Bij een wilde vogel in Varna, in het oosten van Bulgarije is naar verwachting vogelpest van het type H5N1 aangetroffen.
Dat meldt het Nationaal Veterinair bureau van Bulgarije. Het virus is vastgesteld bij een buizerd. Een referentielaboratorium moet de besmetting nog bevestigen. De besmetting kwam aan het licht bij routinecontrole van wilde en gehouden pluimvee. Varna ligt 250 kilometer ten zuiden van de Danube Delta in Roemenië, waar afgelopen weken twee besmettingen met H5N1 zijn vastgesteld.
De pluimveevermeerderingssector wil Europese geld gebruiken voor de broedeiverzekering bij een uitbraak van vogelpest.
De betrokken werkgroep wil nog voor 1 juli een aanvraag indienen.
De werkgroep, bestaand uit twee sectorvertegenwoordigers, twee LNV-afgevaardigden en twee medewerkers van het productschap, wil aanspraak maken op de artikel 68-regeling. In deze regeling is vastgelegd dat EU-lidstaten 10 procent van de inkomenssteun mogen herverdelen in de agrarische sector.
De plannen voor de verzekering komen voort uit afspraken tussen het Productschap Pluimvee en Eieren (PPE) en het ministerie in het kader van het Diergezondheidsfonds (DGF). Het doel is om de waardevermindering van broedeieren tijdens een vogelpestuitbraak te vergoeden. De werkgroep wil op 1 juli ook een blauwdruk van de verzekering hebben.
"Het is nog niet duidelijk wanneer de verzekering operationeel is, dat hangt er ook vanaf hoe de aanvraag voor artikel 68 loopt. Daar zijn spelregels voor, waar we ons nog in moeten verdiepen", legt Piet Faber uit. Faber heeft namens LTO/NOP zitting in de werkgroep. "We kunnen pas met een voorstel naar de vermeerderaars toe stappen als we de blauwdruk voor de verzekering hebben en de financiering rond is."
Daarvoor is inzicht in de frequentie en de omvang van de mogelijke schade nodig. De werkgroep heeft voor deze berekeningen kennisinstituut Irma ingeschakeld.
Faber geeft aan dat Avipol, waar vermeerderaars zich tegen de risico’s van salmonella kunnen verzekeren, de werkgroep bijstaat en adviseert. Het is nog niet duidelijk of de uiteindelijke verzekering ook via Avipol zal lopen.
In Roemenië is mogelijk een tweede bedrijf besmet met vogelpest H5N1.
Het gaat om een kleinschalige houderij in de omgeving van het bedrijf waar het virus twee weken geleden werd aangetroffen. Monsters van de dode kippen zijn naar een referentielaboratorium gestuurd voor verder onderzoek.
De uitbraak is Roemenië is de eerste in Europa sinds maart 2009, toen H5N1 werd aangetroffen bij een wilde eend in het Duitse Beieren. In 2005 en 2006 waren er in Roemenië grote uitbraken met vogelpest. Toen werden miljoenen dieren geruimd.
De Wereldgezondheidsorganisatie meldde vorige week dat H5N1 gevaarlijk blijft voor mensen. In 2010 zijn al zeven mensen besmet geraakt met het virus.
Pluimveeslachterij GPS en broederij Lagerweij stappen samen in het project antibioticavrije productie. Op die manier worden alle schakels uit de vleeskuikenketen bij het project betrokken.
GPS en Lagerweij betrekken in eerste instantie een beperkte groep pluimveehouders bij het project. "Uiteindelijk wil je natuurlijk dat alle vleeskuikens antibiotica-arm geproduceerd worden, maar om het overzicht te houden beginnen we met een kleine groep", zegt directeur Bas Koot van Lagerweij.
"We beginnen met tien à twintig mesters, vijf of zes vermeerderaars, een stuk of twee opfokkers en ook binnen de broederij kan nog wat verbeterd worden."
De bedoeling van het project, geïnitieerd en grotendeels gefinancierd door LNV, is om het antibioticagebruik in de veehouderij tot een minimum terug te dringen. Dat wil niet zeggen dat er helemaal geen behandelingen meer plaats mogen vinden, maar antibiotica moet gerichter en veel spaarzamer ingezet worden.
Antibioticavrije productie "We weten niet of antibioticavrije productie echt mogelijk is. Het streven is om het antibioticagebruik zo ver mogelijk terug te dringen, maar als het nodig is moet het mogelijk blijven om een koppel te behandelen", vindt Hans van Egteren van GPS.
Behalve GPS en Lagerweij doet ook varkensketen De Hoeve mee in het project. De voornaamste rol van deze deelnemers is het verzamelen en ontwikkelen van kennis en de begeleiding van veebedrijven. Het inventariseren en registreren van gegevens speelt daarbij een belangrijke rol. "Meten is weten", stelt Koot. De deelnemende bedrijven verwachten oplossingen te vinden op het gebied van voer, water of alternatieve geneesmiddelen, maar ook in het management.
Het project loopt tenminste drie jaar, met een eventuele uitloop tot vier of vijf jaar. Als het project succesvol verloopt is het de bedoeling dat in ieder geval de deelnemende ketens de gevonden oplossingen voor de hele productie toe gaan passen. Daarnaast komen de resultaten tot beschikking van de sector.
De NOP-eierprijzen dalen deze week door een groter aanbod. Supermarkten en de verwerkende industrie kopen weliswaar behoorlijk wat eieren, maar het aanbod daarvan is nog groter dan de vraag. Het aantal opgezette Europese leghennen is nu veel groter dan aan het eind van vorig jaar. Daardoor hoeven kopers van eieren niet tot het uiterste te gaan om hun producten te krijgen. De NOP-prijs voor bruine kooi-eieren van 62 tot 63 gram daalt daardoor met 21 cent naar € 6,94 per 100 stuiks. Bruine scharreleieren van 62 tot 63 gram noteren 22 cent lager met € 10,21 per 100 stuks.
De bestellingen op de markt van eieren zijn deze week zeker niet klein, maar eerder als omvangrijk te kwalificeren. Dit wordt extra versterkt, vanwege de oplopende bestellingen richting de komende Pasen.
Omdat het aanbod van eieren in Nederland en de overige EU, zeker voldoende is en niemand met het oog op de naderende feestdagen met eieren wil blijven zitten heeft het huidige marktbeeld een prijsdrukkend effect.
Het lijkt erop dat de prijzen van scharreleieren daarbij sterker dalen dan die van kooieieren en dat zal vermoedelijk verband houden met het oplopende aanbod van scharreleieren.
Volgens een aantal pakstations valt het niet te verwachten dat een tijdelijk tekort aan eieren, zoals dat zich rond de kerstdagen voordeed ook met Pasen zichtbaar zal zijn. Het verschil met destijds is dat er duidelijk meer hennen zijn opgezet en dus meer eieren beschikbaar zijn.
De industrie was aanvankelijk toch wat afwachtend met de bestellingen, maar zijn vanaf deze week toch duidelijk wat actiever aan het worden.
Samenvattend: met het oog op de naderende Pasen is het behoorlijk druk qua bestellingen, maar vanwege de ruime beschikbaarheid aan eieren leidt dit nergens tot tekorten, maar wel tot een dalende prijstendens.
De basiscontractprijs voor vleeskuikens blijft volgende week onveranderd op 66,5 cent per kg. De afzet van pluimveevlees loopt qua hoeveelheid goed door acties van supermarkten. Zo biedt Albert Heijn deze week kipfilet voor € 3,99 per kilo aan. Daardoor kopen consumenten daar veel van in. De pluimveevleessector verdient echter weinig aan deze acties. Zodoende zit er geen verhoging in voor de contractprijs voor vleeskuikens. Die prijs ligt nu 6 cent per kilo lager dan een jaar geleden.
Op een bedrijf met 2.700 eenden in het Deense Brenderup is het vogelgriepvirus H7 vastgesteld.
Het bedoelde virus is volgens de veterinaire autoriteit van een minder ernstig type. Om preventieve redenen wordt de pluimveestapel niettemin geruimd. Het is los daarvan de tweede keer deze maand dat in Denemarken H7 de kop opsteekt. Op 9 maart werd namelijk eveneens een eendenbedrijf getroffen.
FAO bezorgd over gebrek steun voor monitoring H5N1
Een internationaal team van experts is bezorgd omdat de steun voor het monitoren van wilde vogels die mogelijk H5N1 verspreiden, afneemt.
Volgens de experts zijn wilde vogels niet de belangrijkste dragers van de ziekte, maar wel een bron waar nog weinig van bekend is.
De zogeheten Scientific Task Force on Avian Influenza & Wild Birds is gelieerd aan Wereldvoedselorganisatie FAO. De organisatie stelt in een verklaring dat slecht boeren en het verhandelen van geïnfecteerd pluimvee de belangrijkste redenen zijn voor verspreiding.
Het virus wordt echter ook doorgegeven door vogelsoorten die regelmatig migreren. In de laatste 5 jaar zijn 750.000 vogels getest op het virus. Slechts een extreem klein aantal bleek geïnfecteerd te zijn met H1N1, en deze vogels waren nog altijd kerngezond.
Hun rol is volgens de wetenschappers echter nog onvoldoende verklaard.
Salmonellabesmetting op vleeskuikenouderdierbedrijf
Bij een koppel vleeskuikenouderdieren op een bedrijf in Zuidoost-Brabant is een besmetting met salmonella enteridis vastgesteld.
Dit meldt het Productschap Pluimvee en eieren (PPE). Het koppel bleek 15 februari besmet en bestond uit 3.750 ouderdieren van 61 weken. De dieren zijn geslacht en gekookt. De broedeieren (26.000 stuks) zijn verwerkt tot eiproduct. Ook zijn 21.900 broedeieren afgevoerd voor destructie. De schade wordt vergoed uit het Veeziektenfonds.
Het PPE heeft ook gegevens bekendgemaakt over besmettingen met salmonella typhimurium, de salmonella’s hadar, infantis en virchow en besmettingen met mycoplasma gallisepticum (Mg). De laatste besmetting met salmonella typhimurium dateert van december 2008. In juli 2009 werd voor het laatst een besmetting met één van de andere genoemde salmonellastammen gevonden.
Ook besmettingen met mycoplasma gallisepticum zijn de laatste maanden niet gevonden. De laatste keer dat er een besmetting met deze ziekteverwekker werd gevonden was in oktober 2009 op een vleeskuikenouderdierenbedrijf. Ook in 2008 en in 2006 werd één keer een besmetting gevonden.
De consumptie van kuikenvlees is vorig jaar in Duitsland met 4,5 procent gegroeid.
Dat heeft het pluimveemarktbureau MEG berekend aan de hand van de cijfers van de binnenlandse productie en de im- en export.
De binnenlandse productie groeide ten opzichte van het voorafgaande jaar met krap 6 procent naar 754.000 ton, terwijl de import met een kleine 7 procent toenam naar 555.500 ton. De export steeg met ruim 10 procent naar bijna 432.000 ton. De zelfverzorgingsgraad belandde voor het tweede achtereenvolgende jaar duidelijk boven de 100 procent.
Enkele weken geleden was de situatie op de markt van kuikenvlees langzaam aan wat positiever aan het worden in vergelijking met de periode daarvoor en deze tendens lijkt nu toch wat door te zetten.
Het is nu niet zo dat de problemen ineens allemaal voorbij zijn, want er zijn best toch ook nog wel behoorlijke voorraden beschikbaar, maar er zijn wel wat aanwijzingen dat de afzet wat vlotter verloopt.
De stemming is wat positiever voor wat betreft de afzet van vers en bevroren product en het lijkt erop dat ook de vraag en het aanbod wat beter op elkaar zijn afgestemd dan in het recente verleden. Hoewel het aanbod zeker niet kleiner oogt dan voorheen, wordt het wat meer positieve beeld dus vooral veroorzaakt vanwege de oplopende vraag.
De vraag van bevroren producten vanuit Oost Europese landen wordt langzaam aan wat beter en ook de prijzen lopen heel voorzichtig weer wat op. Dat is ook voor de nog beschikbare voorraden een goede zaak.
Overigens is het zaak om nog niet te al te optimistisch te worden, want men heeft vooral in Oost Europese afzetgebieden nog steeds te maken met een tekort aan de nodige financiële middelen.
Wel is positief dat ook in die regio de winter zo langzaam aan op zijn retour is en dat heeft sowieso bij afnemers positieve gevolgen voor de consumptie van kipproducten. Dit laatste geldt zeker ook voor Oost Europese consumenten, want die laten tijdens barre weersomstandigheden kip vaak links liggen en geven dan de voorkeur aan de wat steviger vleessoorten zoals worst en spek.
Al met al dus een licht positieve ontwikkeling voor wat betreft de afzet van kuikenvlees. In de levend prijzen is dat voor wat betreft de “vrije” kuikens nog niet zichtbaar, want de gemiddelde prijs stabiliseerde deze week op € 0,83/kg. De basiscontractprijs voor levering volgende week vertoont wel een lichte plus.
De omvang van de Tsjechische pluimveestapel kwam eind vorig jaar uit op 23,95 miljoen stuks.
Dat is 1,4 procent minder dan eind 2008. Dat blijkt uit cijfers van het Tsjechische Statistische Bureau CSU. Tsjechië produceerde vorig jaar 194.252 ton pluimveevlees. Dat is 4 procent minder dan in 2008. Tsjechische consumenten eten 25 kilo pluimveevlees per jaar.
Het aantal Tsjechische leghennen bedroef eind vorig jaar 6,1 miljoen. Dat is 3,9 procent minder dan eind 2008. Tsjechië produceerde vorig jaar 1,67 miljard eieren. Dat betekent een daling met 3,1 procent ten opzichte van 2008.
'Braziliaans aandeel pluimveevlees op wereldmarkt stijgt'
Het Braziliaanse aandeel op de wereldmarkt voor pluimveevlees zal binnen tien jaar naar 48 procent stijgen.
Dat aandeel lag vorig jaar op 40 procent. Dat meldt voorzitter Francisco Turra van de Braziliaanse organisatie van vleesexporteurs Abef in Agra Europe.
Brazilië exporteerde in februari van dit jaar 255.700 ton pluimveevlees. Dat is 22,9 procent meer dan januari van dit jaar en 10,4 procent meer dan in februari 2009. De opbrengst van het uitgevoerde Braziliaanse pluimveevlees was vorig maand bijna 297 miljoen euro. Dat betekent een stijging met 21,3 procent ten opzichte van januari van dit jaar en 37,5 procent ten opzichte van een jaar geleden.
De basiscontractprijs voor vleeskuikens stijgt volgende week met een halve cent naar 66,5 cent per kilo. De prijsverhoging is niet zozeer een gevolg van een goed lopende verkoop van pluimveevlees, maar meer een gevolg van de angst van pluimveeslachterijen dat supermarkten hun inkoopprijzen voor pluimveevleesvlees verlagen. Grootwinkelbedrijven stunten veel met de prijzen van pluimveevlees, zoals kipfilet voor € 3,99 per kilo. Slachterijen komen makkelijk vol, Zij hoeven de prijzen voor vleeskuikens dus niet te verhogen. Vleeskuikenhouders mopperen over hun rendementen op hun bedrijven. Broedeieren van vleeskuikenrassen zijn namelijk erg duur ten opzichte van de opbrengst van vleeskuikens. De basiscontractprijs ligt deze week 6 cent per kilo lager dan een jaar geleden.
Eieren fors duurder door stijgende export naar Duitsland
Consumenten betaalden in februari van dit jaar met 15 cent gemiddeld 11 procent meer voor een ei dan in dezelfde maand van vorig jaar.
Voeding werd gemiddeld 1,4 procent goedkoper. Dat meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek.
De prijs van consumptie-eieren is vooral de laatste maanden flink gestegen. Dat komt door een toename van de export van Nederlandse eieren naar Duitsland. Afgelopen jaar groeide die uitvoer met 1,8 miljard naar 7 miljard stuks.
Die toename leidde tot hogere prijzen en soms zelfs lege schappen voor Nederlandse consumenten. In Duitsland is een tekort aan eieren ontstaan omdat de legbatterijen daar per 1 januari 2010 zijn verboden. Duitse leghennenhouders moeten daardoor omschakelen naar een alternatieve huisvesting voor hun dieren.
De ontmanteling van legbatterijen en de omschakeling naar scharrelsystemen leidde in Duitsland tot productie-uitval. In Nederland en de rest van de Europese Unie gaat het verbod op legbatterijen in op 1 januari 2012.
Alleen in 2003 en 2004 waren eieren in de winkels duurder dan dit jaar. In die jaren heerste vogelpest, waardoor het aanbod van eieren sterk afnam. In de jaren vijftig en zestig kostte een ei gemiddeld 8 eurocent.
PPE AI/NCD mailbericht 2010/11 HPAI H5N1 in Roemenië
De algemeen directeur van de Algemene Veterinaire Dienst van Roemenië heeft gisteravond aan de Europese Commissie gemeld dat op zondag 14 maart 2010 hoog pathogene aviaire influenza is vastgesteld bij pluimvee dat afkomstig is uit Letea. Letea (provincie Tulcea) is een kleine gemeenschap in de Donau delta vlak bij de kust van de Zwarte Zee. Letea ligt op een eiland en is alleen per boot bereikbaar. De gemeenschap wordt gevormd door 165 kleine boerenbedrijfjes (backyards). Op 13 maart 2010 is op basis van sectie van twee stuks pluimvee een verdenking ontstaan van AI. Die verdenking is dezelfde dag bevestigd via een PCR-onderzoek. Op 14 maart 2010 is materiaal van beide dode dieren naar het nationaal referentielaboratorium gezonden, waar op 15 maart 2010 een uitbraak van AI van het subtype H5N1 is vastgesteld. Vanaf zondag worden de bestrijdingsmaatregelen die zijn voorgeschreven in richtlijn 2005/94/EC in het getroffen gebied uitgevoerd.
De VWA voert vandaag nog een risico-analyse uit waarbij wordt nagegaan of er recent contacten zijn geweest tussen de Nederlandse pluimveesector en het gebied in Roemenië waar nu AI is vastgesteld. Te verwachten is dat er nauwelijks of geen contacten zijn geweest.
Het RIVM onderzoekt of pluimvee een bron is van ESBL-besmettingen bij mensen.
Volgens het instituut zijn er aanwijzingen dat de ESBL’s, enzymen die antibiotica uitschakelen, die bij pluimvee en mensen worden aangetroffen dezelfde genetische structuur hebben.
RIVM-arts Maurine Leverstein noemt de aanwijzingen voor een causale relatie in een vertrouwelijke notitie "suggestief, maar geen bewijs". ESBL’s worden gezien als een gevaar voor de volksgezondheid omdat ze voor resistentie tegen bepaalde antibiotica, penicilline en cefalosporinen, zorgen. Deze antibiotica worden in de humane geneeskunde vaak bij ernstige infecties ingezet. Het RIVM signaleert over de afgelopen jaren een explosieve toename van de ESBL-prevalentie en noemt de voedselketen en het hoge antibioticagebruik in de veehouderij als mogelijke oorzaken.
"Recent is bekend geworden dat ESBL-genen in hoge percentages worden aangetroffen in E.coli ioslaten afkomstig van Nederlandse vleeskuikens. In 2006 en 2007 bleek dat 15 procent van de E.coli-bacteriën op vleeskuikenbedrijven een ESBL is, wat een aanwijzing is dat deze ESBL’s op veel bedrijven voorkomen", onderbouwt Leverstein deze vermoedens.
Daarnaast verwijst ze naar onderzoeken in Spanje en de VS waaruit bleek dat respectievelijk 67 en 85 procent van de kippen in supermarkten ESBL’s bevatten.
Bovendien blijkt uit onderzoek van het RIVM in samenwerking met het UMC Utrecht en het Centraal Veterinair Instituut (CVI) dat pluimvee-ESBL’s veel gelijkenissen vertonen met ESBL’s bij mensen. Dit zijn echter voorlopige resultaten en Leverstein hoopt in verder onderzoek aan te tonen in hoeverre de genetische structuur overeenkomt.
Vorige week ontstond ook al ophef over ESBL’s en het antibioticagebruik in de pluimveesector. Naar aanleiding daarvan riep de maatschappij voor diergeneeskunde, de KNMvD, dierenartsen op om zo min mogelijk cefalosporinen voor te schrijven bij pluimvee om zo resistentie te voorkomen.
In Denemarken is laagpathogene vogelpest aangetroffen bij 190 fokeenden.
Het gaat om type H7. De besmetting vond plaats op een bedrijf in de omgeving van Kopenhagen. Het bedrijf werd gecontroleerd op basis van het controleprogramma voor vogelpest. De dieren zijn preventief geruimd. Rondom het bedrijf is een beperkingsgebied van 1 kilometer ingesteld. De vorige uitbraak van laagpathogene vogelpest in Denemarken was in 2008.
De markt van eieren lijkt qua stemming deze week toch wel iets te veranderen. De vraag naar eieren is nog steeds buitengewoon goed, maar men proeft toch wel dat afnemers wat minder willen betalen dan de laatste tijd gebruikelijk was.
Er hangt wat dat betreft wat onzekerheid boven de markt, waardoor potentiële marktpartijen soms wat afwachten, in de hoop dat de eieren mogelijk wat goedkoper worden.
Het huidige beeld wordt ook een beetje veroorzaakt doordat men het idee heeft dat het aanbod van scharreleieren wat ruimer aan het worden is, dan de laatste tijd gebruikelijk. Voor wat betreft de opzet van leghennen klopt dat ook wel, want er zijn vanaf het laatste kwartaal van 2009 duidelijk meer hennen opgezet dan in de periode daarvoor.
Op zich is er eigenlijk nog niets aan de hand, maar het huidige beeld wordt vooral veroorzaakt doordat men zo hier en daar wat gemakkelijker aan eieren kan komen, terwijl dat voorheen toch wat moeizamer verliep.
De eiproducten industrie lijkt wat dat betreft in de pas te lopen met het huidige beeld, want men past ervoor op dit moment hogere prijzen voor de eieren te betalen en is tamelijk terughoudend.
De basiscontractprijs voor vleeskuikens blijft volgende wek onveranderd op 66 cent per kilo. De afzet van pluimveevlees loopt nog niet goed. Toch lopen de toeslagen op de baiscontractprijs wel wat op, omdat Duitse pluimveevleesbedrijven hard trekken aan Nederlandse levende kuikens. In Duitsland loopt de afzet van pluimveevlees wel goed. Bovendien willen Duitse supermarkten het liefst pluimveevlees met een D-stempel erop. Als die Duitse vraag aanhoudt en de toeslagen op de basiscontractprijs blijven oplopen, zal die de komende week nog stijgen. Die prijs ligt deze wek 6,5 cent per kilo lager dan een jaar geleden.
De productschappen nemen een loopje met de code voor goed bestuur.
Dat zeggen de Tweede Kamerfracties van VVD en SP naar aanleiding van een onderzoek van de Sociaal-Economische Raad (SER). Volgens minister Piet Hein Donner (sociale zaken) valt dat wel mee.
In december concludeerde de SER dat de meeste schappen in hun jaarverslagen over 2008 en 2009 onvoldoende rapporteren over vergoedingen voor bestuurders en ontplooide activiteiten. Daarmee wordt de code geschonden. Donner vindt dat die constatering bewijst dat het systeem van toezicht werkt en verwacht over twee jaar betere verslagen.
Tweede Kamerleden Paul Ulenbelt (SP) en Charlie Aptroot (VVD) begrijpen die houding niet. Zij vinden dat er duidelijk niet goed wordt bestuurd bij de schappen en eisen dat de minister ingrijpt; beiden willen dit per motie proberen af te dwingen. Aptroot noemt het gedrag van de schapbestuurders verwerpelijk. CDA en PvdA zijn minder kritisch.
Het is nog onduidelijk of de aangekondigde draagvlakonderzoeken allemaal zoals gepland al volgend jaar kunnen plaatshebben. Daartoe moet eerst nog een zogenoemde AmvB (regelgeving) naar de Kamer worden gestuurd. Donner wilde niet toezeggen dat die al in mei klaar is, zodat deze voor de verkiezingen op 9 juni kan worden besproken.
De vierjaarlijkse onderzoeken moeten uitwijzen of leden van product- en bedrijfsschappen nog achter deze organisaties staan. Een negatieve uitkomst betekent niet per definitie opheffing; de resultaten zijn niet bindend voor Kamer en kabinet.
Vrije vleeskuikens noteerden vanavond onveranderd met 82 tot 84 cent per kilo op de pluimveebeurs in Barneveld. Het aanbod van vleeskuikens is weliswaar niet groot, maar er komen toch te veel dieren op de markt voor de afzetmogelijkheden van pluimveevlees. Dat gaat nog niet zo geweldig van de hand. Daarom blijft de basiscontractprijs voor vleeskuikens morgen ook gelijk. De toeslagen op die prijs lopen wel iets op, omdat Duitse slachterijen harder trekken aan Nederlandse kuikens. Duitse supermarkten willen liever pluimveevlees met een D-stempel erop.
De pluimveesector heeft nog geen oplossing om vanaf 1 september 2011 te voldoen aan het verbod op ingrepen bij pluimvee.
Daardoor is er geen zekerheid dat alle ingrepen vanaf die datum niet meer nodig zijn. Dat zei Jan Vroegindeweij, voorzitter van de stuurgroep plan van aanpak ingrepen, gisteren op een vergadering van de vakgroep Pluimveehouderij van LTO Noord.
Het fokken van een ander soort dieren biedt volgens Vroegindeweij de beste kansen om ingrepen volledig wel te kunnen laten. “Dat duurt nog twintig jaar. Misschien zijn er mildere behandelingen, zoals de infraroodbestraling van snavels, mogelijk als het verbod op ingrepen niet haalbaar is op 1 september 2011”, zegt hij.
Vleeskuikenhouders doen er goed aan preventieve maatregelen te nemen om een besmetting met coccidiose te voorkomen.
Dat kan veel schade voorkomen, benadrukt mengvoerleverancier Forfarmers in het ledenblad Voertaal. De kosten van een besmetting wordt geschat op 3 tot 7 cent per afgeleverd kuiken en in de winter nemen de problemen. Een besmetting kan onopgemerkt rondwaren en voor slechtere resultaten, zoals een lagere groei, zorgen.
Omdat coccidiose vaak ontstaat op een leeftijd van 21 dagen, met een piek op 28 dagen, adviseert Forfarmers om op die leeftijden onderzoek door de dierenarts te laten doen. Door vleeskuikens tegen coccidiose te vaccineren wordt de weerstand verhoogd en de ziektedruk op het bedrijf verlaagd. Vaccinatie werkt het beste in combinatie met hygiënemaatregelen, zoals het ontvetten en ontsmetten van de stal.
Daarnaast bestaan er middelen die aan het voer toegevoegd kunnen worden om coccidiose te voorkomen. De beste aanpak verschilt volgens Forfarmers per bedrijf.
De Chief Veterinary Officer van Denemarken heeft aan de OIE gerapporteerd dat vandaag op een bedrijf waar 195 wilde eenden worden gehouden voor de vermeerdering bij een routinematige monitoring op aviaire influenza een besmetting met laag pathogene aviaire influenza van het type H7 is vastgesteld. Het bedrijf waar de eenden worden gehouden ligt in Fuglebjerg, 15 km ten noordwesten van Naestved op het eiland Sjaelland. De eenden zijn geruimd en rondom het bedrijf is conform de EU-richtlijn een beperkingsgebied met een straal van 1 km ingesteld.
Met vriendelijke groeten, Henk Hulsbergen
Agrifirm introduceert hanenvoer voor vleeskuikenouderdieren
Agrifirm introduceert hanenvoer voor vleeskuikenouderdieren.
Dit voer zorgt volgens het bedrijf voor een verminderde belasting van de hanen, betere bevruchtingsresultaten en lagere voerkosten. Door middel van een hanenvoersysteem is het mogelijk om hanen, onafhankelijk van moederdieren, voer te verstrekken. Door deze scheiding in voersystemen kan de specifieke voergift van hanen worden aangepast naar gelang hun groei en ontwikkeling.
Met een hanenvoersysteem kan tevens een aangepaste voersamenstelling worden verstrekt. Dit biedt de mogelijkheid om te voldoen aan de specifieke nutriëntenbehoefte van hanen, die nogal verschilt van die van moederdieren. Agrifirm speelt hierop in met de introductie van een innovatief hanenvoer.
Hanen hebben een lagere behoefte aan eiwit. Mannelijke dieren groeien, van dezelfde hoeveelheid aangeboden eiwit, harder dan vrouwelijke dieren. Dit vraagt bij mannelijke dieren om een stringentere sturing op gewicht en vleesaanzet, aangezien deze gekoppeld zijn aan de bevruchtingsresultaten. Met het Agrifirm-hanenvoer wordt een lagere eiwitopname gerealiseerd, wat een gunstig effect heeft op de bevruchtingsresultaten. Tevens zijn de calciumniveaus in het hanenvoer verlaagd, omdat de calciumbehoefte van hanen veel minder is dan van producerende hennen. Daarnaast is het energieniveau van het hanenvoer lager. Hierdoor kunnen de hanen een iets hogere voergift krijgen en zijn ze daardoor rustiger en minder agressief.
Dierenartsen stoppen met het voorschrijven van antibioticasoort cefalosporinen bij pluimvee omdat het gevaar kan opleveren voor de volksgezondheid.
Dat heeft de Koninklijke Nederlandse Maatschappij voor Diergeneeskunde (KNMvD) vrijdag laten weten naar aanleiding van berichtgeving in het NOS-journaal.
De KNMvD en veterinair deskundigen hebben bij dierenartsen aangedrongen op de maatregel. Het preventief voorschrijven van het medicijn bij kuikens kan namelijk bijdragen aan resistentie van bacteriën tegen het antibioticum, zo meldt de maatschappij voor diergeneeskunde. Het medicijn wordt ook gebruikt bij mensen met een ernstige bacteriële infectie. Bij mensen geldt dit antibioticum als laatste redmiddel. Om die reden zouden dierenartsen terughoudend moeten zijn met het gebruik van het middel bij dieren, aldus de KNMvD.
De NOP-richtprijs voor bruine scharreleieren van 62 tot 63 gram daalt deze week met 13 cent naar € 11,03 per 100 stuks. Daarmee komt er een einde aan de reeks van records. De prijzen van bruine scharreleieren zijn tusseneind juli vorig jaar en vorige week met € 4,83 gestegen naar een recordhoogte van € 11,16 per 100 stuks door een krap aanbod van eirren in Duitsland. Duitse leghennenhouders moest voor het begin van dit jaar overschakelen van een traditionele kooien naar een alternatieve huisvesting voor hun dieren. Nu neemt het aanbod van eieren langgzaam toe en moeten de prijzen wat terug. Sommige eierhandelaren vinden dat geen goede zaak vlak voor Pasen. Zij denken dat supermarkten deze prijsverlaging aangrijpen om hun inkoopprijzen voor eieren te drukken. De ververijen en kokerijen kopen nog redelijk wat eieren voor Pasen. Daardoor stijgt de NOP-richtprijs voor bruine kooi-eieren van 62 tot 63 gram deze week met 15 cent naar € 7,46 per 100 stuks. De verwerkende industrie vindt de eierprijs te hoog ten opzichte van de opbrengst van eiproducten. Zij koopt dus mondjesmaat in.
Over het algemeen kwalificeren de slachterijen en handelaren de markt van kuikenvlees als iets vriendelijker dan men de laatste tijd gewend was. De vraag naar de verse kuikendelen trekt weer wat aan en met realiseert zo hier en daar ook wat oplopende prijzen.
Deze lichte verbetering houdt verband met het huidige aanbod dat toch wat minder ruim zou ogen dan de laatste tijd zichtbaar was. Daarnaast zijn een aantal retailers deze week opnieuw begonnen met reclameacties voor onder andere kipfilet en dat helpt wat met het wegwerken van product, waardoor er toch wat meer ruimte ontstaat.
Alhoewel de marktsituatie nu niet ineens sterk aan het verbeteren is, worden de stemming en sentimenten daardoor toch wel iets positiever en wellicht is dit het begin van wat meer vriendelijker tendensen.
Ook de afzet van de diverse bevroren kuikendelen verloopt langzaam aan wat beter. De vraag vanuit enkele Oost Europese landen naar bevroren product trekt wat aan en dat lijkt verband te houden met het wat minder strengere winterweer in veel van deze gebieden.
Hiervoor werd al gemeld dat de licht verbeterde marktsituatie ook verband houdt met het huidige aanbod. Over de totale markt bezien zetten de kuikenmesters inderdaad wat minder dieren op. Dit wordt niet alleen veroorzaakt vanwege het zwakke marktbeeld van de afgelopen tijd, maar dat houdt ook verband met de huidige exportprijzen van broedeieren, want die liggen nog steeds op een behoorlijk hoog peil.
De afzet richting het Verenigd Koninkrijk staat nog steeds behoorlijk onder invloed van de niet bijzondere consumptie in dat land. Niet onderschat mag worden dat ook daar extreme weersomstandigheden een behoorlijk effect op de consumptie hadden. Daarnaast zijn veel levensmiddelen die in de dagelijkse behoefte voorzien niet echt goedkoop, maar als ronduit duur te kwalificeren.
Desondanks verloopt de afzet van kuikenvlees dus iets positiever en dat is ook te merken in de prijzen van de “vrije” levende kuikens. De prijs voor lichte en zware kuikens ligt voor deze week gemiddeld op € 0,83/kg en is daarmee met €0,03/kg opgelopen. De basiscontractprijs stabiliseerde op € 0,66/kg.
De situatie op de markt van eieren lijkt in de beleving van een aantal pakstations deze week wat te veranderen. Sommige zegslieden uit de sector gaven aan dat de ergste hitte er nu wel vanaf is, maar dat blijft wel een opmerking voor het moment, want het beeld kan zo weer wijzigen.
Op de eiermarkt zijn onderlinge leveringen normaliter niet ongewoon en enkele pakstations gaven aan dat dit soort leveringen nu wel wat minder vaak voorkomen.
De industrie vraagt wel, maar heeft zoals de laatste tijd vaker gemeld, grote problemen met het huidige prijsniveau. Dat is ook niet zo vreemd, want de prijzen die men moet betalen liften uiteraard mee met de voortdurende stijging van de prijs die de laatste tijd zichtbaar was.
Het aanbod van eieren is op zich voldoende, maar wordt nog steeds als niet al te groot gekwalificeerd. Overigens werd er gemeld dat er wel steeds meer eieren aankomen en dat is ook niet zo vreemd, gezien de toenemende opzet van leghennen, welke al vanaf oktober 2009 zichtbaar was.
PPE mailbericht 2010/09 Sg-besmetting in Hooghalen
Dinsdag 2 maart 2010 is een besmetting met Salmonella gallinarum (Sg) vastgesteld bij een koppel leghennen op een bedrijf in Hooghalen. Op hetzelfde bedrijf is in december 2009 ook een Sg-besmetting vastgesteld. Dat koppel is geruimd waarna de stal grondig gereinigd en ontsmet is. Met swab-onderzoek is in de gereinigde stal geen Salmonella meer aangetoond. Op 18 januari 2010 zijn jonge hennen, die in de opfokperiode twee keer met een levend vaccin zijn gevaccineerd tegen Sg, opgezet maar naar nu is gebleken heeft één en ander onvoldoende effect gehad en is het nieuwe koppel toch weer besmet geraakt.
Om verdere verspreiding van de besmetting te voorkomen heeft de vice-voorzitter van het PPE een gebied met een straal van 3 km rondom het besmette bedrijf aangewezen. Bedrijfsmatig gehouden pluimvee dat in het gebied wordt gehouden moet binnen blijven. Basis voor dat besluit vormt de Verordening bestrijding infectieuze coryza en Salmonella gallinarum bij pluimvee (PPE) 2009.
Het ophokgebod geldt niet voor biologisch gehouden pluimvee. Wel wordt dringend geadviseerd biologisch gehouden pluimvee ook binnen te houden. In het gebied gold reeds een ophokgebod van 18 december 2009 tot 1 maart 2010. Het nu ingestelde ophokgebod zal maximaal 12 weken duren.
Naast het besmette bedrijf zijn in het aangewezen gebied één biologisch legbedrijf, één bedrijf met uitloophennen, twee bedrijven met scharrelhennen en een bedrijf met vleeskuikens gevestigd. In totaal gaat het op 217.000 stuks pluimvee.
De Gezondheidsdienst voor Dieren in Deventer heeft opnieuw een besmetting vastgesteld met de bacterie Salmonella Gallinarum op een bedrijf in het Drentse Hooghalen.
Het gaat om hetzelfde bedrijf met leghennen in vrije uitloop als waar in december al een besmetting werd vastgesteld.
Naar aanleiding van deze hernieuwde besmetting bezint het Productschap Pluimvee en Eieren zich op maatregelen. Bij de besmetting in december werd een ophokplicht ingesteld voor een gebied van 3 kilometer rond het besmette bedrijf. Die plicht was juist eind vorige week opgeheven. Of er weer een ophokplicht wordt ingesteld wordt waarschijnlijk vandaag (donderdag) besloten. In de omgeving van het besmette bedrijf zitten meerdere pluimveebedrijven, waarvan één met uitloop.
De situatie in de Gelderse Vallei waar de afgelopen maanden problemen waren met de bacterie coryza en ook met Salmonella gallinarum, is op dit moment weer vrij rustig. Volgens Henk Hulsbergen van het PPE zijn er nog wel wat coryza-besmettingen, maar zonder klinische verschijnselen.
Herbesmetting Salmonella Gallinarum in Noord Nederland
De gezondheidsdienst voor Dieren (GD) heeft op 2 maart een Salmonella Gallinarum (SG) verdenking vastgesteld op een legbedrijf waar bij het voorgaande koppel ook reeds SG is aangetoond. De verdenking moet nog formeel vastgesteld worden door het RIVM.
Het betreft een recent opgezet koppel leghennen dat tegen SG is gevaccineerd. De klinische problemen in het koppel vallen hierdoor mee; er is sprake van een gering verhoogde uitval.
Nadat het vorige SG-besmette koppel werd geruimd, zijn uitgebreide hygiënemaatregelen getroffen. Ondanks alle inspanningen van de betrokken pluimveehouder is er helaas toch weer een besmetting opgetreden.
Een goede planning van het opzetten en afleveren van vleeskuikens is essentieel voor een optimaal resultaat op vleeskuikenbedrijven.
Dat stelt Jean Spreuwers, sectorhoofd Vleespluimvee bij mengvoerbedrijf De Heus.
Volgens Spreuwers kan met een goede planning zowel een maximale productie per vierkante meter als een evenwicht in vraag en aanbod bij slachterijen worden bereikt. Pluimveehouders moeten hier gebruik van maken om het maximale uit hun bedrijf te halen.
"Planning en rendement voor de totale kolom gaan hand in hand", stelt hij in het huisorgaan. "Als vraag en aanbod niet op elkaar zijn afgestemd, worden individuele mesters voor het financieel rendement afhankelijk van de volgende schakels in de keten en is het niet mogelijk om rendabel kuikens te houden."
Spreuwers benadrukt dat optimale planning om een grote mate van flexibiliteit vraagt. Daarnaast moeten vleeskuikenhouders goed vooruit kijken. "Goed plannen betekent dat de opzetten van eendagskuikens afgestemd worden op de vraag van slachtrijpe kuikens. Dat betekent niet opzetten als de prijzen hoog zijn en leegstand als de prijzen laag zijn, of massaal opzetten in de zomervakantie waardoor in het najaar een overschot ontstaat."
Spreuwers denkt dat de noodzaak voor beter plannen een les is die vleeskuikenshouders van de slechte prijzen eind vorig jaar kunnen leren. De prijzen trokken pas weer aan nadat pluimveehouders het aanbod drukten door een langere leegstand. Daardoor werden wel grote verliezen geleden.
Met hun planning moeten kuikenhouders wel rekening houden met bijzondere omstandigheden. Zo zijn er bijvoorbeeld bepaalde Westerse en islamitische feestdagen die invloed hebben op het aantal slachtdagen of de afzet van vlees. Daarnaast is het belangrijk om in te spelen op de vraag van slachterijen naar specifieke gewichten voor marktsegmenten en de snel veranderende omstandigheden op de versmarkt.
Het verbod op gangbare kooien in de leghennensector heeft vorig jaar in Duitsland geleid tot een buitengewoon sterke groei van de scharrelhouderij.
Voor het eerst bevinden zich meer leghennen in scharrelsystemen dan in kooien. Tevens slonk de leghennenstapel als geheel en daarmee ook de eierproductie aanzienlijk. In totaal werden 934 miljoen minder eieren geproduceerd dan in 2008. Dat bevestigen cijfers die vandaag door het centraal bureau voor de statistiek in Wiesbaden gepresenteerd werden.
Door de overschakelingsbedrijvigheid kon de productiecapaciteit bij lange na niet worden benut. Gerekend naar de stalcapaciteit telden de statistici namelijk 37,3 miljoen leghennenplaatsen, waarvan 2,4 miljoen plaatsen in kleine groepshuisvestingskooien, die wel zijn toegelaten en als alternatief dienen voor de gangbare kooien. Het aantal legbatterijplaatsen zakte met bijna 45 procent. Het aantal leghennenplaatsen in de groepshuisvestingssystemen groeide weliswaar sterk, met bijna 217 procent, maar desondanks is de scharrelhouderij veel groter. Deze productievorm omvat na een groei met 92 procent 16,6 miljoen leghennenplaatsen.
De biohouderij pluste met 15 procent naar 2,3 miljoen stalplaatsen. De Freilandhouderij leverde daarentegen 3,5 procent in en belandde op slechts 154.000 plaatsen. Uitgaande van de broederijcijfers verwachten statistici dat de stalplaatsen in de loop van het jaar weer zullen worden bezet, zodat de productie zich binnen afzienbare tijd zal herstellen.
De inventarisatie wijst verder uit dat de leghennenstapel in de scharrelhouderij ten opzichte van 2008 met ruim 85 procent is toegenomen naar 13,3 miljoen van de in totaal 26,8 miljoen dieren. De leghennenstapel is daarmee niettemin ruim 15 procent kleiner dan in het voorafgaande jaar. Het aantal leghennen in de per 1 januari definitief verboden gangbare kooien ofwel legbatterijen daalde in de loop van het jaar met krap 60 procent. Volgens de statistici waren er per eind december nog 7,6 miljoen leghennen in gangbare kooien over.
De pluimveeindustrie in de Verenigde Staten is zwaar getroffen door de verhoging van de importheffingen van China op Amerikaans pluimveevlees.
China heeft die tarieven op 13 februari van dit jaar verhoogd, omdat het de VS beschuldigt van het dumpen van pluimveevlees in China. Dat meldt meatingplace.com.
De Verenigde Staten moeten meer pluimveevlees naar China exporteren, omdat het problemen heeft met de uitvoer van zijn pluimveevlees naar Rusland. Dat laatstgenoemde land is de belangrijkste afnemer van pluimveevlees uit Amerika. China is de op één na belangrijkste importeur van Amerikaans pluimveevlees. Het land voerde vorig jaar meer dan 800.000 ton Amerikaanse pluimveevleesproducten in.
China is vooral een belangrijk exportland voor de VS, omdat Chinese consumenten vooral poten, voeten en vleugels van het pluimveekarkas eten. Consumenten in andere werelddelen zijn daar niet zo gek op. Voor de vierkantsverwaarding van het pluimveekarkas is de uitvoer naar China dus van levensbelang.