Nieuws van Maart 2003
 |
 |
Sinds vrijdagavond is het aantal verdachte en besmette bedrijven weer verder uitgebreid. Volgens berichtgeving van het ministerie van LNV bedraagt het aantal besmette bedrijven inmiddels 150 en zouden 37 bedrijven verdacht zijn. Zojuist hebben wij echter nog negen nieuwe verdenkingen doorgekregen zodat wij ervan uitgaan dat het aantal verdachte bedrijven 46 bedraagt.
De nieuwe verdenkingen betreffen 20 legbedrijven in Barneveld (2), Ede, Kootwijkerbroek (2), Leusden, Lunteren (5), Nijkerk, Ochten, Otterlo, Putten (3), Voorthuizen, Wekerom en Zwartebroek. Een legbedrijf met tevens legopfok in Stroe, vier vermeerderingsbedrijven in Amersfoort, Ede, Lunteren en Stroe; een vleeskuikenbedrijf in Barneveld, een bedrijf met leghennen en vleeseenden in Terschuur en twee vleeskalkoenbedrijven in Putten en in Heythuysen (Limburg). De hoop bestaat dat de verdenking op het kalkoenbedrijf in Heythuysen geen verband heeft met AI. Op het bedrijf kwam een meer dan normale uitval voor waarna de overheid heeft besloten het bedrijf zekerheidshalve te ruimen. De eerste PCR-testresultaten zijn in elk geval negatief voor AI. Er zijn geen vervoersbeperkingen om het bedrijf ingesteld en de bedrijven in de omgeving zijn ook niet geruimd. Naast deze verdachte pluimveebedrijven zijn in het weekeinde vier hobby-adressen in de Klomp, Kootwijk en Woudenberg (2) verdacht verklaard.
Vanavond is bekend geworden dat het buffergebied Opheusden verder naar het westen zal worden uitgebreid tot het Amsterdam-Rijnkanaal.
Andere ontwikkelingen van vandaag zijn dat de twee eendenslachterijen in respectievelijk Ermelo en Harderwijk vleeseenden mogen gaan slachten die afkomstig zijn van buiten de toezichtsgebieden. Het vlees van de eenden mag worden geëxporteerd. De vleeseenden die nog in de toezichtsgebieden worden gehouden kunnen worden aangeboden voor de welzijnsopkoopregeling.
Consumptie-eieren afkomstig van bedrijven buiten de toezichtsgebieden mogen weer worden vervoerd naar pakstations en soortgelijke inrichtingen die binnen de toezichtsgebieden liggen.
Daarnaast is vandaag overleg gevoerd over de welzijnsproblemen die ontstaan doordat opfokleghennen en vleeskalkoenen niet overgeplaatst mogen worden naar een ander bedrijf en over het tekort aan slachtcapaciteit voor uitgelegde leghennen in Nederland.
Het ministerie van LNV is van mening dat de opfokleghennen en de vleeskalkoenen die niet overgeplaatst kunnen worden, kunnen worden afgevoerd naar de slachterij. De financiële schade die daarbij ontstaat is voor rekening van de pluimveehouder. Voor de sector is dat niet aanvaardbaar en voor de betrokken pluimveehouders financieel niet draagbaar. Morgen zal dat probleem opnieuw ter sprake worden gebracht.
Om het tekort aan slachtcapaciteit te vergroten is LNV bereid om financieel bij te dragen in het aanpassen van een slachtlijn, c.q. in de kosten voor de aanschaf van een mobiele electrocutielijn, annex plukmachine. Op korte termijn zal worden nagegaan of er een slachterij is die aangepast kan worden voor het slachten van uitgelegde hennen of waar een electrocutielijn kan worden geplaatst. Ook zal worden nagegaan of het mogelijk is de uitgelegde hennen te doden en te plukken en vervolgens voor de verdere verwerking naar België uit te voeren.
Door het CPE zijn tot en met vandaag voor de volgende aantallen eieren geleidebiljetten afgegeven: broedeieren van buiten de toezichtsgebieden naar de eiproductenindustrie 33,7 miljoen; (broed)eieren van binnen de toezichtsgebieden naar de eiproductenindustrie 21,1 miljoen; broedeieren van buiten de toezichtsgebieden naar een kuikenbroederij 31 miljoen.
Morgen zal er om 16 uur weer een basisoverleg worden gehouden. Ter voorbereiding daarop is er om 14 uur in het kantoor van de PVE in Zoetermeer een voorbespreking.
Met vriendelijke groeten, Henk Hulsbergen |
 |
| AID krijgt versterking voor controle op vogelpestmaatregelen |
 |
31 maart 2003 - Door de verscherping van het regime in het Vogelpestgebied en in de rest van Nederland is veel extra controle nodig. De Algemene Inspectiedienst van het Ministerie van LNV heeft onvoldoende capaciteit voorhanden om overal op de naleving toe te zien. Daarom is tussen de departementen van LNV, Justitie, Defensie, BZK en Financiën overleg gevoerd over de inzet van opsporingsambtenaren uit andere opsporingsdiensten. Dit heeft geleid tot een uitbreiding van de controle-capaciteit met 200 extra opsporingsambtenaren. Vanaf 31 maart 12.00 uur gelden in Nederland nieuwe vervoersbeperkingen. Om verspreiding van vogelpest via vervoermiddelen te beperken, is Nederland ingedeeld in vijf zogeheten compartimenten. De regels komen er kortweg op neer dat vervoersmiddelen die bepaalde bedrijfcontacten hebben, alleen binnen een bepaald gebied mogen rijden. Mocht het virus zich onverhoopt via die voertuigen verspreiden, dan blijft door de compartimentering de schade beperkt. Om deze en alle andere vogelpestregels te handhaven is veel extra controle-inspanning nodig.
De AID krijgt daarom deze week nog assistentie van ongeveer 200 handhavers van andere diensten, zoals Douane, Inspectie Verkeer & Waterstaat en Politie. De extra opsporingsambtenaren gaan toezien op alle maatregelen die van kracht zijn. De inzet van de extra opsporingsambtenaren zal worden gecoördineerd door de AID crisisleiding in Stroe.
Het Ministerie van LNV is verheugd met de bereidwilligheid van de opsporingsdiensten om bij te springen. Het toezicht op naleving van de vogelpestmaatregelen wordt hiermee bijna verdubbeld. Strikt toezicht op de naleving van de regels is hard nodig om te voorkomen dat het virus zich door slordigheid, onwetendheid of opzet verspreidt via mens, dier of voertuigen.
|
 |
| Wijziging Regeling vervoersbeperkingsgebieden pluimvee 2003 |
 |
dd. 31-03-2003 17:00 uur Toelichting voor de Staatscourant Met deze regeling wordt de Regeling vervoersbeperkingsgebieden pluimvee 2003 gewijzigd. De wijzigingen worden hieronder toegelicht.
Artikel I, onderdeel A
Ter verduidelijking is artikel 3, tweede lid, aangepast. Daarmee is buiten twijfel gesteld dat het vervoer naar en binnen het gebied van consumptie-eieren die afkomstig zijn van buiten het gebied gelegen bedrijven waar zich AI-gevoelige dieren bevinden, pakstations en soortgelijke inrichtingen, is toegestaan. Het verbod ziet namelijk op consumptie-eieren van binnen het gebied.
Artikel I, onderdeel B
Met deze wijziging wordt het niet langer toegestaan dat eenden afkomstig uit het gebied naar het slachthuis worden vervoerd en voor consumptie worden geslacht. Deze wijziging betreft de voorts de voorwaarden waaronder eenden van buiten het vervoersbeperkingsgebied mogen worden geslacht binnen dat gebied en waaronder het van die eenden afkomstige vlees vervolgens mag worden verhandeld. Het verbod om het van die eenden afkomstige vlees te exporteren, komt te vervallen omdat de eenden oorspronkelijk van buiten het gebied komen.
|
 |
| maandag 31 maart, 17.00 uur |
 |
Het afgelopen weekeinde is het aantal pluimveebedrijven dat wordt verdacht van besmetting met vogelpest met 21 toegenomen. Alle nieuwe bedrijven liggen in het vervoersbeperkingsgebied. Vanmorgen was het aantal ernstig verdachte bedrijven 54 stuks. Het aantal daadwerkelijk besmette bedrijven bedroeg op dat moment 136.
Sinds vanmiddag 12.00 uur is Nederland is opgedeeld in vijf compartimenten (dat waren er drie) die gelden voor vervoer en bedrijfsbezoek. Bepaalde vervoermiddelen dienen te beschikken over een vervoersticker voor een van de compartimenten. Zie voor gedetailleerde informatie de pagina Compartimentering op de internetsite van het ministerie van LNV.
Eveneens zijn vandaag de grenzen van het ophokgebied aangepast. Het ophokgebied is een zone rondom het Beheers- en Toezichtsgebied (B/T-gebied) van ongeveer tien kilometer breed. In dat gebied gelden dezelfde regels als in de rest van het land buiten de toezichtsgebieden, zij het dat het ophokken van AI-gevoelige dieren er verplicht is.
Om verdere verspreiding van het vogelpestvirus tegen te gaan, is nu ook bij Nijkerk aan de noordkant van gebied 'Gelderse Vallei' een buffergebied ingesteld. De bedrijven met AI-gevoelige dieren in dit gebied worden preventief geruimd, waardoor een zone zonder AI-gevoelige dieren ontstaat. De betreffende veehouders zijn telefonisch geïnformeerd en ontvangen een brief.
Het weekeinde is er hard gewerkt aan de ruiming van pluimvee in de bufferzone tussen de grote rivieren. Deze moet voorkomen dat de besmettelijke ziekte overslaat van Gelderland naar Noord-Brabant. Dat werk is voorspoedig verlopen, volgens LNV.
De NOP doet een ernstig beroep op het ministerie van Landbouw om in heel Nederland een welzijnsopkoop- regeling voor jonge hennen in te stellen. Deze regeling bestaat al voor bedrijven die in de toezichtsgebieden. De NOP overlegde maandag met het ministerie over welzijnsopkoop. Door het jongste vervoersverbod en gebrek aan slachtcapaciteit voor uitgelegde hennen, zitten 700.000 jonge hennen in de knel, meldt Anton Butijn, voorzitter van de NOP-kring Kuikenbroeders. ,,Als het vervoersverbod van kracht blijft, komen er volgens Butijn volgende week nog eens 400.000 leghennen bij.''
De PVE willen dat ook kalkoenen onder de welzijnsopkoop komen te vallen. Volgens het schap zijn er in totaal 18.000 kalkoenen die niet naar een afmestbedrijf vervoerd mogen worden en al lange tijd in te volle hokken zitten.
Het ministerie van LNV gaat de Dierenbescherming nauwer betrekken bij het ruimen. De Db mag een paar keer met de AID mee naar bedrijven waar pluimvee wordt geruimd.
De Algemene Inspectiedienst heeft het afgelopen weekeinde vier processen verbaal uitgedeeld in verband met de vogelpestmaatregelen. Twee betroffen het niet afdekken van pluimveemest, eenn betrof een overtreding van de ophokplicht en een betrof het niet juist reinigen van pluimveetransport. In totaal heeft de AID vanaf het begin van de uitbraak 3.484 controles verricht en heeft daarbij 147 processen verbaal uitgedeeld. |
 |
| Kalkoenbedrijf in Heythuysen ten onrechte geruimd |
Bij een kalkoenenbedrijf in Heythuysen dat dit weekend preventief geruimd werd, is geen vogelpest aangetroffen.
De 40.000 kalkoenen van het bedrijf zijn afgemaakt, omdat het ministerie van landbouw een uitbraak van vogelpest vermoedde. Aanleiding voor de ruiming was de melding van de kalkoenhouder en Dierenarts dat de uitval meer als 3 procent was. Het Heythuysense bedrijf wordt "schadeloos" gesteld, zegt een woordvoerder van het ministerie.
|
| 'Welzijnsproblemen kippen rijzen de pan uit' |
De welzijnsproblemen van kuikens die worden opgefokt als legkippen, rijzen door de uitbraak van klassieke vogelpest de pan uit. In totaal zijn er nu 700.000 jonge kippen geteld die in overvolle hokken zitten. Dat heeft A. Butijn, voorzitter van de afdeling kuikenbroeders van de Nederlandse Organisatie van Pluimveehouders (NOP), vandaag gezegd. Nederland heeft 260 opfokbedrijven waar zo'n tien miljoen kuikens worden grootgebracht tot leghennen. De dieren worden normaal gesproken overgebracht naar legbedrijven als ze zeventien weken oud zijn, maar door de vogelpestuitbraak mogen de dieren nu niet getransporteerd worden naar de grote stallen.
|
| Siervogelhouders: individueel bloedonderzoek naar vogelpest |
Aviornis, de Bond van Park- en Sierwatervogels overweegt juridische stappen om te voorkomen dat tienduizenden zeldzame vogels in verband met de vogelpest geruimd moeten worden. De bond is van mening dat het zeer sterke dieren betreft die nauwelijks vatbaar zijn voor de vogelpest. Aviornis wil dat van elk dier afzonderlijk een bloedmonster wordt afgenomen. De 2500 leden van Aviornis hebben collecties van 'zeer zeldzame' exemplaren waaraan door sommige liefhebbers 30 jaar gerwerkt is. Dergelijke vogels hebben dan ook een onschatbare waarde. Aviornis wil dan ook dat de vogels voor een eventuele ruiming door een beëdigd taxateur getaxeerd worden.
|
| Wijziging Tijdelijke regeling vervoers- en exportverbod pluimvee 2003 I |
dd. 31-03-2003 12:00 uur Toelichting voor de Staatscourant Met deze regeling wordt de grens van het ophokgebied gewijzigd, zoals vastgesteld in Bijlage III bij de Tijdelijke regeling vervoers- en exportverbod pluimvee 2003 I. Het ophokgebied is een zone rondom het Beheers- en Toezichtsgebied (B/T-gebied) van ongeveer tien kilometer breed. De aanpassing van de grenzen is noodzakelijk geworden omdat als gevolg van de besmetting in Beneden-Leeuwen het gebied naar het zuiden is uitgebreid. In het ophokgebied gelden dezelfde voorschriften als in de rest van Nederland buiten het B/T-gebied, met daarop aanvullend de verplichting om AI-gevoelige dieren op te sluiten. Deze regeling laat de compartimentering van Nederland, ingevolge de Regeling compartimentering AI-gevoelige dieren 2003 onverlet.
|
| Wijziging Regeling compartimentering AI-gevoelige dieren 2003 |
 |
d.d. 31-03-2003 12:00 uur Toelichting voor de Staatscourant Algemene inleiding
Gelet op de uitbraak van Aviaire Influenza in Nederland is op 27 maart 2003 om 13.00 uur de Regeling compartimentering AI-gevoelige dieren 2003 in werking getreden. In genoemde regeling werd Nederland in drie compartimenten ingedeeld en wel het gebied Gelderse Vallei, het Gebied Beneden Leeuwen en een gebied dat de rest van Nederland omvat. Ter voorkoming en verdere verspreiding van het virus is het echter gewenst om de rest van Nederland in drie onderscheiden compartimenten in te delen ter voorkoming van verdere verspreiding van het virus.
Van de gelegenheid is gebruik gemaakt om een verschrijving in artikel 8 van de Tijdelijke regeling vervoers- en exportverbod pluimvee 2003 I te corrigeren.
Regeling compartimentering AI-gevoelige dieren 2003
In de onderhavige regeling wordt de Regeling compartimentering AI-gevoelige dieren 2003 zodanig gewijzigd dat Nederland thans in 5 compartimenten wordt ingedeeld en wel in compartiment A: Gelderse Vallei, compartiment B: Beneden Leeuwen, compartiment C: Noord, compartiment D: Zuid-West en compartiment E: Zuid-Oost. De compartimenten zijn beschreven in bijlage I bij de Regeling.
Door de compartimentering is het vervoer binnen het compartiment Gelderse Vallei en het Compartiment Beneden Leeuwen verboden van bijvoorbeeld AI-gevoelige dieren, maar ook vervoer van rauwe melk, met vervoermiddelen van of naar bedrijven waar AI-gevoelige dieren worden gehouden. Dit vervoerverbod is niet van toepassing indien een voor het betreffende compartiment geldend kenteken is afgegeven. Vervoer binnen de compartimenten C: Noord, D: Zuid-West en E: Zuid-Oost is verboden met vervoermiddelen van of naar bedrijven waar AI-gevoelige dieren bedrijfsmatig worden gehouden, waarop geen kenteken of een ander dan voor het betreffende compartiment geldend kenteken is aangebracht.
In artikel 1 van de Regeling compartimentering AI-gevoelige dieren 2003 is de term gebied ter verduidelijking gewijzigd in compartiment.
In artikel 2 van de Regeling compartimentering AI-gevoelige dieren 2003 zijn de verboden aangepast aan de gewijzigde indeling van drie naar vijf compartimenten. Daarbij is onderscheid gemaakt tussen vervoereenheden en containers. De verboden zijn van toepassing voor vervoereenheden waarvoor op grond van artikel 36 van de Wegenverkeerswet 1994 een kentekenbewijs, dan wel een registratiebewijs is afgegeven. Deze vervoereenheden moeten worden voorzien van een kenteken als bedoeld in bijlage II bij de regeling. Voor containers wordt geen kentekenbewijs of registratiebewijs afgegeven. Gelet op de veterinaire risico's die verplaatsing van deze containers met zich meebrengen is het echter gewenst dat ook losse containers onder de verboden vallen, tenzij voorzien van een kenteken. Dit is een apart kenteken als bedoeld in bijlage III bij de regeling.
In artikel 3 van de Regeling compartimentering AI-gevoelige dieren 2003 is verduidelijkt dat een kenteken bestaat uit een set van 4 stickers. Deze stickers worden geplakt aan de voorzijde, achterzijde en aan weerszijden van de vervoereenheid of container.
In artikel 4 van de Regeling compartimentering AI-gevoelige dieren 2003 is de plicht om de registratie als bedoeld in dat artikel 24 uur op het vervoermiddel voorhanden te hebben, ten behoeve van de controle verlengd tot 72 uur. Bovendien is de registratieplicht uitgebreid in die zin dat ook plaats, datum en tijdstip van reiniging en ontsmetting alsmede het daarbij gebruikte ontsmettingsmiddel dienen te worden geregistreerd.
Volledigheidshalve wordt opgemerkt dat de plicht tot het bijhouden van een inzichtelijke registratie op het vervoermiddel van toepassing is naast de vereisten op grond van de Regeling vervoersbeperkingsgebieden pluimvee 2003 en de Tijdelijke regeling vervoers- en exportverbod pluimvee 2003 I, zoals het voorhanden hebben van een Gezondheidsverklaring, een geleidebiljet of een afleverbewijs/mestbon. De al dan niet aanwezigheid van deze vereiste documenten wordt gecontroleerd.
|
 |
| Bedrijf Heythuysen geruimd na vermeende vogelpest |
 |
Bij een kalkoenenhouderij in Heythuysen zijn afgelopen weekeinde 40.000 kalkoenen geruimd. Het ministerie van Landbouw, Natuur en Visserij (LNV) vreesde dat bij het bedrijf de vogelpest was uitgebroken. Nader onderzoek wees gisteren uit, dat de verhoogde sterfte onder de kalkoenen niets te maken had met de vogelpest, zo bevestigde een woordvoerster van het ministerie. ,,Er waren serieuze verschijnselen die wezen op vogelpest. Het grote verschil was, dat de dieren in Heythuysen minder snel omvielen. Maar we hebben geen enkel risico willen lopen'', aldus de woordvoerster.
De kalkoenhouder, die financieel schadeloos wordt gesteld door het ministerie, was gisteravond te emotioneel voor een uitgebreide reactie. ,,We zijn kapot na twee slapeloze nachten. Het is nu allemaal even teveel'', aldus de kalkoenhouder.
Vrijdagavond werd er in Heythuysen alarm geslagen, nadat in de hokken aanzienlijk meer dode dieren werden aangetroffen dan normaal. Het ministerie besloot tot preventieve ruiming over te gaan, omdat Heythuysen midden in een regio ligt met veel pluimveebedrijven. Aan de ruiming werd geen ruchtbaarheid gegeven. De mogelijke uitbraak van de vogelpest in Limburg lekte toch uit en leidde in kringen van pluimveehouders tot grote paniek, zo bevestigt voorzitter T. van Rens van de Limburgse pluimveehouders. ,,Ik moet eerlijk zeggen dat ik er ook slecht van geslapen heb. Als het vogelpest was geweest, hadden we in Limburg met een geweldige crisis gezeten.''
Volgens Van Rens was er bij dit kalkoenbedrijf sprake van meer dan drie procent uitval van de kalkoenen. Bedrijven zijn dan verplicht een melding te doen bij het ministerie.
Dit weekeinde nam het aantal pluimveebedrijven waar een verdenking bestaat van besmetting met vogelpest toe met meer dan twintig. Met uitzondering van de kalkoenenhouderij in Heythuysen ging het om bedrijven in plaatsen waar al eerder besmettingen waren vastgesteld.
|
 |
| Vogelpest: aantal compartimenten wordt uitgebreid |
De compartimentering van Nederland in verband met vogelpest wordt in de loop van vandaag aangepast. Nederland wordt dan opgedeeld in vijf compartimenten (nu zijn het er drie) die gelden voor vervoer en bedrijfsbezoek. Bepaalde vervoermiddelen dienen dan te beschikken over een vervoersticker voor een van de compartimenten. De stickers kunnen al dit weekend worden afgehaald. Meer informatie over de Compartimentering per 31 maart, 12 uur vindt u op website van het ministerie van LNV.
Het totale aantal ernstige verdenkingen van vogelpest bedraagt momenteel 39. Er zijn 136 bedrijven definitief besmet verklaard. |
| Stickeren vervoermiddelen |
 |
Geachte leden,
In aansluiting op mijn bericht van gisteren meld ik u hierbij dat op de internetsite van het ministerie van LNV de indeling van het land in compartimenten te vinden is (zie www.minlnv.nl/vogelpest). Een en ander betekent dat uiterlijk a.s. maandag 12.00 uur vervoersmiddelen voor o.a. eieren voorzien moeten zijn van een sticker voor het compartiment waar het vervoermiddel wordt ingezet om pluimveebedrijven te bezoeken. Zie hiervoor de handleiding vervoerstickers op genoemde internetsite. Hier vindt u tevens de adressen waar deze stickers verkregen kunnen worden (ook vandaag en morgen van 9.00 tot 16.30 uur).
Voor het afleveren van eieren aan het pakstation is het toegestaan naar een ander compartiment te rijden (buiten de B/T gebieden), onder voorwaarde dat na aflevering de vrachtwagen weer terugkeert naar het compartiment waar de auto toe behoort. Pluimveebedrijven mogen per vervoermiddel dus alleen bezocht worden binnen één compartiment. Aangezien ik zojuist een signaal ontving dat er nog maar weinig aanvragen voor stickers tot nu toe zijn ontvangen leek het mij verstandig u hier nogmaals op te wijzen.
Met vriendelijke groeten, ir. B.M. (Ben) Dellaert
|
 |
| zaterdag 29 maart, 17.00 uur |
 |
Vandaag zijn uit voorzorg nog eens twee contactbedrijven van het bedrijf in Beneden Leeuwen geruimd. Een ervan ligt in het Brabantse Made.
Gisteren, aan het eind van de dag waren er 6 nieuwe verdachte bedrijven bijgekomen. Het aantal verdachte en besmette bedrijven kwam daarmee op 162. In het basisoverleg werd meegedeeld dat tot dan toe 6,3 miljoen dieren waren geruimd. Donderdag zijn op een dag 800.000 dieren geruimd. In totaal staan nu 450 bedrijven leeg.
Met ingang van maandag 31 maart 12:00 uur zal de nieuwe compartimenteringsregeling van kracht worden. Dit betekent dat naast de huidige twee B/T gebieden de rest van het land in drie compartimenten wordt opgedeeld. Een compartiment III (noord/oost), IV (west) en V (zuid). De oostelijke begrenzing van west wordt gevormd door de oostelijke provinciegrens van Noord-Holland en verder richting het zuiden vormt de A-2 de grens tot aan Eindhoven en vanaf daar de A-67 richting Belgie. De grens tussen noord/oost en zuid vormt de A-12 (behalve bij Arnhem een klein stukje in noordelijke richting via de A-50 en dan westelijk naar Schaarsbergen). De kaart met de exacte begrenzingen staat op de internetsite van het ministerie.
Bij deze compartimentering mogen vervoermiddelen naar een ander compartiment om slachtdieren en (broed)eieren 1 op 1 af te leveren, maar moeten daarna weer terug naar het compartiment waartoe het vervoermiddel behoort. Het betreft een compartimentering op basis van de pluimveebedrijven. Wagens die voer leveren mogen slechts bedrijven bezoeken met pluimvee in een bepaald compartiment. Dit weekend zijn stickers verkrijgbaar voor de wagens. In tegenstelling tot eerdere berichten vallen broedeieren ook onder deze regeling. Naast de AID is extra capaciteit bij de douane ingeschakeld voor de handhaving van de regeling.
NOP/LTO hebben het ministerie laten weten, dat bij verplicht ruimen zeer grote verschillen zitten tussen taxaties. Voorbeelden uit de praktijk laten zien, dat taxaties bij leghennenhouders deze week veertig procent lager uitvallen dan een week geleden. Dit verschil van behandeling van ondernemers in vergelijkbare omstandigheden kan niet door de beugel, vinden de organisaties. Jan Wolleswinkel heeft deze kwestie bij de minister aangekaart. A.s. maandag wordt hierover in klein comite verder gesproken.
In het basisoverleg is aandacht gevraagd voor de ernstige welzijnsproblemen bij opfokdieren en over te plaatsen jonge kalkoenen. De situatie voor ruim 300.000 opfokdieren (leg en vermeerdering) is op dit moment al onacceptabel. Gepleit is voor een welzijnsopkoop voor opfokdieren buiten de B/T gebieden zolang het huidige beleid van toepassing is. LNV zal dit maandagochtend in de crisisstaf bespreken.
Over de onduidelijkheden hoe te handelen met de mest na ruiming (zowel preventief in 1 km en buffergebieden als verdacht/besmette bedrijven) volgt een advies van het CIDC.
De overheid wil vanaf volgende week bezien of er weer enige versoepelingen van het beleid kan worden doorgevoerd. Dan moet gedacht worden aan de zaken die eerder deze week gepland stonden: zoals bijvoorbeeld versoepeling in de zone tussen 3 en 10 km gebied, broedeieren inleggen voor export voor zover broederij en vermeerderingsbedrijf ten minste 25 km van een haard af liggen. Ook wordt dan bezien of en hoe overplaatsen van opfokdieren weer zou kunnen. Uitrijden pluimveemest
Het heeft lang geduurd, maar het uitrijden van mest (mits aangevoerd voor 1 febr. jl) is weer toegestaan. Er komen fomulieren aan te pas en vervolgens een vergunning (intermediair is de MAC, de Stichting Mestafvoer Controle). LTO meldt dat een en ander wel heel precies moet worden ingevuld, anders komt de zaak retour, zo blijkt in de praktijk. Met name de gegevens over laad- en losplaatsen dienen precies te worden ingevuld. Voor zover nu bekend loopt het met de vergunningen redelijk goed. Overigens dook in de loop van donderdag een nieuw probleem op, namelijk dat akkerbouwers, die een contracten hadden met een pluimveebedrijf en bij het mestransporten niet altijd gebruik hadden gemaakt van 'erkend vervoer'. In de praktijk was dat vaak een loonwerker of een eigen kieper. Dat werd door de AID niet geaccepteerd! Dat was des te vreemder omdat Bureau Hefingen daar voorheen nooit een punt van maakte en ook de AID dit bij controles goed vond. In anderhalve dag tijd lag er bij de MAC een stapel van 50 formulieren, die niet afgehandeld konden worden. Voorzitter Aike Maarsingh (vakgroep LTO Akkerbouw) is gisteren in touw geweest, om dat recht te zetten. Dit is uiteindelijk gelukt, zodat ook deze vijftig ondernemers op zeer korte termijn aan de slag kunnen. Ook bij de MAC is vandaag doorgewerkt! |
 |
 |
Ruiming Land van Maas en Waal Vandaag is gestart met het leegmaken van de 55 bedrijven (bron LNV) in het rivierengebied ten zuiden van de Gelderse Vallei. Uit bijgaand bericht van het ANP blijkt onder meer, dat nog vijftig kleinere bedrijfjes in de Gelderse Vallei op ruiming wacht (totaal 200.000 dieren). Zoals het er nu uitziet en er komen geen nieuwe besmettingen bij, dan kan dit morgen klaar zijn. Zie ook bijgaand document "Kippenruiming tussen......" Ook de ruiming van de bedrijven in het Land van Maas is naar verwachting zaterdavond afgerond. Bufferzone In de buurt van Spakenburg worden vijf bedrijven preventief geruimd in verband met het op de gewenste breedte brengen van de bufferzone aan de noodwestelijke kant van de Gelderse Vallei, zo bleek vanmiddag tijdens het basisoverleg. Verschillen in taxatie LTO/NOP hebben het ministerie van LNV laten weten, dat bij verplicht ruimen zeer grote verschillen zitten tussen taxaties. Voorbeelden uit de praktijk laten zien, dat taxaties bij leghennenhouders deze week veertig (!) procent lager uitvallen dan een week geleden. Dit verschil van behandeling van ondernemers in vergelijkbare omstandigheden kan niet door de beugel, vinden beide organisaties. Deze kwestie heeft Wolleswinkel persoonlijk bij de minister aangekaart. Er zou in klein comité hierover verder worden gesproken. Dit gaat maandag a.s. gebeuren. Vermeerderaars De druk op de vermeerderaars wordt steeds groter. Niet alleen lopen deze bedrijven zware financiële klappen op, er heerst ook alom onzekerheid over de toekomst. Naar verluidt wordt momenteel gemiddeld op een capaciteit van 40 procent ingelegd. Momenteel wordt bij het productschap (PPE) een notitie gemaakt, waaarin alle knellende zaken in deze bedrijfstak op een rij staan. Maandag a.s. wordt deze aan LNV aangeboden. Uitrijden pluimveemest Het heeft lang geduurd, maar het uitrijden van mest (mits aangevoerd voor 1 febr. jl) is sinds kort weer toegestaan. Er komen fomulieren aan te pas en vervolgens een vergunning (intermediair is de MAC, de Stichting Mestafvoer Controle). Een en ander dient wel heel precies te worden ingevuld, anders komt de zaak retour, zo blijkt in de praktijk. Met name de gegevens over laad- en losplaatsen dienen precies te worden ingevuld. Voor zover nu bekend loopt het met de vergunningen redelijk goed. Overigens dook in de loop van gisteren een nieuw probleem op, namelijk dat akkerbouwers, die een contracten hadden met een pluimveebedrijf en bij het mestransporten niet altijd gebruikt hadden gemaakt van 'erkend vervoer'. In de praktijk was dat vaak een loonwerker of een eigen kieper. Dat werd door de AID niet geaccepteerd! Dat was des te vreemder omdat Bureau Hefingen daar voorheen nooit een punt van maakte en ook de AID dit bij controles goed vond. In anderhalve dag tijd lag er bij de MAC een stapel van 50 formulieren, die niet afgehandeld konden worden. Voorzitter Aike Maarsingh (vakgroep LTO Akkerbouw) is vanaadg in touw geweest, om tot recht te zetten. Dit is uitendelijk gelukt, zodat ook deze vijftig ondernemers op zeer korte termijn aan de slag kunnen. Ook bij de MAC wordt morgen doorgewerkt! Procedure bij ruimingen na besmetting Wat gebeurt er allemaal nadat een bedrijf wegens besmetting is geruimd? Als alle kippen weg zijn wordt eerst nat ontsmet met Virkon S. Ongedierte wordt bestreden. Stallen gaan 2 weken op slot. Ondernemer krijgt vervolgens telefonisch (of anderszins) bericht, dat hij de mest uit de stal(len) mag verwijderen en op het bedrijf opslaan (dat alles onder strikte regels, vooral voor de opslag). Mest dient in elk geval zes weken op bedrijf te worden opgeslagen. Daarna moet de stal nat worden schoongemaakt. In de batterij geeft dit problemen omdat daarin de zak altijd schoon wordt geblazen. De RVV dient later een verklaring af te geven dat de stal schoon is. Dan wordt de stal opnieuw ontsmet met Virkon S. Een week daarna komt de RVV terug om die handeling te herhalen. Daarna dient de stal nog drie weken leeg te blijven, voordat de ondernemer eventueel weer pluimvee kan gaan houden. Vraag een is dan allereerst of de omgeving dat toelaat (geen nieuwe uitbraken?) en vraag twee is of de ondernemer wel dieren kan krijgen. Steeds duidelijker wordt wel dat ondernemers maandenlang met de gevolgen van deze ellende te maken gaan krijgen. Biologische pluimveehouderij Beter laat dan nooit: Huib Bor heeft schreef onlangs een brief aan alle bilogische pluimveehouders in het land. De inhoud spitst zich (uiteraard) toe op de risico's van biologisch pluimveebedrijven. Zie brief H. Bor vogelpest. Compartimentering In de vorige Nieusbrief stond onder het kopje Compartimentering, dat deze geldt voor onder meer rauwe melk, transportmiddelen e.d. Wat er niet bij stond was, dat het hier gaat om vervoer van producten en gebruik van transportmiddelen van en naar gemengde bedrijven met een plumvee-tak (dus AI-gevoelige bedrijven). Kern van de zaak is dat de RMO-vrachtwagens een sticker krijgen en in het gebied moeten blijven. Woordvoerder Brouwers van de NZO zei desgevraagd, dat RMO-chauffeurs al enkele weken volgens een eigen NZO-hygiëne-protocol werken. Dit houdt o.m. in ontsmetten van wagen, beschermende kleding dragen en het (eenmalig) gebruik van plastic schoenen. Voor kaarten zie dossier Vogelpest van het ministerie van LNV (www.minlnv.nl) bij buffergebieden. Met vriendelijke groeten,
Jack Luiten afdeling Communicatie LTO Nederland Tel.: 070 - 3382 722 / Mobiel: 06 - 5373 6017 Fax: 070 - 3382 811 E-mail: jluiten@lto.nl Internet: www.lto.nl
|
 |
 |
Vandaag zijn er 6 nieuwe verdachte bedrijven bijgekomen. Het betreft 4 legpluimveebedrijven (in Barneveld (2), Lunteren en Putten), 1 vermeerderingsbedrijf (in Putten) en 1 bedrijf met ganzen (ca. 300 stuks in Nijkerk). Het aantal verdachte en besmette bedrijven is daarmee op 162 gekomen.
Vanmiddag heeft opnieuw een basisoverleg plaatsgevonden. Daarover kan het volgende worden bericht.
Tot op heden zijn 6,3 miljoen dieren geruimd; gisteren zijn op 1 dag 800.000 dieren geruimd. In totaal zijn nu 450 bedrijven geruimd. De Minister heeft gisteren in de Kamer aangekondigd een nieuw buffergebied bij Spakenburg in te stellen en preventief te ruimen. De buffergebieden moeten morgenavond geruimd zijn. In het basisoverleg is gewezen op enkele bedrijven die bij Kesteren net buiten de buffer vallen. LNV ziet hier echter geen risico in, gezien het snelle ruimen van de buffers.
Met ingang van a.s. maandag 31 maart 12:00 uur zal de nieuwe compartimenteringsregeling van kracht worden. Dit betekent dat naast de huidige 2 B/T gebieden de rest van het land in 3 compartimenten wordt opgedeeld. Een compartiment III (noord/oost), IV (west) en V (zuid). De oostelijke begrenzing van west wordt gevormd door de oostelijke provinciegrens van Noord-Holland en verder richting het zuiden vormt de A-2 de grens tot aan Eindhoven en vanaf daar de A-67 richting België. De grens tussen noord/oost en zuid vormt de A-12 (behalve bij Arnhem een klein stukje in noordelijke richting via de A-50 en dan westelijk naar Schaarsbergen). Dit is gebaseerd op mondelinge mededeling in het basisoverleg. Later vanavond zal de kaart met exacte begrenzingen op internet verschijnen. De tekst van de regeling volgt daarna.
Nogmaals voor alle duidelijkheid: bij deze compartimentering mogen vervoermiddelen naar een ander compartiment om slachtdieren en (broed)eieren 1 op 1 af te leveren, maar moeten daarna weer terug naar primaire bedrijven in het compartiment waartoe het vervoermiddel behoort. Het betreft dus een compartimentering op basis van de pluimveebedrijven. Wagens die voer leveren mogen slechts bedrijven bezoeken met pluimvee in een bepaald compartiment. Dit weekend zullen stickers verkrijgbaar zijn voor de wagens. In tegenstelling tot eerdere berichten vallen broedeieren ook onder deze regeling. Naast de AID is extra capaciteit bij de douane ingeschakeld voor de handhaving van de regeling.
In het basisoverleg is nog eens gemeld dat thans niet duidelijk is in hoeverre consumptie eieren van gebied I (Gelderse Vallei) naar gebied II (Beneden Leeuwen) vervoerd mogen worden. Dit wordt nog uitgezocht.
Aandacht is gevraagd voor de ernstige welzijnsproblemen bij opfokdieren en over te plaatsen jonge kalkoenen. De situatie voor ruim 300.000 opfokdieren (leg en vermeerdering) is op dit moment al onacceptabel. Gepleit is voor een welzijnsopkoop voor opfokdieren buiten de B/T gebieden zolang het huidige beleid van toepassing is. LNV is slechts bereid hier maandagochtend in de crisisstaf over te spreken, dus dan hopelijk meer hierover.
Over de onduidelijkheden hoe te handelen met de mest na ruiming (zowel preventief in 1 km en buffergebieden als verdacht/besmette bedrijven) volgt een advies van het CIDC.
Gemeld is dat er een probleem ontstaat doordat verpakkingsmateriaal van eieren niet vergoed worden bij ruiming. Dit zal nog verder besproken worden.
Het probleem van pakstations annex pluimveestal is gesignaleerd en wordt door LNV verder bezien. Aangezien het niet mogelijk is om eieren te ontvangen op een pakstation waar ook pluimvee aanwezig is vervalt 25% van de nationale sorteercapaciteit.
Het is de bedoeling vanaf volgende week te bezien of er weer enige versoepelingen van het beleid kunnen worden doorgevoerd. Dan moet gedacht worden aan de zaken die eerder deze week gepland stonden: zoals bijvoorbeeld versoepeling in de zone tussen 3 en 10 km gebied, broedeieren inleggen voor export voor zover broederij en vermeerderingsbedrijf ten minste 25 km van een haard af liggen. Ook wordt dan bezien of en hoe overplaatsen van opfokdieren weer zou kunnen.
Daarnaast kunnen nog een aantal andere zaken van deze dag gemeld worden.
Er is opnieuw veelvuldig contact met LNV geweest om pakstations in de ingesloten gebieden onder voorwaarden weer te laten functioneren. Deze pakstations zouden dan een DC-status (Distributie Centrum) moeten krijgen. LNV vindt dat dan een permanente controle bij alle eierpakstations in het gebied moet plaatsvinden. Gezien de bestaande controlemethodieken van het CPE is dat door het bedrijfsleven als zwaar overtrokken van de hand gewezen. Getracht wordt om LNV alsnog te overtuigen dat de bestaande CPE-controles, aangevuld met een protocol, alle gevraagde garanties geven. Na afloop van het basisoverleg heeft hier nog een apart overleg met LNV over plaatsgevonden.
Van het CPE ontvingen wij de volgende gegevens m.b.t. geleidebiljetten tot en met vandaag: 32,8 miljoen broedeieren naar de eiproductenindustrie buiten de B/T gebieden; 29,5 miljoen broedeieren naar broederijen buiten de B/T gebieden; 19,4 miljoen eieren naar de eiproductenindustrie in het B/T gebied (al dan niet via opslag)
Met vriendelijke groeten,
Ernest Bokkers
|
 |
| LEI: Ketenconsequenties van de uitbraak van vogelpest |
 |
Wanneer de vogelpest ook Noord-Brabant treft zal het aanbod van broedeieren sterk teruglopen. De distributie van eieren voor consumptie zal grotendeels stilvallen. Wanneer de vogelpest heel Nedrland zou treffen en de pluimveesector een half jaar gesloten zou worden zou dat macro-economisch neerkomen op ongeveer 0,16% van de totale werkgelegenheid. Dat blijkt uit het rapport 'Ketenconsequenties van de uitbraak van vogelpest' van het Landbouw Economisch Instituut (LEI). Het rapport geeft eerst een overzicht van de opbouw van de productie- en afzetketen voor pluimveevlees en voor die van legpluimvee. Daarna worden de economische gevolgen in kaart gebracht voor de verschillende categorieën bedrijven in de ketens. De gevolgen zijn berekend voor een situatie waarin de uitbraak beperkt blijft tot de Gelderse Vallei, en een situatie waarin de ziekte zich uitbreidt tot andere delen van Nederland.
Eenzijdige uitbreiding via het oosten naar het noorden Eenzijdige uitbreiding via het oosten naar het noorden heeft vooral gevolgen voor de vleeskuikenketen. In het oosten en het noorden van Nederland komen geen concentratiegebieden van leghennen voor.
In het oosten bevinden zich voornamelijk vleeskuikenbedrijven en in het oosten ligt ook een concentratiegebied van moederdieren. Naar verluidt bevinden zich daar ook enkele bedrijven van fokorganisaties met (unieke) zuivere lijnen. In het noorden bevinden zich hoofdzakelijk vleeskuikenbedrijven.
Een uitbreiding via het oosten naar het noorden kan voor fokorganisaties dus grote gevolgen hebben, als zich daar uniek materiaal bevindt. Het verlies van de zuivere lijnen kan dus gevolgen hebben voor de marktaandelen van fokorganisaties. Voor de sector betekent dit dat tijdelijk een smaller assortiment van leghennen/vleeskuikenrassen kan afnemen.
Deze uitbreiding heeft ook gevolgen voor het aanbod van broedeieren in Nederland omdat in het oostelijk deel van Overijssel een concentratiegebied van moederdieren ligt.
Een uitbreiding via het oosten naar het noorden heeft tevens gevolgen voor de slachtcapaciteit van vleeskuikens. Een belangrijk deel van de slachtcapaciteit bevindt zich in het oosten en het noorden van het land (bijna 70%).
In het oosten en noorden bevinden zich nauwelijks pakstations, dus voor de eierverzameling heeft het wel gevolgen, maar die zijn niet erg groot. Uitbreiding naar het zuiden en naar het zuidoosten heeft voor de eierverzameling veel grotere gevolgen.
Een uitbreiding via het oosten naar het noorden heeft de grootste consequenties voor de werkgelegenheid. Bij 3 maanden sluiting valt ongeveer 20% van de werkgelegenheid in de pluimveeslachterijen uit en bij 5 maanden bijna 40%.
Eenzijdige uitbreiding zuidenwaarts Eenzijdige uitbreiding naar het zuiden heeft grote gevolgen voor de eierketen en ook dan wordt een belangrijk pluimveevleesgebied getroffen. Bovendien bevinden zich in het zuiden een groot aantal moederdieren, grootouderdieren en zuivere lijnen (die onvervangbaar kunnen zijn).
Een uitbreiding zuiden kan voor fokorganisaties dus ook grote gevolgen hebben, als zich daar uniek materiaal bevindt. Voor de sector betekent dit dat tijdelijk het assortiment van leghennen/vleeskuikenrassen kan afnemen.
Deze uitbreiding naar het zuiden heeft ook gevolgen voor het aanbod van broedeieren in Nederland omdat in het zuiden een concentratiegebied van moederdieren ligt.
Een uitbreiding zuiden heeft minder gevolgen voor de slachtcapaciteit van vleeskuikens. Een belangrijk deel van de slachtcapaciteit bevindt zich in het oosten en het noorden van het land (bijna 70%), dus als de vogelpest zich eenzijdig naar het zuiden uitbreidt, is in het noorden voldoende slachtcapaciteit.
Voor de slachterijen heeft het echter wel gevolgen, want die zijn deels afhankelijk van aanvoer uit het zuiden van het land. Bij eenzijdige uitbreiding naar het zuiden zal in het oosten en het noorden dus overcapaciteit in slachterijen ontstaan, wat weer gevolgen kan hebben voor de werkgelegenheid.
Nagenoeg alle pakstations bevinden zich ten zuiden van de Gelderse Vallei, dus voor de eierverzameling heeft uitbreiding naar het zuiden grote gevolgen. Uitbreiding naar het zuiden kan er, bij de huidige richtlijnen, toe leiden dat de eiersortering en verpakking in het buitenland moet gaan plaatsvinden. Gezien de grootte van de pakstations in het westen van het land, lijkt opschaling op die locaties erg lastig.
Een uitbreiding zuiden heeft de minder consequenties voor de werkgelegenheid dan uitbreiding via het oosten naar het noorden. Bij 3 maanden sluiting valt ongeveer 10 à 15% van de werkgelegenheid in het pluimveecomplex uit en bij 6 maanden bijna 25%. Bij eenzijdige uitbreiding van het zuiden worden vooral primaire bedrijven getroffen.
Uitbreiding naar heel Nederland Uitbreiding naar heel Nederland heeft gevolgen voor het hele pluimveecomplex. Aangezien er nauwelijks primaire bedrijven, verwerkende bedrijven en handelsorganisaties in de pluimveeketen in het westen van het land liggen, blijft in dit scenario nauwelijks werkgelegenheid in de pluimveesector overeind.
Als uitbreiding naar heel Nederland plaatsvindt, heeft dit ook gevolgen voor de opstarttijd die straks weer nodig is. Als de moederdierenstapel volledig moet worden geruimd, betekent dit dat buitenlandse moederdieren of buitenlandse broedeieren moeten worden ingevoerd om de sector weer op te starten. In de broederij kan het broedproces na vrijgave van een gebied weer op gang worden gebracht, maar niet de broedcapaciteit maar het aantal broedeieren is bepalend voor de snelheid van opstarten.
|
 |
| Kort geding inzake nifursol, |
 |
Betreft: Kort Geding 27-03-2003, inzake nifursol, Navraag bij Solvay Pharmaceuticals leverde de volgende informatie op: a.s. maandag 31 maart, zal de uitspraak zijn van het gisteren in Luxemburg gehouden kort geding tussen Solvay Pharmaceuticals en de Standing Committee inzake het verbod op nifursol. Dhr. Penning, voorzitter van de SC, was in persoon aanwezig en is uitvoerig gehoord. Inhoudelijk ging het vooral over procedurele zaken. Als de uitspraak a.s. maandag inhoudt dat het besluit en/of de procedure van de SC onterecht heeft geleid tot het voorliggend besluit tot een verbod per 1-04-2003, dan komt er een nader traject van discussie, eventueel zelfs nader onderzoek etc. Ook zal dan duidelijk worden (hoop ik) wat er in de tussentijd gebeurt met eventueel toepassen van nifursol. Er is dus nog een kleine kans dat nifursol niet (meteen) zal worden verboden. Zodra hierover meer bekend wordt, zal ik U opnieuw informeren. Met vriendelijke groet, Peter van Beek, DVM, Reg. Specialist Poultry Health Poultry Consulting International Oude Baan 28 4825 BL Breda tel/fax: 076-5718350 |
 |
| Vogelpest: preventieve ruiming in buffer tussen Rijn en Maas |
Om verdere verspreiding van het vogelpestvirus tegen te gaan, heeft het ministerie van LNV drie op elkaar aansluitende buffergebieden ingesteld tussen Rijn en Maas: bij Opheusden, Druten en Beneden-Leeuwen. De bedrijven met AI-gevoelige dieren in deze gebieden (circa 30 bedrijven met circa 1,4 miljoen dieren) worden preventief geruimd, waardoor een zone zonder AI-gevoelige dieren ontstaat. De betreffende veehouders zijn telefonisch geïnformeerd en ontvangen een brief. Zie voor de grenzen van de gebieden de kaartjes.
|
| Morgen in de Pluimveehouderij |
 |
Kink in de kabel
De sterke integratie van de pluimveesector en in het bijzonder de strakke aansluiting op elkaar van de schakels uit de vleeskuikenketen zijn tot nu toe steeds als de sterke punten van de sector beschouwd. Immers deze geven bij uitstek de mogelijkheid om snel en adequaat te reageren op marktontwikkelingen in brede zin en de planning in de opvolgende schakels op elkaar af te stemmen. De uitbraak van AI en de getroffen bestrijdings- maatregelen maken nu erg duidelijk dat deze sterke kanten de sector tevens uiterst kwetsbaar maken. Een schets van de keten en een overzicht van de gevolgen van de maatregelen die in het kader van de bestrijding van AI worden genomen.
Ruiming: coordinator en praatpaal nodig
Wilma Versteeg uit Nijkerk benadrukt het belang van hulp voor pluimveehouders in psychische nood. Enige tijd geleden stond ze met een verhaal in de Barneveldse Krant omdat ze wilde helpen met het opzetten van een telefonische hulpdienst bij de GLTO in Deventer voor de getroffen agrariers. Maar nu is ze zelf slachtoffer. Bij de ruiming van haar bedrijf zijn zaken fout gelopen. Gebrek aan coordinatie, zegt Wilma. ,,Wijs een paar mensen aan die coordineren, zou ik zeggen. De logistieke mensen van bijvoorbeeld transportbedrijven lopen werkloos rond. En stel iemand aan waar de pluimveehouder zijn verhaal bij kwijt kan. De psychologische verwerking is minstens zo belangrijk als het geld." |
 |
 |
Vanmorgen is begonnen met het ruimen van ongeveer dertig bedrijven tussen Rijn en Maas ten behoeve van een bufferzone. Het buffergebied wordt gevormd door het gebied begrensd door de Waal (tussen Ochten en de A 50), de A 50 tot aan de brug over de Maas bij Ravenstein, de Maas volgend tot het veer bij Megen en dan via de N329 en de N322 tot aan de Waal bij Ochten. Er zullen naar schatting zo'n 1,4 miljoen dieren worden gedood. Met de buffer wordt beoogd te voorkomen dat het virus Noord Brabant inttrekt.
Het CPE had gisteravond voor 15,5 miljoen (broed)eieren geleidebiljetten afgegeven voor het transport van bedrijven binnen het toezichtsgebied naar een eiproductenbedrijf. Voor het vervoer van bedrijven buiten het toezichtsgebied waren voor 30 miljoen broedeieren geleidebiljetten afgegeven voor het transport naar een eiproductenbedrijf en voor 24,5 miljoen broedeieren voor het vervoer naar een kuikenbroederij.
Bij het ministerie van LNV is aandacht gevraagd door de problemen die ontstaan door de regeling dat de afvoer van consumptie-eieren buiten het toezichtsgebied rechtstreeks moet plaatsvinden van legpluimveebedrijf naar pakstation. Deze is sinds woensdag van kracht. Ook de bepaling dat een pakstation alleen eieren mag aanvoeren als op dat pakstation geen pluimvee aanwezig is, zorgt voor problemen. Naar schatting verwerken pakstationhouders met pluimvee ongeveer 20% van de nationale eiproductie.
|
 |
 |
Met vier nieuwe verdachte pluimveebedrijven is het totaal aantal besmette en verdachte bedrijven vandaag op 156 gekomen. Het betreft 109 besmette bedrijven en 47 verdachte bedrijven. De nieuwe verdenkingen hebben betrekking op legbedrijven in Ede, Lunteren, Nijkerkerveen en Opheusden (Betuwe!). De minister heeft in de Tweede Kamer meegedeeld dat een buffer zal worden gevormd door het gebied begrensd door de Waal (tussen Ochten de de A 50), de A 50 tot aan de brug over de Maas bij Ravenstein, de Maas volgend tot het veer bij Megen en dan via de N329 en de N322 tot aan de Waal bij Ochten preventief te ruimen. Met de buffer wordt beoogd te voorkomen dat het virus Noord Brabant inttrekt.
Reeds eerder hebben wij meegedeeld dat in het toezichtsgebied Gelderse Vallei op 1 maart ruim 9 miljoen stuks pluimvee, waaronder 6 miljoen leghennen, werden gehouden. In het toezichtsgebied ten zuiden van de Waal worden ruim 1,3 miljoen kippen gehouden. Het betreft 435.000 vleeskuikens, 525.000 leghennen, 190.000 opfokleghennen, 127.000 ouderdieren, 15.000 opfok grootouderdieren en 40.000 grootouderdieren.
In ons mailbericht van gisteren is meegedeeld dat het bedrijfsleven er op heeft aangedrongen dat een in Nistelrode gelegen contactbedrijf van het ernstig verdachte bedrijf in Beneden Leeuwen zou worden geruimd. In dat verband moet worden opgemerkt dat het niet een echt contactbedrijf betrof. Het bedrijf in Nistelrode had maandag opgefokte leghennen ontvangen van een opfokbedrijf dat 1800 meter van het verdachte bedrijf in Beneden Leeuwen ligt. Het bedrijf in Nistelrode is vandaag geruimd.
Om verspreiding van het virus tegen te gaan is de bezoekersregeling vandaag aangescherpt. In de toezichtsgebieden Gelderse Vallei en Beneden Leeuwen geldt de regeling voor iedereen die AI-gevoelige dieren houdt. Buiten de genoemde toezichtsgebieden geldt de regeling alleen voor bedrijven waar bedrijfsmatig AI-gevoelige dieren worden gehouden.
Ook is vandaag de voorlopige compartimenteringsregeling gepubliceerd. DE tekst van de regeling is erg gecompliceerd. In (hopelijk) begrijpelijke taal komt de regeling op het volgende neer: Er is sprake van drie compartimenten, te weten het bestaande toezichtsgebied Gelderse Vallei, voor zover dat ten noorden van de Rijn ligt (gebied A), het bestaande toezichtsgebied Beneden Leeuwen (gebied B)en de rest van het land (gebied C). Auto's die op een bedrijf met pluimvee in gebied A of gebied B willen komen, moeten voorzien zijn van een bij dat compartiment behorende sticker. Auto's met een sticker A mogen niet op bedrijven met pluimvee komen in de gebieden B en C en auto's met een sticker B mogen niet op een bedrijf met pluimvee komen in de gebieden A of C. Auto's zonder sticker mogen alleen in gebied C op een bedrijf met pluimvee komen. Alle auto's mogen in het gehele land op bedrijven zonder pluimvee komen. In het gisteren gehouden basisoverleg is dit systeem een semi-permeabele compartimentering genoemd. De voertuigstickers worden afgegeven door LASER. Verwacht mag overigens worden dat gebied C nog verder zal worden gesplitst.
Onder de compartimenteringsregeling valt het vervoer van alle landbouwhuisdieren (met uitzondering van eendagskuikens) vanaf of naar een bedrijf waar pluimvee wordt gehouden, broed- en consumptie-eieren, pluimveemest of door pluimvee gebruikt strooisel, diervoeders, rauwe melk en destructiemateriaal. Voor de meer uitgebreide en exacte regelgeving verwijs ik naar de internetpagina van het ministerie van LNV (www.minlnv.nl).
Buiten de bezoekersregeling en de compartimenteringsregeling zijn ook de reeds enkele weken bestaande vervoersbeperkingsregelingen nog steeds van kracht. Beide regelingen zijn erg vaak gewijzigd zodat het voorstelbaar is dat u alles niet meer kunt volgen. In dat verband hebben wij alle wijzigingen verwerkt. De integrale teksten van de regelingen, voor zover ze tot vanmiddag 17.00 uur van kracht waren treft u hierbij aan. Notitie 110hh betreft de regelgeving in de toezichtsgebieden en notitie 118hh betreft de regelgeving buiten de toezichtsgebieden.
Het CPE heeft ons laten weten dat tot gisteravond 19.45 uur voor 15,5 miljoen (broed)eieren geleidebiljetten waren afgegeven voor het transport van bedrijven binnen het toezichtsgebied naar een eiproductenbedrijf. Voor het vervoer van bedrijven buiten het toezichtsgebied waren voor 30 miljoen broedeieren geleidebiljetten afgegeven voor het transport naar een eiproductenbedrijf en voor 24,5 miljoen broedeieren voor het vervoer naar een kuikenbroederij.
Bij het ministerie van LNV is vandaag aandacht gevraagd door de problemen die, met name bij de kleine legbedrijven, ontstaan door de sinds gisteren van kracht zijnde regeling dat de afvoer van consumptie-eieren buiten het toezichtsgebied rechtstreeks moet plaatsvinden van legpluimveebedrijf naar pakstation. Ook de bepaling dat een pakstation alleen eieren mag aanvoeren als op dat pakstation geen pluimvee aanwezig is zorgt voor problemen. Naar schatting verwerken pakstations die wel pluimvee op het bedrijf hebben ongeveer 20% van de nationale eiproductie.
Voorts zijn er wederom gesprekken gevoerd over het afvoeren van de "eierberg" in het toezichtsgebied en is een inventarisatie gemaakt van de welzijnsproblemen die op korte termijn ontstaan doordat het overplaatsen van opfokpluimvee (leghennen, (groot)ouderdieren en vleeskalkoenen)niet is toegestaan en voorlopig ook niet zal worden toegestaan. Geschat wordt dat tot 20 april a.s. welzijnsproblemen zullen ontstaan voor 1,1 miljoen leghennen, 400.000 reproductiedieren en 18.000 vleeskalkoenen. Dit probleem zal morgen weer onder de aandacht van het ministerie van LNV worden gebracht.
Van het ministerie van LNV ontvingen wij het verzoek kenbaar te maken dat bedrijven die hebben ingeschreven voor de opkoopregeling mestproductierechten en de stallen ter beschikking willen stellen voor het plaatsen van eendagskuikens van te voren een formulier in moeten vullen en dat aan LASER zenden. Ook moet er met de afdeling milieu van de gemeente een tijdelijke milieuvergunning worden geregeld.
Morgenmiddag is er opnieuw een basisoverleg. Na afloop daarvan zal één van mijn collega's u daarover informeren. Ik wens u alvast een goed weekeind.
Met vriendelijke groeten, Henk Hulsbergen
|
 |
| Destructiecapaciteit knelpunt bij bestrijding vogelpest |
| Vanwege het enorme aanbod van kadavers van geruimde bedrijven dreigt de destructiecapaciteit in Nederland een knelpunt bij de bestrijding te worden. Minister Veerman van LNV heeft daarom contact gezocht met minister Kamp van Volkshuisvesting, Ruimtelijk Ordening en Milieu. Om de capaciteit in Nederland te vergroten zal het mogelijk worden gemaakt om de destructie van slachtafval buiten Nederland te doen plaatsvinden. De daarmee vrijkomende capaciteit in Nederland zal worden benut voor de destructie van kadavers. Ook wordt nader onderzocht in hoeverre en onder welke condities de kadavers tijdelijk op een daartoe aangewezen terrein kunnen worden gedeponeerd. Dat schrijft minister Veerman aan de Tweede Kamer. |
| Wijziging Regeling vervoersbeperkingsgebieden pluimvee 2003 |
 |
dd. 27-03-2003 18:00 uur Toelichting voor de Staatscourant Door het verbod op de afvoer van dierlijke mest van gemengde bedrijven ervaart een groot aantal vleeskalverhouders met een pluimveetak in de Gelderse Vallei problemen met betrekking tot de opslag van kalvergier op het bedrijf. Een tijdelijke uitbreiding van de opslagcapaciteit door middel van mestzakken is niet afdoende gebleken als gevolg van het grote volume van de kalvergierproductie. Met deze regeling wordt een voorziening getroffen die vleeskalverbedrijven met een pluimveetak de mogelijkheid biedt kalvergier via de kalvergierpersleiding naar de kalvergierbewerkingsinstallatie te Elspeet te vervoeren. Daarnaast wordt de mogelijkheid geboden met een transportvoertuig kalvergier van het bedrijf rechtstreeks naar een door de directeur van de Voedsel en Waren Autoriteit, onderdeel Rijksdienst voor de keuring van Vee en Vlees aangewezen kalvergierbewerkingsinstallatie van Stichting Mestverwerking Gelderland af te voeren. Het vervoer vindt plaats overeenkomstig het 'Protocol voor het afvoeren van kalvergier afkomstig van bedrijven waar tevens pluimvee wordt gehouden'. Daarnaast wordt bij het laden en lossen het vervoermiddel waarmee de kalvergier vervoerd wordt, gereinigd en ontsmet conform het 'Hygiëneprotocol voor vervoermiddelen, die lege containers bij pluimveebedrijven afleveren.'
|
 |
| donderdag 27 maart, 17.30 uur |
 |
Minister Veerman is geschrokken van de sprong van het vogelpestvirus over de Rijn en de Waal. Dat zei hij vanmiddag in de Tweede Kamer, waar hij de stand van zaken rond de aviaire influenza toelichtte. Met de Tweede Kamer is Veerman 'teleurgesteld en verontrust'. Zie ook bericht onder aan deze nieuwsbrief.
Het totaal aantal besmette en verdachte bedrijven bedraagt nu resp. 110 en 47. In de Gelderse Vallei zijn tot nu toe 6 miljoen stuks pluimvee geruimd op 427 bedrijven.
Om verdere verspreiding van het AI-virus tegen te gaan heeft minister Veerman vanmiddag om 13.00 uur drie compartimenteringsgebieden ingesteld: het gebied Gelderse Vallei (A), het gebied Beneden Leeuwen (B) en een gebied dat de rest van Nederland omvat. De verwachting is dat de 'rest van Nederland' morgen in drie compartimenten wordt verdeeld. Door de compartimentering is het vervoer binnen het Gebied Gelderse Vallei en het Gebied Beneden Leeuwen verboden van AI-gevoelige dieren en rauwe melk met vervoermiddelen van of naar bedrijven waar AI-gevoelige dieren worden gehouden. Dit vervoerverbod is niet van toepassing indien een voor het betreffende gebied geldend kenteken is afgegeven. Vervoer binnen het restgebied van Nederland is verboden met vervoermiddelen van of naar bedrijven waar AI-gevoelige dieren bedrijfsmatig worden gehouden, waarop een kenteken is aangebracht voor de gebieden Gelderse Vallei of Beneden-Leeuwen. Vervoer in een ander gebied is wel mogelijk na 72 uur na reiniging en ontsmetting van het transportmiddel. Het verbod binnen de rest van Nederland is niet van toepassing voor het vervoer van eendagskuikens. De kuikens moeten worden afgeleverd aan de openbare weg. De officiele naam van de compartimenteringsregeling is: 'Regeling compartimentering AI-gevoelige dieren 2003'. Deze is te vinden op de site van het ministerie
Gelijk met het afkondigen van de compartimenteringsregeling kondigde minister Veerman de 'Bezoekersregeling Aviaire Influenza 2003' af. In deze regeling worden voorwaarden gesteld waaronder personen beroepshalve een bedrijf mogen bezoeken waar AI-gevoelige dieren worden gehouden. Zo mogen bezoekers in de voorafgaande 72 uur geen bedrijf waar AI-gevoelige dieren worden gehouden, hebben bezocht in een ander compartiment. Ook dienen zij voorafgaand aan en na afloop van een bezoek aan een bedrijf een reinigings- en ontsmettingsbehandeling te ondergaan. Verder moeten de vervoermiddelen waarmee op het erf van een bedrijf zijn geweest worden gereinigd en ontsmet. De bezoekersregeling is van toepassing in de compartimenten A (Gelderse Vallei) en B (Beneden Leeuwen) op alle plaatsen waar AI-gevoelige dieren worden gehouden. In de rest van Nederland is de bezoekersregeling alleen van toepassing op bedrijven waar bedrijfsmatig AI-gevoelige dieren worden gehouden.
De Stichting 'Opbouw na de vogelpest', een initiatief van en voor de sector, heeft een bankrekening geopend waarop giften kunnen worden overgemaakt. De bankrekening bij Rabobank Woudenberg is 3724.01.023. Het banktegoed wordt besteed om door de AI gedupeerde collega's moreel en financieel te ondersteunen. Vooralsnog is de Stichting in oprichting. Er wordt gewerkt aan het opstellen van statuten en worden mensen benaderd om zitting te nemen in het stichtingsbestuur. Oud-NOP-voorzitter Karel Boonen heeft dat -desgevraagd- al toegezegd.
In de Gelderse Vallei zitten 28 biologische legpluimveebedrijven met 133.000 leghennen en 23.000 opfokhennen. Hiervan zijn of worden er binnenkort al 20 geruimd. Daarmee is 86 procent van de Eko-eiproductie in de regio teloor gegaan. De Gelderse Vallei is goed voor ongeveer 40 procent van de totale Nederlandse productie van biologische eieren.
Het pluimvee van PTC+ (praktijkschool) aan de Valkseweg in Barneveld is geruimd. Het ging om een preventieve ruiming, noodzakelijk omdat de pluimveestallen binnen een straal van een kilometer van een zwaar AI-verdacht bedrijf liggen. Aan de Valkseweg zaten 14.000 vleeskuikens, leghennen en vleeskuikenouderdieren.
Pestgebieden krijgen pluimveevrije buffering
Door extra ruimingen rondom de vogelpestgebieden van de Gelderse Vallei en Beneden Leeuwen ontstaat een pluimveevrije buffer rondom beide aaneengesloten gebieden. Dat is een van de belangrijkste conclusies van het overleg tussen Tweede Kamer en minister Veerman vanmiddag. Veerman komt tegemoet aan de wens van de fracties van VVD en LPF -waar ook de PvdA zich bij aansloot- om de beide gebieden van een pluimveevrije buffer te voorzien. Daarvoor moet alleen aan de zuidkant een extra buffergebied worden aangewezen. Over de omvang van dit gebied pleegt LNV nu overleg met de pluimveesector. Dat gebied wordt geruimd. Om hoeveel bedrijven het gaat is nog niet bekend. Aan Noord-, Oost- en Westzijde zijn natuurlijke buffers in de vorm van het Veluwemeer, de natuurgebieden van de Veluwe en de Utrechtse Heuvelrug. Op verzoek van de Kamer laat Veerman nagaan of die gebieden nu inderdaad pluimveevrij zijn. Mogelijk moet nog een enkel bedrijf worden geruimd bij Bunschoten-Spakenburg. De fracties van LPF en VVD haalden vanmiddag een beetje hun gelijk. Zij hebben van begin af aan aangedrongen op ruimingen in een breder gebied. Veerman wilde dat lange tijd niet. Na het instellen van de bufferzones bij Putten, Wageningen en nu dus ook ten zuiden van Beneden-Leeuwen vinden de fracties dat Veerman van taktiek is veranderd. De minister zelf vindt dat niet. De buffers zijn dun bevolkt met pluimvee en kunnen makkelijker geruimd worden dan de zeer dicht bevolkte van de Gelderse vallei. Daar moest hij de ruimcapaciteit volledig richten op besmette en verdachte gebieden. De minister legde vanmiddag nadrukkelijk uit dat zijn ruimbeleid sterk wordt bepaald door de beperkte ruimcapaciteit en ook door de beperkte geldmiddelen voor vergoedingen. De minister laat momenteel nog onderzoek doen naar nieuwe dodingsmethoden. Blauwzuurgas valt definitief af omdat daarmee slechts een bedrijf per dag te ruimen valt. Een aantal Kamerfracties deed een dringend beroep op de minister om iets extra's te doen voor vermeerderaars. Volgens de VVD is dat de meest getroffen groepering. Veerman gaat daar niet op in. Hij verwijst deze groep naar bestaande regelingen en het noodfonds.
|
 |
| Bezoekersregeling Aviaire Influenza 2003 |
 |
dd. 27-03-2003 13:00 uur Toelichting voor de Staatscourant In onderhavige regeling worden voorwaarden gesteld waaronder personen met het oog op de uitoefening van beroep of bedrijf een bedrijf mogen betreden waar AI-gevoelige dieren worden gehouden. Deze zijn noodzakelijk om verspreiding van aviaire influenza te voorkomen.
Een belangrijke voorwaarde is dat de bedoelde personen in de voorafgaande 72 uur geen bedrijf waar AI-gevoelige dieren worden gehouden, hebben bezocht in een ander compartiment als bedoeld in de Regeling compartimentering AI-gevoelige dieren 2003. De bedoelde personen dienen voorafgaand aan en na afloop van een bezoek aan een bedrijf een reinigings- en ontsmettingsbehandeling te ondergaan.
Verder dienen de vervoermiddelen waarmee de bedoelde personen het erf van een bedrijf waar AI-gevoelige dieren worden gehouden, betreden, te worden gereinigd en ontsmet. De voorwaarden voor reiniging en ontsmetting zijn opgenomen in een door de directeur van de Voedsel en Waren Autoriteit, onderdeel Rijksdienst voor de keuring van Vee en Vlees, goedgekeurd protocol. De protocollen zijn gepubliceerd op http//:www.minlnv.nl/vogelpest, protocollen.
De regeling maakt een onderscheid tussen de compartimenten A en B, bedoeld in bijlage I van de Regeling compartimentering AI-gevoelige dieren 2003, en rest van Nederland. In de genoemde compartimenten is de regeling van toepassing op alle plaatsen waar AI-gevoelige dieren worden gehouden, inclusief plaatsen waar niet bedrijfsmatig AI-gevoelige dieren worden gehouden. In de rest van Nederland is de regeling alleen van toepassing op bedrijven waar bedrijfsmatig AI-gevoelige dieren worden gehouden.
|
 |
| Regeling compartimentering AI-gevoelige dieren 2003 |
 |
dd. 27-03-2003 13:00 uur Toelichting voor de Staatscourant Gelet op de uitbraak van Aviaire Influenza in Nederland is het gewenst ter voorkoming van verdere verspreiding van het virus compartimenteringsgebieden in te stellen.
Nederland wordt daarbij in drie compartimenten of wel gebieden ingedeeld en wel het gebied Gelderse Vallei, het Gebied Beneden Leeuwen en een gebied dat de rest van Nederland omvat.
Door de compartimentering is het vervoer binnen het Gebied Gelderse Vallei en het Gebied Beneden Leeuwen verboden van bijvoorbeeld AI-gevoelige dieren, maar ook vervoer van rauwe melk, met vervoermiddelen van of naar bedrijven waar AI-gevoelige dieren worden gehouden. Dit vervoerverbod is niet van toepassing indien een voor het betreffende gebied geldend kenteken is afgegeven. Vervoer binnen het restgebied van Nederland is verboden met vervoermiddelen van of naar bedrijven waar AI-gevoelige dieren bedrijfsmatig worden gehouden, waarop een kenteken is aangebracht voor de gebieden Gelderse Vallei of Beneden-Leeuwen. De bedoeling van deze verboden is te voorkomen dat het virus zich kan verspreiden door vervoermiddelen die vervoer hebben verzorgd van of naar bedrijven waar AI-gevoelige dieren worden gehouden en die vervolgens naar of in andere gebieden vervoer verzorgen naar bedrijven waar ook AI-gevoelige dieren worden gehouden. Vervoer in een ander gebied is echter wel mogelijk na reiniging en ontsmetting en nadat 72 uur is verstreken na reiniging en ontsmetting en ten genoegen van een keuringsstation van de RDW Centrum voor voertuigtechniek en informatie dan wel het Agentschap LASER is aangetoond dat het vervoermiddel in bedoelde 72 uur geen bedrijf heeft bezocht waar AI-gevoelige dieren worden gehouden.
Het verbod binnen de rest van Nederland is niet van toepassing voor het vervoer van eendagskuikens overeenkomstig artikel 5 van de Tijdelijke regeling vervoers- en exportverbod pluimvee 2003 I, aangezien bedoelde eendagskuikens worden vervoerd naar een leeg bedrijf ( een bedrijf of stal waar geen AI-gevoelige dieren aanwezig zijn) en vervoer alleen mogelijk is indien deze eendagskuikens worden afgeleverd aan de openbare weg. Compartimentering voor deze vervoerstroom is veterinair dus niet noodzakelijk.
Compartimentering is overigens ook niet van toepassing voor vervoermiddelen die gebruikt worden in het kader van ruiming van bedrijven. Compartimentering van deze vervoerstromen zouden de ruiming onnodig belemmeren, hetgeen een veterinair risico zou inhouden.
De regeling bevat voorts bepalingen omtrent de afgifte, het aanbrengen en de verwijdering van kentekens. Ook geldt een administratieplicht voor de bestuurder van het betreffende vervoermiddel.
|
 |
| donderdag 27 maart, 8.50 uur |
 |
Gisterenmiddag heeft op het ministerie van LNV een extra basisoverleg AI plaatsgevonden. Dit overleg was ingelast vanwege de ernstige AI-verdenking die in Beneden-Leeuwen was geconstateerd. Dit betreffende bedrijf is positief gebleken bij de PCR-test. Daarnaast is er ook nog een sterke verdenking bij een bedrijf in Opheusden. Al met al was dit voor het ministerie aanleiding om een aantal nieuwe maatregelen af te kondigen. Alle mogelijke versoepelingen die eerder zijn aangekondigd zijn niet meer aan de orde.
Nederland wordt opgedeeld in 5 compartimenten. De Gelderse Vallei is compartiment 1. Het ingesloten gebied rond Beneden-Leeuwen vormt compartiment 2. De Rijn vormt de grens tussen deze 2 compartimenten. De compartimenten 3, 4 en 5 worden over de rest van Nederland verdeeld. De exacte grenzen moeten nog worden vastgesteld, maar gedacht wordt aan een compartiment zuid, een compartiment noord en oost en een compartiment in het westen. De definitieve grenzen van de compartimenten worden via de internetsite van het ministerie van LNV bekend gemaakt.
Diverse activiteiten en transporten mogen alleen nog maar in een compartiment worden uitgevoerd. Voor de afvoer van dieren naar de slachterijen geldt dat de vrachtauto's aan een compartiment worden gekoppeld. Dat betekent dat de vrachtwagen alleen in dat ene compartiment pluimvee mag laden. De vrachtwagen mag vervolgens wel naar een slachterij in een ander compartiment rijden, maar moet vervolgens na het lossen terug naar het compartiment van oorsprong.
Dierenartsen en pluimveeservicebedrijven (incl. vangploegen) mogen nog maar in een compartiment actief zijn. LNV beziet nog of de huidige hygienemaatregelen voldoende zijn of dat verdere aanscherping nodig is.
Ook voor het ophalen van consumptie-eieren bij pluimveehouders geldt dat deze alleen mogen worden opgehaald door een vrachtwagen die aan dat ene compartiment is gekoppeld. Die vrachtwagen mag vervolgens wel naar een pakstation/eiproductenbedrijf in een ander compartiment rijden om de eieren daar af te leveren, maar de vrachtwagen moet daarna terug naar het compartiment van oorsprong. Mogelijk wordt daaraan nog een reinigings- en ontsmettingsprotocol toegevoegd voor de transportmiddelen.
Vrachtwagens voor de levering van voer mogen slechts aan pluimveehouders of gemengde bedrijven met pluimvee in een compartiment leveren. De vrachtwagen mag wel terug naar de voerfabriek buiten het compartiment, maar moet daarna terug naar het ene compartiment.
Op gemengde bedrijven mag melk en vee alleen worden opgehaald door vrachtwagens die aan dat compartiment gebonden zijn. Levering aan een melkfabriek of andere bestemming buiten het compartiment is toegestaan, maar de vrachtwagen moet daarna terug naar het compartiment van oorsprong. LNV beziet nog of deze maatregel ook voor niet-gemengde bedrijven van kracht wordt.
De regeling waarin het voorgaande is opgenomen, wordt door het ministerie opgesteld en gaat waarschijnlijk aan het eind van de dag in. Het bedrijfsleven is gevraagd om daarop vooruitlopend al vast met het bovenstaande te gaan werken. De vrachtwagens voor het vervoer van bovengenoemde dieren en producten moeten allemaal via een sticker herkenbaar worden gemaakt. Deze zullen vandaag beschikbaar worden gesteld. Hoe en waar, dat is op dit moment nog niet bekend.
De aflevering van broedeieren buiten de ingesloten gebieden naar de broederijen of naar de eiproductenindustrie buiten de ingesloten gebieden blijft mogelijk. Wel wordt in het protocol een aanvulling opgenomen, namelijk dat het laden bij het pluimveebedrijf aan de openbare weg moet plaatsvinden.
Het vervoeren van opfokleghennen, opfokouderdieren en opfokgrootouderdieren is inmiddels weer verboden in heel Nederland. Het overplaatsen van jonge kalkoenen blijft verboden. Dit in tegenstelling tot een eerder aangekondigde versoepeling op dit punt.
Het ministerie heeft aangekondigd dat ingeval het noodzakelijk mocht blijken (bijvoorbeeld bij een verdenking in het gebied ten zuiden van de Rijn), de te ruimen bufferzone rond Wageningen verder naar het zuiden wordt uitgebreid.
|
 |
| Wijziging Tijdelijke Regeling vervoers- en exportverbod pluimvee 2003 I |
dd. 26-03-2003 20:00 uur Toelichting voor de Staatscourant Het is onder voorwaarden toegestaan om in Nederland, buiten de vervoersbeperkingsgebieden, bedoeld in de Regeling vervoersbeperkingsgebieden pluimvee 2003, ééndagskuikens te vervoeren. Deze wijzigingsregeling scherpt de voorwaarden aan waaronder het vervoer van ééndagskuikens plaats kan vinden. De aflevering van ééndagskuikens bij het bedrijf van bestemming dient plaats te vinden aan de openbare weg. Voorts is het vervoer van consumptie-eieren afkomstig van bedrijven waar AI-gevoelige dieren worden gehouden voortaan slechts onder voorwaarden toegestaan. Consumptie-eieren afkomstig van een bedrijf waar AI-gevoelige dieren worden gehouden moeten rechtstreeks naar de plaats van bestemming worden vervoerd. Bovengenoemde aanpassingen zijn doorgevoerd met het oog op de beperking van verspreiding van aviaire influenza door middel van vervoersbewegingen.
|
 |
 |
Vandaag zijn 4 nieuwe bedrijven verdacht verklaard. Het betreft 2 legpluimveebedrijven in Scherpenzeel en Wageningen, 1 vermeerderingsbedrijf in Bennekom en 1 vleeskalkoenbedrijf in Putten.
Vanmiddag heeft op het ministerie van LNV een basisoverleg AI plaatsgevonden. Dit extra overleg was ingelast vanwege de ernstige AI-verdenking die gisteren in Beneden-Leeuwen was geconstateerd. Dit betreffende bedrijf is inmiddels positief gebleken bij de PCR-test. Daarnaast is er ook nog een sterke verdenking bij een bedrijf in Opheusden. Al met al is dit voor het ministerie aanleiding geweest om een aantal nieuwe maatregelen af te kondigen, waar ik hieronder nader op in ga. Het betekent tegelijkertijd dat alle mogelijke versoepelingen die in onze mail van gisteren aangekondigd werden, niet meer aan de orde zijn.
Nederland wordt opgedeeld in 5 compartimenten. De Gelderse Vallei is compartiment 1. Het ingesloten gebied rond Beneden-Leeuwen vormt compartiment 2. De Rijn vormt de grens tussen deze 2 compartimenten. De compartimenten 3, 4 en 5 worden over de rest van Nederland verdeeld. De exacte grenzen moeten nog worden vastgesteld, maar gedacht wordt aan een compartiment zuid, een compartiment noord en oost en een compartiment in het westen. De definitieve grenzen van de compartimenten worden via de internetsite van het ministerie van LNV zo spoedig mogelijk kenbaar gemaakt.
Diverse activiteiten en transporten mogen alleen nog maar in één compartiment worden uitgevoerd. Voor de afvoer van dieren naar de slachterijen geldt dat de vrachtauto's aan één compartiment worden gekoppeld. Dat betekent dat de vrachtwagen alleen in dat ene compartiment pluimvee mag laden. De vrachtwagen mag vervolgens wel naar een slachterij in een ander compartiment rijden, maar moet vervolgens na het lossen terug naar het compartiment van oorsprong.
Dierenartsen en pluimveeservicebedrijven (incl. vangploegen) mogen nog maar in één compartiment actief zijn. LNV beziet nog of de huidige hygiënemaatregelen voldoende zijn of dat verdere aanscherping nodig is.
Ook voor het ophalen van consumptie-eieren bij pluimveehouders geldt dat deze alleen mogen worden opgehaald door een vrachtwagen dat aan dat ene compartiment is gekoppeld. Die vrachtwagen mag vervolgens wel naar een pakstation/eiproductenbedrijf in een ander compartiment rijden om de eieren daar af te leveren, maar de vrachtwagen moet daarna terug naar het compartiment van oorsprong. Mogelijk wordt daaraan nog een reiniging- en ontsmettingsprotocol toegevoegd voor de transportmiddelen.
Vrachtwagens voor de levering van voer mogen slechts aan pluimveehouders of gemengde bedrijven met pluimvee in één compartiment leveren. De vrachtwagen mag wel terug naar de voerfabriek buiten het compartiment, maar moet daarna terug naar het ene compartiment.
Op gemengde bedrijven mag melk en vee alleen worden opgehaald door vrachtwagens die aan dat compartiment gebonden zijn. Levering aan een melkfabriek of andere bestemming buiten het compartiment is toegestaan, maar de vrachtwagen moet daarna terug naar het compartiment van oorsprong. LNV beziet nog of deze maatregel ook voor niet-gemengde bedrijven van kracht wordt.
De regeling waarin het voorgaande is opgenomen, moet nog door het ministerie worden opgesteld en gaat over 24 uur in. Het bedrijfsleven is verzocht om daarop vooruitlopend al vast met het bovenstaande te gaan werken. De vrachtwagens voor het vervoer van bovengenoemde dieren en producten moeten allemaal via een sticker herkenbaar worden gemaakt. Deze zullen morgen beschikbaar worden gesteld. Hoe en waar, dat is op dit moment nog niet bekend.
Daarnaast is meegedeeld dat de voorschriften omtrent eendagskuikens niet veranderen.
De aflevering van broedeieren buiten de ingesloten gebieden naar de broederijen of naar de eiproductenindustrie buiten de ingesloten gebieden blijft mogelijk. Wel wordt in het protocol een aanvulling opgenomen, namelijk dat het laden bij het pluimveebedrijf aan de openbare weg moet plaatsvinden.
Het vervoeren van opfokleghennen, opfokouderdieren en opfokgrootouderdieren is inmiddels weer verboden in heel Nederland. Het overplaatsen van jonge kalkoenen blijft verboden. Dit in tegenstelling tot een eerder aangekondigde versoepeling op dit punt.
In het basisoverleg van vanmiddag heeft het bedrijfsleven ook aangedrongen om een contactbedrijf van het besmette bedrijf in Beneden-Leeuwen, dat zich bevindt in Nistelrode, te ruimen. Dit bedrijf is inmiddels geblokkeerd en wordt gescreend.
Door het ministerie is al aangekondigd dat ingeval het noodzakelijk mocht blijken (bijvoorbeeld bij een verdenking in het gebied ten zuiden van de Rijn), de te ruimen bufferzone rond Wageningen verder naar het zuiden wordt uitgebreid. Het CPE heeft inmiddels de volgende hoeveelheden geleidebiljetten afgegeven: - voor de aflevering van broedeieren buiten de ingesloten gebieden naar de eiproductenindustrie: ruim 29,2 miljoen eieren; - voor de aflevering van broedeieren buiten de ingesloten gebieden naar broederijen: ruim 21,6 miljoen eieren; - voor de aflevering van (broed)eieren in het gebied naar de eiproductenindustrie: ruim 13,2 miljoen eieren.
Met vriendelijke groet, namens Henk Hulsbergen,
Ernest Bokkers
|
 |
| woensdag 26 maart, 16.35 uur |
 |
Uit een eerste, snelle test blijkt dat er op het bedrijf in Beneden-Leeuwen hoogstwaarschijnlijk sprake is van vogelpest.
Vanwege deze ernstige verdenking verscherpt minister Veerman de strijd tegen de vogelpest. Hij heeft vanmiddag op een inderhaast belegde persconferentie nieuwe maatregelen bekend gemaakt.
Buiten de vervoersbeperkingsgebieden was het de afgelopen week toegestaan opfokleghennen, opfokouderdieren en opfokgrootouderdieren te vervoeren naar andere bedrijven. Sinds 13.30 uur is dit opnieuw verboden, omdat de veterinaire situatie is gewijzigd door de ernstige verdenking in Beneden- Leeuwen. Vervoer van eendagskuikens en vleeskuikens rechtstreeks en onder specifieke voorwaarden naar de slachterij zijn nog wel toegestaan.
De aangekondigde versoepelingen van het vervoersbeperkingen, die per vrijdag a.s. zouden ingaan, zijn voorlopig opgeschort.
Er komt een strenge afscheiding tussen de toezichtsgebieden Gelderse Vallei en Noord-Brabant. Dat geldt ook voor mensen. Iedereen die met pluimvee te maken heeft moet zijn bezoeken en activiteiten beperken tot een van de beide gebieden. Op de persconferentie onderstreepte de minister het grote belang van het radicaal inperken van persoonlijke contacten. Steeds meer blijkt dat deze de belangrijkste oorzaak van de besmetting is. Omdat controle op naleving ondoenlijk is doet de minister een beroep op ieders verantwoordelijkheid.
Naast de personen worden ook alle transporten en transportmiddelen gebiedsgebonden. Wagens mogen niet langer zowel in het noordelijke en zuidelijke toezichtsgebied rijden. Dit geldt ook voor vervoer naar en van gemengde bedrijven met pluimvee. Vanmiddag overlegt de het ministerie over de praktische uitvoering met het bedrijfsleven. Ook wordt vanmiddag overlegd over een verder gaande compartimentering van Nederland. Dat kan tot gevolg hebben dat het land in 4 tot 6 gebieden wordt opgedeeld. Alle vervoersbewegingen moeten binnen die compartimenten blijven.
Zoals vanmorgen reeds gemeld, er komen bufferzones ten noordwesten van Putten en tussen Wageningen en Rhenen. In deze zones worden alle 32 pluimveebedrijven zo snel mogelijk geruimd. Door instelling van deze bufferzones krijgt het toezichtsgebied van de Vallei een vrijwel pluimveevrije omgrenzing. Voor een groot deel is die natuurlijk, door bossen en het Veluwemeer. Op instelling van deze bufferzones is lang aangedrongen, ook vanuit de Tweede Kamer. Dat hij er pas nu toe heeft besloten verklaarde Veerman door de toestemming die Brussel daarvoor moet geven. Die toestemming is gisteren afgekomen. Overigens verwacht Veerman geen wonderen van deze buffers. Het overslaan naar Beneden Leeuwen over een grote afstand met twee rivieren er tussen geeft aan hoe grillig het virus zich gedraagt. ,,Het nut zal moeten blijken'', zei hij. Bij het ministerie groeit de overtuiging dat bedrijfscontacten veruit de belangrijkste besmettingsoorzaak is.
Als dodingsmethode overweegt de minister toch de inzet van blauwzuur gas. Hoewel deze methode in het draaiboek wordt vermeld wilde de minister er aanvankelijk geen gebruik van maken omdat het verboden zou zijn. De in het draaiboek vermelde leverancier, Degesch in Tilburg, verklaart echter dat het gifgas niet leverbaar is. Een woordvoerder van het bedrijf raadt het gebruik ervan op besmette/verdachte bedrijven overigens af omdat er een aantal uren sterk geventileerd moet worden. Dit zou veel virus in de lucht kunnen brengen. Destructie van kadavers heeft de grenzen van de capaciteit bereikt. Begraven wordt nu ook als mogelijkheid onderzocht.
Het bedrijfsleven komt met een opkoopregeling voor consumptie-eieren van niet besmette bedrijven, zodat deze kunnen worden afgevoerd. Daarvoor wordt een solidariteitsfonds opgericht. LNV mag zelf geen opkoopregeling instellen omdat deze door Brussel als (verboden) staatssteun wordt aangemerkt. De eieren worden vernietigd. Veerman begroet de maatregel omdat deze pluimveehouders behoedt voor de eventuele verleiding 'besmet te geraken'.
De minister wil 'nog niet' overgaan tot een vergoeding van 100 procent bij welzijnsruimingen van pluimvee. Daar geldt nu 80% van de waarde. Ook dit onderscheid maakt het economisch gunstiger om besmet te worden verklaard.
|
 |
| Wijziging Tijdelijke regeling vervoers- en exportverbod pluimvee 2003 I |
dd. 26-03-2003 13:30 uur Toelichting voor de Staatscourant Met ingang van 26 maart 2003, 13.30 uur is het, in verband met de veterinaire risico's die daarmee samenhangen, ook buiten de vervoersbeperkingsgebieden - derhalve in heel Nederland - niet langer toegestaan om opfokleghennen, opfokouderdieren en opfokgrootouderdieren te vervoeren naar andere bedrijven. Dit komt tot uitdrukking in het aangepaste artikel 5 van de Tijdelijke regeling vervoers- en exportverbod pluimvee 2003 I. Buiten de vervoersbeperkingsgebieden blijft het onder voorwaarden toegestaan om eendagkuikens rechtstreeks te vervoeren naar een bedrijf of stal waar geen andere AI-gevoelige dieren aanwezig zijn.
|
 |
Zojuist is vanuit het ministerie van LNV aan ons meegedeeld dat alle versoepelingen op de vervoersbeperkingen, waarover ik u gisteravond heb geïnformeerd, en die vrijdag a.s. om 0.00 uur zouden ingaan, voor onbepaalde tijd zijn uitgesteld. Om 14.00 uur is er een extra basisoverleg.
Later op de dag zullen nadere mededelingen volgen.
Met vriendelijke groeten, Henk Hulsbergen
|
| Buffergebieden Wageningen en Putten moeten vogelpest tegenhouden |
 |
Minister Veerman van LNV overweegt om de nijpende situatie in de Gelderse Vallei als gevolg van de Klassieke Vogelpest enigszins te verlichten. De mogelijke versoepelingen brengen enig veterinair risico met zich mee. Om dat risico in te dammen is het daarom noodzakelijk rondom het toezichtsgebied, dus het gebied dat minimaal 10 kilometer rondom besmette en ernstig verdachte bedrijven is ingesteld, een buffer te hebben zonder pluimvee, aldus minister Veerman. De zones ten oosten en westen van het ingesloten gebied bestaan uit natuurgebieden. Hiervoor zijn geen aanvullende maatregelen nodig. Aan de noord- en zuidkant zijn volgens Veerman preventief aanvullende ruimingen nodig om te komen tot pluimveevrije buffers. Dit betekent dat de komende dagen, vooruitlopend op de versoepelingen, ten noordwesten van Putten en in het gebied tussen Wageningen en Rhenen een aantal bedrijven zal worden geruimd. Over de versoepelingen wil de minister pas een besluit nemen, als er meer duidelijkheid is rond de nieuwe ernstige verdenking in Beneden-Leeuwen. Beneden-Leeuwen ligt buiten het huidige gebied van de Gelderse Vallei.
De afgelopen dagen is over de maatregelen intensief overleg gevoerd in Brussel. De Europese Commissie stemt in met het Nederlandse initiatief en heeft de preventieve ruimingen in de buffergebieden neergelegd in een beschikking, waaraan de lidstaten tijdens een vergadering van het Permanent Comité voor de Diergezondheid en de Voedselketen hun goedkeuring hebben gehecht. De Commissiebeschikking wordt van kracht op vrijdagmorgen 00.00 uur. Over het tijdstip van inwerkingtreding in Nederland neemt minister Veerman later een beslissing.
De maatregelen ter versoepeling gelden voor het toezichtsgebied dat in verband met de Klassieke Vogelpest sinds begin maart van kracht is in de Gelderse Vallei. Het gaat hierbij om het gebied buiten de driekilometerzones rondom besmette en ernstig verdachte bedrijven, dus buiten het beschermingsgebied. Zo kunnen vanaf vrijdagochtend 00.00 uur weer broedeieren worden ingelegd op bedrijven binnen het toezichtsgebied. De eendagskuikens die ongeveer drie weken later worden geboren zullen dan mogen worden afgezet binnen Nederland. Daarnaast zullen consumptie-eieren uit het toezichtsgebied dan binnen Nederland kunnen worden afgezet. Ook zal de slacht binnen het toezichtsgebied weer op gang mogen komen van dieren uit het toezichtsgebied. Het vlees is bestemd voor de nationale markt. Voor het beschermingsgebied zijn versoepelingen veterinair niet verantwoord.
Ook voor de pluimveesector buiten het toezichtsgebied kan op basis van de Commissiebeschikking lucht geschapen worden. Eendagskuikens van bedrijven op minimaal 25 kilometer afstand van een besmet of ernstig verdacht bedrijf kunnen vanaf vrijdagmorgen 00.00 uur weer worden geëxporteerd, onder een aantal aanvullende voorwaarden. Ook wordt het verplaatsen van kalkoenen ten behoeve van het afmesten weer mogelijk. Tenslotte wordt de export van geslachte eenden onder bepaalde voorwaarden weer mogelijk.
|
 |
| Verbod Nifursol kalkoenen |
 |
Geachte belanghebbende, Onfortuinlijke situaties lijken de neiging te hebben om gelijktijdig op te treden. Zoals U mogelijk inmiddels heeft vernomen heeft de Standing Comittee in Brussel vorige week, op basis van het recente advies van de SCAN, besloten om het vorig jaar genomen besluit tot een verbod van nifursol voor kalkoenen te effectueren per 31 maart a.s. De door Solvay Pharmaceuticals aangeleverde nieuwe gegevens blijken niet toereikend te zijn geweest om aan de eerdere bezwaren tegemoet te komen. Hoewel Solvay Pharmaceuticals nog deze week dit besluit in een kort geding zal aanvechten, is de kans op het definitief worden van het verbod van nifursol nu wel erg groot geworden. Het betekent dat onze inzet en strijd tot heden voor het behouden van dit middel, alleen maar duidelijk heeft gemaakt dat blackhead een zeer ernstige bedreiging vormt voor de kalkoenhouderij in Europa. En dat blijft voorlopig zo, want voortaan zullen we het zonder enig antiblackheadmiddel en zonder therapeuticum moeten stellen. Een bijzonder ernstige situatie voor de gehele kalkoensector in alle EU lidstaten. Omtrent de ingangsdatum van het verbod voor nifursol bestaat weinig misverstand, maar of kalkoenhouders na 31 maar a.s. nog voer mogen verstrekken met nifursol, wel. Diverse vragen daarover van veevoederfabrikanten wijzen op onduidelijkheid daarover. Bijgesloten vindt u een brief waaruit blijkt dat Duitsland de toepassing van nifursol na de genoemde datum niet meer toestaat. En daarmee ook niet op kalkoenbedrijven. Of Nederland dit op dezelfde wijze zal interpreteren en implementeren is momenteel niet duidelijk. Maar deze zorg staat in geen verhouding tot de situatie waarin binnenkort op elk willekeurig moment en op elk kalkoenenbedrijf blackhead kan uitbreken. De hoogste staat van biosecurity handhaven op kalkoenenbedrijven is thans de enig aangewezen weg; zoals dat inmiddels ook wordt toegepast in het kader van Aviaire Influenza. Maar dan met dit verschil dat het voor de kalkoensector moet worden beschouwd als een blijvende set maatregelen. Uit de brief die Staatssecretaris Odink op 4 februari j.l. aan de Tweede Kamer heeft gericht, blijkt dat het Ministerie LNV onze zorgen hieromtrent deelt. Of deze zorg na 31 maart a.s. verder zal worden ingevuld met ondersteuningsmaatregelen en in welke vorm is vooralsnog niet duidelijk. Met grote voorrang dient nu aandacht te komen voor het ontwikkelen van snelle diagnostiek (PCR) van blackhead en is nader onderzoek naar de mogelijkheden voor preventie en therapie van groot belang. Hierbij nodig ik U uit tot een reactie op de ontstane situatie m.b.t. blackhead voor de kalkoensector. Peter van Beek, DVM, Reg. Specialist Pluimveegezondheid Oude Baan 28 4825 BL Breda e-mail: v.beek@wxs.nl |
 |
| Veerman stelt pluimveevrije bufferzones in |
 |
25 maart 2003 - Minister Veerman overweegt om de nijpende situatie in de Gelderse Vallei als gevolg van de Klassieke Vogelpest enigszins te verlichten. De mogelijke versoepelingen brengen enig veterinair risico met zich mee. Om dat risico in te dammen is het daarom noodzakelijk rondom het toezichtsgebied, dus het gebied dat minimaal 10 kilometer rondom besmette en ernstig verdachte bedrijven is ingesteld, een buffer te hebben zonder pluimvee. De zones ten oosten en westen van het ingesloten gebied bestaan uit natuurgebieden. Hiervoor zijn geen aanvullende maatregelen nodig. Aan de noord- en zuidkant zijn preventief aanvullende ruimingen nodig om te komen tot pluimveevrije buffers. Dit betekent dat de komende dagen, vooruitlopend op de versoepelingen, ten noordwesten van Putten en in het gebied tussen Wageningen en Rhenen een aantal bedrijven zal worden geruimd. Over de versoepelingen wil de minister pas een besluit nemen, als er meer duidelijkheid is rond de nieuwe ernstige verdenking in Beneden-Leeuwen. Beneden-Leeuwen ligt buiten het huidige gebied van de Gelderse Vallei. De afgelopen dagen is over de maatregelen intensief overleg gevoerd in Brussel. De Europese Commissie stemt in met het Nederlandse initiatief en heeft de preventieve ruimingen in de buffergebieden neergelegd in een beschikking, waaraan de lidstaten tijdens een vergadering van het Permanent Comité voor de Diergezondheid en de Voedselketen hun goedkeuring hebben gehecht. De Commissiebeschikking wordt van kracht op vrijdagmorgen 00.00 uur.Over het tijdstip van inwerkingtreding in Nederland neemt minister Veerman later een beslissing.
De maatregelen ter versoepeling gelden voor het toezichtsgebied dat in verband met de Klassieke Vogelpest sinds begin maart van kracht is in de Gelderse Vallei. Het gaat hierbij om het gebied buiten de driekilometerzones rondom besmette en ernstig verdachte bedrijven, dus buiten het beschermingsgebied. Zo kunnen vanaf vrijdagochtend 00.00 uur weer broedeieren worden ingelegd op bedrijven binnen het toezichtsgebied. De eendagskuikens die ongeveer drie weken later worden geboren zullen dan mogen worden afgezet binnen Nederland. Daarnaast zullen consumptie-eieren uit het toezichtsgebied dan binnen Nederland kunnen worden afgezet. Ook zal de slacht binnen het toezichtsgebied weer op gang mogen komen van dieren uit het toezichtsgebied. Het vlees is bestemd voor de nationale markt. Voor het beschermingsgebied zijn versoepelingen veterinair niet verantwoord.
Ook voor de pluimveesector buiten het toezichtsgebied kan op basis van de Commissiebeschikking lucht geschapen worden. Eendagskuikens van bedrijven op minimaal 25 kilometer afstand van een besmet of ernstig verdacht bedrijf kunnen vanaf vrijdagmorgen 00.00 uur weer worden geëxporteerd, onder een aantal aanvullende voorwaarden. Ook wordt het verplaatsen van kalkoenen ten behoeve van het afmesten weer mogelijk. Tenslotte wordt de export van geslachte eenden onder bepaalde voorwaarden weer mogelijk.
Klassieke Vogelpest of Aviaire Influenza is een zeer besmettelijke pluimveeziekte, herkenbaar aan zwellingen aan de kop en hals en aan verkleuring van de kam en de poten. De incubatietijd op een bedrijf bedraagt ongeveer 10 dagen. De ziekte verloopt daarna snel, met in de meeste gevallen de dood tot gevolg. Sinds eind februari zijn in Nederland tot nu toe 109 besmettingen 43 ernstige verdenkingen geconstateerd.
|
 |
 |
Met het ernstig verdacht verklaren van een legbedrijf in Beneden Leeuwen (Land van Maas en Waal)is vandaag een grote tegenslag geïncasseerd in de strijd tegen aviaire influenza. Het betreffende bedrijf zal vandaag nog worden geruimd. Binnen een straal van 1 km bevindt zich één ander pluimveebedrijf dat morgen geruimd zal worden. Naast het bedrijf in Beneden Leeuwen zijn vandaag nog 11 andere pluimveebedrijven (allen legbedrijven) verdacht verklaard. Het gaat om bedrijven in Barneveld(2), Ede (2), Kootwijkerbroek(3), Lunteren(2), Wageningen en Woudenberg. Door de nieuwe verdenkingen is het toezichtsgebied naar het zuiden uitgebreid en omvat nu ook een gedeelte van Noord Brabant (omgeving Oss). Het aantal besmet verklaarde bedrijven bedraagt volgens de mededelingen van LNV thans 103 en het aantal verdachte bedrijven bedraagt 46.
Het pluimveebedrijf in Breskens, dat verdacht werd van een besmetting met AI blijkt niet besmet te zijn. Het toezichtsgebied Breskens is daardoor opgeheven.
De afgelopen dagen zijn 5 bedrijven geruimd met behulp van neocidol (middel door voer), maar de opgedane ervaringen zijn niet gunstig en daarom is met die manier van doden van pluimvee weer gestopt.
Door het ministerie van LNV zijn aan het Permanent Comité voor de Voedselveiligheid en de Diergezondheid (PCVD) verschillende versoepelingen van de nu van kracht zijnde vervoersbeperkingen voorgesteld. Aan het einde van het vandaag gevoerde basisoverleg heeft de Nederlandse Chief Veterinary Officer(CVO) meegedeeld dat verwacht mag worden dat het PCVD de voorstellen zal overnemen. Voordat daar zekerheid over bestaat moet echter de beschikking van de Europese Commissie worden afgewacht.
Verwacht mag echter worden dat vanaf vrijdag het huidige toezichtsgebied (inclusief de uitbreiding rondom Beneden Leeuwen) in tweeën zal worden gesplitst. Er zullen dan beschermingsgebieden komen en een toezichtsgebied nieuwe stijl. Een beschermingsgebied is het gebied met een straal van 3 km rondom een besmet of verdacht bedrijf, waarbij meerdere beschermingsgebieden elkaar kunnen overlappen. Het toezichtsgebied is het gebied tussen de 3 en 10 km om de besmette en verdachte bedrijven heen.
In dat nieuwe toezichtsgebied zal het vermoedelijk mogelijk worden dat pakstations in dat gebied eieren uit het toezichtsgebied mogen sorteren, verpakken en mogen afzetten in geheel Nederland. Export van die eieren is echter niet toegestaan en de betreffende pakstations mogen ook geen eieren van buiten het toezichtsgebied verwerken.
Ook zal het vermoedelijk mogelijk worden dat broederijen in het toezichtsgebied broedeieren inleggen die afkomstig zijn van bedrijven in het toezichtsgebied. De kuikens uit die eieren mogen in geheel Nederland op bedrijven worden geplaatst. Export van die kuikens zal niet mogelijk zijn. Voor zover wij nu kunnen nagaan zullen drie broederijen in het toezichtsgebied komen te liggen, te weten Het Anker, Ochten (leg), Duck-to-Farm, Ermelo (eend) en De Lange, Ermelo (eend).
Vleespluimvee van bedrijven in het toezichtsgebied zou onder de nieuwe regeling geslacht mogen worden op pluimveeslachterijen in het toezichtsgebied. Het vlees mag echter niet worden geëxporteerd.
Voorts mag verwacht worden dat de Europese Commissie ermee zal instemmen dat in twee gebieden alle pluimvee preventief wordt geruimd om daarmee een buffer van ongeveer 3 km te vormen tegen verdere verspreiding van het virus naar het zuiden en het noorden. Het gaat dan om een gebied tussen Wageningen, Rhenen, Veenendaal en Bennekom en om het gebied tussen Ermelo, Uddel, Putten en het Veluwemeer. Naar het westen en het oosten zijn geen bufferzones noodzakelijk omdat die met de bossen van het Veluwemassief en de stedelijke bebouwing van het gebied tussen Utrecht en Amersfoort reeds aanwezig zijn.
Andere versoepelingen die verwacht mogen worden zijn dat het overplaatsen van vleeskalkoenen van een opfokbedrijf naar een afmestbedrijf zal worden toegestaan, dat één van de twee eendenslachterijen in het toezichtsgebied eenden mag gaan slachten die afkomstig zijn van buiten het toezichtsgebied waarna het vlees mag worden geëxporteerd. De andere eendenslachterij zou alleen eenden vanuit het toezichtsgebied mogen slachten. In het basisoverleg is door het bedrijfsleven gevraagd om een andere benadering waarbij is aangegeven dat een vorm van kanalisatie in overweging zou moeten worden genomen. De eendenslachterijen hebben inmiddels laten weten niet enthousiast te zijn met de voorgestelde regeling.
Broederijen die meer dan 25 km van een besmet of verdacht bedrijf af liggen zouden weer broedeieren mogen inleggen die afkomstig zijn van vermeerderingsbedrijven die ook ten minste 25 km van een besmet of verdacht bedrijf af liggen. De kuikens die uit die eieren komen zouden mogen worden geëxporteerd naar EU-lidstaten. Als derde landen dergelijke kuikens willen ontvangen mogen ze ook daar naar toe worden geëxporteerd.
Via één van mijn collega's in Brussel is een kort verslag ontvangen van de besprekingen in het PCVD. Dat verslag komt in grote lijnen overeen met de mededelingen van de CVO maar op sommige onderdelen zou het PCVD minder stringente voorwaarden eisen. Daarom moet de beschikking van de Europese Commissie worden afgewacht en daarna is van belang op welke wijze het ministerie van LNV één en ander verwerkt in Nederlandse regelgeving.
Bovenstaande rapportage is dan ook alleen bedoeld om u te informeren en beslist niet om u aan te zetten tot enige pro-actieve reactie.
De CVO heeft voorts meegedeeld dat er voorlopig nog niet gedacht behoeft te worden aan de export van levend pluimvee (uitgezonderd eendagskuikens). Geen enkel buitenland wil momenteel levend pluimvee uit Nederland.
In het basisoverleg is duidelijk geworden dat de instructies klaar zijn voor het taxeren van de zogenaamde recall-eieren die op enkele pakstations staan.
Bij het overnemen van eieren op besmette of verdachte bedrijven bestaat er geen duidelijkheid of voor de verpakkingen waarin de eieren verpakt zijn, ook een vergoeding wordt gegeven. Daar zal nader overleg tussen Anevei en LNV over worden gevoerd.
Vandaag of morgen zal een regeling worden afgekondigd voor de afvoer van niet AI-gevoelige dieren van gemengde bedrijven met pluimvee in het toezichts- en beschermingsgebied.
Pakstations die dichte dan 1 km bij een besmet of verdacht bedrijf liggen mogen eieren afvoeren naar een eiproductenbedrijf in het toezichtsgebied (Weko of Eicom). LNV zal uiterlijk donderdag een beslissing nemen of pakstations in het toezichtsgebied eieren mogen gaan verwerken die afkomstig zijn van buiten het toezichtsgebied.
Voor het gebruik van pluimveemest die al voor 1 maart op akkerbouwbedrijven was afgeleverd zal eveneens een regeling worden gepubliceerd.
Als knelpunt is aangegeven dat de invoer van slachtrijpe Duitse vleeskuikens is toegestaan maar dat die kuikens alleen bij Storteboom, Kornhorn geslacht mogen worden. Die slachterij slacht ook al voor de slachterijen van Storteboom in Putten en Barneveld en verzocht is om het slachten van de Duitse vleeskuikens ook in andere slachterijen toe te staan.
Een ander knelpunt is de geringe capaciteit in Nederland voor het slachten van uitgelegde leghennen. Omdat export van de hennen voorlopig is uitgesloten en de hennen het overplaatsen van opfokpluimvee verhinderen, zal morgen bij de PVE worden bezien of andere oplossingen voor het ruimen van de oude koppels leghennen realiseerbaar zijn.
Een individueel knelpunt vormt een koppel vleeseenden van een Nederlandse pluimveehouder op een bedrijf in België. Dat koppel (8 weken oud) kan niet in België (geen slachterij) en niet in Frankrijk (koppel is niet salmonellavrij) geslacht worden. LNV zal bezien of de import van het koppel kan worden toegestaan.
Het volgende basisoverleg zal worden gehouden op vrijdag 28 maart a.s.
Voorafgaand aan het basisoverleg heeft een delegatie van het PPE-bestuur nog een gesprek gehad met minister Veerman. Daar is gesproken over de brief die de voorzitter van het PPE gisteren aan de minister heeft gezonden. Bovendien is gesproken over een mogelijke oplossing voor de verwerking van de grote hoeveelheid eieren die op de bedrijven in het toezichtsgebied staan. De minister heeft het bedrijfsleven uitgenodigd om met goede voorstellen voor het probleem te komen.
Met vriendelijke groeten, Henk Hulsbergen
|
 |
| AID constateert weer meer overtredingen vogelpest |
 |
Na een periode waarin relatief weinig overtredingen werden geconstateerd in verband met vogelpest, heeft de Algemene Inspectiedienst (AID), 24 maart acht processen verbaal moeten uitschrijven. Vijf hiervan hadden te maken met het niet afdekken van pluimveemest, één betrof het niet ophokken van pluimvee. De afgelopen 24 uur zijn met 23 teams 85 controles uitgevoerd. In Nijkerk werd een proces verbaal uitgedeeld aan iemand die zijn pluimvee niet in een hok had ondergebracht. Nijkerk ligt binnen het vervoersbeperkingsgebied van de Gelderse Vallei. Alle dieren die gevoelig zijn voor vogelpest moeten daar al geruime tijd in een hok zijn ondergebracht. De AID deelt in dit gebied dan ook direct een proces verbaal uit aan overtreders.
In Biddinghuizen (Fl), Dinteloord (NB), Ysselsteyn (L) en in Veulen (L) kregen houders van dieren die gevoelig zijn voor vogelpest een proces verbaal omdat ze hun mestopslag niet hadden afgedekt. Opslagen mest van AI-gevoelige dieren moet in heel Nederland worden afgedekt, om te voorkomen dat vogels ermee in aanraking kunnen komen.
Zo'n 24 controles bestond uit het opnieuw bezoeken van mensen die eerder een waarschuwing hadden gekregen. Vaak voor het niet ophokken van voor vogelpest gevoelige dieren. Allen bleken de waarschuwing ter harte te hebben genomen. In totaal heeft de AID vanaf het begin van de uitbraak 2781 controles verricht en heeft daarbij 126 processen verbaal uitgedeeld
|
 |
| Geen vogelpest in Breskens |
 |
25 maart 2003 - Uit onderzoek is gebleken dat op het van Klassieke vogelpest verdachte bedrijf in Breskens geen besmetting met Vogelpest aanwezig is. Minister Veerman van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij heft daarom met onmiddellijke ingang de 10-km zone rond dit bedrijf op. In het gebied blijven wel de beperkingen van kracht die overal elders in Nederland gelden. Er was op 10 maart 2003 naar aanleiding van een ernstige verdenking van de aanwezigheid van aviaire influenza op een bedrijf in het Zeeuwse Breskens een nieuw vervoersbeperkingsgebied in Nederland ingesteld, waar extra beperkende maatregelen van kracht werden, variërend van vervoersverboden van pluimvee en eieren tot een bezoekersregeling voor bedrijven. Tegelijkertijd is toen het onderzoek op de aanwezigheid van Klassieke Vogelpest gestart. Dit onderzoek heeft nu uitgewezen dat op het bedrijf geen Klassieke Vogelpest aanwezig was.
Klassieke Vogelpest of Aviaire Influenza is een zeer besmettelijke pluimveeziekte, herkenbaar aan zwellingen aan de kop en hals en aan verkleuring van de kam en de poten. De incubatietijd bedraagt ongeveer tien dagen. De ziekte verloopt daarna snel, met in de meeste gevallen de dood tot gevolg. Sinds eind februari zijn in Nederland tot nu toe 103 besmettingen en 47 ernstige verdenkingen geconstateerd.
|
 |
| Pluimveesector: wijziging bestrijdingsbeleid vogelpest nodig |
 |
De pluimveesector stelt voor alle pluimvee in de beschermingsgebieden van buiten naar binnen te ruimen. De sector is van mening dat alleen op deze wijze een eind kan worden gemaakt aan de verdere verspreiding van het vogelpestvirus. Jos Ramekers, voorzitter van het Productschap Pluimvee en Eieren (PPE), heeft 24 maart landbouwminister Veerman via een brief namens de gehele pluimveesector met klem verzocht de huidige strategie om het Aviaire Influenza (AI) virus te bestrijden te wijzigen. Het aantal nieuwe verdenkingen van AI-besmettingen neemt nog steeds niet af. Daarbij verplaatst het virus zich al maar verder naar de randen van het toezichtsgebied, waardoor dit gebied enkele keren per week wordt uitgebreid. Daarom moet er rekening mee worden gehouden dat nog een aanzienlijk deel van de kippen, eenden en kalkoenen in het toezichtsgebied geruimd gaat worden.
Door alle pluimvee in de beschermingsgebieden te ruimen, wordt niet alleen verwacht dat het virus bestreden kan worden; het voorstel van de pluimveesector zou ook perspectief bieden aan de pluimveehouders in het toezichtsgebied. Ook wordt volgens de pluimveesector voorkomen dat onnodig geld wordt uitgegeven door zowel de overheid als de sector. Steeds meer bedrijven krijgen namelijk te maken met vervoersverboden, waardoor geen producten of dieren van de bedrijven mogen worden afgevoerd.
Afvoer van eieren naar de verwerkende industrie is wel mogelijk, maar de verwerkingscapaciteit is te gering. Het biedt dus niet aan alle vermeerderings- en legbedrijven een oplossing. Deze bedrijven maken nu wel kosten zonder dat daar opbrengsten tegenover staan.
Ook bedrijven met opfokdieren en vleespluimvee in het toezichtsgebied maken kosten. Zij hebben als enige vooruitzicht dat hun dieren worden geruimd. Hetzij om redenen van verdenking of besmetting hetzij vanwege de welzijnsproblemen die bij de dieren op de bedrijven ontstaan. In beide gevallen worden kosten gemaakt die later door de overheid vergoed moeten worden.
Met de huidige dodingscapaciteit kan het voorgestelde ruimingsbeleid binnen een week worden uitgevoerd, verwacht de pluimveesector. De sector is ervan overtuigd dat alleen op die manier op korte termijn een einde gemaakt kan worden aan de epidemie. Indien de overheid doorgaat met de huidige bestrijdingsstrategie, kan het nog vele weken duren voordat het virus bedwongen is, aldus de pluimveesector.
|
 |
 |
24 maart 2003 - Uit onderzoek is gebleken dat op het van Klassieke vogelpest verdachte bedrijf in het Belgische Poppel geen besmetting met Vogelpest aanwezig is. Minister Veerman van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij heft daarom met onmiddellijke ingang het Nederlandse deel van de 10-km zone rond dit bedrijf op. In het gebied blijven wel de beperkingen van kracht die overal elders in Nederland gelden. Op 11 maart is naar aanleiding van een ernstige verdenking van de aanwezigheid van aviaire influenza op het Belgische bedrijf een nieuw vervoersbeperkingsgebied in Nederland ingesteld, waar extra beperkende maatregelen van kracht werden, variërend van vervoersverboden van pluimvee en eieren tot een bezoekersregeling voor bedrijven. Tegelijkertijd is het onderzoek op de aanwezigheid van Klassieke Vogelpest gestart. Dit onderzoek heeft volgens de Belgische autoriteiten uitgewezen dat op het bedrijf geen Klassieke Vogelpest aanwezig was. Klassieke Vogelpest of Aviaire Influenza is een zeer besmettelijke pluimveeziekte, herkenbaar aan zwellingen aan de kop en hals en aan verkleuring van de kam en de poten. De incubatietijd bedraagt ongeveer tien dagen. De ziekte verloopt daarna snel, met in de meeste gevallen de dood tot gevolg. Sinds eind februari zijn in Nederland tot nu toe 97 besmettingen en 44 ernstige verdenkingen geconstateerd. |
 |
 |
Het AI-virus heeft het weekeinde geen rust gehouden maar is gewoon doorgegaan met zijn verwoestende werk. Sinds vrijdagavond 21 maart zijn 20 bedrijven verdacht verklaard. Het betreft 15 legbedrijven in Barneveld (6x), Bennekom, Ede, De Klomp, Lunteren (2x), Nijkerkerveen, Scherpenzeel, Stoutenburg en Voorthuizen (2x), twee vermeerderingsbedrijven in De Klomp en Kootwijkerbroek, een vermeerderingsbedrijf inclusief opfok vermeerdering in Voorthuizen, een opfoklegbedrijf in Voorthuizen en een hobbyadres in Leusden. Volgens opgave van LNV zijn er thans 97 besmette bedrijven en zijn 44 bedrijven verdacht.
In het weekeinde is het toezichtsgebied door verdenkingen in Woudenberg en Leusden iets uitgebreid naar het westen. Het betreft kleine grenscorrecties bij Driebergen en bij Soest.
Het pluimvee van de verdachte en besmette bedrijven en van de bedrijven die minder dan 1 km van een verdacht of besmet bedrijf zijn verwijderd, wordt geruimd. Op de lijst met geruimde en nog te ruimen bedrijven stonden op vrijdagavond 318 bedrijven. Deze bedrijven hadden op 1 maart j.l. samen 3,65 miljoen leghennen, 460.000 opfokleghennen, 640.000 ouderdieren, 150.000 vleeskuikens, 66.000 vleeskalkoenen en 56.000 vleeseenden.
Omdat het aantal nieuwe besmettingen niet afneemt en het zich niet laat aanzien dat met de huidige bestrijdingsstrategie de epidemie op korte termijn bedwongen kan worden, heeft de voorzitter van het PPE namens de gehele pluimveesector aan minister Veerman verzocht om de strategie te wijzigen en in de gebieden met een straal van 3 km rondom de verdachte en besmette bedrijven alle pluimvee te ruimen. De betreffende brief is als bijlage bijgevoegd.
In de contacten die vandaag met het ministerie zijn onderhouden is het volgende aan de orde geweest:
LNV probeert vanavond nog, en anders morgenochtend, een regeling op internet te publiceren die het mogelijk maakt dat opfokleghennen en opfok(groot)ouderdieren van een bedrijf buiten de toezichtsgebieden mogen worden overgeplaatst naar een lege stal op een ander bedrijf buiten de toezichtsgebieden.
Voor het mogen overplaatsen van vleeskalkoenen van het ene naar het andere bedrijf moet eerst toestemming van het Permanente Comité voor de Voedselveiligheid en de Diergezondheid (PCVD) worden verkregen. Het PCVD vergadert morgen. Naast het overplaatsen van kalkoenen zal daar ook gesproken worden over het overplaatsen van ander vleespluimvee, over de exportwaardigheid van het eendenvlees dat geproduceerd wordt door de eendenslachterijen in Ermelo en Harderwijk, over het exporteren van broedeieren en eendagskuikens afkomstig van bedrijven buiten de toezichtsgebieden en over de export van uitgelegde leghennen naar slachterijen in België.
LNV beziet voorts de mogelijkheden om vanwege welzijnsproblemen en een tekort aan slachtcapaciteit in Duitsland toe te staan dat Duitse vleeskuikens naar een Nederlandse slachterij worden vervoerd om daar geslacht te worden.
Ten aanzien van het overnemen van eieren van te ruimen bedrijven overweegt LNV om de productie van de laatste week over te nemen tegen een marktconforme prijs voor eieren. De productie van de week daarvoor zou overgenomen worden tegen een "industrieprijs" van 3,7 cent/ei en alle andere eieren tegen een vergoeding van 1 ct/ei.
Broedeieren die bij broederijen buiten de toezichtsgebieden uit de broedmachines zijn gehaald omdat het koppel waarvan de eieren afkomstig waren verdacht of besmet is verklaard, zullen tegen een normale prijs worden vergoed. Datzelfde geldt ook voor consumptie-eieren, afkomstig van verdachte of besmette koppels leghennen, die door pakstations zijn teruggehaald uit het retailkanaal.
LNV heeft nog geen besluit genomen of lege pakstations in de toezichtsgebieden eieren, afkomstig van bedrijven buiten de toezichtsgebieden, mogen gaan sorteren, verpakken en verzenden.
Volgens mondelinge informatie zal het pakstation Eicom te Barneveld, waar eieren gekookt kunnen worden, voor de afvoer van eieren van bedrijven in het toezichtsgebied Gelderse Vallei beschouwd worden als een eiproductenbedrijf. Afvoer van die eieren zou daarmee niet alleen kunnen plaatsvinden naar Weko te Ochten, maar ook naar Eicom. Een schriftelijke bevestiging hiervan heeft ons echter nog niet bereikt. Overigens wordt de enorme berg eieren die op de nog niet geruimde bedrijven in het toezichtsgebied Gelderse Vallei aanwezig is door LNV nog steeds als een groot probleem gezien.
Het basisoverleg dat eerst op woensdag was vastgesteld in verschoven naar morgen. Voorafgaand aan het basisoverleg zal er in het kantoor van de PVE om 14.00 uur een voorbespreking worden gehouden. Morgenavond hoop ik u over het basisoverleg en over de besluiten van het PCVD te berichten.
Onder het motto "eind goed, al goed" besluit ik met de mededeling dat vanaf vanavond 18 uur het toezichtsgebied Goirle is opgeheven.
Met vriendelijke groeten, Henk Hulsbergen |
 |
| Veerman geeft toe dat hij virus achterna holt; nu 91 bedrijven besmet |
 |
Minister Veerman van landbouw geeft toe dat hij de vogelpest nog niet onder controle heeft en achter de feiten aanloopt. Het aantal besmette bedrijven is opnieuw gestegen tot 91. Het aantal verdachte bedrijven bedraagt 44. Drie weken na de eerste melding van vogelpest neemt het aantal besmette bedrijven nog steeds toe. Afgelopen weekeinde kwamen er weer acht bedrijven bij. Het gaat om bedrijven in Leusden, Lunteren, De Klomp, Bennekom en twee bedrijven in zowel Barneveld als Voorthuizen. In die plaatsen zijn al eerder bedrijven vanwege de vogelpest geruimd.
Minister Veerman van Landbouw krijgt de crisis niet onder controle. Doordat ruimingscapaciteit beperkt is tot drie- tot vierhonderdduizend kippen per dag lukt het niet om in 48 uur alle kippen in de één-kilometerzone rond een besmet of verdacht bedrijf te ruimen. Omdat er per dag telkens vier a vijf verdachte bedrijven bijkomen wachten elke dag ruim anderhalf miljoen stuks pluimvee op hun vroegtijdige dood. Omdat het minstens vier dagen duurt vooraleer al deze kippen gedood zijn komen er weer zestien tot twintig verdachte bedrijven zijn.
VVD, PvdA en LPF en dringen dan ook aan op veel massalere ruimingen; alle kippen binnen een straal van drie kilometer rond een besmette of verdachte pluimveehouderij moeten gruimd worden. Ook willen deze partijen van buiten naar binnen ruimen om zodoende een buffer te creëren zodat het virus niet kan ontsnappen.
Vooralsnog wijst Veerman deze plannen af. Het oprekken van het ruimingsgebied betekent in de praktijk dat alle pluimveehouderijen in de Gelderse Vallei geruimd moeten worden. Dat gaat de minister op dit moment te ver. Bovendien is de ruimings- en destructiecapaciteit niet op dergelijke aantallen berekend.
|
 |
| Geen onderzoek naar doodsoorzaak kippen in Laren |
Begin vorige week werd duidelijk dat er op het pluimveebedrijf van Henk Schutte in het Gelderse Laren geen klassieke vogelpest heerste. Welke ziekte dan wel verantwoordelijk was voor de plotselinge dood van honderden kippen is niet duidelijk. Er komt voorlopig geen vervolgonderzoek. Volgens een woordvoerder van het Ministerie van LNV is er voor zo'n onderzoek op dit moment geen capaciteit beschikbaar. Omdat er geen duidelijke aanleiding zou er naar alle mogelijke ziekten gekeken moeten worden. De woordvoerder betwijfelt sterk of het nog wel tot een vervolgonderzoek komt.
Schutte zelf denkt dat het om een heel besmettelijke ziekte gaat. Als je de ene dag 63 dode kippen ontdekt en een dag later driehonderd, dan kun je moeilijk anders concluderen, aldus Schutte. Uit vrees voor de klassieke vogelpest werden op 3 maart negenduizend kippen afgemaakt. Door de onduidelijke situatie weet Schutte nu niet of hij wel verder kan met zijn bedrijf.
|
| Ook opfokhennen onder opkoopregeling |
 |
Minister Veerman van Landbouw heeft de Regeling subsidie opkoop in vervoersbeperkingsgebieden pluimvee 2003 uitgebreid met opfokhennen. De opkoop is beperkt tot de dieren die niet van de opfokbedrijven naar de productiebedrijven mogen worden afgevoerd. Het subsidieplafond wordt verhoogd naar 6,3 miljoen euro. Vanwege het voortduren van de vervoersbeperkingen ontstaan ook bij deze diercategorie welzijnsproblemen. Normaliter worden deze dieren rond een leeftijd van 19 à 20 weken verplaatst van de opfokbedrijven naar de productiebedrijven. Dit is vanwege de vervoersbeperkingen nu niet mogelijk. De opkoop is dan ook beperkt tot de dieren die niet van de opfokbedrijven naar de productiebedrijven mogen worden afgevoerd.
Opfokhennen die binnen een bedrijf wel van de opfokstal naar de productiestal kunnen worden verplaatst komen niet in aanmerking voor subsidie. In dat geval worden de uitgelegde kippen uit de productiestal opgekocht ter destructie om plaats te maken voor de opfokhennen en het welzijnsprobleem op te lossen.
De vergoeding voor de opfokhennen is, gelijk de vergoeding voor de vleeskuikens, vleeseenden en vleeskalkoenen, gebaseerd op 80% van de vergoeding die worden uitgekeerd in het kader van de veterinaire ruimingen op grond van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren. Het subsidieplafond wordt verhoogd naar € 6,3 miljoen.
|
 |
| Dodingsmethode met Neocidol gestaakt |
 |
22 maart 2003 - Het ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij staakt het doden van pluimvee door het toevoegen van neocidol aan pluimveevoer. Ondanks een geslaagde praktijkproef is de reactie van pluimvee op neocidol zo onvoorspelbaar, dat er grote verschillen zijn ontstaan in dodingspercentages op de bedrijven waar deze methode is gehanteerd. Dat maakt deze dodingsmethode als substantiële aanvulling op andere gebruikte methodes zoals vergassing en electrocutie ook logistiek gezien niet effectief. De dodingsmethodes worden gehanteerd in het kader van de bestrijding van de Klassieke Vogelpest. Klassieke Vogelpest, of Aviaire Influenza, is een zeer besmettelijke pluimveeziekte, herkenbaar aan zwellingen aan de kop en hals en aan verkleuring van de kam en de poten. De incubatietijd bestaat ongeveer tien dagen. De ziekte verloopt daarna snel, met in de meeste gevallen de dood tot gevolg. Sinds eind februari zijn in Nederland tot nu toe 73 besmettingen en 46 ernstige verdenkingen geconstateerd.
|
 |
| vrijdag 21 maart, 21.00 uur |
 |
Vandaag zijn er 10 pluimveebedrijven toegevoegd aan de lijst met verdachte bedrijven. Volgens mededeling van de Chief Veterinary Officer (CVO) zijn er thans 72 besmette en 42 verdachte bedrijven.
De definitieve uitslag van het onderzoek naar AI op het bedrijf in Breskens zal niet komende maandag maar komende dinsdag bekend worden. De uitslag van Poppel volgt mogelijk een dag later.
Epidemiologen hebben de indruk dat het de goede kant opgaat met de bestrijding en dat het aantal nieuwe uitbraken afneemt. De pluimveesector deelt die mening niet, gezien het aantal verdachte bedrijven van donderdag en vrijdag bij is gekomen en het gegeven dat zonder nieuwe uitbraken nog 1,7 miljoen dieren moeten worden geruimd.
Tot dusver moeten in totaal 388 bedrijven (verdacht, besmet of in 1 km gebied) geruimd worden. Deze bedrijven hebben gezamenlijk 5.340.000 stuks pluimvee. Tot gisteravond 20 maart 17.00 uur waren 253 bedrijven geruimd waarbij 3.660.000 stuks pluimvee is gedood.
De doelstelling, verdachte bedrijven binnen 24 uur te ruimen en bedrijven in het 1 km-gebied binnen 48 uur, wordt nog niet gehaald.
De ruimingscapaciteit bedraagt momenteel 340.000 stuks per dag. Vandaag zijn voor het eerst enkele bedrijven geruimd met behulp van neocidol. Dit (schurft) middel wordt door het voer gemengd.
De destructiecapaciteit begint een probleem te worden. Kadavers van andere diersoorten dan pluimvee gaan nu naar Belgie en Duitsland waardoor in Nederland meer ruimte ontstaat voor het verwerken van pluimveekadavers.
Onduidelijkheden zijn er nog over diverse aspecten van de taxaties van te ruimen bedrijven. Daarbij gaat het o.a. over de aan te houden leeftijd van het pluimvee, over het door de staat over te nemen mengvoer en over het in rekening brengen van kosten voor mestafvoer. LNV zal trachten een en ander op te helderen.
Vleeseenden van buiten het toezichtsgebied mogen worden geslacht in eendenslachterijen in het toezichtsgebied. Het geslachte product moet echter in Nederland worden afgezet. Dit is voor de betreffende slachterijen niet acceptabel. De CVO heeft toegezegd dat hij zich in de komende vergadering van het Permanent Comite voor de Voedselveiligheid en de Diergezondheid (PCVD) sterk zal maken om het vlees ook te mogen exporteren. De Europese Commissie heeft al toegezegd zich daar niet tegen te zullen verzetten. Of wordt ingestemd met de export van het eendenvlees zal dinsdag a.s. duidelijk.
Het overplaatsen van vleeskalkoenen van een opfokbedrijf naar een afmestbedrijf zou conform de regelgeving voor opfokkoppels kippen geregeld kunnen worden. De beschikking die de Europese Commissie voor het verplaatsen heeft afgegeven spreekt alleen over legpluimvee en daarom kan het overplaatsen van vleeskalkoenen nog niet worden toegestaan. De CVO heeft toegezegd dat komende dinsdag in de vergadering van het PCVD aan de orde te zullen stellen.
De invoer van kalkoenbroedeieren is vanaf vanvond 19.00 uur wel weer toegestaan.
Ingelegde broedeieren van een verdacht/besmet koppel moeten uit de broedmachines worden gehaald. Door LNV is aangegeven dat deze eieren teruggehaald moeten worden. Of dit betekent dat de eieren uit het Diergezondheidsfonds worden gefinancierd is nog niet duidelijk. Datzelfde zou mogelijk gelden voor consumptie-eieren van verdachte/besmette koppels die terug zijn gehaald van de retailbedrijven.
LNV gaat aandacht besteden aan het afvoeren van andere diersoorten dan pluimvee van gemengde bedrijven in de toezichtsgebieden maar buiten de 1 km-gebieden.
Onduidelijk is nog steeds of lege pakstations in de toezichtgebieden eieren mogen aanvoeren van buiten de toezichtsgebieden en vervolgens die eieren na sortering en verpakking weer mogen afvoeren. Maandag vindt hierover nader overleg plaats.
Minister Veerman komt terug op een eerder besluit dat eieren bij ruiming van bedrijven alleen worden vergoed wanneer zijn geproducerd voor 17 maart. Dat heeft hij gisteren de Kamer toegezegd. Hij wil bezien welke andere mogelijkheden er zijn. Hij denkt aan een systeem waarbij in de eerste week na 17 maart 'het volle pond' wordt uitbetaald, de week daarop een korting van 15 tot 25 eurocent per kg op de marktprijs en week daarop een uitbetaling van 16 eurocent per kg.
Zie ook Dossier Klassieke Vogelpest
Omstreden dodingsmethode noodzakelijk
Hoewel hij het zo lang mogelijk wil uitstellen is het doden van pluimvee met neocidol haast niet meer te vermijden. De nieuwe dodingsmethode wordt noodzakelijk omdat Veerman besmette en verdachte bedrijven binnen 48 uur te ruimen. ,,Een zware opgave'', vindt hij. Het is nodig om de uitdijende besmetting de baas te worden. Er moeten nog 1,5 miljoen dieren worden gedood. Doding met CO2 gas heeft onvoldoende capaciteit. Neocidol is een schurftmiddel dat door het voer wordt gedaan. Het is een omstreden methode omdat het tien minuten duurt voor de dieren zijn overleden. De Dierenbescherming maakt er daarom groot bezwaar tegen. De welzijnscommissie van Prof. Cees Wensink heeft geen onoverkomelijke bezwaren. Ook de destructie- capaciteit heeft nu zijn grenzen bereikt. Rendac in Son besteedt het gewone materiaal uit in Belgie en mogelijk ook in Duitsland. Er zijn voorbereidingen gaande voor het invriezen van kippen. De fracties van VVD en LPF zijn in toenemende mate kritisch over Veermans aanpak. Zij vinden o.a. dat hij te weinig rekening houdt met verspreiding door de wind. Volgens Veerman sluiten deskundigen uit dat dit een factor van betekenis. Anders is niet verklaarbaar dat het virus 10 km overspringt terwijl tussenliggende bedrijven niet besmet worden. Ook breidt de ziekte zich tegen de windrichting uit. Daarnaast staat onder pluimveehouders de toenemende kraaienstand onder verdenking. Er zouden veel dode kraaien worden gevonden. Zich baserend op onderzoek naar het voorkomen van het virus onder wilde vogels zegt Veerman dat bij de dode kraaien geen AI is aangetroffen.
Vogelgriep voor mens niet zo onschuldig
De vogelpest is voor mensen misschien toch een groter gezondheidsrisico dan wat ongemak aan de ogen. Virologen van het RIVM en het ministerie van Volksgezondheid houden scherp in de gaten of mensen tegelijkertijd besmet worden voor het vogelpestvirus en het menselijk griepvirus. Door uitwisseling van erfelijk materiaal kan zich een nieuwe griepvariant vormen waartegen mensen geen weerstand hebben. Zo kan een zgn. pandemie ontstaan, zoals de Spaanse griep en de HongKonggriep in de vorige eeuw. Tot vorige week is zo'n virusvermenging niet aangetroffen. De kans daarop wordt door virologen nog steeds klein geacht. Wel hadden zich tot vorige 169 mensen gemeld met klachten. Het betreft pluimveehouders, ruimers, dierenartsen en andere mensen die in het vogelpestgebied actief zijn. Daarvan waren 35 mensen met de aviaire influenza besmet. Ondertussen is vastgesteld dat ook mensen elkaar met dat virus kunnen besmetten.
|
 |
 |
Ook vandaag zij weer tien pluimveebedrijven toegevoegd aan de lijst met verdachte bedrijven. Het betreft 6 legbedrijven in Barneveld, Bennekom (2x), Kootwijkerbroek, Lunteren en Renswoude; 2 vermeerderingsbedrijven in Kootwijkerbroek en Woudenberg en 2 vleeskuikenbedrijven in Nijkerk en Putten. Volgens mededeling van de Chief Veterinary Officer (CVO) zijn er thans 72 besmette en 42 verdachte bedrijven.
Sinds vanmorgen 0.00 uur is het mogelijk om broedeieren van bedrijven buiten de toezichtsgebieden te vervoeren naar broederijen buiten de toezichtsgebieden, om opfokleghennen en opfok(groot)ouderdieren van bedrijven buiten de toezichtsgebieden over te plaatsen naar bedrijven zonder pluimvee buiten de toezichtsgebieden en om oude kippen van bedrijven buiten de toezichtsgebieden af te voeren naar pluimveeslachterijen buiten de toezichtsgebieden. Doordat enkele protocollen erg laat op internet gepubliceerd zijn is er vandaag nauwelijks opfokpluimvee overgeplaatst kunnen worden. Volgens mededelingen van het CPE zijn vandaag veel geleidebiljetten afgegeven voor het transport van broedeieren naar broederijen.
Onderstaand wordt een overzicht gegeven van de meest interessante zaken die in het vanmiddag gehouden basisoverleg aan de orde zijn gekomen.
Tot dusver moeten in totaal 388 bedrijven (verdacht, besmet of in 1 -km gebied) geruimd worden. Deze bedrijven hebben gezamenlijk 5.340.000 stuks pluimvee. Tot gisteravond 20 maart 17.00 uur waren 253 bedrijven geruimd waarbij 3.660.000 stuks pluimvee is gedood. De ruimingscapaciteit bedraagt momenteel 340.000 stuks per dag. Vandaag zijn voor het eerst enkele bedrijven geruimd met behulp van neocidol. Dat is een middel dat door het voer gemengd wordt waarbij het pluimvee na het eten van dat voer snel sterft.
Een probleem vormt nu de destructiecapaciteit. Vandaag heeft men kunnen regelen dat kadavers van andere diersoorten dan pluimvee naar België en Duitsland gebracht kunnen worden waardoor in Nederland meer ruimte ontstaat voor het verwerken van pluimveekadavers.
De epidemiologen hebben de indruk dat de bestrijding de goede kant op gaat en dat het aantal nieuwe uitbraken afneemt. Gezien het grote antal nieuwe verdachte bedrijven van gisteren en vandaag en het gegeven dat zonder nieuwe uitbraken nog 1,7 miljoen dieren moeten worden geruimd wordt die mening niet door de pluimveesector geruimd.
De doelstelling is dat verdachte bedrijven binnen 24 uur worden geruimd en bedrijven in het 1 km-gebied binnen 48 uur. Die doelstelling wordt nog niet gehaald.
Het ministerie van LNV heeft besloten dat zeer binnenkort zal worden begonnen met een continue monitoring van pluimvee naar aviaire influenza (zowel hoog als laag pathogeen). Aan de Gezondheidsdienst voor Dieren is gevraagd daarvoor een voorstel uit te werken. Uitgangspunt is om zoveel mogelijk aan te sluiten bij bestaande monitoringssystemen voor NCD, Mg en salmonella. Voor koppels leghennen, kalkoenen en eenden zal het zeker leiden tot uitbreding van het aantal keren dat bloed van een koppel moet worden onderzocht. Vandaag is daarover een eerste overleg gevoerd en volgende week zal nader over deze monitoring worden gesproken.
Sinds gisteravond is het ook mogelijk dat vleeseenden van buiten het toezichtsgebied worden geslacht in eendenslachterijen die in het toezichtsgebied liggen. Het vlees van de eenden moet echter in Nederland worden afgezet hetgeen voor de betreffende slachterijen niet acceptabel is. De CVO heeft toegezegd dat hij zich in de komende vergadering van het Permanent Comité voor de Voedselveiligheid en de Diergezondheid (PCVD) sterk zal maken om het vlees ook te mogen exporteren. De Europese Commissie heeft reeds toegezegd zich daar niet tegen te zullen verzetten. Of de EU-lidstaten in zullen stemmen met de export van het eendenvlees zal disndag a.s. duidelijk worden. Op basis van het gevoerde overleg over het protocol voor het overplaatsen van opfokkoppels werd door ons verwacht dat verplaatsing van opfokoppels van bedrijven buiten het toezichtsgebied mogelijk zou worden naar lege stallen op bedrijven buiten het toezichtsgebied. In de gepubliceerde regelgeving wordt echter als eis gesteld dat op het bedrijf geen pluimvee aanwezig mag zijn. LNV heeft dit bewust zo geregeld maar is geschrokken van het aantal opfokhennen dat met deze regelgeving de komende weken niet overgeplaatst zal kunnen worden. Dat aantal zou 615.000 opfokhennen bedragen. LNV zal nu overwegen de regelgeving aan te passen. Morgenmiddag komt daar duidelijkheid over.
Het overplaatsen van vleeskalkoenen van een opfokbedrijf naar een afmestbedrijf zou conform de regelgeving voor opfokkoppels kippen geregeld kunnen worden. De beschikking die de Europese Commissie echter voor het verplaatsen heeft afgegeven spreekt alleen over legpluimvee en daarom kan het overplaatsen van vleeskalkoenen nog niet worden toegestaan. De CVO heeft toegezegd dat komende dinsdag ook in de vergadering van het PCVD aan de orde te zullen stellen.
Afgelopen nacht is het landelijke ophokgebod van pluimvee aangepast. Het ophokgebod geldt nu alleen nog in een schil om het toezichtsgebied Gelderse Vallei. Via de gemeentes en de lokale pers zal LNV proberen het ophokgebod onder de aandacht van de hobbypluimveehouders te brengen.
Onduidelijkheden zijn er nog over diverse aspecten van de taxaties van te ruimen bedrijven. Daarbij gaat het o.a. over de aan te houden leeftijd van het pluimvee, over het door de staat over te nemen mengvoer en over het in rekening brengen van kosten voor mestafvoer. LNV zal trachten één en ander op te helderen. Ingelegde broedeieren van een verdacht/besmet koppel moeten uit de broedmachines worden gehaald. Door LNV is aangegeven dat deze eieren teruggehaald moeten worden. Of dit betekent dat de eieren uit het Diergezondheidsfonds worden gefinancierd is nog niet duidelijk. Datzelfde zou mogelijk gelden voor consumptie-eieren van verdachte/besmette koppels die terug zijn gehaald van de retailbedrijven.
Ook zal LNV aandacht besteden aan het afvoeren van andere diersoorten dan pluimvee van gemengde bedrijven in de toezichtsgebieden maar buiten de 1 km-gebieden. Voorts zal nagegaan worden of de bestaande afspraken met betrekking tot de voerleveranties voldoende zijn. Met name gaat het dan om de vraag of niet bepaald moet worden dat bedrijven in het toezichtsgebied Gelderse Vallei alleen maar voer geleverd mogen krijgen van mengvoederbedrijven in het toezichtsgebied.
De invoer van kalkoenbroedeieren is vanaf vanvond 19.00 uur weer toegestaan. Aandacht zal ook besteed worden aan het gebruik van pluimveemest die al gedurende enige tijd bij akkerbouwbedrijven aanwezig is en niet uit de toezichtsgebieden afkomstig is.
Gewezen is op een protocol dat door de RVV wordt gezonden aan de bedrijven die zijn geruimd. Dat protocol is erg onduidelijk en bovendien op onderdelen tegenstrijdig. Zo wordt aangegeven dat het bedrijf binnen twee weken na ruiming gereinigd moet worden. Dat zou inhouden dat de aanwezige mest uit de stal moet, terwijl de mest juist het gevaarlijkste medium voor virusverspreiding is en het virus erg lang in de mest in leven kan blijven. LNV zal daar aandacht aan besteden.
Onduidelijk is nog steeds of lege pakstations in de toezichtgebieden eieren mogen aanvoeren van buiten de toezichtsgebieden en vervolgens die eieren na sortering en verpakking weer mogen afvoeren. LNV is bang dat één en ander niet goed controleerbaar is en dat vermenging zal ontstaan met eieren uit de toezichtsgebieden. Toegezegd is dat ideeën aangeleverd zullen worden en dat maandag nader overleg zal plaatsvinden.
Mestcontainers die op bedrijven staan mogen worden verplaatst en auto's van mesttransporteurs mogen lege containers op de bedrijven afleveren. Diezelfde auto's mogen echter niet de volle containers op de bedrijven verplaatsen; daarvoor moet een andere auto komen. Hierover schijnt te zijn nagedacht. Degene die de logica hiervan inziet wordt verzocht de oplossing van dit raadsel aan mij te mailen.
De definitieve uitslag van het onderzoek naar AI op het bedrijf in Breskens zal niet komende maandag maar komende dinsdag bekend worden. De uitslag van Poppel volgt mogelijk een dag later.
Tenslotte is meegedeeld dat de wegen die de grens vormen van de toezichtsgebieden niet tot het gebied behoren. Over die wegen mogen derhalve broedeieren en pluimvee vervoerd worden.
Het volgende basisoverleg zal op woensdag 26 maart worden gehouden.
Als bijlage treft u hierbij een protocol aan voor de reiniging en ontsmetting van vervoermiddelen.
Tenzij er de komende dagen nieuwe verdenkingen worden vastgesteld in gebieden die verder dan 3 km van een reeds bekende verdachte of besmette bedrijven liggen, zullen mijn collega's en ik het komende weekeinde niet op kantoor zijn. Ik wens u een goed c.q. rustig weekeinde, met vriendelijke groeten, Henk Hulsbergen
|
 |
 |
21 maart 2003 - In verband met welzijnsproblemen bij opfokhennen komen van vanaf vandaag bedrijven met opfokhennen in aanmerking voor de opkoopregeling. Dit heeft minister Veerman van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij vandaag besloten. De opkoopregeling gold eerder al voor vleeskalkoenen, vleeskuikens en vleeseenden. De opkoopregeling geldt voor het vervoersbeperkingsgebied de Gelderse Vallei, zoals dat er uitzag op 19 maart 2003. Normaal gesproken worden opfokhennen rond een leeftijd van 19 à 20 weken verplaatst van de opfokbedrijven naar de productiebedrijven. Dit is door de vervoersbeperkingen nu niet mogelijk. De opkoop is dan ook beperkt tot de dieren die niet van de opfokbedrijven naar de productiebedrijven mogen worden afgevoerd. Opfokhennen die binnen een bedrijf wel van de opfokstal naar de productiestal kunnen worden verplaatst komen niet in aanmerking voor subsidie. In dat geval worden de uitgelegde kippen uit de productiestal opgekocht ter destructie om plaats te maken voor de opfokhennen en het welzijnsprobleem op te lossen. De welzijnsproblemen ontstaan doordat de opfokbedrijven niet berekend zijn op de zwaarte en omvang van de dieren na een leeftijd van 19 à 20 weken. Ook is de bezettingsgraad op opfokbedrijven hoger dan op productiebedrijven, waardoor dit probleem nog wordt vergroot. Verder beginnen de opfokhennen rond de leeftijd van 19 à 20 weken met het leggen van eieren, waarvoor op de opfokbedrijven geen voorzieningen aanwezig zijn. Dit vergroot de kans op infecties en hygiëneproblemen bij de dieren. Als criterium voor de welzijnsproblemen is genomen de periode gedurende welke de dieren deel uit maken van een koppel. Voor het overige is de opkoopregeling ongewijzigd gebleven. Dit betekent onder meer dat ook voor deze wijziging geldt dat de regeling nog kan worden aangepast indien dat in verband met de Brusselse goedkeuring, dan wel wegens het van kracht worden van een EU-regeling noodzakelijk is. Verder geldt de verplichting om alle op de betrokken bedrijfslocatie aanwezige levende opfokhennen, vleeskuikens, vleeseenden en vleeskalkoenen voor opkoop aan te bieden. Dit om herhaalde opkoop ter destructie te voorkomen. Ook voor bedrijven die al onder de regeling vielen, en vanaf vandaag vleeskuikens, vleeseenden of vleeskalkoenen ter opkoop aanbieden, geldt nu de verplichting om ook de op de betrokken bedrijfslocatie aanwezige opfokhennen voor opkoop aan te bieden. Voor de opfokhennen geldt deze verplichting niet voor dieren die zich bevinden in productiestallen. Dit zijn legdieren, die niet van het bedrijf behoeven te worden afgevoerd. Herhaalde opkoop is dan ook niet aan de orde.
De vergoeding voor de opfokhennen is, gelijk de vergoeding voor de vleeskuikens, vleeseenden en vleeskalkoenen, gebaseerd op 80% van de vergoeding die worden uitgekeerd in het kader van de veterinaire ruimingen op grond van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren. De opkoopregeling en het gebied zijn te vinden op www.minlnv.nl/vogelpest. Daar staat ook een aanmeldingsformulier. Voor vragen kunnen bedrijven terecht bij Het LNVloket: 0800 - 2233322
|
 |
| Wijziging Regeling subsidie opkoop in vervoersbeperkingsgebieden pluimvee 2003 |
 |
dd. 21-03-2003 Toelichting voor de Staatscourant Met de onderhavige regeling worden eveneens de opfokhennen onder de regeling gebracht. Vanwege het voortduren van de vervoersbeperkingen ontstaan ook bij deze diercategorie welzijnsproblemen. Normaliter worden deze dieren rond een leeftijd van 19 à 20 weken verplaatst van de opfokbedrijven naar de productiebedrijven. Dit is vanwege de vervoersbeperkingen nu niet mogelijk. De opkoop is dan ook beperkt tot de dieren die niet van de opfokbedrijven naar de productiebedrijven mogen worden afgevoerd. Opfokhennen die binnen een bedrijf wel van de opfokstal naar de productiestal kunnen worden verplaatst komen niet in aanmerking voor subsidie. In dat geval worden de uitgelegde kippen uit de productiestal opgekocht ter destructie om plaats te maken voor de opfokhennen en het welzijnsprobleem op te lossen. De welzijnsproblemen ontstaan doordat de opfokbedrijven niet berekend zijn op de zwaarte en breedte van de dieren na een leeftijd van 19 à 20 weken. Ook is de bezettingsgraad op opfokbedrijven hoger dan op productiebedrijven, waardoor dit probleem nog wordt vergroot. Verder beginnen de opfokhennen rond de leeftijd van 19 à 20 weken met het leggen van eieren, waarvoor op de opfokbedrijven geen voorzieningen aanwezig zijn. Dit vergroot de kans op infecties en hygiëneproblemen bij de dieren.
Als criterium voor de welzijnsproblemen is genomen de periode gedurende welke de dieren deel uit maken van een koppel.
Voor het overige is de regeling ongewijzigd gebleven. Dit betekent onder meer dat ook voor deze wijziging geldt dat de regeling nog kan worden aangepast indien dat in verband met de communautaire goedkeuring, dan wel wegens het van kracht worden van een communautaire regeling terzake noodzakelijk is. Verder geldt de verplichting om alle op de betrokken bedrijfslocatie aanwezige levende opfokhennen, vleeskuikens, vleeseenden en vleeskalkoenen voor opkoop aan te bieden. Dit om herhaalde opkoop ter destructie te voorkomen. Ook voor bedrijven die al onder de regeling vielen, en vanaf datum inwerkingtreding van de onderhavige regeling, vleeskuikens, vleeseenden of vleeskalkoenen ter opkoop aanbieden, geldt thans de verplichting om ook de op de betrokken bedrijfslocatie aanwezige opfokhennen voor opkoop aan te bieden. Voor de opfokhennen geldt deze verplichting niet voor dieren die zich bevinden in productiestallen. Dit zijn legdieren, die niet van het bedrijf behoeven te worden afgevoerd. Herhaalde opkoop is dan ook niet aan de orde.
De vergoeding voor de opfokhennen is, gelijk de vergoeding voor de vleeskuikens, vleeseenden en vleeskalkoenen, gebaseerd op 80% van de vergoeding die worden uitgekeerd in het kader van de veterinaire ruimingen op grond van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren. Het subsidieplafond wordt verhoogd naar € 6,3 miljoen.
DE MINISTER VAN LANDBOUW, NATUURBEHEER EN VISSERIJ,
|
 |
| Morgen in de Pluimveehouderij |
 |
Routinematig ruimen
Op dit moment worden alle ruimingen, behalve die waarbij de dieren in de stallen worden vergast, uitgevoerd door HKI Wageningen. Het bedrijf zorgt voor de operationele coördinatie van de ruimingen, de bemensing en de logistiek. Derk van Wijk van HKI: ,,Ons bedrijf heeft een methode ontwikkeld waarbij de dieren in een omgeving van 70% CO2 worden gedood. Wij zijn er van overtuigd dat die methode ethisch verantwoord is. De ruiming van dieren in de stal door daar gas in te brengen strookt niet met onze filosofie. Dat neemt niet weg dat we begrip hebben voor de toepassing van deze methode om daarmee de capaciteit van de ruimingen op te voeren.'' Hoe gebeurt nu zo'n ruiming en welke apparatuur wordt toegepast? Een impressie.
Tunnelventilatie
Om hittestress tegen te gaan zijn veel vleeskuikenstallen de laatste jaren voorzien van een vernevelinstallatie om binnenkomende lucht te koelen. Hoewel dergelijke installaties bij hoge temperaturen al veel leed hebben voorkomen, kleeft er een nadeel aan: ze verhogen de luchtvochtigheid. Fancom bedacht een nieuw ventilatieprocede dat hieraan tegemoet komt: Minimum Transition Tunnel (MTT). Bij dit ventilatie- systeem verloopt de ventilatie in drie fasen van conventioneel minimum ventilatie naar volledig tunnelventilatie. Met dit systeem is zowel bij lage als bij hoge buitentemperaturen een ideaal stalklimaat te bewerkstelligen. |
 |
 |
Het aantal verdachte en besmette pluimveebedrijven neemt nog steeds toe. Gisteren zijn er 10 verdachte bedrijven bijgekomen. Er zijn 61 bedrijven besmet verklaard en 49 bedrijven zijn verdacht.
LNV heeft laten weten dat het toezichtsgebied Breskens mogelijk maandag kan worden opgeheven. Het toezichtsgebied Goirle zal worden opgeheven zodra de Belgische overheid het toezichtsgebied Poppel opheft.
In een groot deel van Nederland mogen met ingang van vandaag AI-gevoelige dieren weer naar buiten: de ophokplicht geldt alleen nog voor de toezichtsgebieden en voor een zone van ca. 10 km rondom toezichtsgebied Gelderse Vallei. Dit is het zgn. ophokgebied. Op de internetpagina Klassieke Vogelpest vindt u nu ook informatie over de geldende maatregelen in het ophokgebied.
Buiten de toezichtsgebieden mogen broedeieren weer naar broederijen worden vervoerd, onder strenge voorwaarden ten aanzien van verpakking, vervoer, opslag en inleggen die zijn vastgelegd in een protocol van de RVV.
Buiten de toezichtsgebieden mogen nu alle AI-gevoelige dieren rechtstreeks worden vervoerd naar een slachthuis, mits er een gezondheidsverklaring is opgesteld door een dierenarts.
Buiten de toezichtsgebieden mogen nu ook opfokdieren (leg en slacht) rechtstreeks worden vervoerd naar een bedrijf waar geen andere AI-gevoelige dieren aanwezig zijn, op voorwaarde dat het transport vergezeld gaat van een gezondheidsverklaring en op voorwaarde dat de dieren na aflevering binnen zeven dagen worden onderzocht op vogelpest.
|
 |
| LNV: Oplossingen voor problemen rond vogelpest |
 |
Er worden oplossingen gecreëerd voor welzijnsproblemen met eenden, voor het vervoer met lege vervoermiddelen, het vervoer van opfokpluimvee en voor het vervoer van broedeieren van buiten de ingesloten gebieden. Dat heeft minister Veerman van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij 21 maart besloten. De maatregelen zijn ingegaan op vrijdagmorgen 21 maart om 00.00 uur. De wijziging regelingen vindt u op de website van het ministerie van LNV. Welzijn eenden In het vervoersbeperkingsgebied de Gelderse Vallei zitten de enige twee eendenslachterijen van Nederland. Bijna alle eendenbedrijven liggen buiten het ingesloten gebied. Om welzijnsproblemen voor deze eenden te voorkomen heeft de minister besloten dat onder strikte voorwaarden eenden uit de rest van Nederland geslacht mogen worden in deze twee slachterijen. Eén van de voorwaarden heeft betrekking op de route waarlangs de eenden vervoerd mogen worden. Overigens mag het eendenvlees niet geëxporteerd worden.
Vervoermiddelen Sinds het begin van de vogelpest geldt voor zowel binnen als buiten de ingesloten gebieden een verbod op het vervoer van vervoermiddelen voor pluimvee, eieren en pluimveemest. Vanaf vannacht is het weer mogelijk om buiten de ingesloten gebieden lege vervoermiddelen onder strikte voorwaarden te vervoeren, zoals grondige reiniging en ontsmetting. Binnen de ingesloten gebieden bevindt zich een aantal lege vervoermiddelen, dat onder het huidige regime niet mag worden gebruikt. Vanaf vannacht mogen deze voertuigen onder strikte voorwaarden éénmalig uit het gebied worden gebracht.
Vervoer opfokpluimvee en broedeieren Vanaf vannacht mogen broedeieren van buiten de ingesloten gebieden weer onder strikte voorwaarden vervoerd worden naar broederijen. Ook mogen onder voorwaarden oude leghennen weer worden afgevoerd naar slachthuizen en vervangen door jonge hennen.Tenslotte mogen buiten de ingesloten gebieden dieren die gevoelig zijn voor Klassieke Vogelpest onder voorwaarden weer naar het slachthuis worden vervoerd.
|
 |
| LNV: Oplossingen voor problemen rond vogelpest |
 |
Er worden oplossingen gecreëerd voor welzijnsproblemen met eenden, voor het vervoer met lege vervoermiddelen, het vervoer van opfokpluimvee en voor het vervoer van broedeieren van buiten de ingesloten gebieden. Dat heeft minister Veerman van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij 21 maart besloten. De maatregelen zijn ingegaan op vrijdagmorgen 21 maart om 00.00 uur. De wijziging regelingen vindt u op de website van het ministerie van LNV. Welzijn eenden In het vervoersbeperkingsgebied de Gelderse Vallei zitten de enige twee eendenslachterijen van Nederland. Bijna alle eendenbedrijven liggen buiten het ingesloten gebied. Om welzijnsproblemen voor deze eenden te voorkomen heeft de minister besloten dat onder strikte voorwaarden eenden uit de rest van Nederland geslacht mogen worden in deze twee slachterijen. Eén van de voorwaarden heeft betrekking op de route waarlangs de eenden vervoerd mogen worden. Overigens mag het eendenvlees niet geëxporteerd worden.
Vervoermiddelen Sinds het begin van de vogelpest geldt voor zowel binnen als buiten de ingesloten gebieden een verbod op het vervoer van vervoermiddelen voor pluimvee, eieren en pluimveemest. Vanaf vannacht is het weer mogelijk om buiten de ingesloten gebieden lege vervoermiddelen onder strikte voorwaarden te vervoeren, zoals grondige reiniging en ontsmetting. Binnen de ingesloten gebieden bevindt zich een aantal lege vervoermiddelen, dat onder het huidige regime niet mag worden gebruikt. Vanaf vannacht mogen deze voertuigen onder strikte voorwaarden éénmalig uit het gebied worden gebracht.
Vervoer opfokpluimvee en broedeieren Vanaf vannacht mogen broedeieren van buiten de ingesloten gebieden weer onder strikte voorwaarden vervoerd worden naar broederijen. Ook mogen onder voorwaarden oude leghennen weer worden afgevoerd naar slachthuizen en vervangen door jonge hennen.Tenslotte mogen buiten de ingesloten gebieden dieren die gevoelig zijn voor Klassieke Vogelpest onder voorwaarden weer naar het slachthuis worden vervoerd.
|
 |
| Ophokplicht pluimvee alleen nog voor 10 km-gebied Gelderse Vallei |
Dieren die gevoelig zijn voor Klassieke Vogelpest hoeven niet meer in heel Nederland opgehokt te worden. De verplichting geldt vanaf 21 maart alleen nog maar voor het ingesloten gebied van de Gelderse Vallei en een veiligheidszone van zo'n tien kilometer hieromheen, het zogenaamde ophokgebied. De reden hiervoor is dat de Gelderse Vallei in veterinair opzicht nog steeds een onrustig beeld laat zien. Het gaat bij dit ophokgebod onder meer om kippen, kalkoenen, eenden en parelhoenders. Dit heeft minister Veerman van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij 21 maart besloten.
De wijziging regelingen vindt u op de website van het ministerie van LNV. |
| Verzamelverbod voor alle vogels |
 |
21 maart 2003 - Het verzamelen van vogels wordt verboden. Dit geldt ook voor jaarbeurzen, markten, verkopingen en veilingen, tentoonstellingen, keuringen en andere evenementen. Tot nu toe gold dit verbod alleen voor pluimvee. Dit heeft minister Veerman van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij vandaag besloten. Het besluit past in het beleid van de minister ter verdere beteugeling van de verspreiding van Klassieke Vogelpest. Dieren die gevoelig zijn voor Klassieke Vogelpest hoeven niet meer in heel Nederland opgehokt te worden. De verplichting geldt vanaf 21 maart alleen nog maar voor het ingesloten gebied van de Gelderse Vallei en een veiligheidszone van zo'n tien kilometer hieromheen. De reden hiervoor is dat de Gelderse Vallei in veterinair opzicht nog steeds een onrustig beeld laat zien. Het gaat bij dit ophokgebod onder meer om kippen, kalkoenen, eenden en parelhoenders.
Verder worden er oplossingen gecreëerd voor welzijnsproblemen met eenden, voor het vervoer met lege vervoermiddelen, het vervoer van opfokpluimvee en voor het vervoer van broedeieren van buiten de ingesloten gebieden. Ook deze maatregelen gaan in op vrijdagmorgen 21 maart 00.00 uur.
In het vervoersbeperkingsgebied de Gelderse Vallei zitten de enige twee eendenslachterijen van Nederland. Bijna alle eendenbedrijven liggen buiten het ingesloten gebied. Om welzijnsproblemen voor deze eenden te voorkomen heeft de minister besloten dat onder strikte voorwaarden eenden uit de rest van Nederland geslacht mogen worden in deze twee slachterijen. Eén van de voorwaarden heeft betrekking op de route waarlangs de eenden vervoerd mogen worden. Overigens mag het eendenvlees niet geëxporteerd worden.
Sinds het begin van de vogelpest geldt voor zowel binnen als buiten de ingesloten gebieden een verbod op het vervoer van vervoermiddelen voor pluimvee, eieren en pluimveemest. Vanaf vannacht is het weer mogelijk om buiten de ingesloten gebieden lege vervoermiddelen onder strikte voorwaarden te vervoeren, zoals grondige reiniging en ontsmetting. Binnen de ingesloten gebieden bevindt zich een aantal lege vervoermiddelen, dat onder het huidige regime niet mag worden gebruikt. Vanaf vannacht mogen deze voertuigen onder strikte voorwaarden éénmalig uit het gebied worden gebracht.
Vanaf vannacht mogen broedeieren van buiten de ingesloten gebieden weer onder strikte voorwaarden vervoerd worden naar broederijen. Ook mogen onder voorwaarden oude leghennen weer worden afgevoerd naar slachthuizen en vervangen door jonge hennen.Tenslotte mogen buiten de ingesloten gebieden dieren die gevoelig zijn voor Klassieke Vogelpest onder voorwaarden weer naar het slachthuis worden vervoerd.
Klassieke Vogelpest of Aviaire Influenza is een zeer besmettelijke pluimveeziekte, herkenbaar aan zwellingen aan de kop en hals en aan verkleuring van de kam en de poten. De incubatietijd bedraagt ongeveer tien dagen. De ziekte verloopt daarna snel, met in de meeste gevallen de dood tot gevolg. Sinds eind februari zijn in Nederland tot nu toe 61 besmettingen en 48 ernstige verdenkingen geconstateerd.
|
 |
 |
Het aantal verdachte en besmette pluimveebedrijven breidt zich nog steeds uit. Vandaag zijn er 10 verdachte bedrijven bijgekomen. Het betreffen 2 vermeerderingsbedrijven in Woudenberg en Bennekom, 5 legbedrijven in Ederveen, Kootwijkerbroek, Nijkerk, Otterlo en Putten, een vleeskuikenbedrijf in Voorthuizen, een vleeskalkoenbedrijf in Nijkerk en een struisvogelbedrijf in Voorthuizen. Er zijn 61 bedrijven besmet verklaard en 49 bedrijven zijn verdacht. In totaal komt het aantal bedrijven daarmee op 110.
Gisteravond is vanwege een verdacht bedrijf in Kootwijkerbroek het toezichtsgebied Gelderse Vallei naar het noordoosten (Uddel/Apeldoorn) uitgebreid. Door het vandaag verdacht verklaarde bedrijf in Woudenberg wordt het toezichtsgebied mogelijk iets naar het zuidwesten (richting Cothen/Odijk) uitgebreid.
Vandaag is door het Productschap de laatste hand gelegd aan de protocollen voor de afvoer van broedeieren van vermeerderingsbedrijven buiten de toezichtsgebieden naar broederijen buiten de toezichtsgebieden en voor het overplaatsen van koppels opfokpluimvee (leg en repro) van bedrijven buiten de toezichtsgebieden naar productiebedrijven buiten de toezichtsgebieden. Nepluvi heeft een protocol opgesteld voor de afvoer van vleeseneden naar de eendenslachterijen. Het vlees van de eenden zou echter niet geëxporteerd mogen worden.
Zojuist (18.50) heeft het ministerie laten weten dat voor het overplaatsen van pluimvee een wettelijke regeling zal worden gemaakt en dat het opgestelde protcol niet zal worden gebruikt. De regeling zal vermoedelijk vanavond nog op internet worden geplaatst.
Voor het transport van broedeieren komt wel een protcol. Het protocol is als bijlage bijgevoegd. Voor de exacte regeling verwijs ik naar de internetpagina van LNV.
Tot vanavond 17.30 uur had het CPE voor het vervoer van broedeieren van bedrijven buiten het toezichtsgebied naar een eiproductenbedrijf buiten het toezichtsgebied in totaal voor 23 miljoen broedeieren geleidebiljetten afgegeven. Voor de afvoer van broed- of consumptie-eieren van bedrijven in het toezichtsgebied naar een eiproductenbedrijf in het toezichtsgebied waren geleidebiljetten afgegeven voor 3,5 miljoen eieren.
Er is vandaag door LNV nog geen beslissing genomen over het toestaan van de import van kalkoenbroedeieren. LNV heeft laten weten op zich geen bezwaren te hebben tegen het overplaatsen van vleeskalkoenen van een opfokbedrijf naar een afmestbedrijf, maar de beschikking van de EU waarim het overplaatsen van pluimvee wordt toegestaan heeft uitsluitend betrekking op het overplaatsen van legpluimvee (incl. reproductiedieren) en niet op vleespluimvee. LNV zal in de dinsdag a.s. te houden vergadering van het Permanent Comité voor de Voedselveiligheid en de Diergezondheid vragen ook het overplaatsen van vleeskalkoenen toe te mogen staan.
Voorts is meegedeeld dat er een regeling zal komen om auto's van broederijen, pakstations en slachterijen na grondige reiniging en ontsmetting eenmalig uit het toezichtsgebied te mogen rijden zodat met die auto's buiten het toezichtsgebied gewerkt kan worden. Ook zal LNV nader kijken naar de mogelijkheden om activiteiten te ontwikkelen op de pakstations binnen de toezichtsgebieden. Dat zal dan alleen betrekking hebben op eieren van bedrijven buiten het toezichtsgebied, die naar de pakstations worden vervoerd met auto's die niet op pluimveebedrijven geweest zijn. Een ander probleem waarvoor nog geen pasklare oplossing is, vormen de ongeveer 90 miljoen consumptie-eieren die in het toezichtsgebied Gelderse Vallei op de legbedrijven staan.
Tenslotte heeft LNV laten weten dat het toezichtsgebied Breskens mogelijk maandag a.s. kan worden opgeheven. Het toezichtsgebied Goirle zal worden opgeheven zodra de Belgische overheid het toezichtsgebied Poppel opheft.
Morgenochtend zal de Vaste Kamercommissie voor Landbouw, Natuurbeheer en Visserij een werkbezoek brengen aan het regionaal crisiscentrum in Stroe. Daarna zal het Productschap de commissie ontvangen. Morgen is voorts om 16.00 uur een basisoverleg gepland.
Met vriendelijke groeten, Henk Hulsbergen |
 |
| Pluimveehouders houden eieren vast, opkoop eieren 1-kilometerzone gestaakt. |
 |
Minister Veerman van Landbouw heeft de opkoop gestaakt van consumptie- en broedeieren die na maandag 17 maart 0.00 uur zijn geproduceerd op bedrijven die in een straal van 1 kilomter rond een van vogelpest verdacht bedrijf liggen. Veerman wil hiermee strategisch gedrag van pluimveehouders tegengaan. Sinds maandagavond 17 maart mogen pluimveehouders in de toezichtsgebieden weer eieren vervoeren naar verwerkende bedrijven in die gebieden. Dat levert echter maar 1 à anderhalve cent per stuk op. Daarom houden veel pluimveehouders hun eieren zolang mogelijk vast in de hoop dat hun bedrijven ook binnen de 1 kilometerzone komen te vallen. Op dat moment worden hun eieren via de opkoopregeling 4 tot 5 cent waard.
Doordat de pluimveehouders geen goede opslagmogelijkheden hebben voor al die eieren loopt de hygiëne gevaar. Daarom heeft Veerman woensdag bepaald dat hij alleen nog eieren zal vergoeden die voor afgelopen maandag zijn gelegd. De overheid kan dat vaststellen omdat van elk bedrijf bekend is hoeveel eieren het pluimvee er dagelijks legt.
|
 |
| Gemeente Barneveld steunt pluimveehouders liever zelf |
 |
De gemeente Barneveld zal geen geld storten in het nationaal noodfonds vogelpest dat door het rijk is ingesteld. De gemeente wil de pluimveehouders veel sneller helpen en kiest daarom voor directe ondersteuning via de Bijstandsverlening Zelfstandigen. Volgens het College van Burgemeester en Wethouders heeft de MKZ-crisis geleerd dat boeren aan veel voorwaarden moeten voldoen om geld uit een nationaal fonds te ontvangen en dat de gelden pas na geruime tijd los komen. Bovendien is niet al het geld uit het MKZ-fonds van twee jaar geleden bij de getroffen boeren terechtgekomen.
De gemeente wil haar boeren nu rechtstreeks en ruimhartig steunen. Pluimveehouders die als gevolg van de crisis hun inkomen tot minimumniveau hebben zien dalen en geen extra krediet krijgen van de bank kunnen een beroep doen op de gemeente. Pas achteraf zal gekeken worden of de pluimveehouder recht had op de extra steun. De steun wordt echter alleen verleend aan levensvatbare bedrijven.
Inmiddels hebben vijf pluimveehouders een beroep op de gemeente Barneveld gedaan. Eén ervan kon direct geholpen worden in de vorm van een bedrijfskrediet van maximaal 160.000 euro.
|
 |
| donderdag 20 maart, 9.00 uur |
 |
Het totaal aantal besmette en ernstig verdachte bedrijven bedroeg gisteren aan het eind van de dag 40 en er zijn 60 bedrijven definitief besmet verklaard. Er zijn inmiddels 209 bedrijven geruimd met 3,2 miljoen dieren. In totaal moeten er tot dusver 325 bedrijven worden geruimd.
Naar aanleiding van een ernstige verdenking van vogelpest op een bedrijf bij Kootwijkerbroek is het vervoersbeperkingsgebied Gelderse Vallei gisteren om 18.00 uur uitgebreid.
Bij het landelijke onderzoek (monitoring) naar de aanwezigheid van de laagpathogene variant van vogelpest zijn ruim 1300 bedrijven onderzocht. Daarbij is op drie vlak bij elkaar liggende bedrijven in de buurt van Dinteloord pluimvee serologisch positief bevonden. Van een wijdverbreide aanwezigheid van laagpathogeen vogelpestvirus in Nederland is blijkens de monitoring geen sprake. De minister wil de monitoring voortzetten. Daarbij zullen vermeerderingsbedrijven tweewekelijks worden gecontroleerd. Leghennen en slachtpluimvee zullen via de reguliere NCD-bemonstering op Aviaire Influenza worden gecontroleerd.
In zijn brief aan de Tweede Kamer deelt minister Veerman mee dat van de mogelijkheid om in de toezichtsgebieden eieren af te voeren naar de eiproductenbedrijven nauwelijks gebruik wordt gemaakt. Daarom heeft de minister besloten om bij de ruiming van bedrijven alleen nog de eieren te vergoeden die voor 17 maart 2003 zijn geproduceerd. LTO/NOP vindt dat de minister tijdens de strijd niet de spelregels moet veranderen, temeer niet omdat er onwerkbare voorwaarden zitten aan de mogelijkheid in de B/T-gebieden broed- en consumptie-eieren te vervoeren. LTO/NOP wil bezien of deze wijziging past binnen de EU-regels voor het bestrijden van dierziekten.
Voor de afvoer van (broed)eieren binnen de toezichtsgebieden naar een eiproductenbedrijf had het CPE tot gisteravond 16.30 uur slechts 8 geleidebiljetten afgegeven voor 1.120.000 eieren.
Van de mogelijkheid broedeieren af te voeren van reproductiebedrijven buiten de toezichtsgebieden naar eiproductenbedrijven buiten de toezichtsgebieden wordt wel goed gebruik gemaakt. Daarvoor gaf het CPE tot nu toe in totaal 157 geleidebiljetten af voor de afvoer van 18, 2 miljoen eieren.
De PVE werken in overleg met ministerie en RVV aan protocollen voor het vervoer van pluimvee van opfokbedrijven buiten de toezichtsgebieden naar productiebedrijven buiten de toezichtsgebieden en voor het vervoer van broedeieren van pluimveebedrijven buiten de toezichtsgebieden naar broederijen buiten de toezichtsgebieden. In beide gevallen zal het om 1 op 1 transport gaan en broederijen die eieren willen inleggen zullen er op moeten rekenen dat gegarandeerd moet wordenm dat voor de kuikens uit die eieren een plaatsingsmogelijkheid in Nederland is en dat, indien de kuikens wegens vervoersverboden niet geplaatst kunnen worden, het broedproces onderbroken zal worden c.q. de kuikens gedood zullen worden en er geen aanspraak op een vergoeding van de overheid zal worden gedaan. Genoemde verplaatsingen zijn weer mogelijk vanaf vrijdag 21 maart 0.00 uur.
De RVV heeft aan Nepluvi gevraagd een protocol op te stellen voor het transport van vleeseenden naar de eendenslachterijen in het toezichtsgebied. Zodra dat protocol is goedgekeurd zou de afvoer naar de slachterijen op gang kunnen komen.
|
 |
| Verdenking vogelpest bij Kootwijkerbroek, |
10 km-gebied Gelderse Vallei uitgebreid Het vervoersbeperkingsgebied Gelderse Vallei is uitgebreid naar aanleiding van een ernstige verdenking van vogelpest op een bedrijf bij Kootwijkerbroek.
Het totale aantal ernstige verdenkingen van vogelpest bedraagt nu 40. Er zijn 60 bedrijven definitief besmet verklaard. |
| Veerman: Aantal besmette en verdachte bedrijven groeit gestaag |
 |
De omvang van het Beschermings- en Toezichtsgebied (B/T-gebied) rond Barneveld en het aantal besmette en verdachte bedrijven groeit gestaag. Op 18 maart waren 60 bedrijven besmet met klassieke vogelpest en 38 bedrijven verdacht. Het totaal aantal te ruimen bedrijven bedroeg op dat moment 323 met 4,4 miljoen dieren. Hiervan waren 209 bedrijven met 3,2 miljoen dieren geruimd. Op dit moment worden gemiddeld meer dan 300.000 dieren per dag geruimd. Verder blijkt uit het landelijk onderzoek naar de aanwezigheid van laagpathogene Aviaire Influenza dat er geen sprake is van een wijdverbreide aanwezigheid van dit virus in Nederland. Dat schrijft minister Veerman van LNV aan de Tweede Kamer over de stand van zaken van de uitbraak van klassieke vogelpest in Nederland. Aangezien een groot deel van de nog te ruimen bedrijven klein van omvang is en er nog nieuwe besmettingen of verdenkingen bijkomen, blijkt het lastig om bij de huidige werkwijze het aantal nog te ruimen dieren substantieel te verlagen. Daarnaast hebben epidemiologen minister Veerman recent geadviseerd besmette of verdachte bedrijven en de bedrijven in een straal van 1 km daaromheen binnen 48 tot 72 uur te ruimen. Daarop heeft Veerman besloten als insteek te kiezen dat de te ruimen bedrijven (besmet, verdacht of in de 1 km-zones) binnen 48 uur moeten worden geruimd, waarbij hij indien nodig een nieuwe dodingsmethode zal inzetten. Deze methode bestaat uit het toedienen van neocidol aan pluimveevoeder. Hierover heeft Veerman advies ingewonnen bij de Commissie Wensing. De commissie heeft hem geadviseerd de methode alleen toe te passen indien niet aan de termijn van 48 uur kan worden voldaan. Dit advies heeft Veerman overgenomen.
Uitkomsten monitoring In het kader van het landelijke onderzoek naar de aanwezigheid van laagpathogene Aviaire Influenza zijn ruim 1300 bedrijven onderzocht. Hieruit is gebleken dat op een drietal vlak bij elkaar liggende bedrijven in de buurt van Dinteloord pluimvee serologisch positief is bevonden. Dit betekent dat het laagpathogene Aviaire Influenza-virus aanwezig is geweest op deze bedrijven. De bedrijven zijn geruimd. Gelet op het feit dat in het kader van deze monitoring bijna de helft van de professionele Nederlandse pluimveehouderijen steekproefsgewijs is onderzocht, concludeert minister Veerman dat geen sprake is van een wijdverbreide aanwezigheid van laagpathogeen Aviaire Influenza-virus in Nederland. Veerman zal de monitoring voortzetten waarbij vermeerderingsbedrijven tweewekelijks zullen worden gecontroleerd en waarbij via de reguliere NCD-bemonstering leghennen en slachtpluimvee ook op Aviaire Influenza zullen worden gecontroleerd. Overigens constateert Veerman dat bij de screening in de drie-km zones rond de besmettingshaarden geen antilichamen zijn aangetroffen. Dit betekent dat het hoogpathogene AI-virus nog maar kort in Nederland aanwezig is.
De uitkomsten van de monitoring geven Veerman aanleiding om de nationale ophokplicht voor AI-gevoelige dieren te herzien.
Welzijnsopkoop Op vrijdag 14 maart 2003 is om 16.00 uur de 'Regeling subsidie opkoop in vervoersbeperkingsgebieden pluimvee 2003' in werking getreden. De regeling is van toepassing in het B/T-gebied Gelderse Vallei naar de stand van 11 maart jl. In het kader van deze regeling zulen 8 bedrijven worden geruimd met 99.000 dieren. Daarvan zijn per 18 maart 17.00 uur 79.000 dieren van 4 bedrijven geruimd.
Voor opkoop komen slachtrijpe vleeskuikens, vleeskalkoenen en vleeseenden in aanmerking. Vanaf die leeftijd nemen de welzijnsproblemen snel toe. De vergoeding voor de dieren komt overeen met 80% van de vergoeding, welke bij veterinair ruimen voor de dieren betaald wordt. Minister Veerman heeft voor een vergoeding van 80% gekozen om de eigen verantwoordelijkheid van de sector voor situaties waarin welzijnsopkoop noodzakelijk is tot uitdrukking te brengen.
Welzijnsproblemen De Commissie Wensing constateert in haar tweede rapportage dat de dodingsmethoden die nu worden toegepast in het algemeen adequaat zijn en geen disproportionele welzijnsproblemen veroorzaken. De logistiek van het dodingsproces is in de afgelopen week verbeterd, schrijft Veerman. De commissie heeft voorts ernstige welzijnsproblemen geconstateerd bij een tweetal vleeskuikenbedrijven. Tevens verwacht de commissie welzijnsproblemen op opfokbedrijven voor leghennen waar dieren twee weken langer moeten worden gehouden dan oorspronkelijk gepland. De instelling van de eerder genoemde opkoopregeling voor ondermeer vleeskuikens is bedoeld om dit soort welzijnsproblemen te voorkomen. Ten aanzien van het verminderen welzijnsproblemen bij opfokbedrijven voor leghennen gaat Veerman op dit moment na in hoeverre een opkoopregeling daarbij een oplossing kan bieden.
Internationaal De Nederlandse aanpak is in de Landbouwraad van 17/18 maart en in de bijeenkomst van het Standing Committee for the Food Chain and Animal Health (SCFCAH; het voormalige PVC) van de Europese Commissie van 18 maart zeer goed ontvangen. In de vergadering van het SCFCAH is besloten transport buiten de B/T-gebieden van broedeieren naar broederijen weer mag worden toegestaan. Tevens mogen buiten de B/T-gebieden oude leghennen weer naar slachterijen worden afgevoerd en jonge hennen weer worden opgezet. Daarnaast kan worden toegestaan om via een corridor en onder strikte voorwaarden transport mogelijk te maken van slachtpluimvee van buiten de B/T-gebieden naar slachterijen binnen de B/T-gebieden. Op basis van deze besluitvorming van de Europese Commissie zal de nationale regelgeving worden aangepast.
Op dit moment hebben 21 landen importbeperkende maatregelen getroffen voor Nederlandse pluimveeproducten. Deze maatregelen gaan verder dan het door de Europese Commissie ingestelde exportverbod voor Nederlands pluimvee en broedeieren.
Tegemoetkoming gemeenten Minister Veerman ziet geen mogelijkheid om een tegemoetkoming te verstrekken voor bestrijdingsactiviteiten die gemeenten op eigen initiatief ondernemen. Veerman is wel bereid om de activiteiten te vergoeden die de gemeenten op concreet verzoek van het ministerie van LNV hebben ondernomen en die een direct verband houden met de bestrijdingsmaatregelen ingevolge de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren. Gemeentelijke taken op het gebied van openbare orde en veiligheid moeten worden bekostigd uit de algemene middelen van de gemeente.
Afvoer eieren Tot op heden wordt er nog nauwelijks gebruik gemaakt van de mogelijkheid om eieren binnen de B/T-gebieden af te voeren, schrijft minister Veerman. Om te voorkomen dat alsnog overlast ontstaat door ongeconditioneerde opslag van eieren, heb Veerman besloten dat eieren bij ruiming van bedrijven alleen worden vergoed voor zover de eieren geproduceerd zijn vóór 17 maart 0.00 uur. Op dat tijdstip werd de versoepeling van het vervoersverbod van eieren van kracht.
|
 |
 |
Vandaag heeft het Productschap de melding ontvangen van twee nieuwe verdachte legbedrijven in Lunteren. Volgens mededelingen van minister Veerman aan de Tweede Kamer waren er gisteren 60 bedrijven besmet verklaard en waren er 38 verdacht. Met de twee verdachte bedrijven van vandaag erbij komt het aantal verdachte en besmette bedrijven op 100.
De bedrijven die minder dan 1 km van een besmet of verdacht bedrijf liggen worden preventief geruimd. In totaal moeten er tot dusver 325 bedrijven worden geruimd. Tot vandaag waren er hiervan 209 van geruimd, waarbij 3,2 miljoen stuks pluimvee is gedood.
Voor de afvoer van (broed)eieren binnen de toezichtsgebieden naar een eiproductenbedrijf heeft het CPE tot vanavond 16.30 uur 8 geleidebiljetten afgegeven voor de afvoer van 1.120.000 eieren terwijl voor de afvoer van broedeieren van reproductiebedrijven buiten de toezichtsgebieden naar eiproductenbedrijven buiten de toezichtsgebieden in totaal 157 geleidebiljetten zijn afgegeven voor de afvoer van 18.200.000 broedeieren.
In de brief die minister Veerman vandaag aan de Tweede Kamer heeft gezonden deelt hij terecht mee dat van de mogelijkheid om in de toezichtsgebieden eieren af te voeren naar de eiproductenbedrijven nauwelijks gebruik wordt gemaakt. Om te voorkomen dat er overlast ontstaat door ongeconditioneerde opslag van eieren heeft de minister besloten om bij de ruiming van bedrijven alleen de eieren te vergoeden die voor 17 maart 2003 zijn geproduceerd.
Uit overleg met het ministerie van LNV is vandaag duidelijk geworden dat veel van de zaken die gisteren in het basisoverleg aan de orde zijn geweest door het ministerie nader worden bekeken. Bezien wordt o.a. of de import van kalkoenbroedeieren kan worden toegestaan en of iets gedaan kan worden aan de belemmeringen die aan pakstations in de toezichtsgebieden zijn opgelegd terwijl de retailorganisaties volop met eieren door het toezichtsgebied mogen rijden.
In overleg met het ministerie en de RVV heeft het Productschap vandaag gewerkt aan protocollen voor het vervoer van pluimvee van opfokbedrijven buiten de toezichtsgebieden naar productiebedrijven buiten de toezichtsgebieden en voor het vervoer van broedeieren van pluimveebedrijven buiten de toezichtsgebieden naar broederijen buiten de toezichtsgebieden. In beide gevallen zal het om één op één transport gaan en broederijen die eieren willen inleggen zullen er op moeten rekenen dat gegarandeerd moet worden dat voor de kuikens uit die eieren een plaatsingsmogelijkheid in Nederland is en dat, indien de kuikens wegens vervoersverboden niet geplaatst kunnen worden, het broedproces onderbroken zal worden c.q. de kuikens gedood zullen worden en er geen aanspraak op een vergoeding van de overheid zal worden gedaan.
De RVV heeft aan Nepluvi gevraagd een protocol op te stellen voor het transport van vleeseenden naar de eendenslachterijen in het toezichtsgebied. Zodra dat protocol is goedgekeurd zou de afvoer naar de slachterijen op gang kunnen komen. Wij weten nog niet of dan afvoer naar beide slachterijen mogelijk is of slechts naar één van de twee.
Het Productschap heeft eergisteren alle pluimveehouders schriftelijk op de hoogte gesteld over het besluit van het PPE-bestuur om per 1 april a.s. een heffing te activeren ter financiering van het Diergezondheidsfonds. Die brief heeft vandaag geleid tot vele telefonische reacties van vermeerderaars die het er niet mee eens zijn dat zij wel moeten meebetalen aan de kosten van het ruimen van verdachte en besmette bedrijven maar zelf geen vergoeding ontvangen voor het wegvallen van de opbrengst van drie weken broedeiproductie. Ook het gegeven dat houders van leghennen met uitloop niet extra belast worden, omdat die worden gezien als bijzonder risicobeluste pluimveehouders, leidt tot veel ongenoegen.
Met vriendelijke groeten, Henk Hulsbergen |
 |
| Brief aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal |
 |
Stand van zaken De gegevens over de voortgang van de ruimingwerkzaamheden en het aantal getroffen bedrijven in deze brief hebben betrekking op 18 maart aan het einde van de dag. Tijdens het aanstaande Algemeen Overleg van 20 maart zal ik de meest recente gegevens mondeling aan u meedelen. De omvang van het B/T-gebied rond Barneveld en het aantal besmette en verdachte bedrijven groeit gestaag. Op 18 maart waren 60 bedrijven besmet en 38 bedrijven verdacht. Het totaal aantal te ruimen bedrijven bedroeg op dat moment 323 met 4,4 miljoen dieren. Hiervan waren 209 bedrijven geruimd met 3,2 miljoen dieren.
Op dit moment worden gemiddeld meer dan 300.000 dieren per dag geruimd. Aangezien een groot deel van de nog te ruimen bedrijven klein van omvang is en er nog nieuwe besmettingen of verdenkingen bijkomen, blijkt het lastig om bij de huidige werkwijze het aantal nog te ruimen dieren substantieel te verlagen. Daarnaast hebben epidemiologen mij recent geadviseerd besmette of verdachte bedrijven en de bedrijven in een straal van 1 km daaromheen binnen 48 tot 72 uur te ruimen. Dientengevolge heb ik besloten als insteek te kiezen dat de te ruimen bedrijven (besmet, verdacht of in de 1 km-zones) binnen 48 uur moeten worden geruimd, waarbij ik indien nodig een nieuwe dodingsmethode zal inzetten. Deze methode bestaat uit het toedienen van neocidol aan pluimveevoeder. Het spreekt vanzelf dat ik hierover advies heb ingewonnen bij de Commissie Wensing. De commissie heeft mij geadviseerd de methode alleen toe te passen indien niet aan de termijn van 48 uur kan worden voldaan. Dit advies heb ik overgenomen. Inmiddels is duidelijk geworden dat de verdenking in Laren geen Aviaire Influenza betrof. Het 10 km-gebied rond Laren (Gld) is opgeheven. Omdat de beschikbare laboratoriumcapaciteit volledig is ingezet om uitsluitsel te geven over de aanwezigheid van Aviaire Influenza, is geen capaciteit voor handen voor verdergaand onderzoek naar de oorzaak van de verdenking in Laren. Een aanvullend onderzoek voor dit soort gevallen zou dermate veel beslag leggen op de beschikbare capaciteit, dat de voortgang van het onderzoek naar Aviaire Influenza wordt vertraagd.
Uitkomsten monitoring In het kader van het landelijke onderzoek naar de aanwezigheid van laagpathogene Aviaire Influenza zijn ruim 1300 bedrijven onderzocht. Hieruit is gebleken dat op een drietal vlak bij elkaar liggende bedrijven in de buurt van Dinteloord pluimvee serologisch positief is bevonden. Dit betekent dat het laagpathogene Aviaire Influenza-virus aanwezig is geweest op deze bedrijven. De bedrijven zijn geruimd. Gelet op het feit dat in het kader van deze monitoring bijna de helft van de professionele Nederlandse pluimveehouderijen steekproefsgewijs is onderzocht, concludeer ik dat geen sprake is van een wijdverbreide aanwezigheid van laagpathogeen Aviaire Influenza-virus in Nederland. Ik zal de monitoring voortzetten waarbij vermeerderingsbedrijven tweewekelijks zullen worden gecontroleerd en waarbij via de reguliere NCD-bemonstering leghennen en slachtpluimvee ook op Aviaire Influenza zullen worden gecontroleerd.
Overigens constateer ik dat bij de screening in de drie-km zones rond de besmettingshaarden geen antilichamen zijn aangetroffen. Dit betekent dat het hoogpathogene AI-virus nog maar kort in Nederland aanwezig is.
De uitkomsten van de monitoring geven mij aanleiding om de nationale ophokplicht voor AI-gevoelige dieren die ik heb ingesteld op verzoek van uw Kamer in het Algemeen Overleg van 13 maart jl., te herzien. Daarmee zal ik uitvoering geven aan de gewijzigde motie van Van der Vlies c.s. (TK 2002-2003 28 807), zij het dat ik mij beperk tot AI-gevoelige dieren.
Eerder onderzoek GD van Aviaire Influenza In het Algemeen Overleg van 13 maart jl. heb ik naar aanleiding van het verzoek van het Kamerlid Oplaat (VVD) toegezegd om uw Kamer nader te informeren over de eerdere onderzoekingen van de Gezondheidsdienst voor Dieren (GD) op de aanwezigheid van laag pathogeen virus in Nederland.
In 2002 hebben zich problemen voorgedaan bij houderijen van scharrelkippen met een uitloop naar buiten. Op deze pluimveehouderijen werden ziekteverschijnselen gemeld die zouden kunnen wijzen op de aanwezigheid van virus zoals Aviaire Influenza. Naar aanleiding van deze meldingen heeft de GD de bedrijven indertijd bezocht en een onderzoek gedaan naar de aanwezigheid van onder andere het Aviaire Influenza-virus. Het onderzoek bestond uit een bloedonderzoek en viruskweek. Uit dit onderzoek bleek dat geen Aviaire Influenza-virus op de bedrijven voorkwam of voorgekomen was. Het nog beschikbare materiaal is in de afgelopen week zekerheidshalve nogmaals onderzocht in het kader van de monitoring. De conclusie van de onderzoekingen in 2002 en 2003 is dat op deze bedrijven geen sprake is of is geweest van een Aviaire Influenza-virus. Ik meen dat de Gezondheidsdienst voor Dieren de genoemde ziektemeldingen adequaat heeft onderzocht.
Welzijnsopkoop Op vrijdag 14 maart 2003 is om 16.00 uur de 'Regeling subsidie opkoop in vervoersbeperkingsgebieden pluimvee 2003' in werking getreden. De regeling is van toepassing in het B/T-gebied Gelderse Vallei naar de stand van 11 maart jl. In het kader van deze regeling zulen 8 bedrijven worden geruimd met 99.000 dieren. Daarvan zijn per 18 maart 17.00 uur 79.000 dieren van 4 bedrijven geruimd.
Voor opkoop komen slachtrijpe vleeskuikens, vleeskalkoenen en vleeseenden in aanmerking. Vanaf die leeftijd nemen de welzijnsproblemen snel toe. De vergoeding voor de dieren komt overeen met 80% van de vergoeding, welke bij veterinair ruimen voor de dieren betaald wordt. Ik heb voor een vergoeding van 80% gekozen om de eigen verantwoordelijkheid van de sector voor situaties waarin welzijnsopkoop noodzakelijk is tot uitdrukking te brengen.
Commissie Wensing De Commissie Wensing constateert in haar tweede rapportage (bijlage) dat de dodingsmethoden die nu worden toegepast in het algemeen adequaat zijn en geen disproportionele welzijnsproblemen veroorzaken. De logistiek van het dodingsproces is in de afgelopen week verbeterd. De commissie heeft voorts ernstige welzijnsproblemen geconstateerd bij een tweetal vleeskuikenbedrijven. Tevens verwacht de commissie welzijnsproblemen op opfokbedrijven voor leghennen waar dieren twee weken langer moeten worden gehouden dan oorspronkelijk gepland. De instelling van de eerder genoemde opkoopregeling voor ondermeer vleeskuikens is bedoeld om dit soort welzijnsproblemen te voorkomen. Ten aanzien van het verminderen welzijnsproblemen bij opfokbedrijven voor leghennen ga ik op dit moment na in hoeverre een opkoopregeling daarbij een oplossing kan bieden.
Internationaal De Nederlandse aanpak is in de Landbouwraad van 17/18 maart en in de bijeenkomst van het Standing Committee for the Food Chain and Animal Health (SCFCAH; het voormalige PVC) van de Europese Commissie van 18 maart zeer goed ontvangen. In de vergadering van het SCFCAH is besloten transport buiten de B/T-gebieden van broedeieren naar broederijen weer mag worden toegestaan. Tevens mogen buiten de B/T-gebieden oude leghennen weer naar slachterijen worden afgevoerd en jonge hennen weer worden opgezet. Daarnaast kan worden toegestaan om via een corridor en onder strikte voorwaarden transport mogelijk te maken van slachtpluimvee van buiten de B/T-gebieden naar slachterijen binnen de B/T-gebieden. Op basis van deze besluitvorming van de Europese Commissie zal de nationale regelgeving worden aangepast. Op dit moment hebben 21 landen importbeperkende maatregelen getroffen voor Nederlandse pluimveeproducten. Deze maatregelen gaan verder dan het door de Europese Commissie ingestelde exportverbod voor Nederlands pluimvee en broedeieren.
Motie Oplaat c.s. Naar aanleiding van de door uw Kamer aanvaarde motie-Oplaat c.s. (Kamerstukken II, 2001-2002, 27622, nr. 107) waarin de regering wordt verzocht de wederzijdse financiële verplichtingen tussen lokale overheden en rijksoverheid in crisistijd opnieuw te bezien en een voorziening te treffen ter dekking van de financiële verplichtingen van lokale overheden in geval van een uitbraak van een besmettelijke dierziekte, bericht ik u, mede namens de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, het volgende.
In het overleg in uw Kamer op 17 april 2002 heeft mijn voorganger al benadrukt dat de minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij eerstverantwoordelijke is voor de bestrijding van besmettelijke dierziektes ingevolge de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren. De initiatieven die de gemeentes nemen - zo concludeerde hij - komen niet voort uit een verantwoordelijkheid ingevolge die wet maar vloeien voort uit hun bevoegdheden krachtens de Gemeentewet.
Wat betreft de activiteiten die gemeenten ondernemen op het gebied van de bestrijding van besmettelijke dierziektes, ben ik van mening dat er een onderscheid dient te worden gemaakt tussen de activiteiten die wèl en die niet namens of in opdracht van het Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij zijn uitgevoerd. Ik ben bereid om de activiteiten te vergoeden die de gemeenten op concreet verzoek van het ministerie van LNV hebben ondernomen en die een direct verband houden met de bestrijdingsmaatregelen ingevolge de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren, met dien verstande dat gemeentelijke taken op het gebied van openbare orde en veiligheid worden bekostigd uit de algemene middelen.
Hoewel ik wil benadrukken dat de inspanningen van de gemeenten om de maatschappelijke gevolgen van een crisis te beperken alle waardering verdienen, zie ik geen mogelijkheid om een tegemoetkoming te verstrekken voor bestrijdingsactiviteiten die zij op eigen initiatief ondernemen. Ik teken daarbij aan dat gemeenten de mogelijkheid hebben en ook geacht worden om incidentele onvoorziene uitgaven te bekostigen uit hun algemene middelen.
Ten slotte Ten slotte meld ik u dat tot op heden nauwelijks gebruik wordt gemaakt van de mogelijkheid om eieren binnen de B/T-gebieden af te voeren. Om te voorkomen dat alsnog overlast ontstaat door ongeconditioneerde opslag van eieren, heb ik besloten dat eieren bij ruiming van bedrijven alleen worden vergoed voor zover de eieren geproduceerd zijn vòòr 17 maart 0.00 uur. Op dat tijdstip werd de versoepeling van het vervoersverbod van eieren van kracht.
De minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij,
dr. C.P. Veerman
|
 |
| Bundeling Plukon en Astenhof uitgesteld vanwege vogelpest |
| In verband met de onzekerheden die samenhangen met de vogelpest hebben Cebeco Groep en Cehave Landbouwbelang in goed onderling overleg besloten om de eerder aangekondigde bundeling van Astenhof en Plukon Royale Groep, beiden opererend in pluimveevleesverwerking, vooralsnog uit te stellen. |
| Vogelpest: Brussel keurt versoepelingen goed |
| De veterinaire experts van de Europese Unie hebben Nederland toestemming gegeven om vrijdag 21 maart enkele versoepelingen aan te brengen in de regels die gelden buiten de 10 km-gebieden. Het gaat om 1-op-1 transport van uitgelegde hennen naar een slachthuis, opdat jonge hennen weer geplaatst kunnen worden op de leegkomende bedrijven. Broedeieren van buiten de 10 km-gebieden mogen dan naar broederijen buiten de 10 km-gebieden. Hiervoor zullen de nationale regelingen vrijdag worden aangepast. |
| Zeer waarschijnlijk geen vogelpest in België |
De dood van meer dan 1200 kippen op een bedrijf in het Belgische Ravels was wellicht geen gevolg van de vogelpest. Dit blijkt uit nieuwe analyses die door het Federaal Agentschap voor de Voedselveiligheid werden uitgevoerd. Volledige zekerheid zal pas bekomen worden na verdere analyses, die nog ongeveer een week in beslag zullen nemen. De resultaten zijn 18 maart bekendgemaakt aan het Europees Permanent Comité voor de voedselveiligheid en de diergezondheid. Het comité zette hierna het licht op groen om het verbod op in- en export van pluimvee en broedeieren in te trekken. Ook het algemene transportverbod wordt geannuleerd. De maatregelen die België moeten beschermen tegen de besmetting vanuit Nederland blijven van kracht, evenals de bijzondere maatregelen in de bufferzone in Ravels en Baarle-Hertog. "Wij zijn nu voor 99 % zeker", stelt Minister Tavernier, "maar om ook deze laatste maatregelen op te heffen wil ik 100 % zekerheid."
|
| woensdag 19 maart, 9.30 uur |
 |
Het totaal aantal besmette en ernstig verdachte bedrijven bedroeg gisteren aan het eind van de dag bijna honderd. LNV meldde 52 besmette en 44 verdachte bedrijven. Er zijn gisteren 9 verdachte bedrijven bijgekomen. Volgens de laatste meldingen verspreidt de ziekte zich in noordoostelijke richting (Kootwijkerbroek, Ederveen). NOP/LTO noemt deze ontwikkeling zeer zorgelijk, omdat gevaar dreigt voor een fors aantal bedrijven.
De landelijke screening naar laag pathogene aviaire influenza heeft naast de al gemelde bedrijven in Dinteloord en Steenbergen geen nieuwe bedrijven opgeleverd. Een aantal bloedmonsters is nog in onderzoek maar hieruit zullen naar verwachting geen ernstige zaken naar voren komen. Nederland kan door de screening met een veel grotere zekerheid dan alle andere EU-lidstaten stellen dat er geen laag pathogeen aviair influenzavirus voorkomt. Het ministerie wil in de toekomst de pluimveestapel blijven screenen op AI.
Omdat de eerste testen van het bedrijf in Poppel (Belgie) niet op AI duiden, heeft het PCVD besloten het vervoersverbod en het im- en exportverbod dat voor Belgie gold, in te trekken. Wel zal het toezichtsgebied Poppel en daarmee ook het Nederlandse toezichtsgebied rondom Goirle tot tenminste dinsdag 25 maart a.s. in stand blijven. Op dinsdag 25 maart zal de uitslag bekend worden van de door de EU-voorgeschreven test of er al dan niet sprake is van AI op het bedrijf in Poppel. Als die uitslag negatief is zal het toezichtsgebied worden opgeheven.
Het ministerie van LNV heeft meegedeeld dat de Regeling NCD-bestrijding buiten de toezichtsgebieden normaal van kracht is. Binnen de toezichtsgebieden mogen geen entploegen op de bedrijven komen en moet ook het bezoek van een dierenarts tot het uiterste worden beperkt.
Er bestaat veel onduidelijkheid over de overnameregeling die geldt voor het voer op bedrijven die geruimd worden. Duidelijk is dat van bedrijven die wegens welzijnsredenen worden geruimd, het aanwezige voer niet wordt overgenomen. Van bedrijven die wegens een verdenking of een besmetting worden geruimd of die preventief worden geruimd (1 km-gebied) wordt over het algemeen alleen het voer overgenomen dat in contact is geweest met de lucht. Het ministerie heeft gisteren in het basisoverleg toegezegd een en ander in een duidelijke notitie te zullen vastleggen.
LASER zal een aantal waardetabellen, die gebruikt worden voor het taxeren van pluimvee, corrigeren. In hoeverre de correcties met terugwerkende kracht van toepassing zullen zijn op bedrijven die al getaxeerd zijn, zal worden nagegaan.
LNV gaat bezien of opfokhennen op bedrijven in de toezichtsgebieden in aanmerking komen voor de welzijnsopkoopregeling. En vanwege het geringe aantal kalkoenouderdieren in Nederland zal worden nagegaan of de import van broedeieren kalkoenen weer kan worden toegestaan.
De Chief Veterinary Officer heeft meegedeeld dat er voorlopig nog niet wordt gedacht aan het weer toestaan van import van vleeskuikens of broedeieren. Ook heeft hij laten weten dat er geen plannen zijn om tot een uitgebreid stelsel van compartimentering over te gaan. Wel wordt overwogen om rondom het toezichtsgebied Gelderse Vallei een bufferzone te vormen met beperkte vervoersmogelijkheden.
LNV overweegt om te ruimen koppels pluimvee te doden via middelen die aan het voer worden toegevoegd. Na een dag voeronthouding zouden de dieren dan heel snel gedood kunnen worden. Minister Veerman gaat de Tweede Kamer voorstellen de ruimingscapaciteit te vergroten via deze methode.
Sinds maandagmorgen mogen broedeieren van bedrijven buiten de toezichtsgebieden naar eiproductenbedrijven worden vervoerd. Voor de transporten moeten geleidebiljetten worden aangevraagd bij het CPE. Tegen 17.30 uur gisteravond had het CPE in totaal 103 geleidebiljetten afgegeven voor het vervoer van in totaal 11,1 miljoen broedeieren, afkomstig van bedrijven buiten de toezichtsgebieden. Consumptie-eieren en broedeieren van bedrijven binnen de toezichtsgebieden mogen naar een centrale opslagplaats of naar een eiproductenbedrijf binnen hetzelfde toezichtsgebied. Voor de afvoer van eieren binnen de toezichtsgebieden waren gisteren nog maar vier geleidebiljetten afgegeven voor in totaal 500.000 eieren.
Omdat afvoer van broed- en consumptie-eieren van bedrijven binnen de toezichtsgebieden mogelijk is, vindt LNV het niet meer voor de hand liggen dat van te ruimen bedrijven alle op voorraad staande eieren tegen een marktconforme vergoeding worden overgenomen. Binnenkort komt hierover nadere regelgeving.
Anevei heeft erop gewezen dat het discrimerend is dat op distributiecentra van de supermarktorganisaties die in de toezichtsgebieden liggen eieren van buiten het gebied mogen worden aangevoerd en weer worden afgevoerd terwijl lege pakstations in dezelfde gebieden dat niet mogen. LNV heeft toegezegd daar aandacht aan te zullen besteden.
Vrijdag weer verplaatsingen mogelijk
Het Permanent Comite voor de Voedselveiligheid en de Diergezondheid (PCVD) heeft erin toegestemd dat het in Nederland vanaf vrijdag 21 maart 0.00 uur onder nader te stellen voorwaarden zal zijn toegestaan om: a) uitgelegde koppels leghennen van bedrijven buiten de toezichtsgebieden af te voeren naar een pluimvee- slachterij buiten de toezichtsgebieden. Het PPE gaat er vooralsnog van uit dat dit ook zal gelden voor uitgeproduceerde koppels reproductiedieren ; b) onder nadere voorwaarden opfokdieren van bedrijven buiten de toezichtsgebieden over te plaatsen naar bedrijven buiten de toezichtsgebieden. Vrijwel zeker is dat een van de voorwaarden die hierbij zal gelden, zal zijn dat op het ontvangende bedrijf geen pluimvee aanwezig mag zijn en c) onder nader te stellen voorwaarden broedeieren van bedrijven buiten de toezichtsgebieden te vervoeren naar broederijen buiten de toezichtsgebieden en de eieren daar in te leggen in broedmachines. Het ministerie van LNV heeft aan de PVE gevraagd voor een en ander de nodige protocollen voor te bereiden. Binnen de toezichts- gebieden zal voorlopig nog geen sprake zijn van een verlichting van de geldende vervoersbeperkingen.
|
 |
 |
Vandaag is het aantal verdachte en besmette bedrijven met 8 toegenomen. Volgens opgave van het ministerie van LNV bedraagt het aantal besmette bedrijven thans 52 en het aantal verdachte bedrijven 38. De nieuw verdachte bedrijven betreffen twee vermeerderingsbedrijven in Ederveen en Kootwijkerbroek en 6 legbedrijven in Barneveld (2), Lunteren, Ede, Renswoude en Kootwijkerbroek.
Sinds gistermorgen is het vervoer van broedeieren van bedrijven buiten de toezichtsgebieden naar eiproductenbedrijven mogelijk, alsmede het vervoer van consumptie-eieren en broedeieren van bedrijven binnen de toezichtsgebieden naar een centrale opslagplaats of naar een eiproductenbedrijf binnen hetzelfde toezichtsgebied. Voor de transporten moeten geleidebiljetten worden aangevraagd bij het CPE. Tegen 17.30 uur vanavond had het CPE in totaal 103 geleidebiljetten afgegeven voor het vervoer van in totaal 11,1 miljoen broedeieren, afkomstig van bedrijven buiten de toezichtsgebieden. Voor de afvoer van eieren binnen de toezichtsgebieden waren in totaal 4 geleidebiljetten afgegeven voor in totaal 500.000 eieren.
Vanmiddag is er weer een periodiek overleg gevoerd tussen het ministerie van LNV en het bedrijfsleven over de gang van zaken bij de bestrijding. Onderstaand wordt daarvan verslag gedaan.
De landelijke screening naar laag pathogene aviaire influenza heeft naast de gisteren al genoemde bedrijven in Dinteloord en Steenbergen geen nieuwe bedrijven opgeleverd. Een aantal bloedmonsters is nog in onderzoek maar men verwacht niet dat daar nog ernstige zaken uit naar voren zullen komen. Nederland kan door de screening met een veel grotere zekerheid dan alle andere EU-lidstaten stellen dat er geen laag pathogeen aviair influenzavirus voorkomt. Het ministerie wil in de toekomst de pluimveestapel blijven screenen op AI.
Vanmorgen zijn het in Nederland gevoerde beleid en de resultaten van de screening gepresenteerd in de vergadering van het Permanent Comité voor de Voedselveiligheid en de Diergezondheid (PCVD). Nederland heeft daar opnieuw Brussels lof geïncasseerd. Het PCVD heeft erin toegestemd dat het in Nederland vanaf vrijdag 21 maart 0.00 uur onder nader te stellen voorwaarden zal zijn toegestaan om: a. uitgelegde koppels leghennen van bedrijven buiten de toezichtsgebieden af te voeren naar een pluimveeslachterij buiten de toezichtsgebieden. Wij gaan er vooralsnog van uit dat dit ook zal gelden voor uitgeproduceerde koppels reproductiedieren ; b. onder nadere voorwaarden opfokdieren van bedrijven buiten de toezichtsgebieden over te plaatsen naar bedrijven buiten de toezichtsgebieden. Vrijwel zeker is dat één van de voorwaarden die hierbij zal gelden, zal zijn dat op het ontvangende bedrijf geen pluimvee aanwezig mag zijn en c. onder nader te stellen voorwaarden broedeieren van bedrijven buiten de toezichtsgebieden te vervoeren naar broederijen buiten de toezichtsgebieden en de eieren daar in te leggen in broedmachines. Het ministerie van LNV heeft aan de PVE gevraagd voor één en ander de nodige protocollen voor te bereiden.
Binnen de toezichtsgebieden zal voorlopig nog een sprake zijn van een verlichting van de geldende vervoersbeperkingen.
Omdat de eerste testen van het bedrijf in Poppel (België) niet op AI duiden, heeft het PCVD besloten het vervoersverbod en het im- en exportverbod dat voor België gold, in te trekken. Wel zal het toezichtsgebied Poppel en daarmee ook het Nederlandse toezichtsgebied rondom Goirle tot tenminste dinsdag 25 maart a.s. in stand blijven. Op dinsdag 25 maart zal de uitslag bekend worden van de door de EU-voorgeschreven test of er al dan niet sprake is van AI op het bedrijf in Poppel. Als die uitslag negatief is zal het toezichtsgebied worden opgeheven.
Door het ministerie van LNV is voorts meegedeeld dat de Regeling NCD-bestrijding buiten de toezichtsgebieden normaal van kracht is. Binnen de toezichtsgebieden mogen geen entploegen op de bedrijven komen en moet ook het bezoek van een dierenarts tot het uiterste worden beperkt.
Veel onduidelijkheid bestaat er over de overnameregeling die geldt voor het voer op bedrijven die geruimd worden. Duidelijk is dat van bedrijven die wegens welzijnsredenen worden geruimd, het aanwezige voer niet wordt overgenomen. Van bedrijven die wegens een verdenking of een besmetting worden geruimd of die preventief worden geruimd (1 km-gebied)wordt over het algemeen alleen het voer overgenomen dat in contact is geweest met de lucht. Het ministerie heeft toegezegd één en ander in een duidelijke notitie te zullen vastleggen.
Onduidelijkheid is er ook wanneer er sprake is van een gemengd bedrijf. Vooralsnog wordt aangehouden dat binnen de toezichtsgebieden elk veehouderijbedrijf met één of meer kippen een gemengd bedrijf is. Buiten de toezichtsgebieden is pas van een gemengd bedrijf sprake indien er bedrijfsmatig pluimvee wordt gehouden en er ook andere dieren worden gehouden.
Het ministerie onderzoekt de mogelijkheden om via een corridor vleeseenden van buiten de toezichtsgebieden te laten aanvoeren naar één van de eendenslachterijen, die beide in het toezichtsgebied Gelderse Vallei liggen. Wij hebben uit contacten met het beleidscrisiscentrum de verwachting dat één en ander voor elkaar zal komen.
LNV zal bezien of opfokhennen op bedrijven in de toezichtsgebieden in aanmerking komen voor de welzijnsopkoopregeling. Vanwege het geringe aantal kalkoenouderdieren in Nederland zal worden nagegaan of de import van broedeieren kalkoenen weer kan worden toegestaan.
Onduidelijkheid is er ook of pluimvee en broedeieren vervoerd mogen worden over wegen die de grens vormen van een toezichtsgebied. LNV zal dat nagaan.
Bezien zal worden of voertuigen van pakstations, broederijen en pluimveeslachterijen die in de toezichtsgebieden staan na een grondige reiniging en ontsmetting uit het gebied gereden mogen worden.
LASER zal een aantal waardetabellen, die gebruikt worden voor het taxeren van pluimvee, corrigeren. In hoeverre de correcties met terugwerkende kracht van toepassing zullen zijn op bedrijven die al getaxeerd zijn, zal worden nagegaan.
LNV zal nader bezien of bepaalde vormen van afvoer van pluimveemest buiten de toezichtsgebieden kan worden toegestaan.
LNV heeft er op gewezen dat de afvoer van broed- en consumptie-eieren van bedrijven binnen de toezichtsgebieden weer mogelijk is. In dat verband vindt LNV het niet meer voor de hand liggen dat van te ruimen bedrijven alle op voorraad staande eieren tegen een marktconforme vergoeding worden overgenomen. Nadere regelgeving zal daarover binnenkort bekend worden gemaakt.
Anevei heeft erop gewezen dat het discrimerend is dat op distributiecentra van de supermarktorganisaties die in de toezichtsgebieden liggen eieren van buiten het gebied mogen worden aangevoerd en weer worden afgevoerd terwijl lege pakstations in dezelfde gebieden dat niet mogen. LNV heeft toegezegd daar aandacht aan te zullen besteden.
Voor de hobbypluimveehouders in de toezichtsgebieden is een 0800 telefoonnummer geopend. Ook via de plaatselijke pers en via internet worden de hobbypluimveehouders geïnformeerd over de te nemen maatregelen.
De Koninklijke Nederlandse Maatschappij voor Diergeneeskunde heeft aangegeven dat de verplichting, dat elke uitval van >3% per week moet worden gemeld, en de klinische inspectie die elke week bij koppels vleeskuikens moet worden uitgevoerd, niet zinvol zijn. DE KNMvD acht het beter indien geregeld zou worden dat elke uitval > 1% per dag gemeld zou moeten worden.
De Chief Veterinary Officer heeft meegedeeld dat er voorlopig nog niet wordt gedacht aan het weer toestaan van import van vleeskuikens of broedeieren. Ook heeft hij laten weten dat er geen plannen zijn om tot een uitgebreid stelsel van compartimentering over te gaan. Wel wordt overwogen om rondom het toezichtsgebied Gelderse Vallei een bufferzone te vormen met beperkte vervoersmogelijkheden.
LNV heeft bij de Europese Commissie de mogelijkheid aangekaart om aan vermeerderaars een tegemoetkoming te geven voor de waardevermindering van de broedeieren.
Tenslotte is bekend dat LNV overweegt om in het vervolg te ruimen koppels pluimvee te doden via middelen die aan het voer worden toegevoegd. Na een dag voeronthouding zouden de dieren dan heel snel gedood kunnen worden. Minister Veerman zal aan de Tweede Kamer voorstellen via deze methode de ruimingscapaciteit te vergroten.
Het volgende basisoverleg zal op 21 maart worden gehouden.
Met vriendelijke groeten Henk Hulsbergen
|
 |
| dinsdag 18 maart, 19.30 uur |
 |
Goed nieuws van het PVDC uit Brussel: de veterinaire experts van de EU hebben vanmorgen besloten tot versoepelingen van het vervoersverbod buiten B/T gebieden. Vanaf a.s. vrijdag kunnen weer broedeieren worden afgevoerd en ingelegd. Ook mogen dan weer opfokhennen naar legstallen en uitgelegde kippen naar de slachterij worden vervoerd.
Het vervoers- en exportverbod blijft wel van kracht tot en met volgende week donderdag (27 maart). De EU-experts zullen zich volgende week dinsdag opnieuw buigen over de stand van zaken van dat moment.
De overheid heeft de regelingen op een aantal punten aangepast. Zo wordt niet meer gesproken over 'pluimvee' maar over 'AI-gevoelige soorten', omdat ook enkele gehouden niet-pluimveesoorten vogelpest kunnen krijgen en daarom onder de maatregelen vallen, en niet meer over 'paarden' maar over 'eenhoevigen' omdat de maatregelen ook gelden voor pony's en andere paardachtigen. Van de belangrijkste regelingen zijn zgn. integrale teksten vervaardigd. Zie wijzigingen regelingen op de internetsite van LNV.
Voor hobbypluimvee wordt geen uitzondering gemaakt bij de maatregelen om verspreiding van de vogelpest tegen te gaan. Binnen de ruimingszones worden de dieren afgemaakt en vaccinatie van de dieren wordt niet mogelijk. Dat heeft minister Veerman de Nederlandse Belangenvereniging van Hobbydierhouders (NBvH) laten weten. Hobbydieren kunnen net als commercieel gehouden dieren het virus verspreiden, aldus het ministerie.
Het kabinet stopt 5 miljoen euro in een noodfonds om gedupeerde bedrijven te helpen. Twee miljoen ervan is bestemd voor sociaal-psychische hulp. De rest is bedoeld om perspectiefvolle bedrijven in en buiten de agrarische sector, die door AI in continuiteitsproblemen dreigen te komen, door een dal heen te helpen. De hulp bestaat uit rentesubsidie die in een keer wordt uitbetaald. Het noodfonds is aanvullend op andere bestaande voorzieningen.
Minister de Geus van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft toegezegd de periode van eigen risico in de werktijdverkorting (WTV) te halveren. Werkgevers die een beroep doen op WTV omdat er in hun bedrijf geen of minder werk, hebben te maken met een eigen risico periode. Voordat het personeel gebruik kan maken van de WW draait de werkgever normaliter eerst zelf op voor de doorbetaling van de loonkosten voor een periode varierend tussen de twee en zes weken. De PVE had vorige week namens de sociale partners gevraagd om de risicoperiode te verkorten.
Volgens een inventarisatie van de PVE zaten eind vorige week de volgende aantallen personen zonder werk omdat bedrijven in het ingesloten gebied stilliggen: bij pakstations/eiproducenten ongeveer 350 werknemers (een kwart van de 1500 werknemers), in de pluimveevleesindustrie circa 337 werknemers en bij broederijen (incl. buitendienst) zo'n 466 fte's. Een deel van deze werknemers is elders of bij andere vestigingen aan de slag, onduidelijk is nog hoeveel fte's dit betreft.
Vraag: Is de verplichte melding van uitval van meer dan 3 % per week de uitval gemiddeld op een bedrijf of per stal? Antwoord: Het percentage geldt per koppel. Deze vraag met bijbehorend antwoord is een van de vele die zijn te vinden op de internetsite veelgestelde vragen van het ministerie van LNV.
|
 |
| De fusie gesprekken tussen Plukon en Astenhof zijn gisteren afgebrokken. Details ontbreken, later meer. |
| Wijziging Regelingen Aviaire Influenza 2003 |
 |
dd. 18-03-2003 14:00 uur Toelichting voor de Staatscourant Met de onderhavige regeling worden de naar aanleiding van ernstige verdenkingen van aviaire influenza tot stand gebrachte regelingen gewijzigd. Dit betreft de Regeling vervoersbeperkingsgebieden pluimvee 2003, de Tijdelijke regeling vervoers- en exportverbod pluimvee 2003 I, de Regeling verzamelverbod pluimvee 2003, de Regeling monitoring Aviaire Influenza 2003 en de Regeling inzet studenten aviaire influenza 2003. De regeling behelst inhoudelijk twee wijzigingen. Ten eerste wordt definitie van pluimvee nader afgebakend. Deze wijziging wordt onderstaand nader toegelicht. Ten tweede is in de Regeling vervoersbeperkingsgebieden pluimvee 2003, het vervoersverbod van evenhoevigen en paarden - afkomstig van bedrijven waar pluimvee wordt gehouden - verruimd tot evenhoevigen en eenhoevigen. Dit gelet op het feit dat het vanzelfsprekend ook geen vervoer moet plaatsvinden van bijvoorbeeld pony's of andere paardachtigen. Omwille van de overzichtelijkheid is er voor gekozen de artikelen van de Regeling vervoersbeperkingsgebieden pluimvee 2003, de Tijdelijke regeling vervoers- en exportverbod pluimvee 2003 I, de Regeling verzamelverbod pluimvee 2003 de verschillende artikelen - zonder tot hernummering van de artikelen te komen - opnieuw vast te stellen.
Definitie pluimvee Uit oogpunt van duidelijkheid is er voor gekozen de term ''pluimvee'' te schrappen en te vervangen door de term AI-gevoelige dieren. Welke soorten onder AI-gevoelige dieren vallen, wordt telkens opgenomen in de begripsomschrijvingen van artikel 1 van de te onderscheiden regelingen. AI-gevoelige dieren worden gedefinieerd als gehouden dieren van een soort behorende tot de orde van de hoenderachtigen (Galliformes), tot de familie van de eenden, ganzen en zwanen (Anatidae), tot de families van de struisvogels (Struthionidae), emoes (Dromaiidae) en nandoes (Rheidae) en voor de consumptie gehouden duif (Columbia livia). Onder deze in de definitie opgenomen soorten vallen: kippen, kalkoenen, parelhoenders, kwartels, fazanten, patrijzen, pauwen, eenden, ganzen, zwanen, duiven (alleen van de soort Columbia livia), struisvogels, emoes en nandoes, die bedrijfsmatig of anderszins worden gehouden, met dien verstande dat onder duiven alleen voor de consumptie gehouden duiven (Columbia livia) worden begrepen. Daarnaast valt onder de definitie nog een aantal andere soorten behorende tot de orde van de hoenderachtigen en wel van de soorten van de families grootpoothoenders (Megapodiidae), hokko's (Cracidae) en hoatzin (Opisthocomidae). Deze laatstbedoelde soorten worden weliswaar niet voor de productie/consumptie gehouden en komen waarschijnlijk hobbymatig weinig voor, maar vanuit veterinair oogpunt is het wenselijk dat ook het verzamelverbod op deze soorten van toepassing zijn ter voorkoming van verspreiding van het virus.
|
 |
| Advies desinfectiemiddelen Aviaire Influenza. |
 |
CIDC, 12 maart 2003 .
Uitgangspunten: De geadviseerde middelen beperken zich tot middelen die in Nederland zijn toegelaten voor de desinfectie van veetransportmiddelen, uitgezonderd Virkon S. Een desinfectant wordt europees slechts toegelaten als het dossier gegevens bevat m.b.t. virucide werking tegen zowel ‘naakte virussen’ als virussen met mantel. Als toetsorganismen voor veterinair gebruik worden l het MKZ virus, het KVP virus en het Aujeszky virus gebruikt. Sommige fabrikanten hebben tijdens de toelatingsprocedure specifieke gegevens overlegd m.b.t. de werking t.o.v. een virus dat bij pluimvee voorkomt, meestal het NCD virus. Aviaire Influenza behoort tot de orthomyxo virussen, welke een eiwitmantel hebben en daardoor tot de relatief makkelijk afdoodbare virussen behoren. Het middel Virkon S is toegevoegd aan de lijst vanwege specifieke ervaring met dit middel o.a. in uitbraken in het buitenland, een aanbeveling in het draaiboek AI uit Australie. Het is in vele landen van Europa geregistreerd en voldoet aan alle normale veiligheidseisen, mits juist en zorgvuldig toegepast. Dit geldt voor alle desinfecantia!!
|
 |
| Noodfonds vogelpest ten minste 5 miljoen |
 |
Het kabinet stelt ten minste 5 miljoen euro uit de algemene middelen ter beschikking om de nood van bedrijven die zijn getroffen door de maatregelen te lenigen. Hiervan is 2 miljoen euro bestemd voor de kosten van sociaal-psychologische nood en 3 miljoen euro voor sociaal-economische nood. Dat schrijft minister Veerman van landbouw in een brief aan de Tweede Kamer. Daarnaast kunnen ook andere partijen hiervoor middelen beschikbaar stellen. Het Rijk zal op basis van 50% cofinanciering additioneel nog eens in een zelfde bedrag voorzien.
De middelen voor sociaal-economische nood zullen gebruikt worden om bedrijven die als rechtstreeks gevolg van de vogelpest in continuïteitsproblemen komen een voorziening te bieden. Het kan hier zowel om agrarische bedrijven gaan als om niet-agrarische bedrijven. Het oogmerk van deze maatregel is dat perspectiefvolle bedrijven (en dus ook de werkgelegenheid op deze bedrijven) in stand blijven. De maatregel is dus uitdrukkelijk niet bedoeld als een tegemoetkoming in de schade als gevolg van de vogelpest.
Deze voorziening is aanvullend op bestaande voorzieningen zoals de tegemoetkoming voor de schade van de geruimde dieren uit het Diergezondheidsfonds en de inkomensvoorziening voor oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ). De maatregel is voorliggend aan het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen (Bbz).
De hoofdlijnen van de voorziening zijn in het kort als volgt:
de voorziening heeft als doel een ondersteuning te verlenen aan ondernemingen die als gevolg van de vogelpestmaatregelen in continuïteitsproblemen zijn geraakt en die op eigen kracht er niet bovenop kunnen komen;
dit kunnen zowel ondernemingen zijn uit de agrarische sector als ondernemingen uit overige sectoren als de detailhandel, toerisme of transport en de bedrijven kunnen zowel binnen als buiten de getroffen regio's liggen;
de voorziening heeft een beperkte focus en is aanvullend op overige beschikbare financiële instrumenten;
ondernemingen die een beroep op de voorziening willen doen dienen minimaal aan de volgende voorwaarden te voldoen:
er moet een directe bewijsbare relatie zijn tussen de continuïteitsproblemen en de vogelpest;
het bedrijf dient levensvatbaar te zijn;
de bewijslast ligt bij de ondernemer;
de ondernemer dient met zijn bank een plan voor de sanering van zijn schulden te zijn overeengekomen, blijkend uit een daartoe strekkende verklaring;
het bedrijf dient niet al eerder gebruik te hebben gemaakt van de voorziening;
de ondernemer dient het oogmerk te hebben het bedrijf minimaal 3 jaar voort te zetten;
de uitkering wordt verstrekt in de vorm van een rentesubsidie, die in een keer wordt uitbetaald;
de hoogte van de steun bedraagt minimaal ongeveer 4.500 euro en maximaal 100.000 euro.
|
 |
| maandag 17 maart, 19.00 uur |
 |
Vervoersbeperkingsgebied Laren opgeheven - Het ministerie van LNV heeft het vervoersbeperkingsgebied van 10 km rond het van AI verdachte pluimveebedrijf in Laren vandaag om 16.00 uur opgeheven. Reden hiervoor is dat het onderzoek -conform de officiele Europese methodieken- heeft uitgewezen dat er geen sprake is van aviaire influenza. In het gebied blijven wel de landelijk geldende beperkingen van kracht. De speciale vervoersbeperkingen rond Laren waren op 2 maart ingesteld. Het bedrijf (met 9.000 voliere-Freilandhennen) was op maandag 3 maart geruimd. Wat op het bewuste bedrijf de uitval wel heeft veroorzaakt, is niet bekend(gemaakt).
Pluimveehouders gevaccineerd - Vijftien mobiele teams van de GGD zijn vanaf vanmorgen op pad om veehouders in de toezichtgebieden voor de vogelpest een griepprik te geven. Ook delen de inentingsteams anti-virale middelen uit om de besmettelijkheid van het vogelpestvirus binnen de perken te houden. Daartoe heeft het ministerie van Volksgezondheid dit weekeinde besloten naar aanleiding van inmiddels negentien gevallen van vogelpest bij mensen. Een besmetting met het vogelpestvirus leidt bij mensen tot een ooginfectie. In 1 geval is iemand besmet geraakt die geen contact met pluimvee heeft gehad. Deze persoon is waarschijnlijk aangestoken door iemand die meehelpt met de ruimingen. De inentingscampagne heeft plaats in de Gelderse Vallei, Brabant en Zeeland. Er is voor gekozen om de veehouders en hun gezinnen op hun bedrijf op te zoeken om 'samenscholingen' te voorkomen. Als iedereen elders een prik en pillen zou moeten gaan halen, zou dat het risico op verspreiding van het virus juist weer vergroten. De prik moet voorkomen dat mensen een griepje oplopen. De anti-virale pillen sluiten voor 99 procent uit dat iemand die het vogelpestvirus al onder de leden heeft dat weer verder verspreid. Zowel griep als de ooginfectie door de vogelpest zijn op zich niet ernstig, maar een combinatie van beide aandoeningen bij een en dezelfde persoon zou wel gevaarlijk kunnen zijn.
PCVD - Morgenochtend zal het Permanente Comite voor de Voedselveiligheid en de Diergezondheid (PCVD) weer in Brussel bijeen komen en de situatie in Nederland bespreken. Gezien het beeld dat uit de landelijke screening naar voren is gekomen en het tot dusver gevoerde bestrijdingsbeleid, bestaat er hoop dat het PCVD zal toestaan dat het vervoer van broedeieren naar de broederijen buiten de toezichtsgebieden weer zal worden toegestaan. Voorts is bekend dat binnen het ministerie van LNV wordt nagedacht over het toestaan van de invoer van slachtrijpe vleeskuikens uit Duitsland en Belgie naar Nederlandse pluimveeslachterijen. Indien dat wordt toegestaan zou tenminste ook het vervoer van uitgelegde koppels leghennen en ouderdieren naar de slachterijen in Nederland weer moeten worden toegestaan.
Transport broedeieren toegestaan
Vanaf vanmorgen 0.00 uur zijn uitzondering voor het vervoer van broedeieren in de vogelpest gebieden van kracht geworden. Hiertoe heeft het ministerie van Landbouw zaterdag besloten. Minister Veerman wil hiermee problemen met opslag en hygiene voorkomen en oplossen. Nu mogen broedeieren in heel Nederland, dus ook binnen de toezichtsgebieden vogelpest, worden vervoerd. De broedeieren in de toezichtsgebieden moeten, evenals consumptie-eieren, wel binnen de zone blijven. Ze worden afgevoerd naar een in de zone gevestigde centrale opslag of eierverwerkende industrie. Broedeieren van bedrijven buiten de toezichtsgebieden mogen worden vervoerd naar eiproductenindustrie buiten de gebieden. Het transport van de eieren is gebonden aan zeer strenge voorwaarden wat betreft verpakking, opslag en verwerking. Enkele medewerkers van het PVE hebben zaterdag samen met mensen van de RVV en de AID protocollen opgesteld waarin de voorwaarden voor het vervoer van broedeieren en eieren zijn vastgelegd. Die protocollen zijn te zien op de internetpagina's van de RVV www.minlnv.nl/rvv en van het ministerie van LNV www.minlnv.nl. Voor het transport van broedeieren is een geleidebiljet noodzakelijk dat kan worden aangevraagd bij het Controlebureau Pluimvee, Eieren en Eiproducten in Barneveld (tel. (0342) 45 00 58 of e-mail: cpe.barneveld@cpe.nl. Het vervoer van consumptie-eieren buiten de 10-kilometer zone is al langer toegestaan. Die eieren mogen overigens niet naar de vogelpestgebieden worden vervoerd. Volgens de PVE waren voor het transport buiten de toezichtsgebieden waren vanmiddag om 17.30 uur door het CPE aanvragen voor 42 geleidebiljetten verwerkt voor het transport van 4.120.000 broedeieren. De voorwaarden voor het transport binnen de toezichtsgebieden zijn zodanig dat voor die regeling geen animo bestaat. Vooral de bepaling dat alle eieren op de openbare weg moeten worden geladen en het gevaar dat eieren, die in een centrale opslagplaats zijn opgeslagen, niet meer mogen worden afgevoerd naar een eiproductenbedrijf als die opslagplaats (die in het toezichtsgebied moet liggen) in een 1 km-gebied komt te liggen, zijn er de oorzaak van dat binnen de toezichtsgebieden geen eieren van de bedrijven worden afgevoerd. Het Anevei-bestuur heeft zijn leden wegens deze voorwaarden geadviseerd geen eieren bij de pluimveebedrijven in de toezichtsgebieden op te halen.
Uitbreiding vervoersverbod Gelderse Vallei
Door vier nieuwe verdenkingen van aviaire influenza heeft het ministerie van LNV zaterdag het gebeid met vervoersbeperkingen in de Gelderse Vallei tot twee keer toe uitgebreid. Het zou gaan om twee legbedrijven in Achterveld, respectievelijk Nijkerk (westelijk van de A28) en twee vermeerderingsbedrijven in Nijkerkerveen en Bennekom. Het vervoerbeperkingsgebied is bij Nijkerk en Bunschoten/Spakenburg verder naar het westen uitgebreid en bij Baarn naar het noorden. Sinds zaterdag is het aantal besmette en verdachte bedrijven met tien stuks uitgebreid. Het gaat om drie vermeerderingsbedrijven, waarvan 1 met opfok, in Bennekom (2x) en Otterlo, vier legbedrijven in Harskamp, Bennekom, Terschuur en Voorthuizen, een vleeskuikenbedrijf in Putten en twee vleeskalkoenbedrijven in Putten en Voorthuizen. Door het vleeskuikenbedrijf in Putten (vlak aan de A28) is het toezichtsgebied naar het noorden uitgebreid en door het bedrijf in Harskamp is het gebied naar het oosten uitgebreid. Het is mogelijk dat het toezichtsgebied vanwege het bedrijf in Otterlo opnieuw zal worden uitgebreid. Volgens het ministerie van LNV zijn er nu 52 besmette bedrijven en 35 ernstig verdachte bedrijven. Door de uitbreiding van het vervoerbeperkingsgebied naar het noorden liggen de beide eendenslachterijen in Nederland nu in het toezichtsgebied. Met het ministerie van LNV is vandaag reeds overleg gestart om een oplossing te zoeken voor het slachten van vleeseenden. Ook zijn twee eendenbroederijen in het gebied komen te liggen. Voor de eendensector resteren nu nog een broederij in Hierden (minder dan 1 km buiten het gebied) en een broederij in Klarenbeek. In het weekend zijn er 472.000 stuks pluimvee geruimd. Van de (tot nu toe) in totaal 3.260.000 stuks moeten er nog 800.000 worden geruimd. Binnen 24 uur ruimen van ernstig verdachte bedrijven lukt, binnen 48 uur ruimen van de 1 km-zone lukt niet.
|
 |
 |
Sinds mijn mailbericht van zaterdag j.l. is het aantal besmette en verdachte bedrijven uitgebreid met tien. Het gaat om drie vermeerderingsbedrijven, waarvan één met opfok, in Bennekom (2x) en Otterlo, vier legbedrijven in Harskamp, Bennekom, Terschuur en Voorthuizen, een vleeskuikenbedrijf in Putten en twee vleeskalkoenbedrijven in Putten en Voorthuizen. Door het vleeskuikenbedrijf in Putten (vlak aan de A 28) is het toezichtsgebied naar het noorden uitgebreid en door het bedrijf in Harskamp is het gebied naar het oosten uitgebreid. Het is mogelijk dat het toezichtsgebied vanwege het bedrijf in Otterlo opnieuw zal worden uitgebreid. Volgens het ministerie van LNV zijn er thans 52 besmette bedrijven en 35 verdachte bedrijven.
Door de uitbreiding naar het noorden liggen de beide eendenslachterijen in Nederland nu in het toezichtsgebied. Met het ministerie van LNV is vandaag reeds overleg gestart om een oplossing te zoeken voor het slachten van vleeseenden. Ook zijn twee eendenbroederijen in het gebied komen te liggen. Voor de eendensector resteren nu nog een broederij in Hierden (minder dan 1 km buiten het gebied) en een broederij in Klarenbeek.
Vanmiddag heeft het ministerie van LNV bekend gemaakt dat op het verdachte bedrijf in Laren geen vogelpest is aangetoond en dat daarom het toezichtsgebied Laren is opgeheven.
Volgens gegevens uit het Koppel Informatiesysteem Pluimvee (KIP) werden in de nu ingesloten gebieden (Gelderse Vallei, Breskens en Goirle) 2,85 miljoen vleeskuikens, 75.000 vleeskalkoenen, 200.000 vleeseenden (52% van de sector), 1,6 miljoen opfokhennen, 6,35 miljoen leghennen (25% van de sector), 110.000 opfok ouderdieren, 850 duizend ouderdieren, 35.000 opfok grootouderdieren en 25.000 grootouderdieren gehouden. In totaal komt dat neer op ruim 12 miljoen stuks pluimvee. Een deel van deze dieren is inmiddels geruimd wegens de aviaire influenza.
Vanaf vanmorgen 0.00 uur is het onder strenge voorwaarden mogelijk om buiten de ingesloten gebieden broedeieren af te voeren naar de eiproductenbedrijven en om binnen de ingesloten gebieden consumptie-eieren en broedeieren af te voeren naar een centrale opslagplaats of naar een eiproductenbedrijf. Voor het transport buiten de toezichtsgebieden waren vanmiddag om 17.30 uur door het CPE aanvragen voor 42 geleidebiljetten verwerkt voor het transport van 4.120.000 broedeieren. De voorwaarden voor het transport binnen de toezichtsgebieden zijn zodanig dat voor die regeling geen animo bestaat. Vooral de bepaling dat alle eieren op de openbare weg moeten worden geladen en het gevaar dat eieren, die in een centrale opslagplaats zijn opgeslagen, niet meer mogen worden afgevoerd naar een eiproductenbedrijf als die opslagplaats (die in het toezichtsgebied moet liggen) in een 1 km-gebied komt te liggen, zijn er de oorzaak van dat binnen de toezichtsgebieden geen eieren van de bedrijven worden afgevoerd. Het Anevei-bestuur heeft zijn leden wegens deze voorwaarden geadviseerd geen eieren bij de pluimveebedrijven in de toezichtsgebieden op te halen.
Morgenochtend zal het Permanente Comité voor de Voedselveiligheid en de Diergezondheid (PCVD) weer in Brussel bijeen komen en de situatie in Nederland bespreken. Gezien het beeld dat uit de landelijke screening naar voren is gekomen en het tot dusver gevoerde bestrijdingsbeleid, bestaat er hoop dat het PCVD zal toestaan dat het vervoer van broedeieren naar de broederijen buiten de toezichtsgebieden weer zal worden toegestaan. In het morgenmiddag te houden basisoverleg zal van de vergaderiong van het PCVD verslag worden gedaan.
Voorts is bekend dat binnen het ministerie van LNV wordt nagedacht over het toestaan van de invoer van slachtrijpe vleeskuikens uit Duitsland en België naar Nederlandse pluimveeslachterijen. Indien dat wordt toegestaan zou tenminste ook het vervoer van uitgelegde koppels leghennen en ouderdieren naar de slachterijen in Nederland weer moeten worden toegestaan.
In de rubriek "Gedeelde smart is halve smart" kan ik u meedelen dat men in Italië ook nog steeds met het AI virus heeft te maken. De uitbraak lijkt daar nu echter bedwongen. De laatste paar weken zijn er nauwelijks nog nieuwe uitbraken vastgesteld. Sinds 10 oktober 2002 zijn in Italië 260 pluimveebedrijven bij de uitbraak betrokken geraakt en zijn meer dan 5 miljoen stuks pluimvee, waarvan 3,5 miljoen vleeskalkoenen en 1,3 miljoen leghennen, geruimd.
Ook in de Verenigde Staten heeft het AI-virus toegeslagen en wel op een legbedrijf in de staat Connecticut. Het betreft daar een laag pathogeen virus. De staat Connecticut heeft ter bestrijding van het virus besloten dat alle 3 miljoen hennen van het betreffende legbedrijf moeten worden gevaccineerd.
In de Verenigde Staten heeft men ook nog steeds met NCD te maken. Daarbij zijn in Californië nu 19 commerciële pluimveebedrijven betrokken. Het aantal betrokken hobbyadressen bedraagt inmiddels 2459. Het aantal geruimde dieren bedraagt 3,1 miljoen.
Met vriendelijke groeten, Henk Hulsbergen |
 |
 |
17 maart 2003 - Er is geen Klassieke Vogelpest in Laren. Uit onderzoek is gebleken dat op het bedrijf dat verdacht werd geen besmetting met Vogelpest aanwezig is. Minister Veerman van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij heft daarom met onmiddellijke ingang de 10-km zone rond het bedrijf in Laren (Gld.) op. In het gebied blijven wel de beperkingen van kracht die overal elders in Nederland gelden. Op 2 maart 2003 is het bedrijf in Laren geruimd vanwege een ernstige verdenking van Klassieke Vogelpest. Op dat moment is er een 10-km zone rondom het bedrijf ingesteld, waar allerlei beperkende maatregelen van kracht werden, variërend van vervoersverboden van pluimvee en eieren tot een bezoekersregeling voor bedrijven. Tegelijkertijd is het onderzoek op de aanwezigheid van Klassieke Vogelpest gestart. Dit onderzoek is nu afgerond.
Klassieke Vogelpest of Aviaire Influenza is een zeer besmettelijke pluimveeziekte, herkenbaar aan zwellingen aan de kop en hals en aan verkleuring van de kam en de poten. De incubatietijd bedraagt ongeveer tien dagen. De ziekte verloopt daarna snel, met in de meeste gevallen de dood tot gevolg. Sinds eind februari zijn in Nederland tot nu toe 52 besmettingen en 35 ernstige verdenkingen geconstateerd.
|
 |
| Vogelpest: 52 bedrijven besmet, 33 verdacht |
| Het totale aantal ernstige verdenkingen van vogelpest bedraagt nu 33. Er zijn 52 bedrijven definitief besmet verklaard. |
| Vogelpest: eigen risico werkgevers werktijdverkorting gehalveerd |
 |
Demissionair minister De Geus van Sociale Zaken en Werkgelegenheid halveert de periode die voor eigen rekening komt voor bedrijven die werktijdverkorting hebben aangevraagd als gevolg van de vogelpest. De minister wil bedrijven die getroffen zijn door de vogelpest tegemoet komen omdat er naar zijn mening sprake is van onmiddellijke en verstrekkende sociaal-economische gevolgen. Dat schrijft de minister in een brief aan de Tweede Kamer. Op 4 maart j.l. besloot demissionair minister De Geus om de vogelpest en de maatregelen van het ministerie van LNV aan te merken als grond voor werktijdverkorting. In het verleden werd ook werktijdverkorting verleend bij vergelijkbare uitzonderlijke veeziekten zoals BSE, varkenspest en MKZ.
De minister kan onder bepaalde voorwaarden een bedrijf gedurende een beperkte periode toestaan de arbeidsduur van zijn werknemers te verminderen. De werknemer ontvangt in zo’n geval een WW-uitkering van 70 % van het gederfde loon. Eén van de voorwaarden voor het toestaan van werktijdverkorting is dat het bedrijf, afhankelijk van de mate waarin het bedrijf wordt stilgelegd, de eerste twee tot zes weken voor eigen rekening neemt.
Gezien de onmiddellijke en verstrekkende sociaal-economische gevolgen van de uitbraak van de vogelpest komt de minister de bedrijven nu tegemoet door deze periode te halveren. Dit betekent dat minimaal 1 week en maximaal 3 weken een eigen risico geldt voor de werkgevers, afhankelijk van de mate van vermindering in de bedrijvigheid. De Arbeidsinspectie ziet er op toe dat bij elk bedrijf de juiste eigen risicotermijn wordt gehanteerd
|
 |
| Minister Veerman maakt uitzondering eieren |
 |
NB: dit bericht vervangt het eerder vandaag verzonden bericht! 15 maart 2003 - Minister Veerman van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij maakt een uitzondering op het verbod om broedeieren en consumptie-eieren binnen de toezichtgebieden Vogelpest (10 km zone) te vervoeren. Vanaf maandag 17 maart 2003, 0.00 uur mogen broedeieren in heel Nederland en eieren van binnen de 10 km zone onder voorwaarden worden afgevoerd. Het vervoer van consumptie-eieren buiten de 10 km zone is al mogelijk.
Deze uitzondering is noodzakelijk vanwege het tekort aan verantwoorde opslagcapaciteit voor eieren waardoor er problemen kunnen optreden ten aanzien van de hygiëne. Onder zeer strenge voorwaarden ten aanzien van verpakking, vervoer, opslag en verwerking wordt het toegestaan deze eieren te vervoeren naar de eiproductenfabrikanten binnen de gebieden. Zowel broedeieren als consumptie-eieren uit de 10 km zone mogen dus niet vervoerd worden naar eiproductenfabrikanten buiten de ingesloten gebieden en eieren buiten de ingesloten gebieden mogen niet vervoerd worden naar de ingesloten gebieden. De uitzondering is veterinair verantwoord evenals uit het oogpunt van volksgezondheid.
De voorwaarden zijn opgenomen in een door de Voedsel en Waren Autoriteit goedgekeurd protocol. Dit protocol wordt zo spoedig mogelijk op internet geplaatst (www.minlnv.nl).
|
 |
 |
Gisteren zijn vier nieuwe bedrijven verdacht verklaard van een besmetting met aviaire influenza. Het betreft twee legbedrijven in respectievelijk Achterveld en Nijkerk (westelijk van de A 28) en twee vermeerderingsbedrijven in Nijkerkerveen en Bennekom. In totaal staat de teller nu op 77 bedrijven. Door de verdenking op het legbedrijf in Nijkerk is het ingesloten gebied verder naar het westen uitgebreid. De uitbreiding betreft een gebied ten noorden van Baarn en ten westen van Bunschoten/Spankenburg.
Gisteren heeft het ministerie van LNV bekend gemaakt dat het vanaf maandagmorgen 17 maart 0.00 uur is toegestaan onder zeer strenge voorwaarden consumptie-eieren en broedeieren van bedrijven in de toezichtsgebieden te vervoeren naar een centrale opslagplaats in het gebied of naar een eiproductenindustrie in het gebied. Ook zal het vanaf dezelfde tijd zijn toegestaan om broedeieren onder strenge voorwaarden van een bedrijf buiten de toezichtsgebieden te vervoeren naar een eiproductenindustrie buiten de toezichtsgebieden.
Gisteren zijn enkele collega's van mij (Ernest Bokkers en Arjan van Dijk) vrijwel de hele dag aan het werk geweest om samen met mensen van de RVV en de AID protocollen op te stellen waarin de voorwaarden voor het vervoer van broedeieren en eieren zijn vastgelegd. Die protocollen zullen vanaf vandaag op de internetpagina's van de RVV (www.minlnv.nl/rvv) worden gepubliceerd. Die pagina's kunnen ook via het internetpagina's van het ministerie van LNV (www.minlnv.nl) worden aangeklikt. Het protocol voor de afvoer van broedeieren buiten de toezichtsgebieden is ook als bijlage bij dit bericht gevoegd.
Gisteren heeft de overheid ook verboden dat in de toezichtsgebieden vogels bij elkaar worden gebracht. Dat betekent dat jaarbeurzen, verkopingen, beurzen, keuringen en andere evenementen waarbij vogels bij elkaar worden gebracht in de toezichtsgebieden verboden zijn.
De Belgische overheid heeft vanaf vandaag weer toegestaan dat het vervoer van consumptie-eieren en vleeskuikens in het ingesloten gebied in België rondom het verdachte bedrijf in Poppel weer is toegestaan. Omdat eergisteren in het basisoverleg de Nederlandse plaatsvervangende Chief Veterinary Officer heeft meegedeeld dat Nederland het Belgische beleid rondom het verdachte bedrijf in Poppel zou volgen, heeft de NOP inmiddels bij het Nederlandse ministerie van LNV aangedrongen om die versoepelingen ook voor het toezichtsgebied rondom Goirle door te voeren.
Met vriendelijke groeten, Henk Hulsbergen
|
 |
| zaterdag 15 maart, 17.00 uur |
 |
Minister Veerman van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij heeft een aantal regelingen gepubliceerd:
Om de meest urgente welzijnsproblemen in de vervoersbeperkingsgebieden van Laren en de Gelderse Vallei op te lossen, is een opkoopregeling opengesteld voor levende vleeskuikens, vleeskalkoenen en vleeseenden. De regeling is op 14 maart van kracht geworden, onder voorbehoud van goedkeuring door de EU. De opgekochte dieren gaan naar een destructiebedrijf.
Pluimveemest in heel Nederland moet afgedekt worden om verspreiding van het virus via mest te voorkomen.
Pluimvee moet nu ook in de rest van Nederland opgehokt worden. De eigenaar, houder of hoeder van pluimvee is verplicht zijn pluimvee op te sluiten in een ruimte, die zodanig is afgeschermd dat wordt voorkomen dat vogels en hun uitwerpselen in deze ruimte kunnen komen. Dit betekent in de praktijk dat het hok een afgesloten gebouw moet zijn of anders moet zijn voorzien van een gesloten dak en verder zo fijn mogelijk gaas. De eigenaar, houder of hoeder van pluimvee moet er ook voor zorgen dat deze dieren hun verblijfplaats niet verlaten.
In de vervoersbeperkingsgebieden mogen op een bedrijf lege mestzakken en lege containers aangevoerd worden bedoeld voor de opslag van mest. Dat mag alleen met vervoermiddelen die in het ingesloten gebied worden gebruikt. Vervoermiddelen van buiten het gebied, mogen dus niet gebruikt worden.
Maandag of dinsdag wordt bekend of het verdachte bedrijf in Laren wel of niet te maken heeft met AI. Ook voor het bedrijf in Breskens moet de officieel door de EU voorgeschreven test worden afgewacht. De uitslag van een ingezette PCR-test zou gisterenavond bekend worden. Aan de hand daarvan zal de Belgische CVO beslissen of de ingestelde maatregelen van kracht blijven. Nederland zal in dit geval het Belgische beleid volgen.
Voor het ontsmetten van de uitloopterreinen van verdachte of besmette legpluimveebedrijven met uitloop is een protocol opgesteld. Mogelijkheden zijn behandelen met kalkmelk en vervolgens frezen of omploegen of de toplaag verwijderen en onder landbouwplastic opslaan of de gehele uitloop afdekken onder landbouwplastic.
Er wordt gewerkt aan een regeling om broed- en consumptie-eieren van bedrijven in de ingesloten gebieden af te voeren naar een in het gebied liggende opslagplaats en vandaar af te voeren naar een eiproductenindustrie binnen het ingesloten gebied (Ochten). Gestreefd wordt om die regeling op maandagmorgen 0.00 uur in te laten gaan. De eieren die geproduceerd zijn op bedrijven die nog geruimd moeten worden (in 1 km-gebieden) komen niet voor deze regeling in aanmerking.
Komende week wordt cruciaal voor de sector. Maandag zal er duidelijkheid zijn over het resultaat van de landelijke monitoring en zal er meer zicht zijn op het succes van de bestrijdingsmaatregelen in de Gelderse Vallei. Dinsdagmorgen is er een nieuwe vergadering van het PCVD. Vanuit de hoop dat het monitorings- resultaat zo positief blijft als dat het zich nu laat aanzien en er op hopende dat dit weekeinde het ingesloten gebied Gelderse Vallei niet vergroot behoeft te worden, zal Nederland aan het PCVD voorstellen om vervoer van Nederlandse broedeieren naar de broederijen in Nederland weer toe te staan. Import van broedeieren zal vooralsnog niet worden toegestaan. Het ministerie zegt zich er van bewust te zijn dat de pluimveesector erg moeilijk kan functioneren met een compartimenteringsregeling. Een dergelijke regeling wordt daarom alleen overwogen indien daar vanuit de EU sterk op zal worden aangedrongen
Henk Hulsbergen, beleidsmedewerker bij het PPE en deelnemer aan het overleg met het ministerie, heeft op basis van de registraties in het KIP-systeem een overzicht gemaakt van het aantal ingesloten bedrijven en het aantal dieren op die bedrijven. In de vier ingesloten gebieden (Gelderse Vallei, Laren, Breskens en Goirle) liggen 688 pluimveebedrijven met in totaal 13 miljoen stuks pluimvee. Dit komt overeen met 15% van de Nederlandse pluimveestapel. Het gaat om 9% van de vleeskuikens, 16% van de vleeskalkoenen, 44% van de vleeseenden, 18% van de opfokleghennen, 24% van de leghennen, 6% van de opfokouderdieren, 18% van de ouderdieren, 17% van de opfokgrootouderdieren en 9% van de grootouderdieren.
NOP/LTO oneens met tabellen
NOP/LTO zijn heet op twee punten niet eens met de wijze waarop de overheid de welzijnsregeling voor vleeskuikens wil toepassen. Ten eerste wordt in de waardetabellen, die gebruikt gaan worden voor de opkoopregeling voor welzijn, een vergoedingspercentage aangehouden van 80 procent (van de vleeskuikenprijs in januari 2003). NOP-voorzitter Wolleswinkel noemt dit volkomen onterecht. Pluimveehouders die in een onmogelijke situatie terecht dreigen te komen en bij wie het gehele bedrijf leeggemaakt moet worden, lijden dezelfde schade als degenen, wier bedrijf vanwege het predikaat besmetting of verdacht worden geruimd. Bovendien worden bedrijven pas geruimd, nadat welzijns- deskundige Wensing de situatie op het bedrijf heeft beoordeeld. NOP/LTO vinden dat de minister op dit besluit moet terugkomen. Het 'gevaar' dat onder- nemers te gauw in de verleiding zouden komen om van de regeling gebruik te maken, is niet aan de orde. Ten tweede stuit de leeftijd die wordt aan- gehouden (tot zes weken) op grote bezwaren.
Welzijnsproblemen bij vleeskuikens gaan zich pas voordoen op een leeftijd van 7 a 8 weken. Deze extra voertijd wordt op deze manier niet vergoed. Genoemde bezwaren zijn bij LNV kenbaar gemaakt. Aangedrongen is op aanpassing op zo kort mogelijke termijn. Evenmin zijn NOP/LTO het eens over de leeftijd, die in de waardetabel voor leghennen wordt aangehouden voor de taxatie bij ruimingen. De tabel is vermoedelijk gebaseerd op de waarden voor moederdieren. Deze dieren gaan pas leggen op een leeftijd van 22 weken. Leghennen daarentegen beginnen met leggen op 17 weken en zitten op 22 weken al op hun top. Deze eerste weken worden niet meegenomen in de taxatie. Daarnaast krijgen sommige ondernemers een toeslag van 0,50 euro/hen voor Freiland-hennen terwijl anderen geen toeslag krijgen. Ook is er geen eenduidigheid voor de vergoedingen bij opfokhennen voor de entingen. De spray-entingen worden wel vergoed en de injectie-entingen niet. Deze knelpunten worden nog verder doorgesproken met LNV
|
 |
 |
De voorlopige resultaten van de labotests die het federaal Voedselagentschap in België liet uitvoeren naar vogelpest, zijn negatief. Dat meldt het Voedselagentschap vrijdag. Vorige week dinsdag werd een massale kippensterfte vastgesteld bij een pluimveebedrijf in Poppel (Ravels), maar een tweede reeks labotests wijst niet op een link met vogelpest of "aviaire influenza", zegt het Voedselagentschap.
Vorige week dinsdag stierven bij een pluimveebedrijf in Poppel zo'n 2.000 slachtkuikens. Er werd gevreesd dat het vogelpestvirus uit Nederland het bedrijf was binnengeslopen. Daarom werd het preventief opgeruimd, net als het pluimvee bij bedrijven en particulieren in een straal van 1 kilometer. De gemeenten Ravels en Baarle-Hertog werden afgebakend als bufferzone.
Uit een eerste reeks snelle tests bleek geen aanwijzing te zijn voor vogelpest, maar definitief uitsluitsel gaven de snelle PCR-testen niet. Andere proeven waren nodig en vrijdag maakte het Voedselagentschap bekend dat de eerste resultaten negatief zijn. "Pas volgende week dinsdag wordt een volgend resultaat verwacht. Toch is dit voorlopig resultaat hoopgevend en laat het toe om een aantal maatregelen die van toepassing zijn in de bufferzone te versoepelen".
Het transportverbod voor pluimvee en andere vogels blijft van kracht, mits twee uitzonderingen: het geldt niet voor ééndagskuikens die binnen de bufferzone blijven en voor slachtpluimvee dat van buitenaf naar een slachthuis binnen de zone vervoerd wordt. Ook mogen er opnieuw eieren voor consumptie worden afgevoerd.
Ondertussen zijn 10 van de 29 Belgische pluimveebedrijven gedeblokkeerd. De bedrijven importeerden ééndagskuikens, fokpluimvee of broedeieren uit Nederland en werden daarom als risicobedrijf bestempeld, met strenge voorzorgsmaatregelen als gevolg. Tien zijn nu vrijgegeven, omdat er geen symptomen van vogelpest zijn teruggevonden.
"Het geval in Ravels is tot nu toe het enige dat aanleiding gaf tot een ernstige verdenking van aviaire influenza", luidt het. Na onderzoek bleek ook dat er geen contacten waren tussen Nederland en het betrokken pluimveebedrijf. De kuikens waren afkomstig van een Belgische broeierij en de voeders werden gebracht met een vrachtwagen die enkel Belgische bedrijven aandoet. Een alternatieve verklaring voor de kippensterfte zou een elektrische stroomonderbreking kunnen zijn in het bedrijf, aldus het Voedselagentschap.
Bron: Belga
|
 |
 |
19 Nederlanders besmet met vogelpestvirus 15/03/2003 In Nederland zijn negentien mensen met het vogelpestvirus besmet geraakt. Voor het eerst is ook vastgesteld dat het virus van mens tot mens overdraagbaar is. Omwille van deze ontwikkelingen heeft het Nederlandse Gezondheidsministerie bijkomende maatregelen genomen.
Bij de besmette lieden gaat het in achttien gevallen om mensen die intensief en langdurig betrokken zijn geweest bij het ruimen van met vogelpest besmette pluimveebedrijven. Zij liepen een oogaandoening op. Een familielid van een ruimer heeft eenzelfde oogaandoening opgelopen. Waaruit blijkt dat de mens het virus aan een andere mens kan doorgeven.
De kwaal is evenwel onschuldig en goed te genezen, zelfs zonder geneesmiddelen. Vanaf vandaag/zaterdag zijn in Nederland ruimers verplicht om een anti-viraal middel in te nemen. Mensen die op besmette of verdachte pluimveebedrijven wonen of werken, krijgen deze anti-virale middelen ook aangeboden.
Alle bewoners en medewerkers van pluimveebedrijven die zich in de zogenoemde beschermingsgebied van drie kilometer bevinden krijgen het advies een griepprik te halen. Pluimveeruimers hebben die al gekregen. Bij mensen kan de vogelpest zich uiten als een griepvirus. Als iemand gelijktijdig een infectie met vogelpest in een menselijke influenza heeft, bestaat er een zeer kleine kans dat beide virussen zich mengen. Zo kan een nieuwe virusvariant ontstaan die mogelijk gevaarlijk is voor de volksgezondheid.
Bron: Belga
GRIEP NIET ALTIJD ONSCHULDIG
Voor het eerst sinds 1997 heeft de gevreesde vogelgriep weer een menselijk slachtoffer geëist in Hong Kong. Griepexperts houden hun adem in.
Zes doden en anderhalf miljoen geslachte kippen. Dat was zes jaar geleden de prijs van een uitbraak van de vogelgriep in Hong Kong. Voor het eerst sinds 1968 was het een griepvirus gelukt om van dieren over te springen naar mensen. Doodeng, daarover was iedereen het eens. De Wereldgezondheidsorganisatie sloeg groot alarm, de autoriteiten in Hong Kong lieten alle kippen op het eiland slachten.
In februari dreigde het opnieuw mis te gaan. In een ziekenhuis in Hong Kong overleed een 33-jarige man aan dezelfde variant van het vogelgriepvirus die ook in 1997 voor paniek zorgde: variant H5N1 van grieptype A, om precies te zijn. De zoon, een dochter en de echtgenote van de man kregen ook griep, maar herstelden. Onbekend is nog of de gezinsleden ook griepsoort H5N1 hadden. Laboratoriumonderzoek zorgde voor opluchting: het griepvirus dat de man doodde is waarschijnlijk niet besmettelijk. Er lijkt sprake van een geïsoleerd geval. De mensheid is aan een nachtmerrie ontsnapt, stellen virologen vast.
Nieuwe griepvarianten duiken ieder jaar op. Meestal gaat het om relatief onschuldige variaties van al bestaande, ‘menselijke’ griepsoorten. Maar eens in de twintig, dertig jaar slaagt het griepvirus erin de soortbarrière te nemen. Een heel nieuwe griepvariant doet dan zijn intrede vanuit de dierenwereld. Bij dieren richt het griepvirus meestal weinig schade aan, maar het menselijk lichaam is niet altijd bedacht op de nieuwe tegenstander. Met alle gevolgen van dien.
In 1918 sprong een griepvirus over van het varken naar de mens. Deze ‘Spaanse griep’ kostte naar schatting wereldwijd veertig miljoen mensen het leven – meer dan het aantal slachtoffers van de Eerste Wereldoorlog. In 1957 kwamen een miljoen mensen om bij een uitbraak van de Aziatische griep. En in 1968 eiste de Hong-Konggriep 700.000 levens.
Vooral varkens en vogels gelden als een goede ‘springplank’ voor de ziekte. In 1986 schrok de wereld op toen een Nederlander zwaar ziek werd van een varkensvariant van de griep. Vlak voor de eeuwwisseling dook er in Hong Kong een baby op die weer een andere griepvariant van een varken had gekregen. En dan is er nog een andere telg uit de griepfamilie, een nauw aan H5N1 verwant influenzavirus met de catalogusnaam H9N2. In 1999 nam ook H9N2 de sprong over de soortenbarrière. Twee mensen, opnieuw in Hong Kong, werden ziek.
Steeds kwam de mensheid goed weg. Alle slachtoffers overleefden de ziekte, en het virus bleek niet in staat zich te verspreiden en stierf uit. Dat had wellicht anders uitgepakt als een van de slachtoffers tegelijk met zijn ‘dierengriep’ ook een menselijke variant had opgelopen. Virologen vrezen dat die twee virussen wel eens met elkaar kunnen versmelten, om op slag te veranderen in een besmettelijk, nieuw Hong-Kongvirus - of, erger nog, een nieuwe Spaanse griep.
Vooral het Verre Oosten wordt alom beschouwd als een kraamkamer van nieuwe griepsoorten. Mens en dier leven er op elkaars lip. Op stampvolle markten gaan levende kippen van hand tot hand, pluimvee wordt op straat geslacht en veel inwoners houden kippen thuis. Na de mini-epidemie van 1997 slachtte Hong Kong alle 1,4 miljoen kippen die de toenmalige Britse kolonie bevolkten en scherpte het land de import- en gezondheidsregels aan. Maar vorig jaar lieten Amerikaanse virologen zien dat die maatregelen niet hebben geholpen. De afgelopen jaren heeft H5N1 minstens twee keer gezorgd voor een griepepidemie onder kippen, overigens zonder mensen te besmetten. Momenteel importeert Hong Kong ieder jaar tachtigduizend kippen van het Chinese vasteland.
De autoriteiten in Hong Kong denken dat China het land is waar het nieuwste slachtoffer zijn ziekte heeft opgelopen. In januari bezocht de man familieleden in Zuid-China. Daar moet het kippenvirus op hem zijn overgesprongen. Hoe precies, is onbekend. Van het eten van kip is het waarschijnlijk niet gekomen: het virus zou de bereiding van het vlees niet hebben overleefd.
Het Verre Oosten en de speciaal ingestelde griepcommissie van de Wereldgezondheidsorganisatie staan op scherp. Vorige maand nog dook er in Zuid-China alweer een mysterieuze, griepachtige ziekte op. Driehonderd Chinezen werden ziek, zes mensen overleefden het niet. De indirecte gevolgen waren groter. Talloze Chinezen raakten in paniek en durfden alleen nog met mondkapjes de straat op. Er ontstond een enorme run op zowel westerse medicijnen en traditionele middeltjes. De prijs van azijn, waarvan veel Aziaten geloven dat het virusinfecties tegengaat, vertienvoudigde.
Virologen zijn het erover eens: het griepvirus is nog altijd een van de dodelijkste, meest onderschatte tegenstanders van de mens. Onderzoekers die H5N1 bestudeerden, kwamen vorig jaar tot de ijzingwekkende conclusie dat er maar één mutatie in het virus nodig was om het van een kippenziekte ook een mensenziekte te maken. De griep is – letterlijk – één stap van de mens verwijderd.
Het probleem is dat het griepvirus geen dood, inert ding is. Het evolueert. Sterker nog: het is een van de snelst evoluerende wezens op aarde. En het is een geduchte tegenstander. Anders dan de meeste virussen is influenza tot de tanden bewapend, met niet minder dan acht stukjes erfelijk materiaal die de gastheer kunnen besmetten, geflankeerd door talloze eiwitten.
Toch zijn er ook lichtpuntjes. Sinds de laatste, grote dodelijke griepgolf is er 35 jaar verstreken. Onderzoekers begrijpen beter dan ooit hoe het griepvirus werkt – en wat eraan te doen is. Nieuwe medicijnen en vaccins deden hun intrede, en in onder meer Amerika en Japan wordt momenteel geëxperimenteerd met methoden om snel grote hoeveelheden vaccins te maken. De algemene verwachting is dat een nieuwe griepepidemie niet zo heftig zal kunnen toeslaan als in 1918.
Dat is maar goed ook, want over een ding zijn virologen het eens: het is een kwestie van tijd voordat de volgende dodelijke griepvariant uit de coulissen springt. De Australische grieponderzoeker Graeme Laver vergeleek het eens met de grote aardbeving die San Francisco bedreigt. “We weten één ding zeker: dat hij eraan komt.”
Bron: NOS
|
 |
| Minister Veerman maakt uizondering eieren |
 |
15 maart 2003 - Minister Veerman van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij maakt een uitzondering op het verbod om broedeieren buiten de toezichtgebieden Vogelpest (10 km zone) en consumptie-eieren binnen de 10 km zone te vervoeren. Vanaf maandag 17 maart 2003, 0.00 uur mogen broedeieren buiten de 10 km zone en eieren van binnen de 10 km zone onder voorwaarden worden afgevoerd. Het vervoer van consumptie-eieren buiten de 10 km zone is al mogelijk.
Deze uitzondering is noodzakelijk vanwege het tekort aan verantwoorde opslagcapaciteit voor eieren waardoor er problemen kunnen optreden ten aanzien van de hygiëne. Onder zeer strenge voorwaarden wordt het toegestaan deze eieren te vervoeren naar de eiproductenfabrikanten. Deze uitzondering is veterinair verantwoord evenals uit het oogpunt van volksgezondheid.
De voorwaarden zijn opgenomen in een door de directeur van de Voedsel en Waren Autoriteit goedgekeurd protocol. Dit protocol wordt zo spoedig mogelijk op internet geplaatst (www.minlnv.nl).
|
 |
 |
14 maart 2003 - Minister Veerman van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij heeft vandaag in verband met de vogelpest een aantal regelingen gepubliceerd: Opkoopregeling: Om de meest urgente welzijnsproblemen in de vervoersbeperkingsgebieden van Laren en de Gelderse Vallei op te lossen, is besloten een opkoopregeling open te stellen voor levende vleeskuikens, vleeskalkoenen en vleeseenden. De regeling is op 14 maart van kracht geworden, onder voorbehoud van goedkeuring door de EU. Het kabinet heeft hiervoor op vrijdag 7 maart 10 mln euro beschikbaar gesteld. De opgekochte dieren gaan naar een destructiebedrijf.
Tijdelijke regeling vervoers- en exportverbod pluimvee 2003: Pluimveemest in heel Nederland moet afgedekt worden om verspreiding van het virus via mest te voorkomen.
Pluimvee moet nu ook in de rest van Nederland opgehokt worden. De eigenaar, houder of hoeder van pluimvee is verplicht zijn pluimvee op te sluiten in een ruimte, die zodanig is afgeschermd dat wordt voorkomen dat vogels en hun uitwerpselen in deze ruimte kunnen komen. Dit betekent in de praktijk dat het hok een afgesloten gebouw moet zijn of anders moet zijn voorzien van een gesloten dak en verder zo fijn mogelijk gaas.
De eigenaar, houder of hoeder van pluimvee moet er ook voor zorgen dat deze dieren hun verblijfplaats niet verlaten.
De Algemene Inspectiedienst (AID)zal het komende weekend toezien op de naleving van de landelijke ophokplicht. Dat gebeurt door steekproefsgewijze controles in het hele land. Bij overtreding wordt dan de eerste 24 uur nog waarschuwend opgetreden, maar daarna zal worden bekeurd bij overtreding. Binnen de toezichtsgebieden wordt bij overtreding wèl direct bekeurd.
Regeling vervoersbeperkingsgebieden pluimvee 2003: In de vervoersbeperkingsgebieden mogen op een bedrijf lege mestzakken en lege containers aangevoerd worden bedoeld voor de opslag van mest. Dat mag alleen met vervoermiddelen die in het ingesloten gebied worden gebruikt. Vervoermiddelen van buiten het gebied, mogen dus niet gebruikt worden.
|
 |
 |
Vandaag zijn 7 nieuwe verdachte bedrijven toegevoegd aan de lijst van bedrijven die betrokken zijn bij de uitbraak van aviaire influenza. Het betreffen een vermeerderingsbedrijf in Lunteren, vijf legbedrijven in Woudenberg, Nijkerk (2), Renswoude en Lunteren en een vleeskuikenbedrijf in Lunteren. Volgens opgave van de RVV gaat het in totaal nu om 37 besmette bedrijven en 36 verdachte bedrijven. Onder de 73 adressen bevinden zich 5 hobbymatige bedrijven.
Vandaag is opnieuw een basisoverleg gevoerd over de voortgang van de bestrijding, de knelpunten en het te voeren bestrijdingsbeleid. Onderstaand wordt daar kort verslag van gedaan.
Bij de landelijke monitoring naar laag pathogene aviaire influenza zijn tot dusver drie bedrijven serologisch positief bevonden. Het betreft een vleeskalkoenbedrijf in Dinteloord en twee legbedrijven (met uitloop) in Dinteloord en Steenbergen. De betreffende bedrijven zijn / worden geruimd. Op de bedrijven is geen virus gevonden. Nagegaan wordt of in het gebied rondom Dinteloord en Steenbergen aviair influenza virus aanwezig is. Als dat gevonden wordt zal dat bestreden worden zoals thans ook hoog pathogeen AI-virus bestreden wordt. De monitoring is nog niet geheel afgerond, maar ook als er nog enkele serologisch positieve bedrijven gevonden zouden worden, vindt het ministerie van LNV dat geen ongunstig beeld.
Bij de screening van de bedrijven in het ingesloten gebied Gelderse Vallei is tot dusver één serologisch positief bedrijf gevonden. Dat bedrijf wordt geruimd. Volgens virologen kan uit het gegeven dat slechts op één bedrijf in het ingesloten gebied antistoffen tegen AI zijn aangetroffen, worden opgemaakt dat het AI-virus pas sinds korte tijd in het gebied aanwezig is.
Op de lijst met te ruimen bedrijven staan momenteel 235 adressen met 2,9 miljoen stuks pluimvee. Hiervan zijn inmiddels 110 bedrijven geruimd met 1,8 miljoen stuks pluimvee. Als er geen nieuwe bedrijven meer zouden bijkomen, kunnen de resterende bedrijven in vier dagen worden geruimd. Vandaag is voor het eerst een vleeskuikenbedrijf vanwege welzijnsproblemen geruimd en morgen zal een tweede bedrijf (in het ingesloten gebied Laren) worden geruimd.
De vijf verdachte en besmette hobbybedrijven zijn inmiddels geruimd. Maandag zal begonnen worden met het ruimen van hobbybedrijven in de 1 km-gebieden rondom de verdachte en besmette bedrijven.
Komende week (maandag of dinsdag) zal bekend worden of het verdachte bedrijf in Laren wel of niet te maken heeft met AI. Ook voor het bedrijf in Breskens moet de officieel door de EU voorgeschreven test worden afgewacht. De eerste testen voor het bedrijf in Breskens waren negatief. Over het bedrijf in Poppel (België) heb ik gisteren meegedeeld dat een stroomstoring wellicht de oorzaak was van de dood van de vleeskuikens op het bedrijf. Vandaag is meegedeeld dat er weliswaar een stroomstoring in de buurt van Poppel is geweest maar dat het vleeskuikenbedrijf hier geen last van zou hebben gehad. Vanavond zal de uitslag van een ingezette PCR-test bekend worden. Aan de hand daarvan zal de Belgische CVO beslissen of de ingestelde maatregelen van kracht blijven. Nederland zal in dit geval het Belgische beleid volgen.
Gisteren heeft het Permanente Comité voor de Voedselveiligheid en de Diergezondheid (PCVD) informatie ontvangen over de landelijke monitoring naar LPAI. Nederland heeft er daarbij op gewezen dat enkele serologische positieve bedrijven niet tot hysterie mogen leiden. DE PCVD is zeer tevreden over de Nederlandse aanpak en vooral ook over de medewerking van het pluimveebedrijfsleven. Vanuit de noordelijke lidstaten is een discussie opgestart of, gezien de AI-uitbraak in Nederland, pluimvee wel buiten gehouden moet worden.
Voor koppels vleeskuikens met welzijnsproblemen in de ingesloten gebieden is een welzijnsopkoopregeling beschikbaar. De vleeskuikens worden overgenomen tegen een waarde van 80% van de vleeskuikenprijs in januari 2003. Op verzoek van de NOP zal de uit te betalen vergoeding nog nader worden bezien. Een commissie die zich richt op de verschillende welzijnsaspecten bij de bestrijding beziet of er ook een welzijnsopkoopregeling moet komen voor koppels vleeseenden en vleeskalkoenen in de ingesloten gebieden.
Ten aanzien van de ophokplicht zal nader aandacht worden besteed aan struisvogels, ganzen en fazanten.
Voor het ontsmetten van de uitloopterreinen van verdachte of besmette legpluimveebedrijven met uitloop is een protocol opgesteld. Mogelijkheden zijn behandelen met kalkmelk en vervolgens frezen of omploegen of de toplaag verwijderen en onder landbouwplastic opslaan of de gehele uitloop afdekken onder landbouwplastic.
Dit weekeinde zal een regeling bekend worden gemaakt voor het afvoeren van broedeieren van bedrijven buiten de ingesloten gebieden naar de eiproductenindustrieën. Het ministerie van LNV onderzoekt nog of de EU bereid is een financiele bijdrage te leveren voor de broedeieren die naar de industrie worden afgevoerd, maar de kans daarop wordt erg klein geacht. De vermeerderaars moeten er daarom op rekenen dat zij het met de door de eiproductenindustrie te betalen prijs moeten doen.
Voorts wordt gewerkt aan een regeling om broed- en consumptie-eieren van bedrijven in de ingesloten gebieden af te voeren naar een in het gebied liggende opslagplaats en vandaar af te voeren naar een eiproductenindustrie binnen het ingesloten gebied (Ochten). Gestreefd wordt om die regeling op maandagmorgen 0.00 uur in te laten gaan. De eieren die geproduceerd zijn op bedrijven die nog geruimd moeten worden (in 1 km-gebieden) komen niet voor deze regeling in aanmerking.
Vervoer van pluimveemest of gebruikt strooisel zal vooralsnog in het gehele land niet mogelijk zijn. Wel is het toegestaan dat lege containers naar de pluimveebedrijven worden gebracht of dat containers op het erf van de pluimveebedrijven worden verplaatst.
Aangegeven is dat komende week cruciaal wordt voor de sector. Maandag zal er duidelijkheid bestaan over het resultaat van de landelijke monitoring en zal er meer zicht zijn op het succes van de bestrijdingsmaatregelen in de Gelderse Vallei. Dinsdagmorgen is er een nieuwe vergadering van het PCVD. Vanuit de hoop dat het monitoringsresultaat zo positief blijft als dat het zich nu laat aanzien en er op hopende dat in het weekeinde het ingesloten gebied Gelderse Vallei niet vergroot behoeft te worden, zal Nederland aan het PCVD voorstellen om vervoer van Nederlandse broedeieren naar de broederijen in Nederland weer toe te staan. Import van broedeieren zal vooralsnog niet worden toegestaan. Het ministerie is zich er voorts van bewust dat de pluimveesector erg moeilijk kan functioneren met een compartimenteringsregeling. Een dergelijke regeling wordt daarom alleen overwogen indien daar vanuit de EU sterk op zal worden aangedrongen.
Tenslotte kan ik u nog enkele getallen geven over de ingesloten bedrijven en het aantal dieren op die bedrijven. Het betreft cijfers die op basis van de registraties in het KIP-systeem zijn opgesteld. In de vier ingesloten gebieden (Gelderse Vallei, Laren, Breskens en Goirle) liggen 688 pluimveebedrijven met in totaal 13 miljoen stuks pluimvee, hetgeen overeenkomt met 15% van de Nederlandse pluimveestapel. Het gaat om 9% van de vleeskuikens, 16% van de vleeskalkoenen, 44% van de vleeseenden, 18% van de opfokleghennen, 24% van de leghennen, 6% van de opfokouderdieren, 18% van de ouderdieren, 17% van de opfokgrootouderdieren en 9% van de grootouderdieren.
Met vriendelijke groeten, Henk Hulsbergen
|
 |
| vrijdag 14 maart, 19.00 uur |
 |
Het aantal besmette bedrijven was deze middag opgelopen tot 38. Het aantal ernstig verdachte bedrijven bedraagt 32. In vijf gevallen betreft het hobbymatig gehouden pluimvee. De ziekte woekert dus nog voort. Alle nieuwe gevallen bevinden zich in de Gelderse Vallei. De RVV streeft ernaar besmette en verdachte bedrijven binnen 24 uur te ruimen. In het kader van preventieve ruimingen (1 km zone) moeten nog bijna negentig bedrijven worden geruimd.
Bij de screening op laag pathogeen virus zijn tot nu toe twee bedrijven in Dinteloord en een in Steenbergen (1 kalkoenbedrijf en twee legbedrijven met uitloop) serologisch positief bevonden. Dit betekent dat er wel antilichamen maar geen virus is aangetroffen. De bedrijven zijn geruimd. Na het weekend worden de overige uitslagen van dit onderzoek verwacht.
Het ziet er naar uit dat bedrijven in de 10 km zone die niet verdacht zijn en niet in de ruimingszone liggen eieren mogen gaan afvoeren de non food industrie.
Er komt een welzijnsregeling voor vleeskuikens, eenden en kalkoenen. Laser stelt daarbij de nood vast en maakt een planning. De vergoeding zal 80% zijn, meldt LTO.
Voor het verplaatsen/plaatsen van mestcontainers zal naar verwachting dit weekend een regeling komen. Reiniging en ontsmetting van de vrachtwagens vraagt tijd en is duur en men vraagt zich af of dit wel een oplossing is. Wanneer er dit weekend een regeling komt en men wil een container verplaatsen, dan is het raadzaam om goed naar de kosten te vragen, is het advies van LTO. Dan kan de afweging worden gemaakt of een andere vorm van mestopslag op het bedrijf ook mogelijk is, mits milieuverantwoord en goed afgedekt. Dit is niet verboden.
Zoals eerder vermeld heeft de overheid besloten dat personen die geen griepprik hebben gehad niet meer toe te laten bij het ruimen van bedrijven. Eigenaren en familie van getroffen bedrijven hoeven echter geen griepprik te halen. Omdat echter bij meerdere ruimers, officieel zes, is vastgesteld dat ze besmet zijn geraakt met het vogelpestvirus, bespreekt het coordinatieteam van het ministerie van VWS (volksgezondheid) vandaag de situatie. Mogelijk zal het alsnog veehouders gaan adviseren alsnog de griepprik te halen.
De Dierenbescherming (Db) is verbolgen over de beslissing van de overheid om de Landelijke Inspectiedienst Dierenbescherming (LID) niet toe te staan welzijnscontroles uit te voeren in het kader van de vogelpest. Bij de LID werken beroepsinspecteurs met opsporings- en toezichthoudende bevoegdheid. Zij beschikken over specifieke expertise op het gebied van dierenwelzijn, volgens Db-directeur Van de Giessen. ,,Het is voor ons onbegrijpelijk dat de overheid het aanbod van de LID om bij te dragen aan een welzijnsvriendelijke bestrijding van de vogelpest naast zich neerlegt.''
De Vlaamse minister van leefmilieu en landbouw, Vera Dua, heeft in overleg met het Federaal Agentschap voor Voedselveiligheid verboden pluimveemest, afkomstig uit Nederland, Ravels en Baarle-Hertog, uit te rijden op landbouwgronden. Ook het vervoer van pluimveemest op het grondgebied van Ravels en van Baarle-Hertog is verboden. Het verbod wordt meteen van kracht. Voor Belgische maatregelen zie de internetsite van de FAVV
|
 |
| PPE stelt juridisch kader voor heffing bestrijdingskosten vogelpest vast |
 |
Het bestuur van het Productschap Pluimvee en Eieren (PPE) heeft een juridisch kader vastgesteld waarmee een hogere heffing kan worden geïnd onder alle pluimveehouders en kuikenbroeders ter financiering van de bestrijdingskosten van de Aviaire Influenza. Het moment waarop deze heffing geïnd gaat worden, alsmede de hoogte van de heffing wordt op een later tijdstip vastgesteld. Dit in verband met de uiterst onzekere periode waarin alle bedrijven in de productiekolom zich momenteel bevinden. Convenant Diergezondheidfonds (DGF) In 2002 heeft het PPE een convenant met de overheid gesloten met betrekking tot de financiering van bestrijdingskosten van besmettelijke dierziekten. Tot eind 2004 staat het PPE garant voor 11,34 miljoen euro. Ondanks de zeer onzekere toekomst van vele bedrijfsgenoten als gevolg van de vogelpestcrisis, stelt het PPE die afspraak niet ter discussie. Momenteel heeft het PPE circa 2 miljoen euro in kas ter financiering aan het DGF. Op basis van een al eerder goedgekeurde heffingsverordening wordt per 1 april aanstaande alvast een lage heffing opgelegd. Daarmee wordt het fonds op jaarbasis met circa 1,7 miljoen euro aangevuld.
De hogere heffing wordt opgelegd aan alle schakels in de primaire pluimveesector. Vanwege het grote financiele belang worden ook de fokkerijorganisaties en de kuikenbroeders in de nieuwe heffingssystematiek betrokken. Dit in tegenstelling tot de lage heffing. Deze twee schakels in de productiekolom kunnen namelijk ook op schadevergoedingen bij ruimingen aanspraak maken.
Bezinning uitgaven PPE Voorts heeft het bestuur besloten alle uitgaven te heroverwegen. Vanwege de verminderde productie als gevolg van de vogelpest, ligt een verlaging van de heffingsinkomsten in de rede. In de komende periode worden de uitgaven zeer kritisch bekeken.
|
 |
| Vogelpest doodsteek voor eendenhouderij |
 |
Er is een grote kans dat de eendenhouderij het vervoerverbod door vogelpest niet overleefd. Dit zegt Gerrit van der Horst, secretaris kring eendenhouders van de NOP. Gistermiddag is door een verdenking in Putten het vervoerbeperkingsgebied Gelderse Vallei uitgebreid richting Harderwijk. Dit treft eendenbedrijven, -broederijen en slachterij Thomassen in Ermelo. De productie van slachteenden vindt voor het overgrote deel plaats in de gemeenten Ermelo en Harderwijk. De derde gemeente met veel eendenhouders, Hierden ten noorden van Harderwijk, valt nog buiten het vervoersverbod. Volgens Van der Horst zitten eendenhouders binnenkort zonder kuikens door het verbod op het vervoer van broedeieren. Slechts één broederij is niet getroffen door de maatregel.
Jaarlijks produceert de sector ongeveer 4 miljoen slachteenden op 120 bedrijven. Wegens de milieubelasting bij uitloop worden de dieren sinds 1998 binnen gehouden. De concentratie van de eendensector rondom Harderwijk is een gevolg van de afsluiting van de Zuiderzee in 1932. Veel werkloze vissers vonden werk in de nieuw opgezette eendenhouderijen.
|
 |
| Europa verlengt vervoers- en exportverbod |
 |
Het vervoers- en exportverbod voor Nederlandse levende kippen en broedeieren wegens vogelpest blijft voorlopig nog een week van kracht. Veterinaire deskundigen van de Europese Unie hebben dat besloten. De maatregelen lopen tot volgende week donderdagavond 24.00 uur. Eerder deze week zag het ernaar uit dat de maatregelen mogelijk zouden worden versoepeld. Het ministerie van LNV voert een screening uit op vogelpest op ongeveer 1400 bedrijven. Afhankelijk van de uitkomst daarvan zouden het zuiden en noorden wellicht worden 'vrijgegeven'. De screening is echter maandag pas klaar. “In samenspraak met de Nederlandse autoriteiten is besloten de maatregelen voorlopig te verlengen”, zei de woordvoerster van EU-commissaris Byrne van Consumentenzaken en Volksgezondheid.
De experts lichten de situatie volgende week dinsdag opnieuw door. Mogelijk worden dan de verbodsafspraken alsnog verlicht. Overigens is het afvoeren van slacht- en eendagskuikens in Nederland sinds 4 maart vrijgegeven.
|
 |
| Noodoplossing voor mestopslag |
Gemeenten in het toezichtsgebied Gelderse Vallei hebben een noodregeling gemaakt voor de opslag van mest. Voorwaarde is dat de mestopslag is afgedekt. Met de regeling komen de gemeenten tegemoet aan de problemen die ontstaan doordat veehouders in het toezichtsgebied hun mest niet mogen uitrijden of afvoeren.
Veehouders die een noodopslag voor mest willen aanleggen, kunnen bij de milieu-afdeling van hun gemeente een meldingsformulier aanvragen. Het formulier van gemeente Barneveld is ook on-line beschikbaar via www.barneveld.nl
|
| Opnieuw ruimers pluimvee besmet met vogelpestvirus |
 |
Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) maakte vandaag bekend dat vier ruimers van besmet pluimvee zelf besmet zijn geraakt met het vogelpestvirus. Afgelopen dinsdag raakte een ruimer al besmet. In alle gevallen hebben de ruimers oogaandoeningen opgelopen. De ruimers worden behandeld. De oogaandoeningen zijn te genezen en niet besmettelijk van mens tot mens. In totaal zijn er nu vijf bevestigde menselijke gevallen van vogelpest. Vanaf afgelopen dinsdag geven medewerkers van de GGD in Ede de ruimers op het coördinatiecentrum in Stroe een inenting tegen de griep. Eigenaren en familie van getroffen bedrijven worden niet gevaccineerd. Het vaccin werkt pas na tien dagen en het bedrijf is dan al ontruimd.
Het vogelpestvirus is gevaarlijk voor pluimvee, maar niet voor mensen. Vogelpest is een griepvirus. Als iemand gelijktijdig een infectie met vogelpest én een menselijke influenza heeft, bestaat een zeer kleine kans dat beide virussen zich mengen. Zo kan een nieuwe virusvariant ontstaan die mogelijk gevaarlijk is voor de volksgezondheid. Vaccinaties moeten dit voorkomen.
|
 |
| 'Pluimveehouders buiten vervoersbeperkingsgebied verdienen flink aan vogelpest' |
| Als gevolg van de vogelpest is de eierproductie ongeveer 20% lager en is de NOP-richtprijs van de eieren zo'n 20% gestegen. Pluimveehouderijen buiten de vervoersbeperkingsgebieden verdienen volgens Wakker Dier flink aan de vogelpest. |
| Zeldzame pluimveerassen worden niet geruimd |
Op dit moment worden binnen een straal van 1 kilometer rondom een besmetting met vogelpest of ernstige verdenking van besmetting alleen de pluimveesoorten op bedrijven gedood. Binnenkort zal ook worden begonnen met het doden van de pluimveesoorten die niet bedrijfsmatig worden gehouden, de zogenaamde hobbydieren. Vooruitlopend op de besluitvorming over het protocol voor de ruimingen van hobbydieren binnen de 1 kilometergebieden rond besmette en ernstig verdachte bedrijven, is een lijst van pluimveesoorten en rassen vastgesteld die in beginsel gespaard zullen blijven. Het gaat om gehouden soorten die internationaal worden beschermd en om zeldzame soorten in de gebieden Gelderse Vallei en Laren. Aan de 'vrijstelling' voor ruiming is wel een aantal belangrijke voorwaarden verbonden.
De lijst van pluimveesoorten en rassen en de voorwaarden vindt u op de website van het ministerie van LNV.
|
| Vlaanderen verbiedt uitrijden Nederlandse pluimveemest |
| In overleg met het Federaal Agentschap voor Voedselveiligheid heeft Vlaams minister van leefmilieu en landbouw Vera Dua de verspreiding en het uitrijden op Vlaamse landbouwgronden van pluimveemest afkomstig uit Nederland, Ravels en Baarle-Hertog verboden. Ook het vervoer van pluimveemest op het grondgebied van Ravels en van Baarle-Hertog is verboden. Het verbod wordt meteen van kracht. |
| Kalkoenen met antistoffen tegen vogelpest in Dinteloord |
 |
Op een bedrijf in Dinteloord in de provincie Noord-Brabant zijn bij kalkoenen antistoffen tegen de vogelpest aangetroffen. Dit betekent dat de minder agressieve variant van de vogelpest daar mogelijk heeft geheerst. Uit voorzorg wordt het bedrijf geruimd en wordt bij bedrijven in de omgeving gekeken of het virus mogelijk nog actief is. Het bedrijf in Dinteloord werd onderzocht in het kader van het landelijke onderzoek naar de minder agressieve variant van de klassieke vogelpest. Het gaat in totaal om 1366 bedrijven. Deze bedrijven worden per provincie en per sector steekproefsgewijs onderzocht. Daarnaast worden alle bedrijven met vleeseenden, vleeskalkoenen en leghennen onderzocht.
Als bij bedrijven de minder agressieve variant wordt vastgesteld, volgen vergelijkbare maatregelen als na een constatering van de klassieke vogelpest. Dit betekent dat het besmette bedrijf en de bedrijven in een straal van een kilometer worden geruimd. Daarnaast worden alle bedrijven in een straal van drie kilometer onderzocht en wordt binnen een straal van tien kilometer een toezichtgebied ingesteld.
|
 |
 |
DEN HAAG - Pluimveehouders vrezen dat de branche op korte termijn door een golf van faillissementen wordt getroffen, als de vogelpest zich nog verder uitbreidt. ''Er is straks geen kuiken meer over in Nederland,'' aldus voorzitter Jan Wolleswinkel van de organisatie voor pluimveehouders. Ook de aanvoer van eieren naar de winkels wordt steeds lastiger.
In Nederland zijn gisteren weer vier bedrijven toegevoegd aan de lijst van besmette bedrijven. In totaal zijn 31 bedrijven besmet en op 32 bedrijven rust een ernstige verdenking. Tot tien kilometer rond de besmettingshaarden gelden beperkende maatregelen.
De eerste besmetting die gisteren in België werd vermoed, is waarschijnlijk niet afkomstig uit Nederland, zeggen de Belgische autoriteiten. Wel zijn ook in die omgeving veel Nederlandse bedrijven indirect getroffen, omdat het besmette bedrijf vlakbij de Nederlandse grens ligt. Negentig Nederlandse bedrijven liggen in het afgezette gebied van tien kilometer rond het bedrijf.
Jan Wolleswinkel heeft de Tweede Kamer om een opkoopregeling voor de tachtig miljoen eieren en de kippen in de regio rond Barneveld gevraagd.
Landbouwminister Cees Veerman maakte gisteren bekend dat mensen die verdachte of besmette pluimveebedrijven ruimen, een griepprik moeten krijgen. De griepvaccinatie moet voorkomen dat ruimers die in contact komen met het aviaire influenzavirus griep krijgen. Vermenging van een griepvirus en het vogelpestvirus kan in zeldzame gevallen tot de vorming van een nieuw, mogelijk gevaarlijk, griepvirus leiden. Eén ruimer kreeg tot nu toe last van het dierlijke virus.
Veerman heeft verder laten weten dat hij ook bedrijven zal laten ruimen en gebieden zal afzetten als ook de minder besmettelijke variant op de vogelpest blijkt rond te waren. Hij laat nu ruim 1300 steekproeven in het hele land doen naar dit virus.
© Het Parool, 13-3-2003
|
 |
| Morgen in de Pluimveehouderij |
 |
PPE-heffing voor DGF
Het PPE-bestuur heeft verder besloten dat een eerder vastgestelde heffing voor de financiering van het Diergezondheidsfonds (DGF) vanaf 1 april a.s. geind zal gaan worden. Deze heffing brengt op jaarbasis 1,7 miljoen euro op. Omdat de sector 11,4 miljoen euro aan het Diergezondheidsfonds moet bijdragen, heeft het bestuur ook een verordening vastgesteld voor het opleggen van een aanzienlijk hogere heffing. Die verordening wordt nu voorgelegd aan het ministerie van LNV, aan de Sociaal Economische Raad en aan de EU. In de bestuursvergadering van juni 2003 zal nader bezien worden op welke termijn die verordening van kracht zal worden en welke tarieven zullen gaan gelden.
Kennisgroep AI doet aanbevelingen
Een ad-hoc kennisgroep van veterinairen kwam heeft zich gebogen over de AI-situatie. Het doel is om vanuit een breed georienteerd panel van deskundigen aanbevelingen, adviezen en aandachtspunten te formuleren die kunnen dienen als leidraad en ondersteuning bij beleidsmatige beslissingen en prioriteitsstellingen tijdens de aanpak van Aviaire Influenza in Nederland. De adviezen en aanbevelingen van de kennisgroep zijn onderverdeeld in een aantal aandachtsvelden: hygiene, preventie, verdenkingen, preventie rondom verdachte/besmette bedrijven, screening, ruiming, na de ruiming en informatie- stromen. In Pluimveehouderij de uitkomst van de eerste bijeenkomst van de groep. |
 |
 |
Het aantal besmette en verdachte bedrijven is gisteren met 6 toegenomen. Het betreft nieuwe verdachte bedrijven in Lunteren (2x), Nijkerk (2x), Putten en Woudenberg. Door het bedrijf in Putten is het ingesloten gebied naar het westen en noorden uitgebreid. Nu valt ook het zuidwesten van Flevoland en de omgeving ten zuiden van Ermelo in het gebied. Door de grens zuidelijk om Harderwijk te leggen blijft een van de twee eendenslachterijen in Nederland buiten het gebied. De andere slachterij ligt sinds vandaag in het gebied. Ook de eendenbroederijen in Harderwijk blijven buiten het nu vastgestelde ingesloten gebied.
Ten aanzien van de verdenking in Poppel (Belgie) valt in het veld te horen dat door een stroomstoring op dat bedrijf de ventilatie een aantal uren, gesproken wordt van 48 uur, niet heeft gewerkt. Dat zou ook de oorzaak van de geconstateerde sterfte kunnen zijn.
Het bestuur van het PPE heeft gisteren vastgesteld dat de huidige situatie in de pluimveesector vele malen erger is dan situatie in andere sectoren bij uitbraken van varkenspest of mond en klauwzeer. Doordat er geen broedeieren mogen worden afgevoerd naar de broederijen heeft de pluimveesector in feite te maken met een landelijk fokverbod en zal de totale sector over anderhalve week leeg draaien. Als daar niet op korte termijn verandering in komt loopt de continuiteit van de totale sector groot gevaar.
Het PPE-bestuur heeft een regeling vastgesteld op grond waarvan de broederijen in de ingesloten gebieden in aanmerking komen voor een schadevergoeding omdat ingelegde broedeieren, c.q. uitgekomen kuikens niet meer konden worden afgevoerd.
Het ministerie werkt verder hard aan regelingen voor het opkopen van vleespluimvee met welzijnsproblemen in de ingesloten gebieden, aan een regeling voor het opslaan van consumptie-eieren in de ingesloten gebieden en aan een regeling voor de afvoer van broedeieren naar de eiproductenindustrieen buiten de ingesloten gebieden. |
 |
| donderdag 13 maart, 17.30 uur |
 |
Naar aanleiding van een nieuwe, ernstige verdenking van de aanwezigheid van AI op een bedrijf bij Putten, is het vervoersbeperkingsgebied in de Gelderse Vallei zojuist (om 16.30 uur) uitgebreid.
Vanmiddag werd ook bekend dat het CIDC in Lelystad in bloed van kalkoenen van een bedrijf in Dinteloord (West Brabant) antistoffen tegen laag-pathogeen AI-virus heeft gevonden. Er is geen virus aangetoond. Dit kwam aan het licht na de landelijke screening. Het bedrijf wordt vermoedelijk vrijdag geruimd en binnen een straal van 1 kilometer wordt gezocht naar de aanwezigheid van het virus.
Demissionair Minister Veerman zei vanmiddag tijdens overleg in Kamer dat de eerste resultaten van de landelijke screening geen verontrustend beeld opleveren. Verder zei hij dat bij de (ruimings)maatregelen tegen verdere verspreiding van het hoog-pathogene AI-virus op de Veluwe voortdurend de afweging wordt gemaakt tussen veterinaire risico's en andere (economische) belangen.
Het geruimde pluimveebedrijf in Breskens blijkt volgens eerste testen niet besmet te zijn met vogelpest. Een uitgebreider onderzoek moet binnenkort uitsluitsel geven. Dat heeft minister Veerman vanmiddag gemeld tijdens overleg met de Tweede Kamer. Ook bij het verdachte bedrijf in het Belgische Poppel duidt een eerste test niet op vogelpest.
De Tweede Kamer wil dat het kabinet veel meer geld uittrekt voor het noodfonds en welzijnsfonds. Ook zou het noodfonds ruimer moeten worden toegepast. Nu is het noodfonds alleen beschikbaar voor pluimveehouders in de toezichtsgebieden. Zie voor meer informatie de berichten onderaan deze nieuwsbrief.
Vanuit de crisisstaf is gemeld dat het gebruik van mestzakken als tijdelijke opslagvoorziening ook binnen de B/T- gebieden toegestaan gaat worden. Een regeling is in de maak. Verder wordt het advies van Cumela overgenomen om de containers voor tijdelijke opslag van mest door een apart bedrijf te laten aanvoeren en plaatsen middels zgn. meerasige carriers onder strikte hygiene voorschriften. Het afdekken van (tijdelijke) mestopslagen wordt voor heel Nederland van toepassing en verder komt er een regeling voor het ontsmetten van de uitloop. Gedacht wordt aan onderploegen, onderfrezen en/of ontsmetten met kalk (hoge pH). Nog steeds is er geen duidelijkheid betreffende de periode waarna de mest kiemvrij is. De 42 dagen is nog steeds geen hard getal met alle negatieve consequenties van dien. Aldus een melding van LTO.
Pluimveehouders die getroffen worden door vogelpest op hun bedrijf kunnen in aanmerking komen voor een bijstandsuitkering voor zelfstandigen. Dat staat in een brief die minister De Geus van Sociale Zaken naar de gemeenten heeft gestuurd. Voorwaarde voor het verkrijgen van bijstand is dat de pluimveehouder en zijn eventuele partner geen inkomsten hebben boven het sociaal minimum. Onder voorwaarden mogen gemeenten getroffen ondernemers ook een bedrijfslening verstrekken van maximaal 162.344 euro. De Geus heeft de gemeenten opgeroepen aanvragen van gedupeerde pluimveehouders met voorrang in behandeling te nemen.
Zie voor verdere actuele ontwikkelingen en regelingen de informatiesite over Klassieke Vogelpest van het ministerie van LNV
Kamer wil meer geld voor opkoop en noodfonds
Voor welzijnsopkoop en voor het noodfonds moet veel meer geld komen dan de 10 resp. 5 miljoen euro die het kabinet ter beschikking heeft gesteld. Dat vindt een meerderheid van de Tweede Kamer. Met een beroep op de uitspraak van premier Balkende 'dat niet een bedrijf door de vogelpest failliet mag gaan' willen CDA, VVD, LPF, ChristenUnie en SGP dat het kabinet meer geld uitttrekt voor getroffen pluimveehouders. CDA en ChristenUnie dienden vanmiddag moties in die daarom vragen. Die worden bij de stemmingen volgende week vrijwel zeker aangenomen. De fondsen moeten ook beschikbaar komen voor getroffen boeren buiten de bestaande 10 km-zones. Minister Veerman staat niet onwelwillend tegenover de Kamerwens, maar waarschuwde dat het kabinet erg krap bij kas zit en dat Brussel deze financiele steun al gauw aanmerkt als staatssteun, en dat is verboden.
Broedeiproblematiek
De VVD diende een motie in waarin wordt gevraagd om buiten de vervoersbeperkings- gebieden broedeieren naar broederijen te kunnen vervoeren. Veerman wil deze Kamerwens uitvoeren als Brussel hem hiervoor toestemming verleend. Hij zal zo spoedig mogelijk contact opnemen met Brussel. Brussel zal echter de uitkomst van screening op laag pathogeen virus afwachten eer het ja zegt. Ook als er verder geen bijzondere dingen meer gebeuren is de verwachting dat er op zijn vroegst volgende week dinsdag groen licht kan komen. Daarnaast is de minister bereid toestemming te geven broedeieren 'om te katten' naar consumptie-eieren om afvoer ervan naar de eiproductenindustrie mogelijk te maken.
Ophokplicht in heel Nederland
Er komt een ophokplicht voor alle pluimvee in heel Nederland. Dat heeft minister Veerman vanmiddag in de Tweede kamer aangekondigd. De minister nam zijn besluit na aandringen vanuit de Tweede Kamer. Hij voelde er eerst weinig voor omdat handhaving en controle van de ophokplicht lastig is. Maar toen de SGP een motie indiende waarin de ophokplicht wordt gevraagd, wachtte de minster de stemmingen van volgende week niet af en besloot de verplichting snel door te voeren. Verzuchting van pluimveevoorman Jan Wolleswinkel op de publieke tribune: ,,Daar hebben we nu al tien dagen om gevraagd''. In de toezichtsgebieden bestaat al een ophokplicht.
Destructie mogelijk remmende factor bij ruimen
Niet de ruimings- maar de destructiecapaciteit wordt langzamerhand de remmende factor bij het ruimen. Rendac in Son bereikt langzamerhand de grenzen van zijn verwerkingscapaciteit. Dat heeft minister Veerman in de Tweede Kamer meegedeeld. De destructie- capaciteit kan een knelpunt worden als straks een tweede griepgolf losbreekt of wanneer het laagpathogene virus wordt aangetroffen. Zowel de minister als de Tweede Kamer maakten daarover hun grote zorgen kenbaar in het Tweede Kamerdedat dat ze over de vogelpest voerden. Moet er straks aanzienlijk meer geruimd worden, dan wordt het moeilijk de dode dieren te vernietigen. Het ministerie heeft al aan Rendac gevraagd of het de capaciteit kan uitbreiden door ook in de vestiging in Bergum (Fr.) pluimvee te vernietigen. Dat vereist vergaande en kostbare bedrijfsaanpassingen.
|
 |
 |
Vandaag heeft Nederland in de vergadering van het Permanent Comité voor de Voedselveiligheid en de Diergezondheid (PCVD) in Brussel voorlopige mededelingen gedaan over de landelijke screening naar laag pathogene aviaire influenza. Uit die screening is gebleken dat alleen in de buurt van Dinteloord serologisch LPAI is aangetoond. Een bedrijf met vleeskalkoenen is in die plaats reeds geruimd en in de omgeving zal verder onderzoek naar de aanwezigheid van virus worden uitgevoerd. Dinsdag zal in een volgende vergadering van het PCVD een definiteive rapportage volgen en zal Nederland het te voeren beleid presenteren in de gebieden buiten de ingesloten gebieden. In eerste instantie zal zich dat toespitsen op het vervoer van broedeieren naar de broederijen. Daarbij zal mogelijk een systeem van compartimentering worden ingevoerd.
Het aantal besmette en verdachte bedrijven is vandaag met 6 toegenomen. Het betreft nieuwe verdachte bedrijven in Lunteren (2x), Nijkerk (2x), Putten en Woudenberg. Door het bedrijf in Putten is het ingesloten gebied naar het westen en noorden uitgebreid. Nu valt ook het zuidwesten van Flevoland (ten oosten van de N305 en ten zuiden van de N302)en de omgeving ten zuiden van Ermelo in het gebied. Door de grens zuidelijk om Harderwijk te leggen blijft één van de twee eendenslachterijen in Nederland buiten het gebied (de andere slachterij ligt sinds vandaag in het gebied). Ook de broederijen in Harderwijk (Tanghe, De Lange en Duck-to-Farm/vh Klaassen) blijven buiten het nu vastgestelde ingesloten gebied. Het eerste onderzoek naar de verdenking in Breskens heeft geen AI aangetoond. Ten aanzien van de verdenking in Poppel (België) hebben wij vernomen dat door een stroomstoring op dat bedrijf de ventilatie een aantal uren (gesproken wordt van 48 uur) niet heeft gewerkt. Dat zou ook de oorzaak van de geconstateerde sterfte kunnen zijn.
Het bestuur van het PPE heeft vandaag vastgesteld dat de huidige situatie in de pluimveesector vele malen erger is dan situatie in andere sectoren bij uitbraken van varkenspest of mond en klauwzeer. Doordat er geen broedeieren mogen worden afgevoerd naar de broederijen heeft de pluimveesector in feite te maken met een landelijk fokverbod en zal de totale sector over anderhalve week leeg draaien. Als daar niet op korte termijn verandering in komt loopt de continuïteit van de totale sector groot gevaar. Het bestuur heeft voorts besloten dat een eerder vastgestelde heffing voor de financiering van het Diergezondheidsfonds vanaf 1 april a.s. geïnd zal gaan worden. Omdat deze heffing op jaarbasis € 1,7 miljoen zal opbrengen en de sector € 11,4 miljoen aan het Diergezondheidsfonds moet bijdragen heeft het bestuur ook een verordening vastgesteld voor het opleggen van een aanzienlijk hogere heffing. Die verordening zal nu worden voorgelegd aan het ministerie van LNV, aan de Sociaal Economische Raad en aan de EU. In de bestuursvergadering van juni 2003 zal nader bezien worden op welke termijn die verordening van kracht zal worden en welke tarieven zullen gaan gelden. Het bestuur heeft voorts een regeling vastgesteld op grond waarvan de broederijen in de ingeslotehn gebieden in aanmerking komen voor een schadevergoeding omdat ingelegde broedeieren, c.q. uitgekomen kuikens niet meer konden worden afgevoerd. Vorige week waren daar reeds afspraken over gemaakt met minister Veerman.
Een aantal leden van het PPE-bestuur heeft vandaag een onderhoud gehad met minister Veerman. In dat overleg zijn alle problemen, met name het verbod op het vervoer van broedeieren, nog weer eens uitgebreid onder de aandacht van de minister gebracht.
Het ministerie heeft vandaag laten weten dat het veterinair niet verantwoord is dat eendagskuikens eend worden afgeleverd op bedrijven waar eenden aanwezig zijn. Voor de kalkoensector is die mogelijkheid wel opengesteld, maar voor eenden acht men het risico van het doorgeven van een besmetting te groot omdat alle broederijen en alle ouderdierbedrijven zich in Gelderland of Utrecht bevinden.
Ook heeft LNV laten weten dat het onder voorwaarden mogelijk is dat eendagskuikens geplaatst worden op bedrijven die zich hebben opgegeven voor de opkoopregeling pluimveerechten. Dat geldt allene voor bedrijven die nog geen beschikking hebben ontvangen. Een andere voorwaarde is dat de dieren geen eigendom mogen worden van de eigenaar van het bedrijf waar de kuikens worden geplaatst. Vermoedelijk komt hier morgen een regeling voor.
Het ministerie werkt verder hard aan regelingen voor het opkopen van vleespluimvee met welzijnsproblemen in de ingesloten gebieden, aan een regeling voor het opslaan van consumptie-eieren in de ingesloten gebieden en aan een regeling voor de afvoer van broedeieren naar de eiproductenindustrieën buiten de ingesloten gebieden.
Morgenmiddag zal er om 15.00 uur (let op gewijzigd tijdstip)weer een basisoverleg worden gehouden. Een voorbespreking zal om 13.00 uur (!) worden gehouden in het PVE-kantoor in Zoetermeer.
Met vriendelijke groeten, Henk Hulsbergen
|
 |
| Ruiming België afgeblazen wegens gebrek aan kippen |
De preventieve ruiming van pluimveebedrijven in een straal van een kilometer rond het bedrijf in het Belgische Poppel waar mogelijk vogelpest heerst, is gisteren afgeblazen. De boerderijen bleken leeg te staan terwijl de gemeente aannam dat er meer dan 30.000 kippen waren. Op het getroffen bedrijf werden gisteren 10.000 kippen preventief opgeruimd. Al gevolg van de mogelijke uitbraak is de export van pluimvee en broedeieren vanuit België verboden. Dat duurt tot 21 maart, tenzij er voordien zekerheid komt dat het niet om vogelpest gaat. Binnen de landsgrenzen geldt een vervoerverbod.
|
 |
 |
donderdag 13 maart, 12.30 uur
,,Wanneer er geen nieuwe gevallen meer ontstaan, dan zijn we binnen enkele dagen ingelopen op het virus,'' aldus minister Veerman gistermiddag op een persconferentie in Barneveld. Het tempo van het ruimen ligt op 20 tot 30 bedrijven per etmaal (circa 300.000 dieren). Al meerdere malen heeft de sector aangedrongen op ruimen in een 3 km-zone rond de besmette bedrijven in plaats van een 1 km-zone. Veerman benadrukte echter dat uit screening van bedrijven tussen de 1 km en de 3 km is gebleken dat de instelling van 1 km-gebieden rondom een besmettingshaard voldoende is.
Gisteren aan het eind van de dag waren in totaal 63 bedrijven ernstig verdacht of besmet. Dat meldt minister Veerman in zijn brief aan de Tweede Kamer. Volgens LNV lijken de tot nu toe gevonden besmettingen voort te komen uit de contactstructuur van voor het vervoersverbod. Van een tweede besmettingsgolf lijkt vooralsnog geen sprake, aldus Veerman.
In de genoemde brief meldt Veerman dat besmette of verdachte bedrijven binnen 24 uur worden geruimd. Intussen is ook begonnen met het ruimen van de overige bedrijven in de 1 km zone rondom de besmette bedrijven. Tot en met 11 maart waren 71 bedrijven geruimd met 1,4 miljoen dieren. In totaal moeten 148 bedrijven worden geruimd met 2,2 miljoen dieren.
LNV heeft meegedeeld dat vandaag monsters worden genomen op ongeveer 20 Brabantse pluimveebedrijven. Het gaat om bedrijven die minder dan 3 km verwijderd liggen van het verdachte bedrijf in het Belgische Poppel. Ook moet vandaag duidelijk worden of er in de grensstreek Nederlandse bedrijven preventief moeten worden geruimd. Vermoedelijk wordt pas morgen bekend of het Belgische bedrijf wel of niet is besmet met het vogelpestvirus.
De definitieve resultaten van de screeninglaag op laag pathogeen aviaire influenza is waarschijnlijk pas maandag bekend. De pre-screening met de snelle Elisa AI-test (uitslag na 12 uur) door de GD is woendsdagavond laat afgerond. De test heeft een (niet bekend gemaakt) aantal niet-negatieve uitslagen opgeleverd. Die worden nader onderzocht door het CIDC in Lelystad om uit te maken of deze niet-negatieve uitslagen positieve of vals-positieve zijn. Het CIDC voert daartoe op de niet-negatieve monsters meerdere testen uit, waaronder specifieke op H7N7.
Vergezeld van ruim 30 pluimveehouders heeft NOP-voorzitter Jan Wolleswinkel gisteren een petitie aangeboden aan de voorzitter van de Vaste Kamercommissie van LNV, Theo Meijer. Meijer deed in een eerste reactie geen enkele toezegging. ,,Iedere fractie heeft een eigen verantwoordelijkheid om de tekst van de petitie mee te nemen in het debat met de minister,'' aldus Meijer. Vandaag vindt een algemeen overleg plaats tussen de Vaste Kamercommissie en de ministers Veerman van LNV en De Geus van SZW over de vogelpestcrisis.
De petitie omvat drie speerpunten. De huidige uitbraak van klassieke vogelpest vereist doortastend optreden. ,,Ruimen van buiten naar binnen in een zone van drie kilometer om verdachte en besmette bedrijven,'' aldus Wolleswinkel. Tegelijkertijd is een opkoopregeling nodig voor broedeieren, voor consumptie-eieren binnen de ingesloten gebieden en voor oude en jonge leghennen in heel Nederland. Als derde speerpunt wenst LTO/NOP ruime faciliteiten voor een snelle herstart van de sector na de vogelpestcrisis.
Met het ministerie van LNV is nader overleg gevoerd over de opslag van consumptie-eieren in de ingesloten gebieden en de afvoer van broedeieren (buiten de gebieden) naar de eiproductenindustrie. De verschillende opties zijn daarbij besproken, waaruit het ministerie van LNV nog keuzes moet maken. Tevens is opnieuw gepleit voor een opkoopregeling voor opfokhennen met welzijnsproblemen, laat het PPE weten.
De regels voor de toepassing van de waardetabellen, die aan de basis liggen van de taxatie van te ruimen koppels, worden op verschillende wijze toegepast, melden pluimveehouders. Zo blijkt de ene taxateur dieren met een leeftijd van bijvoorbeeld 30 weken en 5 dagen als 30-weekse dieren te beschouwen, terwijl de ander ze op 31 weken zet. Hierdoor onstaat tussen bedrijven verschil in de vastgestelde waarde per dier.
Staatssecretaris Van Eijck van Financien heeft besloten de door vogelpest getroffen ondernemers meer tijd te gunnen om aan hun fiscale verplichtingen te voldoen. Ze kunnen de Belastingdienst om uitstel vragen bij het indienen van hun belastingaangifte voor de inkomsten-, vennootschaps-, omzet- of loonbelasting. Bij aangiften waarvan de uiterste indiendatum ligt na 28 februari 2003 en voor of op 31 juli 2003, wordt uitstel verleend tot 31 augustus 2003. Daarnaast kan aan ondernemers die als gevolg van de vogelpest met betalingsproblemen van belastingaanslagen kampen onder bepaalde voorwaarden uitstel van betaling worden verleend.
|
 |
| Veerman verkent mogelijkheden opkoopregeling voor pluimvee |
 |
In verband met het vervoerverbod binnen de 10-km gebieden ontstaan welzijnsproblemen bij met name vleespluimvee. Om deze reden worden op dit moment de mogelijkheden verkend voor een opkoopregeling. Voor deze opkoopregeling is instemming nodig van de Europese Commissie. Minister Veerman heeft hierover contact opgenomen met de Europese Commissie. Voor een drietal knellende gevallen wordt op dit moment naar een passende oplossing gezocht. Tot en met 12 maart 17.00 uur zijn 31 bedrijven besmet met klassieke vogelpest en 32 bedrijven zijn ernstig verdacht. Dat schrijft minister Veerman van LNV in een brief aan de Tweede Kamer. De tot nu toe gevonden besmettingen lijken voort te komen uit de contactstructuur van vóór het vervoersverbod. Tot en met 11 maart zijn 71 bedrijven geruimd met 1,4 miljoen dieren. In totaal moeten 148 bedrijven worden geruimd met 2,2 miljoen dieren. Daarbij wordt prioriteit gegeven aan haarden buiten het gebied rond Barneveld. Van een tweede besmettingsgolf die vaak voorkomt bij virusuitbraken lijkt volgens Veerman tot op heden nog geen sprake.
Internationaal In de vergadering van het Standing Committee for the Food Chain and Animal Health (SCFCAH) op 10 maart is de situatie in Nederland toegelicht aan de veterinaire vertegenwoordigers van de lidstaten en de Europese Unie. De aanpak van Nederland is onderschreven. Tot nu toe hebben 16 landen buiten de Europese Unie de grenzen gesloten voor pluimveeproducten. Het gaat dan uiteraard om andere producten dan levend pluimvee en broedeieren waarvan de export reeds is verboden.
Sociaal psychologische aanpak De ervaringen bij de MKZ-crisis hebben geleerd dat hulpverlening voor de getroffenen van groot belang is, schrijft Veerman. Vanuit het Regionale Crisiscentrum (RCC) in Stroe wordt de hulpverlening aan de (direct en indirect) getroffenen en dierziektebestrijders gecoördineerd. Het telefoonteam van het RCT (Regionaal Communicatie Team) legt actief contact met alle te ruimen bedrijven. Dit team is beschikbaar voor alle vragen vanuit de getroffen bedrijven. Wanneer uit signalen van getroffenen of de RVV blijkt dat sociaal-psychologische bijstand gewenst is, dan zijn medewerkers van het Hulp Advies Team Vogelpest beschikbaar voor de eerste opvang.
De hulpverlening aan betrokkenen in de rest van de 10 km-gebieden verloopt in eerste instantie via de Gelderse Land- en Tuinbouworganisatie (GLTO). Hobbymatige pluimveehouders worden in principe doorverwezen naar de reguliere hulpverlening. Het RCC in Stroe onderhoudt contacten met de GHOR (Geneeskundige Hulp bij Ongevallen en Rampen, onderdeel GGD) dat op haar beurt de reguliere eerstelijns hulpverlening (zoals huisartsen, maatschappelijk werk, Riagg en kerken) op de hoogte houdt van de ontwikkelingen, zodat ook vanuit deze organisaties passende hulpverlening kan worden aangeboden.
Daarnaast wordt vanuit het RCC extra aandacht besteed aan het personeel van de betrokken overheidsdiensten. Het gaat dan om voorlichting over de omgang met betrokkenen, vermoeidheid en om de selectie van medewerkers bij de bestrijding.
|
 |
| Belastingdienst ontziet getroffen pluimveehouders |
Staatssecretaris Van Eijck van Financiën heeft besloten de door vogelpest getroffen pluimveehouders en -slachterijen meer tijd te gunnen om aan hun fiscale verplichtingen te voldoen. De getroffen ondernemers kunnen volgens het besluit de Belastingdienst om uitstel vragen bij het indienen van hun belastingaangifte voor de inkomsten-, vennootschaps-, omzet- of loonbelasting. Bij aangiften waarvan de uiterste indiendatum ligt na 28 februari 2003 en vóór of op 31 juli 2003, wordt uitstel verleend tot 31 augustus 2003. Daarnaast kan aan ondernemers die als gevolg van de vogelpest met betalingsproblemen van belastingaanslagen kampen onder bepaalde voorwaarden uitstel van betaling worden verleend.
|
| Veerman: geen gesleep met eierberg |
Vanwege de vervoersverboden in de door vogelpest getroffen gebieden is er een eierberg van circa tachtig miljoen eieren ontstaan. Minister Veerman van Landbouw wil vooralsnog geen toestemming geven om de eieren te vervoeren voor verdere verwerking uit vrees voor verdere verspreiding van de ziekte. Met dit besluit gaat Veerman niet in op een voorstel van de Nederlandse Organisatie van Pluimveehouders (NOP). De pluimveehouders voorspellen stankoverlast als de eieren breken en gaan rotten. Per dag komen er circa 4 miljoen eieren bij.
|
| LTO/NOP wil opkoopregelingen andere ruimingsmethodiek |
 |
Ruimen van buiten naar binnen in een zone van drie kilometer om verdachte en besmette bedrijven, een opkoopregeling voor broedeieren, voor consumptie-eieren binnen de ingesloten gebieden en voor oude en jonge leghennen in heel Nederland en ruime faciliteiten voor een snelle herstart van de sector na de vogelpestcrisis. Dat vraagt de Vakgroep LTO/NOP Pluimveehouderij in een petitie van de Tweede Kamer. "Alleen daarmee overleeft de pluimveesector de vogelpestcrisis, die zijn weerga niet kent", zei Jan Wolleswinkel, voorzitter van de vakgroep gisteren in Den Haag, waar hij de petitie overhandigde aan Theo Meijer, voorzitter van de Vaste Kamercommissie van LNV.
Wolleswinkel: "Broederijen en vermeerderingsbedrijven vallen stil. Dit heeft gevolgen voor vleeskuiken- en leg(opfok)bedrijven. De ketenstructuur heeft zich bewezen, maar wreekt zich nu. De sector herstelt zich alleen met een constructieve bijdrage van de politiek én de overheid."
Door het vervoersverbod ontstaan grote voorraden broedeieren. Wekelijks komen er in Nederland circa 20 miljoen bij. Wat de opslagcapaciteit betreft, zitten de pluimveebedrijven aan hun limiet. Risico's van bederf en ontwikkeling van salmonella’s nemen toe. '
De financiële gevolgen zijn erg groot. Een gemiddeld bedrijf met 20.000 vermeerderingsdieren leidt een opbrengstderving van 12.000 euro per week, terwijl vaste lasten als voerkosten doorgaan. Voor de totale vermeerderingssector is de wekelijkse schade drie miljoen euro.
De voorraad consumptie-eieren stapelt in de ingesloten gebieden hoog op en bedraagt eind deze week circa 80 miljoen eieren. Door het afvoerverbod raken pluimveehouders in liquiditeitsproblemen. Risico’s van bederf en ontwikkeling van salmonella’s nemen toe. In een dichtbevolkt gebied als de Gelderse Vallei kan dit ernstige hygiëneproblemen geven.
Om welzijnsproblemen van jonge leghennen op te lossen, moeten (uitgelegde) kippen zo snel mogelijk kunnen worden afgevoerd. Omdat jonge leghennen nu niet verplaatst kunnen worden, gaan ze eieren leggen in opfokstallen. Voorzieningen hiervoor ontbreken, terwijl de kans op infecties en dierziekten toeneemt, aldus LTO/NOP in de petitie.
|
 |
| Jan Wolleswinkel overhandigt petitie aan Tweede Kamer |
 |
LTO/NOP: 'alleen ruimhartig beleid redt pluimveesector'
Steun ons met een ruimhartig beleid. Die oproep doet LTO/NOP aan de Tweede Kamer. ‘Alleen daarmee overleeft de pluimveesector de vogelpestcrisis, die zijn weerga niet kent’, zei Jan Wolleswinkel, voorzitter van de vakgroep LTO/NOP Pluimveehouderij vanmiddag in Den Haag. Daar overhandigde hij een petitie aan Theo Meijer, voorzitter van de Vaste Kamercommissie van LNV. De petitie omvat drie speerpunten. De huidige uitbraak van klassieke vogelpest vereist doortastend optreden. ‘Ruimen van buiten naar binnen in een zone van drie kilometer om verdachte en besmette bedrijven’, aldus Wolleswinkel. Tegelijkertijd is een opkoopregeling nodig voor broedeieren, voor consumptie-eieren binnen de ingesloten gebieden en voor oude en jonge leghennen in heel Nederland. Als derde speerpunt wenst LTO/NOP ruime faciliteiten voor een snelle herstart van de sector ná de vogelpestcrisis. Wolleswinkel gaf Meijer te kennen dat de vogelpestcrisis de pluimveesector treft in het hart. De bedrijfstak ontwikkelde een hechte structuur met schakels die nauw op elkaar aansluiten. Die geïntegreerde structuur geeft hoge garanties voor voedselveiligheid en traceerbaarheid. Dit sluit aan bij eisen van een moderne voedselproductie. Wolleswinkel: ‘Broederijen en vermeerderingsbedrijven vallen stil. Dit heeft gevolgen voor vleeskuiken- en leg(opfok)bedrijven. De ketenstructuur heeft zich bewezen, maar wreekt zich nu. De sector herstelt zich alleen met een constructieve bijdrage van de politiek én de overheid.’ Door het vervoersverbod ontstaan grote voorraden broedeieren, wekelijks komen er in Nederland circa 20 miljoen bij. Qua opslagcapaciteit zitten de pluimveebedrijven aan hun limiet. Risico’s van bederf en ontwikkeling van salmonella’s nemen toe. De financiële gevolgen zijn erg groot. Een gemiddeld bedrijf met 20.000 vermeerderingsdieren leidt een opbrengstderving van 12.000 euro per week, terwijl vaste lasten als voerkosten doorgaan. Voor de totale vermeerderingssector is de wekelijkse schade drie miljoen euro. De voorraad consumptie-eieren stapelt in de ingesloten gebieden hoog op en bedraagt eind deze week circa 80 miljoen eieren. Door het afvoerverbod raken pluimveehouders in liquiditeitsproblemen. Risico’s van bederf en ontwikkeling van salmonella’s nemen toe. In een dichtbevolkt gebied als de Gelderse Vallei kan dit ernstige hygiëneproblemen geven. Om welzijnsproblemen van jonge leghennen op te lossen, moeten (uitgelegde) kippen zo snel mogelijk kunnen worden afgevoerd. Omdat jonge leghennen nu niet verplaatst kunnen worden, gaan ze eieren leggen in opfokstallen. Voorzieningen hiervoor ontbreken, terwijl de kans op infecties en dierziekten toeneemt, aldus LTO/NOP in de petitie.
|
 |
 |
Vandaag zijn er 9 nieuwe bedrijven bijgekomen die ernstig verdacht zijn van AI. Deze bedrijven liggen allemaal in het gebied Gelderse Vallei en wel in Voorthuizen, Terschuur, Lunteren, Barneveld, Leusden en Stoutenburg. Het aantal besmette bedrijven en zeer verdachte bedrijven is daarmee gestegen naar 62. Deze 9 bedrijven betreffen 6 bedrijven met leghennen, 1 kalkoenbedrijf en 2 adressen met waarschijnlijk hobbydieren. Een uitbreiding van het gebied wordt op basis van deze nieuwe verdenkingen niet verwacht. Over de ernstige verdenking in de gemeente Ravels in België hebben wij geen andere informatie dan hetgeen vanmiddag al aan u is bericht. Overigens hebben wij signalen ontvangen dat in België nog geen exportverbod voor broedeieren van kracht is. Een dergelijk verbod moet wel worden ingesteld en zou rond middernacht worden verwacht. Wij hebben vernomen dat de volledige screening van de 1300 bedrijven naar laag pathogeen aviaire influenza naar verwachting pas aanstaande maandag zal zijn afgerond. In een eerder stadium was de verwachting uitgesproken dat deze screening vandaag zou zijn afgerond. Met het ministerie van LNV is nader overleg gevoerd over de opslag van consumptie-eieren in de ingesloten gebieden en de afvoer van broedeieren (buiten de gebieden) naar de eiproductenindustrie. De verschillende opties zijn daarbij besproken, waarna nu door het ministerie van LNV nog keuzes moeten worden gemaakt. Tevens is opnieuw gepleit voor een opkoopregeling voor opfokhennen met welzijnsproblemen. Door de NOP/LTO Nederland is vanmiddag een petitie aangeboden aan de Vaste Kamercommissie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij. De petitie is als bijlage bijgevoegd. Met vriendelijke groet, Ernest Bokkers
NOP PETITIE LTO
Gevolgen maatregelen Aviaire Influenza (AI) voor de Nederlandse Pluimveesector
Aan de Vaste Kamercommissie voor Landbouw, Natuurbeheer en Visserij,
De Nederlandse Organisatie van Pluimveehouders (NOP) en LTO Nederland brengen onderstaande problematiek dringend onder uw aandacht.
Vanwege de uitbraak van AI op pluimveebedrijven zijn beperkende maatregelen afgekondigd. De sector onderschrijft de noodzaak van de maatregelen. Tegelijkertijd moet gekeken worden naar verantwoorde oplossingen om de ketenstructuur en daarmee 25.000 arbeidsplaatsen te behouden.
De pluimveesector wordt gekenmerkt door een zeer sterk geïntegreerde structuur. Wanneer in de broederijsector en/of vermeerderingssector gaten vallen, heeft dit direct grote gevolgen voor de vleeskuiken- en leg(opfok)bedrijven, pluimveeslachterijen en aanverwante bedrijfstakken. Door deze integratiestructuur kan de sector hoge garanties af geven over onder andere voedselveiligheid en traceerbaarheid. De sector is groot geworden door deze kolomstructuur, maar wordt nu door de AI-situatie juist hierdoor in het hart geraakt.
Voor een aantal knelpunten zijn dringend oplossingen nodig: Broedeieren: Het vervoersverbod doorbreekt de structuur van de sector (vermeerdering, opfok, eindbedrijven). De schade hiervan zal in de gehele sector en periferie weerklinken. De voorraad eieren op de pluimveebedrijven wordt erg groot, per week komen er in heel Nederland circa 20 miljoen eieren bij. Qua opslagcapaciteit zitten de pluimveebedrijven aan hun limiet. Risico’s van bederf en ontwikkeling van Salmonella’s nemen fors toe. Doordat er geen broedeieren worden ingelegd, komt de keten stil te liggen, met alle financiële gevolgen van dien. Een gemiddeld bedrijf met ca. 20.000 vermeerderingsdieren leidt momenteel een opbrengstderving van € 12.000,- per week. Dit betekent voor de totale vermeerderingssector een schade van ca. € 3 mln per week, terwijl de vaste uitgaven gelijk blijven. Bedrijven krijgen problemen met de aankoop van diervoer. Consumptie-eieren: De voorraad in de B/T-gebieden stapelt hoog op. Per dag komen er in het B/T-gebied ruim 4 miljoen consumptie-eieren bij, die niet worden opgehaald. De voorraad bedraagt eind deze week circa 80 miljoen eieren. De maatregel om schoon verpakkingsmateriaal op de bedrijven aan te leveren gaf tijdelijk lucht, maar is onvoldoende om de groeiende hoeveelheid eieren op te slaan. Door het afvoerverbod krijgen de pluimveehouders liquiditeitsproblemen. Risico’s van bederf en ontwikkeling van Salmonella’s worden groter. In een dichtbevolkt gebied als de Gelderse Vallei kan dit ernstige hygiëneproblemen gaan geven. Opfokleghennen: Deze dieren gaan eieren leggen in de opfokstal, terwijl hiervoor geen voorzieningen zijn. Dit geeft een grotere kans op infecties en dierziekten. Bovendien ontstaan er knelpunten omdat opfokleghennen in een hogere bezettingsgraad worden opgezet dan op productiebedrijven en technische voorzieningen zoals voer- en waterlijnen op opfokbedrijven niet berekend zijn op zwaardere en bredere dieren. Deze situatie leidt tot welzijnsproblemen. Slachtkippen: Om de welzijnsproblemen van de opfokleghennen te kunnen oplossen moeten de (uitgelegde) kippen zo snel mogelijk weer kunnen worden afgevoerd.
Wij vragen de Tweede Kamer:
- Een doortastende aanpak van de ruimingen, zodat we niet achter het virus aan blijven ruimen. - Een opkoopregeling te realiseren voor die producten of dieren die vanwege de veterinair noodzakelijke maatregelen vast zitten. - Te zorgen dat een sectorstructuur die zich heeft bewezen zich zo snel mogelijk kan herstellen wanneer de crisis achter de rug.
Wij verwachten dat u ons zult ondersteunen met een ruimhartig beleid!
|
 |
 |
woensdag 12 maart, 17.00 uur
In verband met een ernstige verdenking van AI in de Belgische gemeente Ravels heeft het Voedselagentschap in Belgie een bufferzone om deze gemeente laten leggen. Een gedeelte van deze bufferzone ligt in Nederland. In het Nederlandse gedeelte van dit gebied gelden dezelfde regels als in de overige toezichtsgebieden in Nederland. Voor het Belgische gedeelte heeft de Belgische regering een aantal extra maatregelen afgekondigd. Informatie over Belgische maatregelen tegen AI kunt u vinden op: www.favv.be. Ook is er een informatielijn voor de pluimveesector (tel: 0032-2-2084127).
Het totale aantal ernstige verdenkingen in Nederland is nu 28. Er zijn 31 bedrijven definitief besmet verklaard.
Steun ons met een ruimhartig beleid. Die oproep doet LTO/NOP aan de Tweede Kamer. ,,Alleen daarmee overleeft de pluimveesector de vogelpestcrisis, die zijn weerga niet kent,'' zei Jan Wolleswinkel, voorzitter van de vakgroep LTO/NOP Pluimveehouderij vanmiddag in Den Haag. Daar overhandigde hij een petitie aan Theo Meijer, voorzitter van de Vaste Kamercommissie van LNV. De petitie omvat drie speerpunten. De huidige uitbraak van klassieke vogelpest vereist doortastend optreden. ,,Ruimen van buiten naar binnen in een zone van drie kilometer om verdachte en besmette bedrijven,'' aldus Wolleswinkel. Tegelijkertijd is een opkoopregeling nodig voor broedeieren, voor consumptie-eieren binnen de ingesloten gebieden en voor oude en jonge leghennen in heel Nederland. Als derde speerpunt wenst LTO/NOP ruime faciliteiten voor een snelle herstart van de sector na de vogelpestcrisis.
Ook B & W van Ede willen een Noodfonds Vogelpest instellen om bedrijven in de gemeente te helpen die door de vogelpest direct of indirect in grote problemen zijn gekomen. De noodhulp bestaat uit een lening van maximaal 25.000 Euro aan ondernemers die behoefte hebben aan een overbruggingskrediet voor de bedrijfsvoering. Het moet binnen 3 tot 5 jaar worden terugbetaald. De rente is 5,35 %. In de kosten van levensonderhoud kan bijstand worden verstrekt al dan niet in de vorm van een renteloze lening. Het college wil hiervoor een half miljoen euro vrij maken uit de algemene financiele reserves
Mensen die actief zijn bij het ruimen pluimveebedrijven moeten een griepprik krijgen. Zonder die prik mogen zij niet meer worden toegelaten bij het ruimen van pluimveebedrijven die verdacht zijn van vogelpest of waar de besmetting daadwerkelijk is vastgesteld. Dat heeft minister Veerman vandaag besloten. Aanleiding hiervoor was de melding dat bij een ruimer een oogontsteking is geconstateerd van hetzelfde type als het vogelpestvirus. Uit het veld komen meer klachten over oogaandoeningen bij ruimers.
De Nederlandse pluimveesector ligt eind volgende week helemaal stil omdat er dan geen kuikens meer bijkomen. Dit heeft J. Wolleswinkel, voorzitter van de Nederlandse Organisatie van Pluimveehouders (NOP), vandaag tegen het ANP gezegd. ,,Door het verbod op het vervoer van broedeieren worden er geen nieuwe eieren meer ingelegd. Binnen tien dagen komen de laatste eieren uit en dan houdt het op omdat er geen nieuwe eieren meer aangevoerd worden'', legt Wolleswinkel buitenstaanders uit.
Zie voor verdere actuele ontwikkelingen en regelingen de informatiesite over Klassieke Vogelpest van het ministerie van LNV
|
 |
| Dierenbescherming wil opkoopregeling vleeskuikens |
 |
Om verder dierenleed bij de ongeveer 1 miljoen vleeskuikens in de Gelderse Vallei te voorkomen, pleit de Dierenbescherming voor een onmiddellijk door de overheid af te kondigen opkoopregeling. Vervolgens moeten de dieren zo snel mogelijk uit hun lijden worden verlost. De Dierenbescherming vindt dat niet gewacht kan worden op fiattering en eventuele bijdragen door de Europese Commissie in het kader van een opkoopregeling. Ook Italië besloot tijdens de bestrijding van de vogelpest unilateraal tot een opkoopregeling voor pluimvee. De Dierenbescherming is in contact met een aantal gesloten bedrijven buiten de 1 kilometer-zone, waar de welzijnsproblemen bij de kuikens enorm zijn. Kuikens op deze bedrijven worden normaal na zes weken geslacht. Nu deze termijn is verstreken groeien de dieren door en wegen inmiddels bijna drie kilogram. Als gevolg van ernstige fysieke problemen en ruimtegebrek sterven de dieren momenteel bij bosjes een ellendige dood.
Stallen eigenhandig 'uitdunnen' voordat de kippen te groot zijn, zoals minister Veerman de boeren vorige week voorstelde, is volgens de Dierenbescherming een onacceptabele optie. "Een opkoopregeling zal boeren stimuleren welzijnsproblemen bij hun dieren tijdig te melden. Dat bleek ook tijdens de laatste varkenspest-epidemie", aldus directeur Wijnand van de Giessen van de Dierenbescherming. Voorwaarde is wel dat dan ook onmiddellijk begonnen wordt met het op verantwoorde wijze doden van de kuikens. "Langer uitstel is voor ons uit oogpunt van dierenwelzijn absoluut niet te verkroppen", stelt Van de Giessen.
|
 |
| Vogelpest veroorzaakt gigantische eierberg |
 |
De uitbraak van klassieke vogelpest in Nederland veroorzaakt een gigantische eierberg. In de toezichtsgebieden in de Gelderse Vallei en rond het Zeeuwse Breskens liggen nu ruim 80 miljoen eieren vast op pluimveebedrijven. Dit heeft T. Van Dijk, voorzitter van de Algemene Nederlandse Vereniging van Eierhandelaren (Anevei) dinsdag gezegd. Dinsdagavond werd door het ministerie van Landbouw bekendgemaakt dat ook op pluimveebedrijven bij Bennekom, Nijkerk en Voorthuizen een "ernstige verdenking" rust. Het toezichtsgebied in de Gelderse Vallei is hierdoor uitgebreid naar het zuiden en oosten.
Volgens Van Dijk liggen in dit gebied twee grote eierpakstations en een bedrijf dat eiprodukten verwerkt. Deze bedrijven mogen nu geen eieren meer aan- en afvoeren. Daarnaast liggen er in het vergrote gebied opnieuw pluimveebedrijven die geblokkeerd zijn. Van Dijk schat dat de eierberg elke dag toeneemt met 4 miljoen eieren.
Ook de aanvoer van vleeskuikens wordt problematisch. "In het toezichtsgebied ligt sinds dinsdag een broederij die 20 procent van de Nederlandse vleeskuikens levert. Hierdoor daalt de aanvoer van het aantal slachtkippen", aldus Van Dijk.
De eierenberg kan volgens de Anevei-voorzitter snel gaan leiden tot milieuproblemen en stankoverlast. "De eieren worden nu namelijk in containers op het erf van de pluimveebedrijven opgeslagen. Als de kartonnen verpakkingen vochtig worden, kantelt de zaak en breken de eieren. Dat gaat flink stinken".
Het opslagprobleem van de eieren valt volgens Van Dijk echter in het niet bij de inkomensproblemen van de kippenboeren. "Bij de geblokkeerde bedrijven droogt nu de geldstroom op omdat de boeren hun eieren niet kunnen verkopen. Zonder inkomen kunnen ze geen voer kopen en ontstaan er welzijnsproblemen bij de legkippen".
Volgens Van Dijk staan de pluimveehouders "met de rug tegen de muur". "Ze zijn er met hun gezonde bedrijf eigenlijk slechter aan toe dan de boerderijen die echt besmet zijn met het virus. De besmette bedrijven worden geruimd en krijgen hier een vergoeding voor. De gezonde bedrijven die geblokkeerd zijn en hun eieren niet kwijt kunnen, krijgen niets".
Van Dijk wil het liefst dat de regering een opkoopregeling voor eieren van geblokkeerde bedrijven instelt. "Maar door de financiële situatie zit dit er waarschijnlijk niet in." Woensdag zal de voorzitter van de eierhandelaren met het ministerie van Landbouw overleggen over andere oplossingen voor het probleem. "Misschien dat er onder stricte voorwaarden wel eieren van gezonde bedrijven gehaald kunnen worden. Deze eieren zijn namelijk prima geschikt voor consumptie".
Van Dijk verwacht echter niet dat voor het einde van de week een oplossing. "Eerst moet het Permanent Veterinair Commitee van de Europese Unie in Brussel over de situatie praten".
|
 |
| Noodfonds vogelpest in Ede |
 |
Burgemeester en wethouders van Ede willen een Noodfonds Vogelpest instellen om bedrijven in de gemeente te helpen die door de vogelpest direct of indirect in grote problemen zijn gekomen. De noodhulp bestaat uit een lening van maximaal 25.000 Euro aan ondernemers die behoefte hebben aan een overbruggingskrediet voor de bedrijfsvoering.Het moet binnen 3 tot 5 jaar worden terugbetaald. De rente is 5,35%. In de kosten van levensonderhoud kan bijstand worden verstrekt al dan niet in de vorm van een renteloze lening. Het college wil hiervoor een half miljoen euro vrij maken uit de algemene financiële reserves. Het college van Ede wil haast maken met de instelling van het Noodfonds Vogelpest. De vergadering van de raadscommissie Algemene Zaken en Middelen op 10 maart 2003 heeft al ingestemd. Het besluit moet nog formeel bekrachtigd worden in de raadsvergadering op 27 maart 2003. In de tussentijd kan de gemeente - indien nodig - reeds de aanvragen van ondernemers behandelen die direct of indirect door de vogelpest-problematiek in ernstige moeilijkheden geraken. Het gaat hierbij om ondernemers die steeds meer moeite hebben in hun levensonderhoud te voorzien of behoefte hebben aan krediet voor de bedrijfsvoering.
Financiële hulp kan worden geboden via de Bbz, het Besluit bijstandverlening zelfstandigen. Afhankelijk van het jaarresultaat gebeurt dat om niet of in de vorm van een renteloze lening. Het bedrijfskrediet wordt verstrekt in de vorm van een rentedragende lening.
De hulp geschiedt in de vorm van een renteloze lening voor uitkering voor levensonderhoud of een rentedragend bedrijfskrediet van maximaal € 25.000,-. Een beslissing op aanvragen voor een bedrijfskrediet vergt normaal gesproken 3 tot 4 maanden. In bepaalde gevallen kan nu spoedeisende financiële hulp nodig zijn in verband met onaanvaardbare gevolgen voor de bedrijfsvoering. Voorgesteld wordt hierin te voorzien door overbruggingskredieten te verstrekken en die te financieren uit het gemeentelijk noodfonds. Voor de voorwaarden sluit de gemeente zoveel mogelijk aan bij de Bbz-regeling.
Dit betekent dat het gaat om zelfstandigen tussen 18 en 65 jaar, die voor de voorziening in het bestaan zijn aangewezen op arbeid in het eigen bedrijf of zelfstandig beroep in Nederland en woonachtig zijn in de gemeente Ede. Zij moeten direct of indirect zijn of worden getroffen door de gevolgen van de Vogelpest-crisis, waardoor zij geen of onvoldoende inkomsten uit het bedrijf of beroep kunnen behalen. De zelfstandige moet voldoen aan de wettelijke vereisten voor de uitoefening van het bedrijf. De zelfstandige moet voldoen aan het urencriterium, bedoeld in artikel 3.6 van de Wet inkomstenbelasting 2001 en alleen, of samen met degenen met wie hij het bedrijf of zelfstandige beroep uitoefent, de volledige zeggenschap in dat bedrijf of zelfstandig beroep hebben en de financiële risico’s daarvan dragen.
Ook bij de MKZ-crisis in 2001 stelde de gemeente Ede een noodfonds in, waar ook toen ondernemers gebruik van konden maken als de andere, landelijke fondsen niet toereikend waren. Daarbij waren de Bbz-regels eveneens van toepassing. In de praktijk zijn toen geen leningen en kredieten verstrekt.
Voor meer informatie over het Noodfonds Vogelpest kan men terecht bij de afdeling Werk Inkomen en Zorg van de Sector EWZ van de gemeente Ede, telefoon (0318) 68 0934.
|
 |
| Griepprik voor ruimers Vogelpest |
 |
12 maart 2003 - Minister Veerman van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij heeft besloten dat mensen die actief zijn bij het ruimen pluimveebedrijven, een griepprik moeten krijgen. Zonder griepprik mogen zij niet meer worden toegelaten bij het ruimen van pluimveebedrijven die verdacht zijn van vogelpest of waar de besmetting daadwerkelijk is vastgesteld. Veerman volgt hiermee het advies op van staatssecretaris Ross- van Dorp van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Het vaccineren tegen griep moet voorkomen dat ruimers die in contact komen met het aviaire influenza virus (vogelpest) tegelijkertijd griep krijgen. Dit om mogelijke vermenging van mensengriep- en vogelgriepvirus die tot de vorming van een nieuw mensengriepvirus kan leiden, zoveel mogelijk te voorkomen. Aanleiding voor Veerman om het advies te vragen was de melding dat bij een patiënt die betrokken is geweest bij een ruiming een oogontsteking is geconstateerd van hetzelfde type als het vogelpestvirus.
|
 |
 |
In verband met een ernstige verdenking van AI in de gemeente Ravels, België, heeft het Voedselagentschap in België een bufferzone om deze gemeente laten leggen. Een gedeelte van deze bufferzone ligt in Nederland. In het Nederlandse gedeelte van dit gebied gelden dezelfde regels als in de overige toezichtsgebieden in Nederland.
Voor het Belgische gedeelte heeft de Belgische regering een aantal extra maatregelen afgekondigd. Deze staan in het persbericht hieronder weergegeven. Informatie over Belgische maatregelen tegen AI kunt u vinden op: www.favv.be Er is ook een informatielijn voor de pluimveesector (tel: 0032-2-2084127). Via deze informatielijn hebben wij te horen gekregen dat België een export- en een importverbod voor broedeieren heeft afgekondigd. Deze is echter nog niet op bovenstaande site te vinden.
Met vriendelijke groet,
Marc Hoenders
Marc Hoenders Beleidsmedewerker Sectorafdeling Pluimvee(vlees) en Eieren telefoon: 079 - 363 4321 fax: 079 - 363 4334 mail: M.H.J.Hoenders@pve.agro.nl
Productschappen Vee, Vlees en Eieren Louis Braillelaan 80, Postbus 460, 2700 AL Zoetermeer www.pve.nl
---Persbericht Belgie-----
Verdenking van Aviaire Influenza in de gemeente Ravels Naar aanleiding van een zeer ernstige verdenking van Aviaire Influenza (klassieke vogelpest), die vastgesteld werd in de gemeente Ravels werd een bufferzone afgebakend die de volledige gemeenten Ravels en Baarle-Hertog omvat.
Deze verdenking volgde op de sterfte van 2000 pluimveedieren in een bedrijf dat 12000 dieren telde. De bedrijfsdierenarts, gealarmeerd door deze sterfte en andere symptomen heeft het Agentschap gewaarschuwd. Deze heeft de analyseprocedure ingezet om te bepalen of hier al of niet sprake is van Aviaire Influenza.
In deze bufferzone zijn onmiddellijk -bovenop de al van toepassing zijnde maatregelen zoals bepaald in het Ministerieel Besluit van 27 februari 2003 houdende tijdelijke maatregelen ter bestrijding van Aviaire Influenza- volgende maatregelen van kracht :
· volledig transportverbod voor pluimvee en andere vogels ; · volledig transportverbod voor broedeieren ; · volledig transportverbod voor pluimveemest en gebruikt strooisel ; · verbod tot afvoer van consumptie-eieren van pluimveebedrijven ; · alle pluimvee dient opgesloten te worden in de stallen ; · alle honden en katten die gehouden worden op de betrokken pluimveebedrijven moeten opgesloten worden ; · van alle voertuigen die een pluimveebedrijf verlaten, moeten de wielen en de banden ontsmet worden ; · een afvoerverbod van tweehoevigen en paarden van gemengde bedrijven waar ook pluimvee wordt gehouden ; · een afvoerverbod van mest van gemengde bedrijven waar ook pluimvee wordt gehouden ; · de toegang tot een pluimveestal of een broeierij is verboden aan personen die niet tot het bedrijf behoren. Dit verbod geldt niet voor : - het personeel nodig voor de verzorging van de dieren ; - de bedrijfsdierenarts ; - het personeel van het FAVV en de personen die in hun opdracht werken.
De betrokken gemeente dienen een gedetailleerde inventaris op te maken van alle pluimveebedrijven (inclusief particulieren).
Het Voedselagentschap zal de nodige maatregelen treffen in functie van het verdere verloop van deze verdenking. Gezien de nabijheid van Nederland werden de Nederlandse autoriteiten onmiddellijk op de hoogte gebracht.
|
 |
 |
Woensdag 12 maart, 10.00 uur
Naar aanleiding van een ernstige verdenking van vogelpest op een bedrijf bij Poppel in Belgie, is gisteravond om 23.00 uur een nieuw vervoersbeperkingsgebied in Nederland ingesteld: het 10 km-gebied Goirle. Op dit gebied zijn alle bepalingen van de Regeling vervoersbeperkingsgebieden pluimvee 2003 van toepassing. Zie de regeling en de pagina 10 km-gebied Goirle op de internetsite van he ministerie. Het Belgische bedrijf telt 12.000 dieren, waarvan er al 2000 waren gestorven.
Gisteren aan het eind van de dag was het aantal ernstige verdenkingen in Nederland 28. Daarnaast is het aantal besmette bedrijven gestegen naar 27. Het totaal komt daarmee op 55. Door nieuwe verdachte bedrijven in Stoutenburg, Voorthuizen en Bennekom is het ingesloten gebied Gelderse Vallei naar het noorden, het oosten en het zuiden uitgebreid. In het noorden reikt het gebied nu tot in Ermelo, in het oosten loopt het gebied dwars door Arnhem en in het zuiden vormt de Waal de grens.
Het gevolg van de uitbreiding naar het zuiden is dat broederij Het Anker in Ochten, enkele pakstations en een eiproductenindustrie in het ingesloten gebied zijn komen te liggen. Van de broedcapaciteit voor de legsector ligt nu ongeveer 85% in het gebied. Ook voor het sorteren en verpakken van eieren die geproduceerd worden in grondhuisvestingssysteem, al dan niet met vrije uitloop, ligt een belangrijk deel van de capaciteit in het ingesloten gebied.
Op de lijst met te ruimen bedrijven staan ongeveer 140 bedrijven; daarvan waren er gisteren 56 geruimd. Maandag zijn 340.000 dieren gedood waarbij diverse methoden zijn gebruikt; gas in stal, gas in machine, injectie, electrocutie.
Verdachte bedrijven die buiten een ingesloten gebied liggen worden met voorrang geruimd. De prioriteit is vervolgens besmette en verdachte bedrijven in het gebied en daarna bedrijven in de 1 km zone die preventief geruimd worden.
De screening van 1300 pluimveebedrijven die door de GD wordt uitgevoerd loopt redelijk. Gehoopt wordt dat donderdag een afgerond beeld van de screening gegeven kan worden. Indien uit de screening naar voren komt dat er bedrijven zijn die besmet zijn met laag pathogene aviaire influenza (LPAI), zullen die bedrijven worden geruimd en zal nagegaan worden of bedrijven in de directe omgeving ook besmet zijn met LPAI.
Er wordt gewerkt aan een opkoopregeling voor vleespluimvee dat in de ingesloten gebieden te maken heeft met welzijnsproblemen. Daarover is overleg met de Europese Commissie met het oog op medefinanciering. LASER zal de regeling financieel gaan uitvoeren. Koppels die voor de opkoopregeling worden aangeboden zullen op het bedrijf worden gedood en vervolgens worden afgevoerd naar de destructor. Het bedrijfsleven heeft gevraagd of de opkoopregeling ook voor opfokhennen met welzijnsproblemen kan worden opengesteld.
Verder werkt LNV aan een regeling om broedeieren buiten het gebied te kunnen afvoeren naar de eiproductenindustrie. Over zaken als afvoer van consumptie-eieren uit de ingesloten gebieden, het plaatsen van eendenkuikens op bedrijven waar nog eenden worden gehouden en het afvoeren van uitgelegde hennen naar de slachterijen zal op korte termijn nader overleg plaatsvinden tussen het bedrijfsleven en het ministerie.
Ook is er een regeling in voorbereiding die het mogelijk moet maken dat eendagskuikens geplaatst worden op bedrijven die zich hebben opgegeven voor de opkoopregeling pluimveerechten. Indien die bedrijven echter al een beschikking hebben ontvangen mogen er geen dieren meer geplaatst worden.
Vandaag overhandigt NOP-voorzitter Jan Wolleswinkel namens diverse deelsectoren van de pluimveehouderij een petitie aan Theo Meijer, voorzitter van de Vaste Kamercommissie van LNV. Het betreft naast de broedeiproblematiek een reeks van knelpunten. LTO/NOP bepleit oplossingen waarmee de ketenstructuur van de pluimveehouderij overeind is te houden.
Het Permanente Comite voor de Voedselveiligheid en de Diergezondheid (Brussel) heeft LNV gemeld erg tevreden te zijn over de maatregelen die in Nederland genomen zijn om de AI te bestrijden. Morgen zal het comite opnieuw bij elkaar komen om het resultaat van de screening en het daarop volgende beleid te bespreken.
In de nieuwsbrief van gisteren meldden we dat het Productschap Diervoeder heeft in het hygieneprotocol voor het ontsmetten van bulkwagens natronloog (1%), Actisan-5L, P3-desinfectietabletten en Suma Tox D4 aanbeveelt. Het hygiëneprotocol, dat LNV vorige week heeft opgesteld, voor het reinigen en ontsmetten van vrachtwagens die lege containers aanvoeren bij de oprit van een pluimveebedrijf ten behoeve van mestopslag schrijft echter 'zwaardere' middelen voor. In dit geval mogen alleen Virkon S en Natronloog 2% worden toegepast.
Zie voor verdere actuele ontwikkelingen en regelingen de informatiesite over Klassieke Vogelpest van het ministerie van LNV
|
 |
| Nieuw 10 km-gebied: Goirle |
Naar aanleiding van een ernstige verdenking van vogelpest op een bedrijf nabij Poppel in België, is om 23.00 uur een nieuw vervoersbeperkingsgebied in Nederland ingesteld: het 10 km-gebied Goirle. Op dit gebied zijn alle bepalingen van de Regeling vervoersbeperkingsgebieden pluimvee 2003 van toepassing. Zie de regeling en de pagina 10 km-gebied Goirle.
|
 |
 |
Het aantal besmette bedrijven is volgens onze informatie vandaag gestegen naar 27. Daarnaast worden 26 bedrijven ernstig verdacht van AI. Het totaal komt daarmee op 53. Door nieuwe verdachte bedrijven in Stoutenburg, Voorthuizen en Bennekom is het ingesloten gebied Gelderse Vallei naar het noorden, het oosten en het zuiden uitgebreid. In het noorden reikt het gebied nu tot in Ermelo, in het oosten loopt het gebied dwars door Arnhem en in het zuiden vormt de Waal de grens. Het gevolg is dat broederij Het Anker te Ochten, enkele pakstations en een eiproductenindustrie in het ingesloten gebied zijn komen te liggen. Van de broedcapaciteit voor de legsector ligt nu ongeveer 85% in het gebied. Ook voor het sorteren en verpakken van eieren die geproduceerd worden in grondhuisvestingssysteem, al dan niet met vrije uitloop, ligt een belangrijk deel van de capaciteit in het ingesloten gebied.
Vannacht is bekend geworden dat ook een pluimveebedrijf in Breskens (Zeeuws Vlaanderen) verdacht wordt van AI. Het betreft een bedrijf dat zich toelegt op de productie van Mechels hoen voor diverse restaurants in België. Ook wordt een klein aantal leghennen gehouden. De totale omvang bedraagt 800 kippen. Omdat er 50 dode kippen waren is een melding gedaan aan de RVV en is het bedrijf vervolgens geruimd. Of hier werkelijk AI in het spel is, zal pas over ruim een week duidelijk worden. In verband met de verdenking is de westelijke helft van Zeeuw Vlaanderen ingesloten.
Omtrent de situatie van het verdachte bedrijf in Laren zal naar verachting komende maandag meer duidelijkheid komen.
In het vanmiddag gehouden basisoverleg zijn de verschillende probleempunten aan de orde geweest. Daarover kan het volgende gerapporteerd worden:
Op de lijst met te ruimen bedrijven staan ongeveer 140 bedrijven; daarvan waren er vandaag 56 geruimd. Het gisteren gerealiseerde aantal gedode dieren bedraagt 340.000 stuks waarbij diverse manieren gebruikt zijn om de dieren te doden (gas in stal, gas in machine, injectie, electrocutie).
Verdachte bedrijven die buiten een ingesloten gebied liggen worden met voorrang geruimd. De prioriteit is vervolgens besmette en verdachte bedrijven in het gebied en daarna bedrijven die preventief geruimd worden (zgn. 1-km bedrijven).
Er wordt gewerkt aan een opkoopregeling voor vleespluimvee dat in de ingesloten gebieden te maken heeft met welzijnsproblemen. Daarover is overleg met de Europese Commissie. LASER zal de regeling financieel gaan uitvoeren. Koppels die voor de opkoopregeling worden aangeboden zullen op het bedrijf worden gedood en vervolgens worden afgevoerd naar de destructor. Gevraagd is of de opkoopregeling ook voor opfokhennen met welzijnsproblemen kan worden opengesteld.
Bij geruimde bedrijven is onduidelijkheid ontstaan of het aanwezige voer ook moet worden geruimd en of het voer wordt vergoed. Het ministerie van LNV heeft toegezegd daar duidelijkheid over te verschaffen.
De tracering van de besmetting is nog een moeilijke zaak.
De screening van 1300 pluimveebedrijven die door de GD wordt uitgevoerd loopt redelijk. Vanavond om 18 uur had de GD ruim 60% van de te onderzoeken monsters ontvangen. Gehoopt wordt dat donderdag een afgerond beeld van de screening gegeven kan worden. Indien uit de screening naar voren komt dat er bedrijven zijn die besmet zijn met laag pathogene aviaire influenza (LPAI), zullen die bedrijven worden geruimd en zal nagegaan worden of bedrijven in de directe omgeving ook besmet zijn met LPAI.
Het bedrijfsleven heeft bij er het ministerie op aangedrongen om nu al verschillende scenario's uit te werken voor het beleid dat na de screening zal worden gevoerd. LNV heeft aangegeven daar reeds mee bezig te zijn.
LNV werkt aan een regeling om broedeieren buiten het gebied te kunnen afvoeren naar de eiproductenindustrieën. Over zaken als afvoer van consumptie-eieren uit de ingesloten gebieden, het plaatsen van eendagskuikens eend op bedrijven waar nog eenden worden gehouden en het afvoeren van uitgelegde hennen naar de slachterijen zal op korte termijn nader overleg plaatsvinden tussen het bedrijfsleven en het ministerie.
Opnieuw is aangedrongen op een nationaal ophokgebod. De overheid voelt daar niet veel voor in verband met handhavingsproblemen maar heeft toegezegd de kwestie opnieuw te zullen bekijken.
In de ingesloten gebieden is de Regeling NCD-bestrijding tijdelijk opgeschort.
In de 1 km gebieden zal ook alle hobbypluimvee worden geruimd. De vereniging van "hobbyhouders" is het daar niet mee eens.
Bij de bedrijven met uitloop die geruimd zijn c.q. worden zal extra aandacht besteed worden aan het ontsmetten van de uitloop.
Er is een regeling in voorbereiding die het mogelijk maakt dat eendagskuikens geplaatst worden op bedrijven die zich hebben opgegeven voor de opkoopregeling pluimveerechten. Indien die bedrijven echter al een beschikking hebben ontvangen mogen er geen dieren meer geplaatst worden.
Nagedacht wordt op welke wijze met postduiven vluchten moet worden omgegaan. In België is een verzamelverbod voor postduiven afgekondigd.
Tenslotte is meegedeeld dat het Permanente Comité voor de Voedselveiligheid en de Diergezondheid (Brussel) gisteren erg tevreden was over de maatregelen die in Nederland genomen zijn om de AI te bestrijden en dat alle lidstaten met Nederland hebben te doen. Komende donderdag zal het comité opnieuw bij elkaar komen om het resultaat van de screening en het daarop volgende beleid te bespreken.
Morgen zal op initiatief van de kring vermeerderaars van de NOP door de totale pluimveesector een petitie worden aangeboden aan de Vaste Commissie voor Landbouw, Natuurbeheer en Visserij van de Tweede Kamer.
Het eerstvolgende basisoverleg zal worden gehouden op vrijdag a.s.
Met vriendelijke groeten, Henk Hulsbergen
|
 |
 |
maandag 11 maart, 18.00 uur
Gisteravond dook plotseling een ernstige verdenking op van de aanwezigheid van aviaire influenza bij pluimvee op een bedrijf in Breskens (Zeeuws Vlaanderen). Het gaat om een klein bedrijf met 850 dieren. Volgens minister Veerman heeft de pluimveehouder zelf aan de bel getrokken. ,,Hij zag meer sterfte dan normaal onder zijn kippen. Dierenartsen hebben vervolgens ziekteverschijnselen geconstateerd die niet meteen op vogelpest wijzen, maar die ernstig genoeg zijn om uit voorzorg het bedrijf te ruimen.'' Er is dan ook onmiddelijk begonnen met ruimen. Verder in deze regio een nieuw gebied ingesteld waar vervoersbeperkingen gelden; zie kaart op de LNV-site De vervoersbeperkingen zijn ingegaan op 11 maart om 00.00 uur. Op dit gebied zijn alle bepalingen van de Regeling vervoersbeperkingsgebieden pluimvee 2003 van toepassing. België heeft naar aanleiding van deze mogelijke uitbraak de controles bij de Nederlandse grens verscherpt.
De gemeenten Barneveld, Renswoude, Woudenberg, Nijkerk en Scherpenzeel bieden financiele hulpverlening aan agrarische ondernemingen die in moeilijkheden dreigen te raken door de vogelpestcrisis. Deze financiële tegemoetkoming is met name bedoeld voor de kosten van het levensonderhoud. De ondernemers kunnen daarvoor contact opnemen met de betreffende gemeente.
Het Productschap Diervoeder heeft in het hygieneprotocol citroenzuur (2%) als bruikbaar middel voor het ontsmetten van transportmiddelen geschrapt. Dit middel werkt goed tegen het mkz-virus maar niet tegen het AI-virus. Bruikbare middelen zijn wel: natronloog (1%), Virkon S Minister Veerman kan niets doen om slachterijen te helpen. Hij zei dit gisteren na een gesprek met slachterij Storteboom. De slachterij lijdt ieder dag grote verliezen doordat de aanvoer op de slachterijen in Putten en Barneveld is gestagneerd en maakte de grote nood kenbaar aan de landbouwminister toen deze in het noorden was in het kader van een CDA-verkiezingsbijeenkomst in Marum.
Hobbykippen in de gebieden met risico voor vogelpest moeten zo snel mogelijk worden gevaccineerd tegen de ziekte, vindt de Nederlandse Belangenvereniging van Hobbydierhouders (NBvH). Het ministerie van LNV ziet niets in deze suggestie omdat het vaccin nog onvoldoende is getest. Bovendien neemt vaccinatie niet het gevaar van verspreiding weg. Een geente kip wordt misschien niet meer ziek van het virus, ze draagt het wel bij zich en kan het verspreiden.
Zie voor verdere actuele ontwikkelingen en regelingen de informatiesite over Klassieke Vogelpest van het ministerie van LNV
In de marktberichten in de nieuwsbrief van vorige week vrijdag zijn bij de Amsterdamse notering abusievelijk de prijzen voor witte en bruine eieren verwisseld. AI virus niet gevaarlijk voor de mens
Een van de ruimers van met vogelpest besmet pluimvee, is zelf besmet geraakt met het virus. Hij heeft een oogaandoening opgelopen. De getroffen medewerker wordt momenteel behandeld. De ontsteking is te genezen en niet besmettelijk. Staatssecretaris Ross heeft gisteren besloten uit voorzorg om iedereen die betrokken is bij het ruimen van de besmette bedrijven te onderzoeken op dieren- en mensengriepvirussen. Het vogelpestvirus is alleen gevaarlijk voor pluimvee, niet voor mensen. Vogelpest is een griepvirus. Als iemand gelijktijdig een infectie met vogelpest en een menselijke influenza heeft, bestaat een zeer kleine kans dat beide virussen zich mengen. Zo kan een nieuwe virusvariant ontstaan die mogelijk gevaarlijk is voor de volksgezondheid. Vaccinatie voorkomt dit, aldus het ministerie van VWS.
Ruimers vaccineren, pluimveehouders niet
Vanaf vandaag geven medewerkers van de GGD in Ede de ruimers op het coordinatiecentrum in Stroe op vrijwillige basis een inenting tegen de griep. Eigenaren en familie van getroffen bedrijven worden niet gevaccineerd. Het vaccin werkt pas na tien dagen en het bedrijf is dan al ontruimd. Andere pluimveehouders (en de familie die op het bedrijf woont) lopen zelf alleen bij zeer intensief contact met veel pluimvee een kleine kans op besmetting. Zij moeten zoveel mogelijk voorkomen dat zij besmet materiaal via zieke kippen, stof of mest binnenkrijgen. Als zij koorts hebben en luchtwegklachten moeten zij wegblijven bij de bedrijven die besmet zijn of van besmetting verdacht worden. Wanneer dit niet kan moet tenminste het contact vermeden worden met dieren die besmet zijn of van besmetting verdacht worden.
|
 |
| Ruimer besmet met klassieke vogelpest |
 |
Bij een persoon die betrokken is bij de ruiming van met klassieke vogelpest besmet pluimvee is conjunctivitis, ontsteking van het oogslijmvlies, vastgesteld tengevolge van het Aviaire Influenza-virus (H7N7). Dat schrijft staatssecretaris Ross-van Dorp van Volksgezondheid, Welzijn en Sport in een brief aan de Tweede Kamer. Een dergelijke overdracht van het vogelgriepvirus van pluimvee naar de mens is ook in de literatuur meerdere malen beschreven. De staatssecretaris schrijft dat dit aanleiding is om de eerdere adviezen ten aanzien van vaccinatie en beschermende maatregelen te handhaven. Dit om mogelijke vermenging van mensengriep- en vogelgriepvirus die tot de vorming van een nieuw mensengriepvirus kan leiden, zoveel mogelijk te voorkomen.
Vaccinatie heeft geen bijwerkingen. Er is daarom geen gevaar voor tijdelijke arbeidsongeschiktheid als gevolg van vaccinatie.
Ross kondigt ook aan dat ruimers en overige betrokkenen op pluimveebedrijven, families wonend op deze bedrijven; zowel de zieken als de niet-zieken, op de aanwezigheid van genoemde virussen zullen worden onderzocht.
|
 |
| Nieuw vervoersbeperkingsgebied vogelpest |
11 maart 2003 - Minister Veerman van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij heeft rondom het Zeeuwse Breskens een nieuw gebied ingesteld waar vervoersbeperkingen gelden door een ernstige verdenking van de aanwezigheid van aviaire influenza bij pluimvee. De vervoersbeperkingen zijn ingegaan op 11 maart om 00.00 uur. Op dit gebied zijn alle bepalingen van de Regeling vervoersbeperkingsgebieden pluimvee 2003 van toepassing. Dat betekent onder meer dat voor dit gebied nu ook de bezoekersregeling geldt, ook het afvoeren van consumptie-eieren verboden is en ophokken van pluimvee verplicht is. Ook is het vervoer van paarden en evenhoevigen van en naar bedrijven met pluimvee in het toezichtsgebied verboden. Minister Veerman noemt de uitbraak een forse tegenvaller. Het bedrijf wordt deze nacht nog geruimd. |
| Wijziging Regeling monitoring Aviaire Influenza 2003 |
 |
dd. 10-03-2003 20:30 uur Toelichting Op 8 maart 2003 is de Regeling monitoring Aviaire Influenza 2003 in werking getreden. In het kader van het Monitoringsprogramma Aviaire Influenza 2003 is het wenselijk inzicht te verkrijgen in de mogelijke verspreiding van het (laag pathogene) A.I. virus binnen de Nederlandse pluimveestapel. Met de onderhavige regeling wordt het verlenen van medewerking aan het programma verplicht gesteld. Voor alle duidelijkheid zij er op gewezen dat indien een pluimveehouder niet aan deze regeling meewerkt, dit een strafbaar feit is, hetgeen tot strafrechtelijke vervolging kan leiden.
DE MINISTER VAN LANDBOUW, NATUURBEHEER EN VISSERIJ,
Gelet op Richtlijn 92/40/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 19 mei 1992 tot vaststelling van communautaire maatregelen voor de bestrijding van aviaire influenza (PbEG L 167);
Gelet op artikel 10, eerste lid, van Richtlijn nr. 90/425/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 28 juni 1990 inzake veterinaire en zoötechnische controles in het intracommunautair handelsverkeer in bepaalde levende dieren en producten in het vooruitzicht van de totstandbrenging van de interne markt (PbEG L 224);
Gelet op de artikelen 17, eerste lid, 18, eerste lid en 104, eerste lid, van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren;
Gelet op artikel 7, tweede en derde lid, van de Wet op de uitoefening van de diergeneeskunde 1990;
BESLUIT:
Artikel I
De Regeling monitoring Aviaire Influenza 2003 wordt als volgt gewijzigd:
In artikel 1 wordt de zinsnede 'artikel 2' vervangen door: artikel 2 en artikel 3, eerste lid. Artikel 3 komt te luiden: Artikel 3
1) In het kader van het Monitoringsprogramma Aviaire Influenza 2003 nemen de personen die bedrijfsmatig kippen, kalkoenen en eenden houden, op instructie van de Gezondheidsdienst voor dieren, bloed af bij deze dieren, ten einde dat in laboratoria te laten onderzoeken op Aviaire Influenza. 2) Van het verbod tot het verrichten van operaties, bedoeld in artikel 7, eerste lid, van de Wet op de uitoefening van de diergeneeskunde 1990, wordt vrijstelling verleend aan personen die bedrijfsmatig kalkoenen en eenden houden met betrekking tot het afnemen van bloed bij deze dieren in het kader van het Monitoringsprogramma Aviaire Influenza 2003.
Artikel II
Deze regeling wordt bekend gemaakt aan de media en treedt op 10 maart 2003 om 20.30 uur in werking.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
DE MINISTER VAN LANDBOUW, NATUURBEHEER EN VISSERIJ,
|
 |
| AI maandag 10 maart, 17.00 uur |
 |
Deze week is in de Gelderse Vallei een nieuwe golf van uitbraken van te verwachten. Dat zei RVV-directeur Kleinmeulman gisteren in het tv-programma Buitenhof. Volgens Kleinmeulman leert de ervaring dat een eerste uitbraak na een incubatietijd doorgaans wordt gevolgd door een tweede golf. Jan Wolleswinkel (NOP) zei zondag voor het Radio 1-Journaal bang te zijn dat de ziekte zich verder naar het oosten zal uitbreiden, buiten het op dit moment besmette gebied. Vandaag is gebleken dat de epidemie steeds verder om zich heen grijpt. Uit het veld komen berichten die er op wijzen dat de lijst besmette bedrijven de komende dagen nog fors kan oplopen.Grote vraag is of dat het virus in de buurt blijft van het huidige besmettingsgebied of (flinke?) sprongen daarbuiten gaat maken, meldt LTO in zijn bericht.
In de Gelderse Vallei zijn er vandaag opnieuw verdachte bedrijven bijgekomen. Het totale aantal ernstige verdenkingen is nu 20, het aantal besmette bedrijven bedraagt 28. In werkelijkheid zullen het er meer zijn. ,,Wij zijn voortdurend iets verder. Als ik uit het veld signalen krijg over zieke of traag ogende kippen, waarvan de eigenaren denken dat ze ziek zijn, dan zeg ik: dat zijn besmette bedrijven. Die zitten dan echter nog niet in de tellingen,'' aldus Jan Wolleswinkel vandaag in de Barneveldse Krant. Naar aanleiding de verdenkingen is het 10 km-gebied in de Gelderse Vallei groter gemaakt. Het toezichtsgebied is nu de Rijn overgestoken. Met de uitbreiding valt nu een stuk van de Betuwe tussen de brug bij Rhenen en het pontveer bij Wijk bij Duurstede in het gebied. Zie hiervoor ook het dossier Klassieke Vogelpest op de internetsite van het ministerie van LNV. De RVV heeft inmiddels ongeveer een miljoen kippen gedood in de regio Barneveld.
De situatie leidt ertoe dat op korte termijn niet gerekend hoeft te worden op enige versoepeling van maatregelen. Dit maakt de situatie uiterst zorgelijk, aldus Jan Wolleswinkel. De sector krijgt te maken met een forse ontwrichting.
Het vervoersverbod voor levende pluimvee en broedeieren is met 36 uur verlengd. Europese veterinaire experts hebben dat vandaag besloten. Dit bleek tijdens een vergadering van het zgn. Permanent Comité voor de Voedselketen en Diergezondheid. Het huidige verbod duurt derhalve minimaal tot vrijdagavond a.s. 24.00 uur. Donderdagmiddag komen genoemde experts opnieuw bijeen om een eventueel gedeeltelijke opheffing van het vervoersverbod te bestuderen.
Het PPE heeft vandaag een aantal problemen opnieuw bij LNV onder de aandacht gebracht. Morgen zal de PPE-voorzitter een gesprek hebben met minister Veerman. Zaken die in dat gesprek aan de orde gesteld zullen worden zijn compartimentering, de afvoer van broedeieren naar de broederijen of de eiproductenindustrie buiten de ingesloten gebieden, de welzijnsproblemen (vleespluimvee) in de ingesloten gebieden, de afvoer van (broed)eieren uit de ingesloten gebieden en het afleveren van eendagskuikens eend op bedrijven waar nog eenden aanwezig zijn.
De door de Gezondheidsdienst voor Dieren uitgevoerde screening naar laagpathogene AI verloopt goed. Verwacht wordt dat morgen een eerste rapportage gegeven kan worden van de situatie.
De LLTB wil dat er ook in Limburg een verplichte ophokregeling voor alle pluimvee komt, net als in de toezichtgebieden. De organisatie zal hier morgen voor pleiten tijdens een overleg met het ministerie van Landbouw. Onder pluimvee wordt verstaan kippen, kalkoenen, parelhoenders, eenden, ganzen, kwartels, duiven, fazanten, patrijzen en loopvogels.
De Nederlandse supermarkten orienteren zich op de aankoop van pluimveevlees in het buitenland. Enkele zijn daar al toe overgegaan, anderen hebben inmiddels contracten achter de hand met buitenlandse leveranciers. Dat heeft het Centraal Bureau Levensmiddelenhandel (CBL) vandaag gezegd. Met de aanvoer van consumptie-eieren zit het nog wel goed, aldus de woordvoerder van het CBL. ,,Voorlopig is die nog wel voldoende, maar het ligt er natuurlijk helemaal aan hoe lang het gaat duren en welke maatregelen er nog komen.''
Ook in het buitenland is men in de ban van AI. In de Verenigde Staten, in de staat Connecticut worden 4,7 miljoen stuks pluimvee in quarantaine gehouden omdat er mogelijk een uitbraak van AI heeft plaatsgevonden. |
 |
 |
Volgens onze gegevens bedraagt het aantal besmette en zeer verdachte adressen momenteel 49. Onder deze 49 bevindt zich een hobbybedrijf en een kinderboerderij. De overige 47 zijn onder te verdelen in 6 vermeerderingsbedrijven, 36 legbedrijven waarvan één tevens opfokhennen heeft, één ander opfokbedrijf, 3 vleeskalkoenbedrijven en een vleeseendenbedrijf. In de 1 km-gebieden liggen ongeveer 150 pluimveebedrijven die preventief geruimd zullen worden. Een aantal van deze 150 bedrijven heeft echter volgens de gegevens in het Koppel Informatiesysteem Pluimvee (KIP) geen pluimvee meer.
Sinds gisteren zijn er bedrijven bijgekomen in Lunteren (zowel oostelijk als westelijk van de A 30), De Glind, Barneveld en Nijkerk (net ten noorden van de afslag Barneveld op de A 1).
Vannacht om 0.00 uur is het ingesloten gebied Gelderse Vallei uitgebreid naar het zuiden. Met de uitbreiding valt nu een stuk van de Betuwe tussen de brug bij Rhenen en het pontveer bij Wijk bij Duurstede in het gebied.
De door de Gezondheidsdienst voor Dieren uitgevoerde screening naar laagpathogene AI verloopt goed. Verwacht wordt dat morgen een eerste rapportage gegeven kan worden van de situatie.
Vanmorgen heeft het Permanente Comité voor de Voedselveiligheid en de Diergezondheid opnieuw vergaderd over de AI-problemen in Nederland. De genomen bestrijdingsmaatregelen worden door alle lidstaten ondersteund. Omdat verwacht wordt dat de resultaten uit de grootschalige screening donderdag bekend zijn, zal het comité donderdagmiddag opnieuw bijeen komen.
Het Productschap heeft vandaag een aantal problemen opnieuw bij het ministerie van LNV onder de aandacht gebracht. Morgen (dinsdag) zal de voorzitter van het PPE een gesprek hebben met minister Veerman. Zaken die in dat gesprek aan de orde gesteld zullen worden zijn compartimentering, de afvoer van broedeieren naar de broederijen of de eiproductenindustrie buiten de ingesloten gebieden, de welzijnsproblemen (vleespluimvee) in de ingesloten gebieden, de afvoer van (broed)eieren uit de ingesloten gebieden en het afleveren van eendagskuikens eend op bedrijven waar nog eenden aanwezig zijn. Voor al deze zaken zijn reeds uitgewerkte plannen ingediend bij het ministerie van LNV.
Morgen is om 16.00 uur een basisoverleg gepleegd. Om 14 uur zal in het kantoor van de PVE in Zoetermeer het gebruikelijke vooroverleg worden gehouden.
Ook in het buitenland is men in de ban van AI. In de staat Connecticut (Verenigde Staten) worden 4,7 miljoen stuks pluimvee in quarantaine gehouden omdat er mogelijk een uitbraak van AI heeft plaatsgevonden.
Henk Hulsbergen
|
 |
| Tweede golf vogelpest niet uit te sluiten |
Nog deze week wordt een tweede uitbraak van de klassieke vogelpest verwacht. De ervaring leert dat een eerste uitbraak van vogelpest na een incubatietijd doorgaans wordt gevolgd door een tweede golf. Dat zei directeur Kleinmeulman van de Rijkskeuringsdienst voor Vee en Vlees gisteren in het tv-programma Buitenhof. Jan Wolleswinkel, voorzitter van de Nederlandse Organisatie van Pluimveehouders (NOP,) zei een uitbraak van de vogelpest te verwachten in de omgeving van Ede, ver buiten de primaire besmettingshaard. Wolleswinkel beweerde een pluimveehouder gesproken te hebben van wie de kippen ernstig ziek zouden zijn.
Het ministerie van Landbouw spreekt deze beweringen tegen. LNV heeft het betrokken bedrijf onderzocht en geen aanwijzingen gevonden dat er op het bedrijf vogelpest heerst.
|
| Ook klassieke vogelpest in USA? |
| In de Amerikaanse staat Connecticut zijn 4,7 miljoen kippen onder quarantaine gesteld vanwege een mogelijk geval van klassieke vogelpest. Waarschijnlijk gaat het om virustype H7N7. |
| Struisvogels laten zich niet opsluiten |
| Nu loopvogels als de nandoe, de emoe en de struisvogel onder de vogelpestregelgeving vallen, dient zich een praktisch probleem aan bij het ophokken van de dieren. De dieren blijken in hun paartijd te zitten, waardoor zij agressief op elkaar en ten opzichte van mensen reageren. Opsluiten wordt een hachelijke zaak voor de vogels en voor de mensen die het moeten proberen. De AID gaat met het ministerie overleggen hoe dit nu het beste kan worden opgelost. |
| Nieuwe verdenkingen vogelpest |
10 km-gebied Gelderse Vallei uitgebreid In de Gelderse Vallei zijn er opnieuw verdenkingen van klassieke vogelpest. Het totale aantal ernstige verdenkingen is nu 23, het aantal besmette bedrijven bedraagt 19. Het 10 km-gebied in de Gelderse Vallei is uitgebreid. Het 10 km-gebied Laren is niet gewijzigd. |
 |
 |
Gisteren en vandaag zijn er 5 nieuwe bedrijven bij gekomen die ernstig verdacht zijn van AI. De bedrijven liggen in Lunteren (westelijk van de A30), De Glind, Barneveld (westelijk A30) en Scherpenzeel. Het totaal aantal besmette en zeer verdachte bedrijven bedraagt daarmee 41.
Vrijdagavond is bekend geworden dat ongeveer 1300 pluimveebedrijven, verdeeld over alle provincies serologisch gescreend zullen worden op AI. Onder deze pluimveebedrijven vallen alle kalkoen- en eendenbedrijven. Bovendien zal een meer uitgebreid onderzoek worden ingesteld bij eileggende koppels die een onvoldoende hoog productieniveau (<80%; vleeskuikenouderdieren <70%)hebben gehaald of een meer dan normale productiedaling (>10%; leghennen in batterijhuisvesting >5%) per week te zien hebben gegeven. Het Productschap heeft aan alle kuikenbroederijen dringend verzocht koppels die voldoen aan de gestelde criteria door te geven.
Voor de screening van de 1300 bedrijven heeft de GD vrijdagavond en zaterdag de logistiek opgezet. Daarbij is vooral gebruik gemaakt van de voorlichters/adviseurs van de mengvoederbedrijven. De opzet is dat bloedbuizen naar de betreffende bedrijven gebracht zullen worden. De pluimveehouder dient zelf van 10 dieren per stal bloed af te nemen, waarna de bloedbuizen weer bij de bedrijven worden opgehaald en naar de GD in Deventer worden vervoerd. De overheid heeft formeel geregeld dat houders van kalkoenen en eenden bloed mogen afnemen van hun dieren. Houders van kippen mochten dit al op basis van het Besluit toegelaten handelingen WUD. De GD hoopt dat de screening woensdag kan worden afgerond. Zaterdag is de Tijdelijke regeling vervoers- en exportverbod 2003 I gewijzigd. Met de wijziging is het verboden om in het gehele land van bedrijven met pluimvee, dierlijke mest af te voeren. Eén en ander betekent dat op gemengde bedrijven met pluimvee geen mest van de andere aanwezige diersoorten mag worden afgevoerd.
Bovendien is zaterdag het ingesloten gebied Gelderse Vallei verder uitgebreid. Het betreft een uitbreiding tussen Leersum en Doorn naar het zuiden, een uitbreiding tussen Doorn en Nijkerk naar het westen en een uitbreiding tussen Otterlo en Bennekom naar het oosten. Door de uitbreiding is pakstation in Leersum (één van de grotere in Nederland)in het ingesloten gebied komen te liggen. Anevei heeft om die reden aan het ministerie van LNV gevraagd in het vervolg overleg met het bedrijfsleven te plegen over de uitbreidingen van het gebied.
Nepluvi heeft zaterdag per e-mail het ministerie nog weer eens gewezen op het grote belang dat de pluimveesector heeft bij het zo snel mogelijk weer op gang komen van het vervoer van broedeieren naar de broederijen. Het Productschap heeft dat ondersteund. Voorgesteld is het vervoer en het inleggen van broedeieren weer toe te staan onder de volgende voorwaarden: - één op één transport; - reiniging en ontsmetting van het voertuig na iedere rit; - alleen vervoer van broedeieren van koppels ouderdieren die serologisch negatief zijn voor AI; - alleen broedeieren inleggen als voor de kuikens plaatsingsruimte in Nederland is; - de garantie dat het broedproces zal worden onderbroeken of de kuikens zullen worden gedood indien het bestemmingsbedrijf onverhoopt in een ingesloten gebied komt te liggen; - de garantie dat de broederijen geen financiele vergoeding zullen vragen voor het eventueel moeten onderbreken van het broedproces of voor het eventueel moeten doden van de kuikens. Buiten alle AI-besognes in Nederland heb ik ook nog even naar de stand van zaken omtrent de NCD-uitbraak in de Verenigde Staten gekeken. Het aantal besmette commerciële pluimveebdrijven staat daar nog steeds op 17;het aantal geruimde dieren is gestegen naar 3,1 miljoen.
Met vriendelijke groeten, Henk Hulsbergen
|
 |
| Duitsland, België en Luxemburg vaccineren wilde zwijnen tegen varkenspest, Nederland niet |
| In de buurt van Aken, Duitsland en in België en Luxemburg wordt vanaf vandaag aas voor wilde zwijnen verspreid waaraan een varkenspestvaccin is toegevoegd. Hoewel ook in Limburg de vrees bestaat dat de varkenspest Nederland weer zal bereiken via verspreiding door wilde varkens, doet Nederland niet mee. Volgens minister Veerman is dat niet nodig omdat de wilde zwijnen goed genoeg in de gaten gehouden worden. |
| Regeling monitoring Aviaire Influenza 2003 |
 |
dd. 08-03-2003 18:00 uur Toelichting voor de Staatscourant In het kader van de uitbraak van Aviaire Influenza 2003 is het van belang dat ondernemers verhoogde sterfte van pluimvee van meer dan 3% per week aan het Landelijk LNV dierziekten meldnummer melden. In artikel 2 in relatie tot artikel 1 is hiervoor een voorziening getroffen. Het landelijk LNV dierziekten meldnummer is 045- 5463188.
Tevens is een monitoringsprogramma opgesteld om inzicht te krijgen in de mogelijke verspreiding van (laag pathogenen) A.I. virus binnen de Nederlandse pluimveestapel. Het onderzoek wordt uitgevoerd door de Gezondheidsdienst voor dieren in opdracht van het Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij.
In dit kader is het wenselijk dat personen die een bedrijf hebben waar pluimvee wordt gehouden in staat zijn om bloed af te nemen bij kippen, eenden en kalkoenen. Bloedafname bij kippen is reeds mogelijk op grond van artikel 4, onder a, Regeling toegelaten handelingen. In artikel 3 wordt geregeld dat dit ook mogelijk is ten aanzien van eenden en kalkoenen, voorzover in het kader van het Monitoringsprogramma Aviaire Influenza 2003
|
 |
 |
zaterdag 8 maart, 17.00 uur
Geld voor vogelpestcrisis - Het Kabinet heeft vrijdag, op voorstel van Minister Veerman, besloten maximaal tien miljoen euro ter beschikking te stellen voor het opkopen van dieren van pluimveebedrijven in het gebied waar thans vogelpest heerst. Daarmee worden welzijnsproblemen beperkt. Daarnaast heeft het kabinet besloten een noodfonds in het leven te roepen. In dat fonds komt 5 miljoen euro. Het kabinet verdubbelt verder elke euro die door andere partijen in het fonds wordt gestort. Uit het fonds kan psychosociale hulp worden betaald waarvoor binnen de bestaande kaders geen geld is en kunnen bedrijven worden geholpen als zij door de vogelpestcrisis failliet dreigen te gaan.
Ontheffing kalkoenbroederijen - Vrijdagmiddag is na veel druk vanuit het bedrijfsleven een ontheffingsregeling ingegaan voor de twee kalkoenbroederijen in Nederland om eendagskuikens te mogen afleveren op bedrijven waar nog kalkoenhanen zitten. Door een misverstand bij LNV heeft de regeling veel langer op zich laten wachten dan donderdag in het basisoverleg was aangegeven. Het Productschap voor Pluimvee en Eieren (PPE) is bezig een protocol op te stellen voor het afvoeren van eendeneendagskuikens op bedrijven waar nog andere vleeseenden zitten. Het ministerie heeft aangegeven dat het in overweging wil nemen om onder strenge garanties toe te staan dat broedeieren buiten de ingesloten gebieden worden afgevoerd naar de eiproductenindustrie. Nagedacht wordt op welke wijze de afvoer naar de industrie gegarandeerd kan worden. Op een mogelijke afvoer van consumptie-eieren uit de ingesloten gebieden bestaat nog steeds geen enkele hoop. Het ministerie is van mening dat pluimveemest het grootste gevaar vormt voor de verspreiding van AI. Consumptie-eieren kunnen in contact geweest zijn met mest en daarom mogen de eieren van de bedrijven in het ingesloten gebied niet worden verplaatst. Inmiddels zullen er in het gebied Gelderse Vallei naar schatting 40 miljoen consumptie-eieren staan. Vanuit het PPE is opnieuw aangegeven dat er onwerkbare situaties ontstaan.
Aantallen dieren - In het ingesloten gebied Gelderse Vallei, dat door nieuwe verdachte bedrijven mogelijk enigszins naar het westen wordt uitgebreid, zijn de volgende bedrijven gevestigd: 73 reproductiebedrijven met 790.000 hennen, 402 legbedrijven met 5.400.000 hennen, 57 opfokbedrijven met 1.500.000 opfokhennen, 52 vleeskuikenbedrijven met 2.000.000 vleeskuikens, 11 vleeskalkoenbedrijven met 160.000 vleeskalkoenen en 33 vleeseendenbedrijven met 200.000 vleeseenden. In totaal zijn dat 628 bedrijven met ruim 10 miljoen dieren.
Monitoring laagpathogeen AI-virus - Minister Veerman heeft vandaag (zaterdag) besloten om in heel Nederland een monitoringsprogramma op te starten op aanwezigheid van AI. De reden hiervoor is dat naast de recente uitbraken van de hoogpathogene variant , ook een laagpathogene variant in Nederland zou kunnen circuleren. De laagpathogene variant is veel minder herkenbaar (minder sterfte) en ook minder besmettelijke dan de hoogpathogene variant. Per provincie en per sector wordt een steekproef getrokken om pluimveebedrijven te onderzoeken. Daarnaast is besloten om alle bedrijven met vleeseenden, vleeskalkoenen en leghennen met uitloop te bemonsteren. De betreffende pluimveehouders zal gevraagd worden van tien dieren bloed te tappen en dat op te sturen. Desgewenst mogen de pluimveehouders het tappen door zijn dierenarts laten doen, maar de eigenaar moet voor één en ander tekenen. Pas nadat het resultaat van deze screening bekend is en gebleken is dat er geen laag pathogene aviaire influenza aanwezig is, zal verruiming van de transportmogelijkheden voor pluimvee buiten het ingesloten gebied worden overwogen. Dat zal niet voor het einde van volgende week zijn. Het gaat hierbij om circa 1.300 bedrijven. Het monitoringsprogramma zal in de nabije toekomst regelmatig worden herhaald.
Welzijnsproblemen - Minister Veerman is van mening dat pluimveehouders met vleespluimvee de welzijnsproblemen op hun bedrijf moeten voorkomen door regelmatig een aantal dieren uit de stallen te halen en te doden. De Dierenbescherming heeft aan de minister laten weten dit totaal onacceptabel te vinden en stelt voor te regelen dat het pluimvee wordt geslacht in één van de slachterijen binnen het gebied. Voor de vleeskuikens zou dat een oplossing zijn, maar voor de eenden en kalkoenen niet omdat die niet in vleeskuikenslachterijen geslacht kunnen worden. Ad-hoc kennisgroep
Volgens een ad-hoc kennisgroep Aviaire Influenza met deskundigen, onder leiding van dr. Arno Gielkens van de GD, wordt het risico van verspreiding van het A.I.virus door de lucht onderschat. Hoewel zogenoemde 'aerogene transmissie' een minder voor de hand liggende verspreiding is, zal in de praktijk het verwaaien van besmette stof-en mestdeeltjes over een relatief korte afstand waarschijnlijk wel een grote rol spelen. Hierbij is de windrichting van groot belang. Geadviseerd wordt aan deze transmissiemogelijkheid meer aandacht te geven, ook in de berichtgeving van de risico's en tevens bij de aanpak van tijdens bedrijfsruimingen. De ad-hoc kennisgroep adviseert voorts: - alle bezoekers van pluimveebedrijven in Nederland met terugwerkende kracht een logboek bij te houden waarin zij hun contacten vastleggen, en bedrijfsbezoeken tot het uiterste te beperken; - het 10 kilometer gebied strenger af te sluiten, in het uiterste geval zelfs volledig af te grendelen en via de media de bevolking op te roepen om het getroffen gebied niet te bezoeken; - het ophokgebod uit te breiden tot het gehele land en uit te breiden voor duiven; - over te gaan tot compartimentering van Nederland in een beperkt aantal (3 of 4) compartimenten waarvoor verschillende maatregelen met betrekking tot transport kunne | |