is al benut; voor varkenshouders waarschijnlijk ook, hoewel de definitieve balans nog moet worden opgemaakt. Om mestverwerking en -verbranding te stimuleren besloot oud-minister Cees Veerman dat veehouders bij uitbreiding van hun bedrijf maar de helft van de dierrechten nodig hebben, mits ze de mest verwerken of verbranden.
Voor kippen en varkens samen had LNV voor 272.272 diereenheden rechten gereserveerd.
Een kip is niet blij met een hete stal. Als de stal- temperatuur te veel oploopt, ontstaan problemen door hittestress. Vleeskuikens zijn het kwetsbaarst, maar ook bij vleeskuikenouderdieren en leghennen kan het misgaan. Naast de technische uitrusting speelt de pluimveehouder zelf een grote rol bij het voorkomen van problemen.
Het resultaat op leghennenbedrijven over 2006 was gunstiger dan in voorgaande jaren. De inkomenstoename is vooral gerealiseerd op de kooibedrijven. De inkomens van scharrelbedrijven zijn in 2006 minder sterk verbeterd, in het bijzonder op de bedrijven waarvan de contractprijs is verlaagd, heeft het LEI berekend.
stop stunten
Nederlandse supermarkten moeten stoppen met het lokken van klanten met lage vleesprijzen, vindt de Stichting Varkens in Nood. Wekelijks hebben de supers meer dan negen vleesaanbiedingen in hun winkel- folders staan, met een gemiddeld kortingspercentage van 26,9%. Dat blijkt uit een onderzoek dat de stichting heeft laten doen bij vijf grote supermarktbedrijven. De uitkomsten ervan staan in het rapport Vlees als Lokmiddel. De Stichting wil actie gaan voeren om supermarkten te bewegen het aanbiedingenbeleid te veranderen.
De ontdekking van in Europa verboden transgene maïs gaat ervoor zorgen dat het veevoer duurder wordt. Dit melden de graanhandel en veevoerindustrie. De ontdekking van het genmaïs Herculex RW uit de Verenigde Staten heeft ervoor gezorgd dat er voorlopig geen maïs meer wordt afgenomen uit Amerika. Daarnaast hebben de veevoerproducenten en de graanhandel geen vertrouwen meer in het certificeringssysteem van de VS. De veevoerindustrie gaat nu op zoek naar grondstoffen die de maïs kunnen vervangen. Hierbij zou het kunnen gaan om Europese of BraziliAmerikaanse aanse maïs, tapioca, tarwe of soja. Het nadeel van deze grondstoffen is de hogere prijs die ervoor betaald zal moeten worden.
Het Amerikaanse ministerie van landbouw heeft het vlees van 20 miljoen Amerikaanse vleeskuikens geblokkeerd, omdat de dieren voer met de verboden stof melamine hebben gekregen. Drie Amerikaanse organisaties moeten bepalen of het pluimveevlees schadelijk is voor mensen. Dat meldt de Duitse site animal-health-online. Een partij rijst- en tarweglutenmeel, waarin resten van hondenvoer met melamine zaten, veroorzaakte de besmetting van het voer voor de vleeskuikens. Melamine is waarschijnlijk niet schadelijk voor mensen, maar kan wel dodelijk zijn voor dieren.
Melamine lijkt op eiwit, maar is slechts vulsel voor de magen van vleeskuikens. Vooral kleinere mengvoerfabrikanten en vleeskuikenhouders zijn getroffen door de besmetting. Voor grote fabrikanten is het niet rendabel om resten van hondenvoer te verwerken in vleeskuikenvoer.
Als geïmporteerd vlees niet volgens de Nederlandse milieu- en dierwelzijnsnormen is geproduceerd, moet het een 'zwart label' krijgen waarop dit vermeld staat. Dit stelt SP-Kamerlid Krista van Velzen voor. Een importverbod is dankzij allerlei verdragen niet haalbaar, maar als we die foute producten duidelijk labelen, wordt het voor de consument een stuk makkelijker om voor duurzamer geproduceerd vlees te kiezen, stelt Van Velzen. De Europese landbouwministers hebben regels vastgesteld waar houders van vleeskuikens aan moeten voldoen; ze mogen voortaan maximaal 21 kuikens per vierkante meter houden. Maar in een land als Thailand, dat steeds meer naar Europa exporteert, worden veel meer dieren op een kleine ruimte gehouden.
Als klant in de supermarkt is het echter heel moeilijk te zien welk vlees is geproduceerd volgens de Nederlandse milieu- en dierwelzijnsnormen en welk vlees echt heel fout is. Een importverbod voor het foute vlees is niet haalbaar, volgens internationale handelsverdragen mag je producten niet zomaar bevoordelen, ook niet als ze duurzaam geproduceerd zijn. Maar wat volgens Van Velzen wél kan, is benoemen dat een product niet aan onze standaarden voor dierwelzijn en milieu voldoet. Dan zullen steeds meer mensen het laten liggen.
VVD-europarlementariër Jan Mulder heeft op 8 mei via schriftelijke vragen aan de Europese Commissie opgeroepen het diermeelverbod voor varkens en pluimveevoeders zo spoedig mogelijk op te heffen. Naar aanleiding van de BSE-crisis is dat verbod ingesteld. Omdat varkens en kippen niet gevoelig zijn voor TSE's, kan het verbod voor deze diercategorieën worden ingetrokken, vindt de europarlementariër. Mulder benadrukt wel dat het van belang is dat er testen beschikbaar zijn, die als controle kunnen aantonen van welke diersoort het diermeel in varkens en pluimveevoer afkomstig is. Hij wil dat de Europese Commissie vaart maakt met het regelen van de noodzakelijke randvoorwaarden.
Volgens Mulder is diermeel een uitstekende eiwitbron in diervoeders en zijn de alternatieve bronnen die nu worden gebruikt, niet altijd even milieuvriendelijk. Veel diermeel wordt nu als afval gestort en dat veroorzaakt hoge kosten Het huidige verbod op het gebruik van diermeel in voeders leidt ook tot een verslechterde concurrentiepositie voor Europese boeren.
Kippen die voor hun vlees worden gehouden, krijgen overal in de EU evenveel ruimte. Boeren mogen hooguit 38 kilo van deze kippen per vierkante meter houden. Als de boeren aan bepaalde voorwaarden hebben voldaan, mag dat ook 40 kilo worden. Een meerderheid van de ministers van landbouw van de 27 EU-landen hebben dat vandaag in Brussel besloten. Aannvankelijk was er tegenstand van landen als Polen en Frankrijk die vinden dat hun boeren zo amper kunnen concurreren met bijvoorbeeld Braziliaanse boeren, die niet aan zulke eisen hoeven te voldoen.
Pluimveedierenarts Plantema moet Wakker Dier twee ton betalen
Pluimveearts Jetze Plantema uit Hardenberg moet 203.000 euro betalen aan de stichting Wakker Dier omdat hij de organisatie 'een stelletje terroristen' heeft genoemd. Hij heeft die aantijging volgens de rechters daarna onvoldoende gerectificeerd. In oktober 2006 veroordeelde de rechter in Zwolle de dierenarts tot een schadevergoeding van 5000 euro per dag, met een maximum van ruim twee ton, als hij niet zou rectificeren. Het hof heeft nu besloten dat Plantema de maximale boete moet betalen. De dierenarts legt zich niet neer bij zijn strijd tegen Wakker Dier. Hij is bezig met het oprichten van de stichting Welzijn, Waarheid en Wetenschap, bedoeld om Wakker Dier met tegenargumenten te bestoken. Plantema kan daarbij op steun van pluimveehouders en de verwerkende industrie rekenen. De dierenarts mikt op enkele tonnen aan startkapitaal.
In het Groningse Kiel-Windeweer staat een gloednieuwe stal van Noorder-Ei-Farm, onderdeel van Zonne-Ei-Farm in Terschuur. De stal voor 187.000 hennen is ingericht met een Kleinvoliere, de Duitse variant van de verrijkte kooi. We nemen alvast een kijkje omdat de Kleinvoliere steeds vaker van zich laat horen. Zo heeft Deutsche Frühstücksei, een grote Duitse eierproducent, besloten om dit systeem te omarmen.
In het Limburgse Neer bevindt zich het kantoor van BioOne en BioShape. Wilbert Hermans is directeur van beide projectorganisaties. De in Apeldoorn te bouwen biomassacentrale Fibroned BV is een samenwerkingsverband tussen BioOne Energy BV en Fibrowatt Ltd. De centrale gaat ongeveer 360.000 ton biomassa op jaarbasis verwerken, vooral kippenmest. We vroegen Hermans naar de stand van zaken.
Slachterijbelang
De pluimveeslachterijen GPS en Storteboom nemen een strategisch belang in J. van Veenhuizen Beheer B.V.. Veenhuizen is de houdster- maatschappij van Veenhuizen pluimveeverwerking B.V. te Nijkerk, Hummel Poultry Products B.V., Hummel Poultry Processing B.V. te Staphorst en Veba Poultry Processing B.V. te Barneveld. De bedrijven zijn gespecialiseerd in productie, veredeling en verkoop van pluimveevleesproducten. Lex Bakker behoudt zijn belang van 50 procent in Veenhuizen en blijft algemeen directeur. De commerciële activiteiten van Veenhuizen worden volledig geïntegreerd in Storteboom
Frankrijk exporteerde vorig jaar met 460.232 ton ruim 19 procent minder pluimveevlees dan in 2005. Naar Duitsland ging 20 procent minder pluimveevlees uit Frankrijk met 46.532 ton als gevolg van de angst onder Duitse consumenten voor het oplopen van een vogelpestvirus. Dat meldt het Duitse marktonderzoeksbureau ZMP. De Franse productie van pluimveevlees daalde vorig jaar fors. Franse pluimveeslachterijen verwerkten met 702,9 miljoen stuks 11,1 procent minder vleeskuikens. Daarnaast verwerkten zij nog 9,1 procent minder kalkoenen (95,8 miljoen stuks). Het verbruik van pluimveevlees bleef vorig jaar stabiel in Frankrijk. Het land importeerde wel 1,5 procent meer pluimveevlees met 210.551 miljoen ton. Duitsland exporteerde vooral meer pluimveevlees naar Frankrijk (plus 25 procent naar 14.437 ton).
Salmonellabesmettingen in kip moeten dalen van 23,7 procent nu naar maximaal 1 procent in 2011. Dit heeft het Permanent Comité voor Voedselveiligheid en Diergezondheid (PCVD) van de Europese Unie besloten. Kippenvlees mag vanaf 2010 alleen op de Europese markt worden gebracht als monsters aantonen dat er geen salmonella meer in zit, aldus persbureau Agra Europe. Het terugbrengen van de salmonella-besmetting moet geschieden aan de hand van nationale stappenplannen. De nieuwe regels worden per 1 juli van kracht, eind dit jaar moeten de nationale plannen in Brussel worden ingediend.